" I thought I was save, but now my end is comming! I'm not affraid"

Het was 1943 Hitler had Nederland in zijn macht, vele mensen waren aan het onderduiken. Voornamelijk joodse mensen en zo ook een meisje genaamd Abigail, ze was een meisje van vijftien jaar oud. Ze had geen ouders meer, want die waren meegenomen naar een concentratie kamp. Abigail had zich verstopt achter een geheime wand in haar kamer en zo konden de soldaten van Hitler haar niet vinden. Haar ouders wisten dat de soldaten van Hitler hun zouden op gaan zoeken en daardoor hadden ze alles al gepland, zij zouden zich op offeren voor haar zodat zij veilig zou zijn. Abigail vond dit natuurlijk totaal niet fijn, maar het kon niet anders. Al dagen lang bleef Abigail in haar geheime wand schuilen en keeg zo haar eten en drinken. Toen de dag aan brak. Abigail hoorde hoe haar ouders werden meegenomen, ze hoorde ook voetstappen die dichtbij de wand waren waar zij verstopt was, maar toch na een paar uur verdwennen de voetstappen en wist ze dat ze nu wel veilig zou zijn. Weken lang bleef ze schuilen, heel af en toe ging van van haar geheime plek af om eten en drinken mee te nemen naar haar schuilplaats. Het geschreeuw op de straten waren zo hard dat Abigail het hoorde, het deed haar verdriet en pijn. Ze wist dat ze haar ouders nooit meer zal gaan zien, ze wist dat haar ouders vast dood zijn. Dat moest haast wel. Op een dag wou Abigail toch eens naar buiten kijken, ze ging uit haar schuilplaats en liep naar een raam toe. Ze keek naar buiten, het was een heerlijke zonnige weer. Ze zag mensen buiten eten kopen, drinken. Alles opslaan, sommige namen meer eten mee dan gebruikelijk. Vast omdat ze onderduikers hadden. Opeens hoorde ze een iemand roepen en diegene wees op haar. Abigail schrok hiervan, ze was ontdekt. De soldaten liepen naar de vrouw toe en vroegen aan de vrouw wat ze had gezien. De vrouw vertelde het aan de mannen en ze kreeg iets als dank. Abigail was zo bang dat ze niet meer goed nadacht en ze kroop onder het bed. Ze hoorde hoe de soldaten naar binnen kwamen, ze hoorde voetstappen overal. Angst kroop naar zich toe, maar op een vreemde manier ook rust en wist eigenlijk niet waar het vandaan kwam. Opeens schrok ze toen iemand aan haar benen trok, ze gilde heel hard. "We hebben haar'' zei een soldaat in het duits. Ze werd overeind getrokken en werd meegenomen naar buiten, vele mensen keken naar haar en sommige schrokken zich, want natuurlijk kende ze haar. De blik die Abigail was was rust en kalmte, maar ook een beetje angst. Dat was gewoon normaal. Ze zat in een wagen met vele andere mensen, er was ook een meisje van amper zeven jaar oud. Ze keek heel bang en zo te zien bekommerde niemand om het zeven jarige meisje. Abigail ging bij het meisje zitten en sloeg haar armen om haar heen, het meisje keek haar vreemd aan, maar was wel heel blij. "Hoe heet je?" vroeg Abigail aan het meisje. "Ik heet Esther" zei het meisje. "Ik heet Abigail" Abigail hield Esther goed vast. Esther was moe en legde haar hoofdje op haar schoot, rustig streek Abigail met haar vingers door de haren van Esther. Ze wist dat haar einde nabij was, ze had zo'n gevoel. Al snel kwamen ze aan in het concentratie kamp en meteen werden zij en Esther van elkaar gescheiden, maar dat wou Abigail niet. Ze smeekte of zij en Esther samen mochten zijn en gelukkig gebeurde dat ook. Abigail hield Esthers hand goed vast en samen liepen ze met wat hordes andere kinderen naar een plek toe. Esther keek haar aan. "Waar gaan we naar toe?" vroeg ze. "Maak je geen zorgen alles komt goed" zei Abigail bemoedigend, maar Abigail wist waar ze naartoe werden gebracht, Naar een gaskamer. Ze voelde hoe haar hart aan het kloppen was, ze was een beetje bang, maar ook weer niet. Eenmaal in de kamer zaten ze helemaal opgekropt als muizen in een val. "Esther hou je goed vast aan mij" zei Abigail en ze tilde Esther op. Vele kinderen keken naar haar en Esther, je kon ook zien dat er veel kinderen waren die ouder waren dan achttien en hier ook waren beland. Een jongen van ongeveer negentien jaar liep naar haar en Esther toe en hij sloot zijn armen om haar middel. Het voelde goed aan. Toen gebeurde het ze voelde iets op haar huis kwam, iedereen gilde. Zelfs Esther, maar ze stelde haar zo gerust mogelijk. Al snel vielen steeds mensen op de grond. Abigail kreeg geen adem en ze belande op haar knieeen. Esther was al niet meer, al snel sloten ook haar ogen en lag ze daar samen met de andere kinderen roerloos, met Esther stevig in haar armen en met de jongen die zijn armen om haar heen had.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen