"Er was een kromme man
En hij liep het kromme pad
Hij vond een kromme munt
Op het kromme hinkelpad
Hij kocht een kromme poes
En die ving een kromme muis
Ze leefden allen samen
In het kleine kromme huis"

"Zo, eindelijk ziet het er hier een beetje netjes uit," zegt Paul, David's beste vriend. David is net naar een nieuw appartement verhuisd en Paul en zijn vriendin Marion hielpen David de hele dag met schoonmaken. "Kunnen we nog iets voor je doen, David?" vaagt Marion. "Nee," antwoordt hij, "sorry dat ik jullie me met de verhuizing liet helpen. En bedankt dat je me dit appartement hebt laten zien Paul, ik moet je maar eens terugbetalen." "Leuk, misschien kunnen we eens met ons drieën wat drinken." Marion wordt meteen enthousiast. "Ik kijk er nu al naar uit! Nou, wij moeten maar eens gaan." Paul en Marion maken zich klaar weg te gaan. "Goed, wees voorzichtig jullie," zegt David, en hij laat ze uit. Hij doet de deur dicht en kijkt eens rond in zijn nieuwe huisje. Het is niet veel, maar het is ten minste iets. Dan ziet David Paul's rijbewijs op tafel liggen. Hij pakt het snel op en rent naar de deur, misschien kan hij Paul nog inhalen, maar voordat hij de deur opendoet hoort hij stemmen. In plaats van de deur open te doen luistert hij. "Wat is dit voor plek? Het is hier smerig en alles stort zowat in! Hij wilde verhuizen voor een nieuwe start, en dit helpt hem daar niet bij." "Wat moet ik dan doen? Kijk, hij is nou eenmaal niet de rijkste. Trouwens, jij zei dat ik hier een kijkje moest nemen, nu moet je niet mij de schuld geven!" "Je hebt gelijk, het spijt me. Ik wou David gewoon helpen." "Weet ik, ik moet sorry zeggen. We komen nog wel een keer op bezoek." Langzaam hoort David de stemmen zachter worden. Dat rijbewijs kan hij morgen wel teruggeven, eerst maar eens kijken hoe het bed hem bevalt. David kleedt zich om en wil net in bed stappen als hij de telefoon hoort overgaan. Hij neemt op. "Hallo?" Het is even stil. "Shirley?" Dan wordt er opgehangen. Het zal wel een grapje zijn. David merkt hoe moe hij is en hij stapt in bed.

David wordt langzaam wakker van een geluid. Hij heeft geen idee hoe laat het is, maar het is nog donker. 'Wat is dat?' denkt hij. 'Is iemand aan het huilen? Zo kan ik toch niet slapen?' Hij stapt uit bed en loopt de gang in. Hij loopt naar de deur waar het geluid goed te horen is en hij klopt aan. "Wie is daar zo laat in de nacht?" hoort hij een vrouwenstem zeggen. "Pardon mevrouw, maar ik hoor u huilen vanuit mijn kamer. Kunt u wat zachter doen alstublieft?" Het is even stil. "Waar heb je het over? IK lag lekker te slapen tot JIJ me wakker maakte! Woon jij niet drie deuren verderop? Daar zou je me toch nooit kunnen horen?" De vrouw heeft een punt. "Sorry dat ik u wakker maakte, tot later!" Ondertussen is het gehuil gestopt. De vrouw heeft gelijk, het geluid was best hard en het leek bovendien meer op een mannenstem. 'Het is vast mijn verbeelding geweest', denkt David, en hij gaat weer terug naar zijn appartement. Als hij binnenloopt hoort hij ineens water stromen. Hij loopt naar de badkamer en ziet dat de kraan aanstaat. Warm water komt uit de kraan en er zit damp op de spiegel. David zet de kraan uit en ziet dat iets in de damp geschreven is. 'Onder het bed.' 'Wat, houdt Paul me voor de gek?' denkt David, en hij loopt naar het bed. Onder het bed vindt hij een briefje, een soort bladzijde uit een dagboek. 'Sinds ze me verlaten heeft klem ik elke nacht mijn bezweette kussen in mijn armen, rillend in mijn bed. Ik kan geen vaarwel zeggen, maar ik heb geen andere keus.' 'Dat klinkt herkenbaar,' denkt David. Zijn vriendin, Shirley, is net bij hem weggegaan en hij heeft het er nog steeds moeilijk mee. 'Misschien is het een briefje van de vorige eigenaar', denkt David, en hij besluit maar weer te gaan slapen. Na even geslapen te hebben wordt David weer wakker van het gehuil. 'Nog steeds, wat is dit toch?' denkt hij geïrriteerd, maar hij draait zich om en slaapt verder.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen