Foto bij • Chapter 4 •

Ik weet het, ik weet het; ze gaan in de film meteen de bergen in nadat ze Rivendell verlaten hebben, maar ik wilde dit stukje nou eenmaal zo schrijven. Ook omdat jullie dan wat meer te weten komen over Minayaer:D

Even over de foto hierboven; ik zocht een foto van alle dwergjes bij een kampvuur, maar kon deze helaas niet vinden ):

Misschien dat er vanavond nog een stukje komt. Dit hangt er vanaf hoeveel tijd ik heb:)

Als jullie willen lachen: http://tinypic.com/r/k4ce1j/5

Ook wil ik jullie doorlinken naar het verhaal van Venomis. Zij heeft ook een zeer leuke Thorin Fanfic:DLinkje naar haar verhaal: http://www.quizlet.nl/stories/113846/courage--thorin-oakenshield/

Verder, veel plezier met lezen:D

Die avond wil ik niet gaan slapen, want ik heb zo mijn vermoeden dat de dwergen gaan vertrekken. En dat doen ze. Ik volg ze in stilte, zonder dat ze het in de gaten hebben. Dan staan ze voor de poorten van Rivendell.
‘Die rotpoort gaat niet open,’ bromt Thorin.
‘Dat komt omdat je eerst een bepaald woord in de elventaal moet zeggen,’ zeg ik zacht, terwijl ik uit de schaduwen stap. Een aantal dwergen schrikken van mijn plotselinge verschijning, maar Thorin trekt alleen een wenkbrauw op.
‘Ik neem aan dat jij het woord weet,’ zegt hij zacht.
‘Ja,’ antwoord ik, ‘En ik zal de poort openen als…’ Hier haper ik even.
‘Als wat?’ vraagt Thorin ongeduldig.
‘Als ik met jullie mee verder mag reizen.’

Die dag lopen we aan een stuk door. Thorin loopt voorop, met achter hem zijn hele groep dwergen. Daarna kom ik en Bilbo sluit de stoet. We lopen over een verdord graslandschap, maar iets verderop zien we een bos opnoemen. Zodra we in het bos aangekomen zijn, strek ik mijn hand uit naar een van de bomen.
'Dit bos is jong,' zeg ik zacht. 'De bomen zijn gepland door mensen.'
De rest kijkt me vreemd aan, en ik haal mijn schouders op. 'Het is altijd handig om zulke dingen te weten, toch?' verdedig ik mezelf. Een aantal dwergen knikken. Het bos bevat veel leven. Een klein vogeltje vliegt op ons af, en ik steek mijn hand naar hem uit. Het vogeltje land zachtjes op de palm van mijn hand en begint wat te kwetteren. Ik glimlach verterderd, en wil het beestje net onder zijn kopje aaien als een grote dwergenhand het vogeltje probeert te pakken. Deze vliegt haastig weg.
'Bombur,' zeg ik verontwaardigd. De dikke dwerg kijkt me schaamteloos aan. Dan zie ik dat we stil staan op een open plek. De dwergen zijn allemaal bezig met een kamp opzetten, maar ik zie ze stiekem naar mij en Bombur kijken.
'Ik heb honger,' zegt de dwerg. Ik trek mijn wenkbrauw op. Ondertussen zijn alle andere dwergen achter Bombur gaan staan. Ik sis Dwergen, in de elventaal, en richt me dan op.
'Jullie hebben toch zoveel eten uit de keuken van Rivendell gestolen?' zeg ik met een kwade ondertoon in mijn stem. 'En eten is trouwens niet het enige wat jullie gestolen hebben,' voeg ik er fel aan toe. Meteen zie ik een aantal dwergen naar de grond kijken. Dachten ze echt dat wij het niet gezien hadden?
'Het is dat Elrond zo'n goede gastheer is. Bij mij thuis in Mirkwood waren jullie neergeschoten!' Ik weet dat ik een beetje overdrijf, maar dat is goed voor ze. Ik zucht nog even en laat dan mijn woede gaan. 'Goed,' zeg ik dit keer rustiger, 'Maak een kampvuur en braad dat eten van je. Ik denk dat ik ook maar eens vlees moet eten.'

Zelfs ik moet eerlijk toegeven dat de dwergen geen slechte kookkunsten hebben. In het begin at ik nog een beetje onwennig, maar nu gaat het gemakkelijker. Ik hoor een plof naast me en kijk op van mijn worstje. Het is Balin.
'Ik snap je verontwaardigheid,' zegt de oude dwerg zacht. 'Maar je moet bergijpen dat de elven ons niet te hulp kwamen, athans, de elven van Thranduil niet.'
'Jullie hadden zijn trots gerkenkt doordat hij voor Thror moest buigen,' flap ik eruit. Ik zie de andere dwergen vol intresse opkijken. 'En hij wilde het leven van zijn verwanten niet riskeren om een draak te vechten,' voeg ik hier snel aan toe.
'Dus liet hij onze verwanten maar verbranden,' hoor ik Thorin vol haat zeggen. Ik kijk hem even aan.
'Ik zeg ook niet dat hij goed gehandeld heeft. Je moet alleen wel weten dat zowel dwergen als elven enorm trots zijn. Dat is ook de reden dat beide volkeren het nog altijd niet bijgelegd hebben,' verdedig ik mijn vader en mijn volk.
'Jij bent anders niet zo erg voor een elf,' zegt Kili, die naast me zit, vrolijk. Ik grinnik.
'Ik zit dan ook officieel nog in de pubertijd,' antwoord ik.
'Hoe oud ben je dan,' vraagt Kili. Ik glimlach even voor ik antwoord geef. 'Honderdnegen, en bij elven word je pas vanaf je honderdvijftigste als een volgroeide elf gerekend. Meestal groei je ook tot dan.'
Kili trekt even een gezicht. 'Bij dwergen ben je vanaf je vijftigste volwassen. Ik ben zesenzeventig en Fili hier is Eenentachtig.' Dan bedenkt hij zich ineens iets. 'Maar dat betekend dat Thorin, Balin en Dwalen ouder zijn dan jou! En Oin en Gloin! En...'
'En bijna iedereen dus,' onderbreek ik hem vriendelijk. Hij begint enthousiast te knikken. Dan stoot Dwalin mij aan.
'Wat mompelde je eigenlijk in die taal van je toen Bombur die vogel probeerde neer te slaan?' vraagt hij nieuwsgierig. 'Ik wist niet dat jullie scheldwoorden hadden in het elfs.'
'Die hebben we ook niet,' zeg ik vrolijk. 'Al is er wel een bepaald woord dat we als belediging gebruiken, al is die hier niet van toepassing.'
'Welk woord dan?' vraagt Nori gretig.
'Stahilmir,' antwoord ik. Ik merk dat Thorin de betekenis van het woord kent, doordat hij 'Natuurlijk,' mompelt.
'En... Wat betekend dat?' vraagt Ori. Ik grinnik even.
'Dwerg,' zeg ik dan en ik hoor een aantal dwergen lachen. 'Serieus?' vraagt Kili,' Jullie gebruiken het woord dwerg als een belediging?'
'Jep,' antwoord ik vrolijk. 'Al ben ik zelf ook niet zo groot.'
Ik zie hoe Fili overeind springt. 'Ga een staan,' zegt hij tegen me. Ik ga voor hem staan en kijk hem vragend aan.
'Ze is net zo groot als ik!,' roept hij uit. Ik zucht, ik weet zelf ook wel dat ik klein ben, al valt het niet op omdat ik ook tenger gebouwd ben. Hierdoor lijkt mijn lengte juist bij me te passen.
'Ik ben op mijn dertigste gestopt met groeien, goed?' zeg ik lachend, terwijl we weer gaan zitten.
Dan hoor ik iemands maag knorren; Het is Nori. 'Het vlees is op,' jammert hij. Dan herinner ik me zijn woorden aan de tafel in Rivendell: 'Hebben ze hier chips?' Ik spring op en gebaar met mijn hand dat ze moeten wachten. Uit de binnenzak van mijn tuniek pak ik twee aardappelen en ik begin deze met mijn dolk in kleine schijfjes te snijden. Ik hoor de dwergen enthousiast tegen elkaar mompelen. Dan pak ik de zout die, natuurlijk, bij Bombur staat en strooi wat over de schijfjes heen. Vervolgens pak ik een tak van de grond en ik spiets de schijfjes hier aan. Hierna hou ik deze boven het vuur.
'Je chips,' zeg ik vrolijk tegen Nori, en hij begint te lachen. 'Dat je daaraan gedacht hebt,' zegt hij verwonderd. Dan hoor ik Bombur wat tegen Thorin fluisteren. De dwergenprins kijkt naar mij en dan weer naar de dikke dwerg. 'Dat moet je zelf vragen,' hoor ik hem zachtjes zeggen. Bombur kijkt me even verlegen aan.
'Zeg maar,' zeg ik bemoedigend. Hij haalt even diep adem en gooit er dan uit; 'Waarom zijn er maar vijftien stukjes? Eet jij niet mee?'
Ik kijk even naar de schijfjes, alsof ik niet in de gaten had dat ik er maar vijftien had. Dat had ik eerlijk gezegd ook niet. 'Je mag anders wel die van mij door de helft snijden,' vervolgt Bombur. Ik hoor een aantal dwergen verbaast mompelen. Blijkbaar deelt Bombur nooit zijn eten.
'Als je het niet erg vindt graag,' zeg ik vriendelijk, en ik snij het stukje van Bombur door midden.

Als de chips klaar zijn deel ik ze uit onder de dwergen, Bilbo en mij. Ik krijg 'Eetsmakelijk,' amper uit mijn mond, als de dwergen hun hele stuk al op hebben gegeten. Bilbo en ik hebben er nog maar een klein habje afgebeten.
'Bij mijn niet bestaande baard,' zeg ik verbaasd, 'Jullie eten niet normaal snel.' Dan hoor ik hoe zowel de hobbit als de dwergen het uitproesten. 'Wat?' vraag ik verward.
'Wat zei je?' vraagt Fili, hikkend van het lachen.
' Jullie eten niet normaal snel,' zeg ik nog altijd verward. De dwerg schudt zijn hoofd.
'Daarvoor bedoel ik,' weet hij uit te brengen. Ik denk even na, maar dan begrijp ik hem.
'Bij mijn niet bestaande baard,' herhaal ik, en onbewust glimlach ik ook. Dan zie ik hoe Fili plotseling overeind springt. In zijn handen heeft hij een stukje zwartgeblakerd hout. Als hij op me af loopt begrijp ik plotseling wat hij wil gaan doen. Ook ik spring overeind en ga achter Balin staan.
'Waag het,' zeg ik lachend tegen Fili, waardoor ik niet serieus over kom.
'Laat me een baardje bij je tekenen!' roept de dwerg vrolijk uit. Ook Kili is opgesprongen en rent op me af.
'Help,' roep ik lachend uit, en ik begin te rennen. Ik kom redelijk ver, maar dan grijpt iemand mijn pols vast. Het is Dwalin. Thorin pakt mijn andere pols en ik besef dat ze dit serieus gaan doen.
'Ik dacht het niet,' sis ik vrolijk, en ik begin woest tegen te spartelen. Tot mijn verbazing weet ik me los te trekken, waarna ik naar een van de bomen toe ren en me aan een tak optrek. Kili en Fili staan onder me met beiden een geblakerde tak in hun handen.
'Dat is niet eerlijk,' hoor ik Kili roepen. Ik trek een gezicht.
'Barzül, wat zijn jullie vervelend,' roep ik terug. Ik zie hun gezichten van vrolijkheid naar verbazing overgaan.
'Zei je nou Barzül?' hoor ik Thorin verbaasd maar toch ook vrolijk zeggen. 'Ik dacht dat jij als elf niet kon schelden, en al helemaal niet in Khuzdul.'
Ik trek mijn neus op. 'Ik kon geen goed woord in de elventaal vinden voor dit,' antwoord ik. De dwergen grinniken, en ik zie hoe Bilbo bezorgt naar me kijkt.
'Kom naar beneden,' roept de hobbit angstig, alsof hij bang is dat ik uit de boom val. Ik kijk wantrouwend naar de dwergentweeling, die nog altijd onder de boom staat.
'We zullen niets doen,' belooft Kili. 'Helemaal niets,' vult Fili zijn broer aan.
'Goed dan.' Eigenlijk wil ik niet naar beneden, maar ik zie ook wel dat ik hier niet kan blijven zitten. Ik laat me uit de boom glijden en kom met een zachte plof op mijn voeten terecht. Meteen sla ik zonder waarschuwing de takken uit de dwergen hun handen en werp ik ze het bos in.
'Het was bijna gelukt,' hoor ik Kili achter tegen zijn broer zeggen terwijl ik terug loop naar het kampvuur. Ik grijns onbewust, en plof dan weer op mijn oude plek naast Balin neer.

Reacties (10)

  • Wander

    Haha ik moest echt lachen. Ik hou van Kíli!

    5 jaar geleden
  • Lermanator

    Hahaha ik ga hier helemaal stuk

    5 jaar geleden
  • heavens

    Kili, wauw ö

    5 jaar geleden
  • Deviating

    Kili(H)

    5 jaar geleden
  • Gisborne

    Snel verder! <33333

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen