Foto bij [24] What?! I'm the little sister of one of those gays?! Please kill me...

Jullie hebben geoefend 8D

“Dan doe je het nu maar mooi zelf!”
“Maar ik kan dat toch niet?! En trouwens, je moest me helpen.” Hij lijkt even na te denken – kan dat? – maar zucht dan.
“Oké, ik help je.” Met een brede grijns op mijn gezicht loop ik voor hem uit de trap af.

“Rot op!” snauw ik naar degene die me wakker probeert te schudden. De persoon stopt niet, maar schudt door. Chagrijnig haal ik uit naar de persoon, maar zo lomp als ik ben, val ik door die plotselinge beweging met een klap op de grond. Ik krimp ineen van de pijn en vloek in alle mogelijke talen.
“Gaat het?” Ik open mijn ogen en kijk recht in het bezorgde gezicht van Georg.
“Ziet het eruit alsof het gaat?!” snauw ik hem toe. Waarom vindt iedereen het toch zo leuk om mij uit bed te gooien en mij daardoor te laten lijden?! Georg reikt me mijn pijnstillers aan en loopt dan mijn kamer weer uit. Waarom is hij zo… raar? Ik slik mijn pijnstillers door en krabbel overeind. Ik trek wat kleren uit mijn kast en strompel richting de badkamer.
“Klaar voor je eerste schooldag?” vraagt Georg die zijn tanden aan het poetsen is. Hij heeft er echt plezier in om me zo te zien. Ik stomp hem hard tegen zijn schouder en duw hem dan de badkamer uit. De deur gaat achter hem op slot. Vlug douche ik me en kleed ik me aan. Daarna sprint ik de trap af, na gezien te hebben dat ik nog maar een kwartier heb totdat we moeten vertrekken.
“Goedemorgen lieverd,” glimlacht ‘mijn moeder’ meteen als ik de keuken binnenkom. Ik grom wat en pak me een kom cornflakes. Vlug werk ik dat naar binnen en sprint dan de trap weer op om mijn boeken te pakken.
“Anouk, we moeten gaan!” blèrt Georg. Ik vloek binnensmonds, hang mijn verrotte, zwarte schoudertas om en strompel de trap af.
“Rustig dramaqueen, ik ben er al!” Ik moet grijnzen om mijn eigen opmerking, en om zijn verontwaardigde gezicht. Hij rolt met zijn ogen.
“Kom, we gaan.” Hij pakt zijn autosleutels en loopt voor me uit richting zijn auto terwijl ik achter hem aan strompel. We stappen in zijn stiekem toch wel gave auto en hij rijdt me richting school. Laat dit de eerste en de laatste keer zijn dat hij me een lift moet geven, bid ik.
“Zijn we er bijna?”
“Nee.”
“Zijn we er bijna?” Dit doet me aan die ezel uit Shrek denken.
“Nee-hee!” Zijn stem klinkt al iets geïrriteerd, wat me aanmoedigt om door te gaan.
“Zijn we er bijna?”
“NEE! Of je houdt nu je kop, of ik doe je wat aan!” Hij kijkt me geïrriteerd aan.
“Zijn we er bijna?” Hij haalt zijn hand van het stuur en mept me tegen mijn been. Mijn gewonde been! Ik vloek en grijp ernaar. Met ingehouden woede kijk ik naar de boosdoener.
“Ik heb je gewaarschuwd!” gromt hij en hij richt zijn ogen weer op de weg.
“Als jij nu niet aan het rijden was, dan zou je nu dood zijn geweest!” snauw ik. Georg zucht en schudt zijn hoofd. Mokkend kijk ik uit het raam. Zijn mislukte hoofd hoef ik nu echt niet meer te zien! Jezus, wat is het toch een klootzak!
“We zijn er,” mompelt hij na een tijdje. Dan pas merk ik dat de auto stilstaat. Ik stap uit en gooi het portier veels te hard dicht. Georg wilt duidelijk iets zeggen van mijn gedrag, maar houdt zich in als hij mijn gezichtsuitdrukking ziet. Ik loop richting het schoolplein en steek nog eens mijn middelvinger op naar Georg. Ik vloek in mezelf.
“Hé, een nieuwe!” schreeuwt iemand. Ik kijk op en kijk de persoon aan. Hij is ongeveer van mijn leeftijd, duidelijk een ‘populaire jongen’. Nou, ik vind hem maar een stom hoofd hebben.
“Problemen mee?!” snauw ik. De jongen kijkt me schattend aan.
“Ja, je weet duidelijk de regels niet.” Meteen komen er een aantal jongens bijstaan. Mij maken ze niet bang. Ik heb al zovaak gevochten met jongens waar ik twee keer in zou passen.
“ANOUK!” jubelt er dan iemand achter me. De gezichten van de jongens voor me betrekken. Ik draai me om en kijk in het lachende gezicht van Koen.
“Je leek me echt iemand die niet naar school zou gaan,” grijns ik. Hij haalt zijn schouders op.
“Ach, af en toe… Hé! Ik zie dat je al vrienden hebt gemaakt!” Hij kijkt met een gemeen lachje naar de jongens voor me, die vlug weggaan. Ik lach.
“Het was net zo gezellig!” Koen maakt lachend een buiging. “Maar, ik moet nu gaan, naar de conciërge, of zo…” Hij zet grote ogen op.
“Heb je nu al straf?!” Ik klop hem tegen zijn hoofd.
“Hallo, aarde aan Koen! Het is mijn eerste schooldag hier!”
“O…” komt er droog uit zijn mond. Hoofdschuddend draai ik me om en loop het schoolgebouw in.

Reactions <3

Reacties (11)

  • Effy

    weiter(H)

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen