Foto bij 008. Aimee Smith

Aimee Smith

Ik kon mijn ogen niet geloven toen de donkergroene draak voor ons neer kwam en zich met een oorverdovend gekrijs kenbaar maakte. Het dier was enorm -zeker zo groot als de huizen waar hij tussen stond- en had tanden en klauwen zo scherp als messen. De kracht die hij uitstraalde zorgde voor kippenvel op mijn armen. Van dichtbij was hij mooier dan ik me ooit had kunnen bedenken.
De ruiter op zijn rug keek met een trotse glimlach op ons neer. Zijn rode haar stak sterk af tegen zijn witte huid en ook het brandmerk in zijn nek was hierdoor duidelijk zichtbaar. Tot mijn verbazing was het geen halve maan, maar een ster. De jongen was een Draak van het Licht.
De draak krijste opnieuw en op commando van de ruiter schoot hij enkele centimeters naar voren. Een shot adrenaline baande zich opnieuw een weg door mijn lichaam en zorgde ervoor dat mijn spieren eindelijk weer in beweging kwamen.
Een harde ruk aan mijn mouw deed me opzij kijken. Het was Briseïs die haar vingers haastig in haar nek legde en toen naar de ruiter wees. Ik knikte, als teken dat ik het ook gezien had.
“Dimitri, Xavier” sprak de ruiter. “Ik zie dat jullie nog steeds erg veel moeite hebben om met jullie handen van vrouwen af te blijven.”
De donkerharige drakenjongen heette dus Xavier, want hij keek woedend omhoog toen de ruiter zijn naam uit sprak. Ik vroeg me af hoe de ruiter hun kende.
“Dit is niet jouw dorp, Draak van het Licht.” antwoordde Xavier. “Het is niet aan jou om te vertellen wat hier gebeurd, je bevind je op verkeerde grond.”
De ruiter schudde lachend zijn hoofd. Hij mompelde iets onverstaanbaars tegen zijn draak, die zijn tanden ontblootte en een laag, grommend geluid maakte toen de ruiter soepel van hem af gleed.
Pas toen hij op de grond stond viel het grote zwaard me op, dat aan een leren riem om zijn heupen hing. Hij kwam hier duidelijk niet om spelletjes te spelen.
“Ik denk zo maar eens dat ik hier juist de gene ben die het voor het zeggen heeft.” glimlachte de ruiter. Zijn draak maakte een tevreden geluidje. “Ik zie hier twee doodsbange meisjes en zeven Draken van het Donker die hier maar al te graag gebruik van maken. Geef ze aan mij en loop weg, dan zullen we er verder geen probleem van maken.”
Dimitri stootte een schamper lachje uit. “Dat gebeurd zeker niet.” zei hij. “Deze meisjes hebben onze wet overtreden en zullen hier voor boeten.”
“Wat kunnen ze gedaan hebben dat zo gevaarlijk is dat jullie er met zijn zevenen op af moeten duiken? Wees een man, Dimitri.”
“Zij is een drakenmeisje zonder tekens.” Dimitri wees uitdrukkingsloos richting Briseïs. “En zij heeft haar helpen ontsnappen.” Dit keer wees hij mijn kant op.
“Een drakenmeisje zeg je?” De ruiter keek geïnteresseerd Briseïs kant op. “Interessant, ze ziet er ook heel gevaarlijk uit. Laat ze gaan.”
Dimitri kneep zijn ogen tot spleetjes en trok een klein mes uit zijn laars vandaan. Hij greep Briseïs hardhandig naar zich toe en legde zijn mes tegen haar keel aan. Zonder er bij na te denken schoot ik naar voren, maar werd hard terug tegen de muur geduwd door een blonde jongen.
“Ik vermoord haar en daarna het andere meisje als je nu niet op je draak stapt en Ovur verlaat.” gromde Dimitri. “Je weet dat ik het doe, Bryson.”
De ruiter, Bryson, stak zijn zwaard terug in zijn riem en grabbelde met zijn hand in zijn broekzak. Voor heel even zakte de moed me in mijn schoenen. Hij was mijn enige kans op overleven. Zonder hem zou Dimitri me zonder twijfel vermoorden, dagen lang martelen of in een hoerenhuis stoppen. Briseïs zou niet veel beter af zijn.
“Jammer dat het zo moet.” zei Bryson. Hij trok een soort fluitje uit zijn broekzak en blies er op. Er klonk een schelle, hoge pieptoon, gevolgd door opnieuw een oorverdovend gekrijs en een roodkleurige draak die boven de huizen verscheen. Zijn ruiter was een jonge vrouw gekleed in een broek en een witte blouse over haar korset.
Ze had een boog in haar handen en schoot haar pijl met zo'n hoge snelheid dat mijn ogen het niet konden bevatten. De pijl miste Briseïs op een haar na en boorde zich door Dimitri's boven arm. Briseïs zag haar kans schoon, trok zichzelf los en struikelde angstig naar voren.
Het was voor heel even dood stil in de steeg. Niemand zei iets, niemand deed iets.
De vrouwelijke ruiter liet haar draak vlak achter die van Bryson neerkomen en sprong zonder enige moeite naar beneden. Ze trok een nieuwe pijl uit haar koker en spande deze aan.
Pas toen Dimitri de pijl uit zijn bovenarm trok en een groter mes uit zijn riem trok barstte het gevecht los.

Reacties (4)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen