Foto bij 2 - The City of Byport

Zal ik langzaam aan maar stiekem hoofdstukken beginnen te uploaden....????

(lol)

Ik heb trouwens een quiz gemaakt, gebaseerd op dit verhaal hier is ie!

Ik ben nog niet eens op een kwart van de story en already een sellout

      "We zijn er, nieuwe rekruten!"
Ik schrok wakker door het geschreeuw van commandant Antony, waarna ik versuft uit de kar naar buiten keek. Het enige wat ik nu zag, was een enorme metalen stadsmuur, veel en veel groter dan de onze stenen muur in Freyfield. Een aantal ruiters traden voor ons met hun paarden en zorgden ervoor dat de poorten opengingen, waarna we met de hele stoet naar binnen reden. Zodra we in een soort kleuterschoolformatie op een rijtje stonden, kwam commandant goudlokje ons uit de wagen halen. Ik negeerde zijn hand en stapte van het trapje af, waarna ik wachtte op de rest. Pas nadat de andere vier uit de kar waren, keek ik naar de stad, waarna mijn mond openviel.

      "Aanschouw Byport, de grootste stad van Arauthíen en dé beste plek voor ambitieuze jongelingen zoals jullie. Volg mij, alstublieft."

      Commandant ijdeltuit wenkte naar ons en leidde ons naar een groot gebouw terwijl hij zijn gouden lokken mooi met zijn handen doorkamde. Om een of andere reden mocht ik hem gewoon niet en ik wist niet eens waarom. Het zou wel mijn vrouwelijk instinct zijn of mijn nietige kennis van de buitenwereld, want Christian leek niks te merken.
      Na wel zeker vijfduizend meter aan lopen—serieus, Antony, je bent een commandant, geef ons een paard of zo—kwamen we bij een soort hal aan, waar nog meer jongens van onze leeftijd stonden. Dit waren vast alle rekruten en vreemd genoeg was er ook echt geen enkele spierbundel bij. Ja, er waren wat jongens die vast wel eens hout hadden gehakt in hun leven, maar echte tanks waren er niet.

      "Ja, dit zijn wel genoeg jongemannen voor de eerste ronde." Een man met bruin haar en een kort baardje stapte naar voren, waarna hij zijn handen in elkaar vouwde om duidelijk te maken dat hij iets wilde vertellen, "Geacht, jongeheren. Mijn naam is Humphrey Alington. Ik ben de hoofdinstructeur van het basistrainingskorps en dus verantwoordelijk voor jullie training en jullie evaluatie om ware demonenjagers te worden. Jullie zullen mij te allen tijden aanspreken als 'meneer Alington' tijdens deze training. Jullie staan hier met zijn honderden, maar er mogen maar vijfentwintig mannen door naar het werkelijke korps." Nadat hij dat zei, ontstond er meteen een geroezemoes onder de jongens. Een man achterin de hal tikte een keertje stevig met zijn speer op de grond, waardoor de drukte weer vervaagde en de jongens opnieuw naar voren keken.
      "Maak je alsjeblieft geen zorgen. Niemand wordt bevooroordeeld en iedereen krijgt precies dezelfde procedure voor zijn kiezen." Alington keek tevreden voor zich toen de menigte eindelijk volledig kalmeerde, "Eerst checkt Leonard hier jullie energielevels en berekent hij de hoeveelheid flux die je bezit, daarna moeten jullie je bewijzen in de arena en daarna houden we nog een kort motiveringsgesprekje over je intenties als demonenjager. Bij deze onderdelen moet ik wel vertellen dat een lage flux niet betekent dat je er meteen uit ligt. Wij kijken naar je prestaties in het algemeen, is dat duidelijk?"

      We riepen 'ja' en gaven een saluut, waarna we één voor één naar voren werden geroepen voor de bodycheck. De zogenoemde Leonard pakte eenzelfde juweel uit zijn zak als mijn moeder vroeger had, waarna hij er een soort groene energie uit liet komen. De energie vormde zichzelf tot een grote capsule waar we in moesten gaan staan. Het ging vrij snel, na een paar minuten was meer dan een derde van de contestanten al geweest.
      "Christian Mallowburne uit Freyfield!"
Mijn vriendje deed een stap naar voren en kwam met zijn schouder lichtjes tegen de mijne aan, alsof hij me gerust wilde stellen. Ik knikte plechtig en keek toe hoe hij in de capsule stapte, maar zodra Leonard hem begon te scannen, kwam er een raar geluid uit de capsule. Ik deed onbewust een stap naar voren, bang dat Christian iets was overkomen, maar toen explodeerde de groene energiebol opeens. Net voordat de gloeiendhete flux onze kant op kwam, zoog Leonard het geschrokken terug met zijn hand. Bezweet hijgde hij terwijl hij doodsbang naar een net zo verwarde Christian keek, "Wat ben-?!"
      Voordat hij iets kon zeggen, stapte commandant Antony naar voren en stilde hij Leonard met enkel en alleen een commanderende blik. Hij haalde even diep adem, waarna hij naar Christian wenkte, "Mallowburne, volg mij."

      De twee liepen vervolgens een beveiligde kamer in, waarna de soldaten de deur dichtdeden en opnieuw bewaakten. Ik was compleet overdonderd, maar ik was dan ook niet de enige. Leonard was te overstuur om nog iemand te beoordelen en Alington was uitvoerig iets aan het bespreken met een andere man, maar aan zijn frons en handbewegingen te zien, was dat gesprek ook niet erg positief. Uiteindelijk leek er een besluit te komen, waarna Alington omdraaide en een hand op Leonards schouder legde. Hij zei iets onverstaanbaars, maar het was duidelijk dat Leonard weg mocht gaan.
      "Het spijt ons, maar we hebben besloten de audities voor dit seizoen te stoppen. De volgende inschrijvingen zullen een maand eerder plaatsvinden, voor diegenen die alsnog mee willen doen. Er zijn genoeg goedkope slaapplaatsen beschikbaar gemaakt voor jullie allen, dus wees niet gevreesd als je van een verre stad komt. Diegenen die al door Leonard zijn gescand, mogen de procedure af maken, maar voor jullie is het spijtig afgelopen. Links is de uitgang naar de binnenplaats, waar jullie gratis mogen eten en drinken als compromis voor dit ongemak."
      Bijna meteen kwam de hele zaal in opstand, maar een groot aantal soldaten kwam uit alle hoeken om ons naar buiten te drijven. Ik keek paniekerig om me heen toen ze mij ook weg wilde duwen, "Nee!", riep ik, waarna ik probeerde tegen te stribbelen. Christian was nog daar achter met die afzichtelijke commandant en ik wist niet eens wat er mis met hem was. Kwam hij nog wel terug? Wat gebeurde er waardoor Leonards capsule zo explodeerde?! Waarom mochten wij nu opeens niet meer meedoen?! Ik kon geen enkel antwoord bedenken toen ik uiteindelijk op de binnenplaats stond.

      Zodra iedereen naar buiten was gesmeten, sloegen de poorten achter ons dicht. Er was genoeg bier en brood om de jongens blij mee te maken, maar iedereen staarde maar een beetje slapjes voor zich uit. Sommigen praatten zachtjes over wat er gebeurd was, maar de meesten hadden zelf ook geen flauw idee wat er nou precies misging. Nu Christian weg was, wist ik niet wat ik moest doen. Moest ik hier op hem wachten of moest ik alleen naar huis gaan? Ik gaf een hopeloze zucht en besloot maar zo'n gratis broodje te halen. Een eenzame jongen met blond haar zag mij, waarna hij ook naar voren kwam om een broodje te halen.
      "Hé, ik ben Lewis Carter, uit Dorkeep."
Het leek erop dat hij een praatje wilde maken en aangezien we niet veel andere opties hadden, vond ik het zelf ook wel goed. Ik slikte even mijn hap door, waarna ik voorstelde om op een van de hooibalen te zitten.
      "Dorkeep, daar heb ik eerlijk gezegd nog nooit van gehoord... Ik ben trouwens Jackson Latham uit Freyfield." Heel eventjes moest ik nadenken over hoe ik mezelf genoemd had, maar gelukkig had ik niet zo'n moeilijke naam gekozen. Lewis knikte alleen maar en maakte netjes zijn mond leeg voordat hij sprak, "Oh, aangenaam! Freyfield is een mooi stadje, niet? En het kan best dat je mijn stad niet kent, Dorkeep ligt ook niet in Arauthíen, maar in Araolith."
      "Dat verklaart veel, ja, haha. Wacht... is het niet verboden om uit Araolith te gaan? Dan mag je toch niet meer terug, of zoiets?"
      "Ja... Daarom hoopte ik dat ik door mocht gaan naar de volgende ronde. Mijn broer is ook demonenjager, maar hij is na een expeditie in Sirawien niet meer teruggekomen..."
      "Sirawien... is dat niet...?"
      "Inderdaad, het koninkrijk van Scynscatha..."
      "Scynscatha..." Het eeuwenoude woord voelde gewoon als vergif in mijn mond toen ik het uitsprak. Het was de naam van de persoon die Christian wilde tegengaan, de zogenaamde necromancer die zijn krachten alleen gebruikt om demonen op te roepen. Diegene die Troglodyte tot leven wilt wekken en de wereld ten onder wilt zien gaan. De naam bracht een duistere stilte met zich mee en Lewis en ik staarden beiden naar de grond.

      "Jackson Latham?"

      Ik schrok toen ik een hand op mijn schouder voelde, maar toen ik omdraaide, zag ik dat het commandant Antony was, "Kom met mij mee."
Ik wist nog niet wat hij met me wilde, maar misschien had hij wel informatie over Christian, dus knikte ik en stond ik op, waarna ik Lewis gedag zei. Hij zwaaide alleen maar terwijl hij zijn broodje opat, maar ergens in zijn ogen zag ik jaloezie. Het zag er dan ook waarschijnlijk uit alsof ik een tweede kans als demonenjager kreeg.

      Na een aantal deuren en gangen, kwamen we bij een soort kantoortje dat vast van Antony zelf was. Hij bood me een stoel aan en ging tegenover me zitten, waarna hij een aantal documenten op elkaar stapelde, "Dus ik heb van Mallowburne gehoord dat jullie allebei uit Lightfield komen?" Hij keek me aan alsof hij om bevestiging vroeg, waarna ik knikte, "Ja, maar we waren nog heel jong-"
      "Lightfield dus, hè?" Hij onderbrak me erg bot en schreef iets op het volgende papiertje, "Vertel me eens, ken jij toevallig iemand uit Lightfield die buitengewoon sterk was? Een stadsheld, misschien?"
      "Christian en ik mochten van onze ouders bijna niks met de buitenwereld te maken hebben, dus we hoorden ook niks over andere jagers."
      "Andere jagers...?" Commandant Antony leunde naar voren en trok een van zijn perfect geborstelde wenkbrauwen omhoog, waarna hij geïnteresseerd zijn handen in elkaar vouwde op het bureau. "Ja, mijn moeder was een demonenjager en zijn vader ook."
      "Je... moeder?" Hij trok een grimas zodra hij het opschreef, alsof het echt zo schandelijk was om als vrouw je eigen land te beschermen, "Nou, goed, was je moeder enigszins krachtig? Sterker dan anderen?"
      "Dat weet ik niet-"
      "Werk nou eens mee, godverdomme!" Hij fronste en sloeg met zijn handen op het bureau. Ik keek hem verontwaardigd aan en probeerde beschaafd te blijven, "Nou, sorry dat ik een klein kind was en niet veel ervan herinner door, weet ik veel, trauma's wellicht? Het is niet iedere dag dat je je eigen moeder verliest aan een horde van afgrijselijke demonen, of wel soms?!"

      Even fronsten we naar elkaar, waarna hij weer kalmeerde en rustig terug ging zitten op zijn stoel, "Luister... Die Christian, die klopt niet. Hij is een totale faalhaas, behalve zijn flux dan. Ik heb nog nooit iemand met zulke energie gezien, niet eens een demon. Ik heb informatie nodig, geldige bronnen, zodat ik een voorstel kan indienen bij de koning. Met zijn energie kunnen we krachten genereren die de heerser van Sirawien kunnen doden!"
      "Scynscatha."
      "Spreek zijn naam niet uit...!" De commandant fronste en leunde weer voorover, "Of hij hoort ieder woord dat gesproken wordt."

      "Commandant, de arena is gereed, u wordt verzocht deel te nemen aan de jury."

      We keken beiden op toen de deur werd geopend door een van de soldaten uit de hal. Commandant Antony knikte en stond op, waarna hij de papieren veilig verstopte in een kluisje in zijn la, "Zeg dat ik zo kom, ik moet hier nog even iets afronden."
De soldaat knikte en gaf een saluut, waarna hij weer ging. Antony zuchtte en liep langs me, "Ik heb een mooie deal voor je..." Hij begon heel langzaam te lopen zodra hij achter me stond, waarna hij mijn muts van mijn hoofd trok. Mijn blonde lokken vielen gracieus over mijn schouders en hij grijnsde, "Christine."

      Nu snapte ik even waarom ik een vreemd voorgevoel bij die gozer had. Hij was veel te agressief en een enorme gladjakker. Met diezelfde grijns maakte hij zijn rondje af, waarna hij op de tafel zat en mijn gezicht bij mijn kin omhoog tilde, "Commandant is niet mijn enige titel hier, ik heb veel meer macht in dit gebouw. Genoeg om misschien een meisje mee te laten doen aan de training...?" Hij scande mijn gezicht voor een reactie, waarna hij glimlachte, "Laten we iets afspreken. Ik laat jou en je vriendje meedoen aan de audities, máár als jullie falen, dan mag ik je lieve Chrisje als experiment gebruiken, afgesproken?"
      "We falen toch niet!", blufte ik, waardoor hij weer grijnsde. Met een licht gegrinnik bekeek hij me nogmaals, "Een pittige dame, zie ik? Dat mag ik wel. Goed, ik laat je meedoen, maar als één van jullie nu faalt, dan is diegene ook van mij. Mallowburne wordt mijn persoonlijke experiment en jij, dame, mijn persoonlijk 'assistent', zullen we maar zeggen."
      "Wat?!" Ik keek vol afgunst naar de man die werkelijk nog erger was dan hij leek, waarna hij lachte en richting de deur liep, "Succes, je hebt sowieso geen bodycheck gehad, dus probeer maar een tien voor het vechten én het interview te scoren, 'assistente'! En geen woord hierover tegen je vriendje, hè, vergeet niet dat ik in de jury zit!" Hij zwaaide toen hij naar de arena liep, waarna een andere soldaat naar binnenkwam om mij op te halen. Ik moest nog even verwerken wat er nou daadwerkelijk in dat kantoor gebeurd was.

      'Misschien was die wereld van demonen en demonenjagers toch niet corrupt', ga toch weg!

De uitspraak van Scynscatha (eigenlijk gespeld als: Scynscaþa) is 'Shkuunshkatha', met th als in het Engelse woord 'think'. Het is het Anglo-Saksische woord voor demon;)

Reacties (5)

  • Katalante

    My Godinness... DIT VERHAAL IS ZO AWESOME!
    Ik zit hier helemaal op het puntje van mijn stoel... Jammer dat er nog maar zo weinig hoofdstukken zijn:SIn combinatie met de muziek is het nóg geweldiger. Ik heb zo'n idee dat dit verhaal in mijn favorieten gaat komen.... My Godinness..

    Snel verder, PLEASE!
    Et une kudo pour toi:P

    7 jaar geleden
  • IJsvogel

    Wat een origineel en interessant verhaal, je schrijft fijn. Een abo voor jou!

    7 jaar geleden
  • Lypophrenia

    Abo!!
    Snel verder!

    7 jaar geleden
  • Helvar

    Hahahaha, oeps. Dan maar hopen dat het ze gaat lukken :'D

    7 jaar geleden
  • Jarnsida

    Echt ontzettend gaaf en geweldig dat je, je verdiept hebt in het oud Engels! Mijn ABO heb je

    7 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen