Foto bij • Chapter 1 •

Het eerste hoofdstukje:)Ik hoop dat ik mijn hoofdpersonage goed neerzet. Hier heb ik gewoonlijk wat moeite mee.

Ik word wakker door een immens gehobbel onder me en gegrom. Ook hoor ik opgewonden stemmen om me heen. Ze praten Orkish.
Langzaam kan ik contouren onderscheiden en iets later zie ik weer scherp. Ik lig op een witte warg. Ik durf niet te kijken naar de ork die het wezen berijdt, maar doe het uiteindelijk toch.
Het is Azog, de witte ork. Hij ziet me kijken en roept dan iets in Orkish.
'Ze is wakker!' versta ik. Mijn vader stond erop dat ik zoveel mogelijk talen leerde. Zelfs Orkish en Black Speech versta ik een beetje. Alle dialecten elventaal spreek ik vloeiend. Hetzelfde geldt voor de taal van de mensen. Ook spreek ik redelijk goed Khuzdul, de taal van de dwergen. Maar wat had je aan talenkennis als je opgesloten zat in je eigen huis?
Ik word ruw uit mijn gedachten gerukt door de warg, die plotseling stil staat. Ik geef bijna een gil, maar bijt diep op mijn lip om deze tegen te gaan. Het was mijn eer te na dat ik ging gillen in het bijzijn van orks.
Ik heb dit nauwelijks gedacht of ik word ruw van de warg afgetrokken en over de grond heen gesleept naar een grot. Daar word ik tegen de wand aan gegooid. Ik kan het niet helpen dat de tranen in mijn ogen schieten.
'Bagronk sha bûbhosh ghãsh sharkû snâgè,' hoor ik Azog zeggen. Ik herken het woord bûbhosh, wat bewaken betekend. Sharkû was volgens mij grot. Oftewel; Azog beval een aantal orks de grot te bewaken. Dit vermoeden werd bevestigd toen er twee orks beleven staan, terwijl de rest de grot uitliepen. Deze twee begonnen snel met elkaar in Orkish te praten, terwijl ze af en toe spottende blikken op mij wierpen. Ik ging met mijn rug tegen de puntige rotswand zitten en voelde mijn tranen opkomen. Boos knipperde ik met mijn ogen om ze weg te krijgen. Ik had geen tijd voor huilen. Ik moest een plan bedenken.
Thuis verweet Legolas me altijd dat ik bij elk spel van hem won aan mijn listigheid en slimheid. Zelfs mijn vader had in een van zijn zuinige complimenten toegegeven dat ik slimmer was dan de gemiddelde elf. Of, zoals hij het zij, rationeler kon denken.
Ik sloot mijn ogen en stelde voor mijzelf even een rijtje op van wat ik al wist. Er waren tien orks buiten en twee orks binnen. Dit betekende dat er in totaal twaalf orks zaten. Een aantal dat ik in gewone omstandigheden aan zou kunnen. Maar dit waren geen gewone omstandigheden en ook geen gewone orks. Ze stonden onder leiding van Azog. En ik had ook nog eens geen wapens. Ik moest dus niet het gevecht aan gaan.
Ik moest er een paar de mond snoeren en dan vluchten. En snel, het slimste via de bomen. Dat was voor die wargs iets moeilijker. Ze zouden me toch wel ruiken. Ik moest er dus voor zorgen dat ik snel weg kwam om een zo groot mogelijke voorsprong te hebben.
Langzaam kwam er een gestoord plan bij me op. Zo gestoord dat ik het wel moest proberen, alleen al om de uitkomst te weten.
'Willen jullie niets drinken?' schalde mijn stem door de ruimte, gebarend naar de geluiden van de orks buiten, die overduidelijk een drinkfestijn hielden. De orks keken op en begonnen gniffelend in Orkish te praten. Ik had geen flauw idee wat ze zeiden en besloot maar te bluffen.
'Skai tárkill u Uruk,' lachte ik spottend naar de orks.
Ik versta jullie wel, Orks.
De orks keken meteen op, en bij de een viel zelfs de mond open.
'Jij spreekt Orkish?' snoof de ander in de taal van de mensen, terwijl hij verwonderd keek.
'Ja,' antwoordde ik.
'Azog gênè, Azog gênè,' zei de een uitbundig.
Hij wilde het Azog vertellen. Dit ging nog werken ook.
De andere ork knikte net zo enthousiast en ze verlieten samen de grot. Wat een idioten.
Nu moest ik snel handelen. Ik sprong op en negeerde de pijn in mijn rug. In de andere hoek van de grot lagen mijn wapens. Ik wilde ze pakken toen ik voetstappen hoorde. Snel graaide ik een van mijn dolken van tafel en verstopte die snel onder mijn tuniek, terwijl ik me weer tegen de rotswand liet zakken. De twee orks kwamen terug.
'Het interesseerde hem niet,' mompelde de een teleurgesteld. Plotseling zag ik een derde ork achter ze aankomen. Deze liep op mij af en zakte naast me neer, me nieuwsgierig aankijkend.
'Wat zeiden ze?' vroeg hij zachtjes, zodat de anderen het niet hoorden. Meteen bedacht ik nog een plannetje.
'Ze hadden het over een of andere ork met een litteken op zijn been. Ze zeiden dat deze gestoord was en dat hij het niet verdiende een ork te zijn,' siste ik terug.
Ik had toen hij binnen kwam al gezien dat een groot litteken zijn been ontsierde. De ork reageerde precies zoals ik gehoopt had. Brullend sprong hij op en haalde hij uit naar de dichtstbijzijnde ork. Deze sloeg hem keihard terug. Ook zijn makker mengde zich nu in het gevecht en sloeg er ook op los.
Niet veel later kwamen er meer orks de grot binnen. Ook dezen begonnen op elkaar in te meppen. En zo kon ik, terwijl niemand me zag, snel mijn wapens terugpakken. Ik spande de boog en legde een pijl op de pees. Mijn zwaard had ik al weer in de schede aan mijn riem gestoken. Ook mijn dolken boog ik weer op. En toen rende ik naar buiten.
Om direct oog in oog te staan met Azog. De witte ork gromde en sloeg naar me. Ik stormde onder zijn arm door naar buiten. Steeds sneller en sneller rende ik. Ik hoorde gegrom, maar zag dat ik al bijna bij een bebost gebied was aanbeland. Iets beet naar mijn benen en ik draaide me om en schoot de witte warg, want die had achter me aangezeten, in zijn rechtervoorpoot. Meteen zakte het dier in elkaar en begon het te krijsen als een gek. Ik aarzelde niet langer en begon weer te rennen. Al snel liep ik langs de eerste rij bomen en trok ik me op aan een tak. Ik hupte van boom naar boom, zoals ik thuis geleerd had.
Maar al snel stopte de rij bomen en moest ik verder over de grond rennen. Maar ik was een elf, dus ik hield dit lang vol.
Uiteindelijk rende ik zeker al een uur. Ik merkte wel dat mijn rug steeds meer pijn begon te doen, maar onder geen beding wilde ik weer bij die troep orks in de buurt komen. Ik keek achterom om te kijken of ik een ork zag, maar daarom zag ik juist niet de persoon die voor mijn neus opdoemde en knalde ik recht tegen hem op.

Reacties (6)

  • Lermanator

    Echt super geschreven!

    5 jaar geleden
  • heavens

    Ik ga zeker verder lezen aan dit verhaal (: ik had een glimlach van hier tot Tokio toen ik 'legolas' zag staan, i love him

    5 jaar geleden
  • Peppin

    Ik heb een bladwijzer geplaatst, lijkt me wel super leuk ! ;D

    5 jaar geleden
  • Gisborne

    Hihi, Gandalf? ^^
    Nieuwe abo =)
    Snel verder! <333

    5 jaar geleden
  • MissAngel1

    Super cool verhaal!
    Ik lees al zo'n verhaal dus ik wist niet zeker of ik deze ging lezen maar hij is echt goed!
    Ga zo door haha, abo voor mij(Y)

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen