Foto bij Darkness 27.

She is like the wind, open and free. If I cage the wind, would it die?
- Christine Feehan, Dark Prince

Pijn is een vreemd begrip voor Aya Faënonoghean. Fysieke pijn, weliswaar, aangezien ze genoeg geleden had na de dood van Vean.
Sinds de bergtocht, toen de Schaduw van Dol Guldur in haar oor had beginnen fluisteren, had ze geen echte last meer gehad van iets banaals als pijn. Geprik, getintel, inderdaad. Maar de hap uit haar been maakt wel duidelijk hoe immuun de Duisternis haar voor aardse ontwikkelingen had gemaakt.
Maar nu heeft de Schaduw haar verlaten.
Nu voelt ze maar al te duidelijk hoe het gif het vel van haar handen vreet.
Toch zou Aya Faënonighean niet zijn wie ze is als ze hier aan toe zou geven. Ze balt haar pulserende vingers tot vuisten en gaat resoluut voor de traliehekken zitten. Ze geeft geen kik.
Natuurlijk heeft het meisje nooit een flauw benul gehad van wat er met haar meegereisd had, tot diep in het Demsterwold. Ze denkt nog altijd dat de Schaduw, de Duisternis, de dodenbezweerder, enkel macht heeft in zijn schuilplaats in de bergen. De plaats waar Gandalf de Grijze de confrontatie met hem is aangegaan.
Aya zal nooit te weten komen hoe deze tovenaar en Thranduil haar gered hebben van een lot, erger dan de dood. Van een lot waar ze een passieve passagier was geweest in haar eigen lichaam, terwijl een ander haar plaats zou ingenomen hebben.
Aangezien de half elf geen flauw benul heeft van deze machtskwesties, moppert ze in stilte tegen zichzelf. Ze had al even geleden besloten dat het niet erg was om tegen jezelf te praten, zeker niet als je enige gesprekpartners drie stenen muren en een in gif gedoopt traliehek waren.
Over de wachten, die zich buiten ongetwijfeld in stilte verkneukelen, denkt ze geen seconde na.
Ik zit hier vast.
Ik kan hier niet uit.
Ik moet hier uit geraken.

Ze herhaalt de drie zinnen alsof ze van levensbelang zijn. Ze prevelt ze voor zich uit totdat ze hun betekenis verliezen en ze gewoon een monotoon geneurie worden dat verloren gaat in de ijle lucht.
Zachte stappen doen haar opkijken. Op de richel, niet zo heel ver van haar vandaan, leunt een elf onopvallend naar voren. Het is duidelijk dat hij iets in de gaten houdt wat zich bij de cellen van de kerkers afspeelt.
'Wie ben je aan het bespioneren?' vraagt Aya oprecht geïnteresseerd.
Legolas schrikt en valt bijna van de rand af.
'Niemand', zegt hij gladjes. Aya maakt een laatdunkend geluid. 'Vast, ja.'
Omdat de elfenprins nu boven haar uit torent op een intimiderende en hooghartige manier, besluit Aya om op te staan. Ze steekt haar hand uit, zoekend naar steun en- 'Niet aan de tralies komen. Er is gif op gestreken.'
Aya houdt haar handpalmen naar hem toe. 'Inderdaad. Bedankt hiervoor.'
Ze zijn gezwollen en rood, met rode en blauwe aders die dik bovenop de roodpaarse huid liggen. Legolas mond vertrekt tot een dunne streep. 'Je moet er op spuwen.'
Aya trekt haar wenkbrauwen op. 'Waar wacht je op? Of moet ik het doen?' spot de elf.
Aarzelend doet ze toch wat hij zegt. Als ze haar speeksel voorzichtig open wrijft, merkt ze dat het helpt. De pijn wordt minder. De rode kleur lijkt zelfs al een beetje bleker te worden.
'Bedankt', ze kijkt hem behoedzaam aan, niet zeker van wat ze tegen hem moet zeggen. Hij kan makkelijk gestuurd zijn door zijn vader.
Legolas werpt een snelle blik naar beneden, het is duidelijk dat hij een gesprek aan het afluisteren is. Aya kantelt haar hoofd schuin. 'Praat die rooie met een dwerg?'
Legolas geeft geen krimp. 'Het spijt me van je vriend.'
'Hij is dood. Je spijt komt te laat', Aya voelt hoe een kille hand zich om haar hart sluit.
Beneden blijven Tauriel en Kili op zachte toon verder praten. Aya merkt hoe haar nekharen overeind staan als ze hoort hoe Kili lacht.
'Ze weten het nog steeds niet. Ze weten nog steeds niet dat hun reisgezel dood is.'
Legolas schudt zijn hoofd. 'Het is mijn vaders keuze dat de dwergen er nog niet over op de hoogte gebracht worden. Hij is bang dat de leider dwaze dingen zal doen.'
Aya lacht smalend. 'Zelfs de elfen zouden dwaze dingen doen als een van hun vrienden zonder enige reden vermoord wordt.'
'Als ik het had geweten, had ik er niet mee ingestemd.' Legolas ziet er even heel oud uit, en moe. Aya knikt. 'Natuurlijk had je er wel mee ingestemd. Ik heb gezien hoe je naar hem kijkt. Je had er misschien even wroeging over gehad, maar je zou het hebben opzij geschoven, aangezien het slechts een dwerg was.'
Ze weet dat haar woorden waarheid bevatten, en Legolas weet dit ook. Daarom spreekt hij haar niet tegen.
'Misschien wel. Maar jij mocht hem. Jij mag hen.'
Aya knikt en er komt een kleine glimlach op haar gezicht. 'Wat ze over dwergen zeggen is waar. Ze zijn hebzuchtig, koppig en trots. Maar ze gaan ook door het vuur voor elkaar.'
Ze is even stil.
'Vertel me wat er met Bofurs lichaam gebeurd is. Heeft Thranduil het boven zijn poorten gehangen? In de rivier gedumpt?'
Legolas is even stil.
'Ik heb hem begraven. Aan de monding van de rivier, buiten het elfengebied. Ik kende hem niet, maar ik denk dat hij het er wel mooi zou hebben gevonden.'

Reacties (5)

  • Schack

    Mwuahaha, en dat is waarom ik Aya en Legolas ship. :3

    4 jaar geleden
  • Croweater

    Eigenlijk vind ik ze wel leuk samen. Wat best zeldzaam is, met al die leuke dwergen.

    4 jaar geleden
  • LynnBlack

    awh Legolas hoe sweet wel nu hoop ik toch dat ze eens een triootje gaat doen hoor, Legolas, Thorin en Aya klinkt goed! ;p

    5 jaar geleden
  • Anaklysmos

    Aw hoe kon hij hen vernorden!! Ga snel verder!!

    5 jaar geleden
  • Katalante

    Het is officieel.
    Ik ship Aya en Thorin en Aya en Legolas:P
    Ayrin en Aylas:P

    Snel verder xx

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen