Foto bij Darkness 60.

Older men declare war. But it is youth that must fight and die.
- Herbert Hoover

Het is een neutraal terrein waar de drie leiders uiteindelijk samen komen. De grond is kaal en troosteloos, maar dat maakt op dit moment niet uit.
De sfeer is uiterst gespannen. Drie legers hebben zich rond het veld gestationeerd. Dat van de elfen en de dwergen zijn verreweg het grootst.
De drie leiders, Bard de Boogman, Elfenkoning Thranduil en Dain Ironfoot stappen naar het midden, elk met drie vertrouwelingen achter hen.
Toch zijn er dertien mannen op het veld, want de dertiende beweert even neutraal te zijn als het veld waar ze zich op bevinden.
Gandalf de Grijze is er vooral om toe te kijken dat de drie elkaar niet in een vlaag van woede beledigen, en zo toch de oorlog ontketenen die het einde van hen allemaal zal betekenen.
'Waar is mijn neef Thorin?' vraagt Dain en hij kijkt de anderen beschuldigend aan.
Gandalf zucht. Dit is niet zo'n goed begin als hij gehoopt had.
'Thorin is nog in Erebor, hij vindt het moeilijk om zijn thuis al zo snel te verlaten.'
Het is een leugen, maar Gandalf hoopt dat deze hem niet kwalijk zal worden genomen wanneer deze slag voorbij is.
Hij hoopt in elk geval dat ze wijs genoeg zijn om hun geschillen opzij te schuiven en samen te werken tegen het kwaad dat hen te wachten staat.
'Mijn verkenners hebben een groot leger hierheen zien marcheren', zegt Dain terwijl hij de anderen wantrouwig bekijkt, 'Maar dat was niet een van de legers die ik hier verzameld zie.'
Bard buigt zijn hoofd. 'Het is ook niet een van onze legers. Het is een leger van orks.'
Thranduil schenkt hen zijn minzaamste glimlachje. Dain kijkt de elf geërgerd aan. Elfen zijn niets dan problemen, besluit hij grimmig. Vooral deze, die zijn volk in de steek had gelaten toen ze hem het meeste nodig hadden. En dat veelbetekenende lachje bevalt de dwerg ook maar niets.
'De orks komen van de Nevelbergen en de Grijze Bergen, ze worden geleid door de bleke ork Azog en zijn zoon Bolg. Ze willen Erebor overrompelen, nu de draak dood is en er nog maar dertien dwergen aanwezig zijn. Ze denken dat de berg nu een makkelijke prooi is.'
Dain wendt zich tot Gandalf. 'Spreekt hij de waarheid, Gandalf?'
'Heer Thranduil spreekt inderdaad de waarheid, mijn waarde Dain', knikt de tovenaar.
Dain is even stil.
'Ik wantrouw de elfen, en ook de mensen hebben in het verleden al aangetoond dat ze een verraderlijk ras zijn.'
De drie mannen die Bard vergezellen zijn diep beledigt en trekken hun wapens. Bard maant ze tot kalmte. 'Ook de dwergen zijn al verraderlijk gebleken. Maar ik denk dat ik voor ons allen spreek alsa ik zeg dat we met deze orks een gemeenschappelijke vijand hebben gevonden.'
Thranduil buigt zijn hoofd, 'Inderdaad, Bard drakendoder. Het zou wijs zijn om deze bedreiging af te wenden door samen te werken.'
Zijn woorden worden gewikt en gewogen, maar uiteindelijk gaan ze allen akkoord.
De orks zijn hun vijanden, besluiten ze, dus alle geschillen tussen de rassen worden even opzij geschoven om samen de orks aan te vallen.
De legers worden verdeelt over de uitlopers van Erebor, die de ingang van de berg begrenzen. Die ingang is trouwens afgesloten, want Thorin Oalenshield vertrouwt de mensen voor geen haar.
Ze zouden wel eens zomaar zijn domein kunnen betreden, en zijn goud wegroven.
De dwergen en de inwoners van Laketown, de twee kleinste legers, besluiten om samen een flank te verdedigen. De elfen nemen de andere flank voor hun rekening.
En uit elk leger vormen enkele soldaten nog een bataljon, dat de orks tussen de twee legers zal proberen te leiden, zodat ze ingesloten komen te zitten.
De soldaten zijn allemaal erg opgewonden, vooral die van het kamp van de mensen. Er komt een oorlog aan, waar ze de kans zullen krijgen roem te behalen, en zich eindelijk kunnen wreken op de orks.
Na enkele uren wordt de stemming echter al heel wat bedrukter. Het is koud, er is geen eten en het wordt donker. Enkele mensen beginnen te mopperen. 'Jongelingen!' brommen de dwergen, die in de slag om Moria gestreden, en dus weten hoe een oorlog eruit ziet, 'Groentjes!'
Bilbo sluipt, onzichtbaar door zijn ring, naar de tenten die door de elfen bewaakt worden. Hij is bang, want wat moet een kleine hobbit in een oorlog van Grote Lieden?
De nacht is gevallen en er is nog steeds geen spoor van de orks, of van het bataljon dat hen moet leiden, te bekennen. Enkele menselijke soldaten lopen nerveus heen en weer.
'Dit was een grap!' fluisteren enkelen. 'Ze vallen Erebor niet aan', menen anderen.
'Ze durven het niet tegen ons opnemen!' beweert een enkeling.
Sommigen hebben hun wapens los gelaten, anderen liggen rustig te slapen.
En dan, wanneer ze het het minst verwachten en de hoop bijna hebben opgegeven, klinkt een hoorn en vallen de orks, verborgen onder de schaduwen van de nacht, aan.

Reacties (5)

  • Croweater

    Nu ga ik maar slapen, voordat er dwergen doodgaan en ik daar vannacht nachtmerries over ga krijgen. :')

    5 jaar geleden
  • Glorfindel

    snel verder!!! o help
    de dwergen in erebor zouden eignelijk de deur op een kier moeten zetten en aya in die kier zetten, dan was de oorlog zo gedaan:P:P:P

    5 jaar geleden
  • LynnBlack

    h dear wake up you idiots! No time for sleep this is no joke! THIS MEANS WAR! Oh god where are Aya and Beorn if you need them!
    Snel verder please?!

    5 jaar geleden
  • Frerin

    spannend!!!! snel veder!

    5 jaar geleden
  • Beaten

    ommggg~! Snel verder!

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen