Foto bij 10 - A Surprising Invitation

Mijn moeder wilt op iedere vrije dag die ik heb, overal naartoe! Ik heb de laatste tijd geheugenkaartproblemen met mijn mobiel dus hij doet echt heel irritant, waardoor ik ook niet gewoon rustig op mijn mobiel kan schrijven. =.= en net nu ik weer extreem veel inspiratie heb!

Nieuwe personages worden dit keer meteen aan Additional Information toegevoegd, scheelt weer aan het aantal woorden dat naast mijn hoofdstukken staan, ik weet dat die getallen er best eng uit zienxD

      "Dus jij wilt naar Sirawien?"
Korporaal Skipwyth kwam op me afgestapt en ik ging meteen rechtop staan, bang dat ik erop afgerekend zou worden, "Um, sorry?"
      "Ik heb van onze tante gehoord dat jij een enkeltje Sirawien wilde?" Hij keek even naar commandant Antony, die nog wat dingen met de kasteelwacht aan het afhandelen was, waarna de commandant een stapje naar voren deed, "Ik heb Joe van alles uitgelegd. Hij is bijna iedere maand wel rond de grenzen van Sirawien te vinden. Hij kan je meenemen, maar je zult zelf soldaten moeten recruiteren en strategische tactieken moeten toepassen. Ik zit gebonden aan Thule en kan dus niet weg, maar vind wat reisgenoten en je zult veilig naar de grens gebracht worden."
      "Naar de grens wil ik wel!" Talon glimlachte en ging naast me staan, "Oh, die geweldige hete bronnen en mooie resorts..."
      "Dit is wel een missie, Amcottes, geen vakantie-uitje." Korporaal Skipwyth fronste, maar ik zag een kleine glinstering in zijn ogen, alsof hij het meer als een grapje had bedoeld. Horace schoot direct overeind bij het woord 'vakantie', waarna hij van zijn geïmproviseerde stoel af krabbelde en naar ons rende, "Vakantie?"
      "Nee, Thorp, een missie." De korporaal bleef star kijken, maar na een aantal seconden zuchtte hij, "Goed dan, luiwammesen, we gaan langs Orsmount, maar alleen als jullie ook bereid zijn om de grens over te steken."
De jongens haalden hun schouders op en knikten, "Alleen de grens is nog niet zo eng, toch?"
      "Ik wil ook mee naar het resort!" Percy kwam naar ons groepje gerend en glimlachte, "Ik ben nog nooit in Orsmount geweest en u weet hoe graag ik nieuwe plekken verken!"
      "Kom je mee over de grens dan?" Korporaal Skipwyth keek Percy een tikkeltje doordringend aan, waarna de jongen nerveus slikte, "Als het van mijn moeder mag."
De korporaal fronste lichtjes en mompelde iets onverstaanbaars, waarna commandant Antony glimlachend naar mij knikte, "Nou, hier heb je je eerste groepje met krijgers al. Ik neem aan dat je meer ervaren collega's hebt richting Sirawien, Joe?"
      "En de nieuwe recruiten van dit jaar zullen daar ook hun eerste missies hebben, ik heb gehoord dat er veel natuurtalent tussen zit, dus een klein legertje vinden zal geen probleem zijn. Je hebt ook niet véél nodig om daar te overleven, je moet gewoon je hersenen gebruiken. Ben je in bezit van die hersenen, Latham?"
      "Um..."
      "Z... Hij heeft de potentie, alleen niet altijd de pit." Antony lachte en gaf me een schouderklopje, "Ik zag hoe je samen met Thorp, Amcottes en Browne vocht, dat zit wel goed. Een beetje training qua flux mag wel, maar dat leer je het beste in de praktijk. Geef je krystall eens." Toen ik het aan hem gaf, pakte hij zijn eigen krystall en legde die tegen de mijne, waarna hij me wat extra van die vloeistof gaf en me mijn krystall weer terug overhandigde, "Koop straks in Wayfort nog wat analoge wapens, zodat je niet volledig afhankelijk bent van je flux en je krystall."
      "Hé, waarom krijgen wij nooit zakgeld?!" Horace fronste, waarna korporaal Skipwyth terugfronste, "Omdat ik mag hopen dat jij, vooral jij, je eigen geld kan verdienen: Horace Thorp, soldaat der eerste klasse."
      "Ja, korporaal Skipwyth..." Horace mopperde een beetje en deed zielig een stap naar achteren, waardoor Talon moest grinniken, maar gelukkig begonnen ze niet meteen weer aan een plaagfestijn. Op het commando van de commandant, reden we terug naar Wayfort, waar we bevolen werden onszelf voor te bereiden op de trip naar Sirawien. Talon en Percy gingen hun spullen pakken, terwijl Horace besloot me te vergezellen met mijn eigen tripje naar de wapenwinkel. Daar keek ik ongemakkelijk in het rond, maar toen stootten mijn ogen op een... hele mooie gevormde borstkas, hallo daar.
      "Kan ik jullie helpen?" De zwartharige jongen grijnsde, waarna Horace een stapje vooruit deed en terug grijnsde, "Gaius, is je ouwe pa er? Deze vriend van me wilt een nieuw wapen, omdat zijn flux nog aan de zwakke kant is."
      "Wat nou mijn pa?! Ik ben zelf ook in staat om iets moois te smeden, wat zoek je?"
      "Um... ik weet het eigenlijk niet, ik heb het liefst wel een zwaard denk ik."
      "Laat me je wapen eens zien." Gaius stak zijn hand uit en ik liet mijn krystall in mijn wapen veranderen, waarna ik het aan hem gaf. Hij keek met grote ogen naar mijn wapen in zwaardvorm, waarna hij met zijn hoofd schudde en glimlachte, "Dit is geweldig! Ik heb nog nooit een roze krystall een zwaardvorm zien aannemen! Hmm, ik zou zeggen een falcata? Het heeft ongeveer dezelfde vorm als jouw wapen en is net zo licht en ook niet zo groot. De vechtstijl is wel iets anders, maar aangezien je wapen voornamelijk eenhandig is, zal dat niet zoveel oefening vergen." Gaius knikte en gaf me mijn wapen terug, waarna hij verder de winkel in verdween en een zwaard tevoorschijn haalde, "Dit is een falcata, je mag ermee zwaaien en doen wat je wilt, zolang je maar niets kapot maakt." Toen hij het aan mij gaf, hield ik het vast en probeerde ik even uit te vinden hoe ik het moest gebruiken, maar Gaius liet me al snel zien dat ik er echt mee moest zwaaien in plaats van hakken en steken, een beetje als een soort bijl.
      "Je kan kiezen of je een zwaard uit de winkel koopt, of je er mij een laat smeden. Dat laatste is natuurlijk duurder, maar ik kan wel garanderen dat het dan perfect bij je past." Hij grijnsde wéér en keek me vragend aan, waarna ik even naar Horace keek en knikte, "Dan laat ik hem wel smeden."
      "Geweldig, ik ga er meteen aan beginnen. Kom 'm morgenmiddag maar ophalen, dan praten we wel over de prijs, maar maak je daar maar geen zorgen om."
We knikten en verlieten de winkel toen Gaius de werkkamer inliep om zijn materiaal te pakken. Horace lachte eventjes in zichzelf, "Hoe lang is het wel niet geleden dat ik naar Wayfort ben gekomen als hij nu al zelf wapens smeedt?"
      "Huh? Kom je niet uit Wayfort dan?" Ik keek hem verward aan, waarna hij me net zo terugkeek en een nerveus lachje liet horen, "Origineel niet, maar volgens mij woon ik hier al langer dan dat ik in mijn oude woonplaats heb gedaan."
      "Oh, oké..." Ik drong er maar niet verder op door, wie weet kwam hij ook uit een stadje dat overgenomen werd en vond hij het niet fijn om erover te praten, "Dus we gaan morgen naar Sirawien, hè?"
      "Ja... ben benieuwd. Ik heb alleen echt geen zin om meteen dood te gaan..."
      "Is het daar zo erg, dan?"
      "Je hebt toch die level A demonen gezien toen je hiernaartoe kwam?"
      "...Ja." Dat waren die grote, pratende demonen die commandant Antony neergestoken kregen. Horace fronste lichtjes naar de grond, "Dat zijn dus de minste demonen die je daar tegenkomt. Er zijn nog levels A+ en S, maar er zullen nooit genoeg letters zijn om die demonen daar te labelen. Het lijkt wel alsof hoe dichter je bij Sirawien komt, hoe vreselijker de demonen worden. Niet alleen in kracht, maar ook in uiterlijk... op meerdere gebieden. De laatste keer dat ik daar was, zag ik zelfs demonen die er zo menselijk uitzagen dat het gewoon verstorend was. Ik weet niet of ik ooit in staat zal zijn zo'n demon uit te schakelen, de gedachte dat er misschien demonen in puur menselijke figuren zullen zijn, maakt me nu al misselijk..."
      "Nee, ik weet niet of ik dat ook wel aan kan..." Ik beet op mijn lip terwijl Horace knikte, "Mijn grootste angst is misschien wel dat we ooit uitgezonden worden om zulke mensen te vermoorden. Er zou maar net een onschuldige vluchteling tussen zitten... ik zou mezelf nooit kunnen vergeven."
      "Inderdaad..." Ik zuchtte en we stonden even stil op het stadsplein, waarna Horace zich uitrekte en lichtjes glimlachte, "Bedankt dat je zo naar me luistert terwijl ik erop los babbel, meestal laten mensen me alleen als ik juist wil praten. Heb je zin in iets lekkers? Ik trakteer wel."
      "Ik heb geen idee wat hier allemaal te snacken valt, doe maar iets wat jij me aanraadt."
      "Perfect!" Horace lachte en sleepte me mee naar een klein cafeetje, waar hij om 'gyngerbrede' vroeg. Even later kreeg hij een soort zachte koekjes mee, waarna hij ook nog amandelpudding en twee glazen hypocras erbij bestelde. Hij plaatste de spullen bij ons op het tafeltje en rekende af door zijn krystall in een soort houdertje te klikken dat precies genoeg vloeistof eruit zoog en dat opsloeg in een soort lange koker van energie. Het meisje achter de toonbank bedankte hem nog en gaf hem zijn krystall terug, waarna hij bij mij aan tafel schoof, "Het betalen via je krystall is serieus het handigste dat ze ooit hebben uitgevonden! Het lijkt me zo irritant om overal munten mee naartoe te sjouwen!"
      Ik lachte en pakte maar zo'n gyngerding van het bord, dat plotselinge praten over willekeurige dingen bedoelde hij vast met gebabbel. Ik vond het eigenlijk wel grappig, dus liet ik hem maar doorkletsen over van alles terwijl ik een hapje nam. Meteen onderbrak ik zijn spraakmarathon met een scherpe inademing, waarna ik met grote ogen opkeek, "Dit is echt lekker!" Ik nam meteen nog een hap. Het was lekker zoet, maar ook een beetje gekruid, wat het juist nóg lekkerder maakte! Horace keek blij op en knikte, waarna hij me halverwege mijn volgende hap stopte en met een lepeltje een kledder amandelpudding óp de lekkernij gooide. De combinatie van de zachtere en scherpere zoetheden bij elkaar maakte het nog verrukkelijker en het duurde zeker niet lang voordat we alles ophadden. Daarna dronken we de zoet gekruide wijn op en genoten we eventjes na van ons feestje. Een man buiten het raam keek ons een beetje verontwaardigd aan en Horace keek net zo arrogant terug, waarna hij zuchtte en met zijn hoofd op zijn handen rustte, "Echt, die gelovige cult is echt erg. Zij zijn diegenen die ritueel katten verbranden en ze kramen zelfs uit dat we maar maximaal één maaltijd per dag mogen hebben. Geloof je het zelf? Met één boterham kom ik nog niet eens in de buurt van een demon als ie voor mijn neus zou staan."
      "Haha, nee, vooral niet als jongen."
      "Ja...?" Horace keek me een beetje verward aan, maar haalde zijn schouders op toen hij mijn gezicht zag, "Ik heb geen idee hoe vrouwen met eten werken, jij wel dan?"
      "Nou... w- ze zijn meestal kleiner dus hebben denk ik minder nodig dan jongens." Wat had ik mezelf goed gered, zeg. Horace knikte, maar ik zag gewoon dat hij er niets van begreep. Nou ja, zolang ik mezelf maar niet verklapte.

      "En wat wil jij eigenlijk in Sirawien doen?" Horace kwam meteen met de deur in huis gevallen toen we weer op weg waren naar het kasteel. Ik haalde even diep adem en probeerde de waarheid iets te twisten, "Ik wil iemand redden die daar ergens vast zit."
      "Familie?"
      "Zoiets..."
      "Ik ook..." Hij keek een beetje moeilijk naar de grond, maar toen hij merkte dat ik naar hem staarde, schudde hij zuchtend zijn hoofd, "Persoonlijk iets, maak je er maar niet druk om. Laten we er gewoon voor zorgen dat we supersterk worden en dan nemen wij gewoon Sirawien helemaal over en worden we de nieuwe heersers!"
Ik lachte en knikte, "Laten we dat doen!"
      "Beloofd?" Hij keek me aan alsof het echt een serieus plan was, waarna ik knikte en mijn hand uitstak om de zijne te schudden, "Beloofd, toekomstige koning van Sirawien."
      "Gij zult direct mijn rechterhand worden, mijn trouwe metgezel. Samen zullen wij heersen over de enorme droge landen en alles wat daarbij hoort! Ons koninkrijk zal nooit en te nimmer geëvenaard worden door welk land dan ook!" Hij hield zijn handen dramatisch in de lucht en balde ze tot vuisten, "Mogen de goden glimlachen om onze vereniging en ons geluk brengen in de komende jaren van herstel en vred-!"
      "Zo is het wel genoeg, koning." Ik lachte en en gaf hem een schouderklopje voordat de hele stad ons raar nakeek. Ik vond het nog steeds geweldig dat zo'n 'stoere gozer' zo ongemakkelijk kon zijn. Ik wist zeker dat Horace en ik nog goede vrienden zouden kunnen worden en ik was blij dat we een doel deelden. Zo had ik in ieder geval één iemand die sowieso mee de grens over wilde gaan.

Gaius verschijnt meteen in het extra hoofdstukje achterin. Hoofdstukken uploaden gaat een beetje moeizaam met de opkomende examens en tijddruk, maar ik doe mijn best:)(Hé, je moet tussen het leren door toch pauzes nemen, en schrijven vind ik een goede bezigheid daarvoor:P)

Excuses aan de mensen die dit hoofdstuk hebben gelezen voordat ik een proof-reading deed, hehehe...:X

Reacties (1)

  • Katalante

    Yaaayy! ^^
    Ik vind Horace echt geweldig. Ben benieuwd wie hij zoekt (:

    En je krijgt (alweer) een kudo van mij;)

    7 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen