Foto bij OO8 | Dae


Blote harige voeten baanden zich een weg door het hoge gras. Hun eigenaar hijgde zwaar wanneer hij zijn pas versnelde, het was een lange tijd geleden sinds hij voor het laatst zo'n zware inspanning had geleverd. Een boek met een rode kaft hield hij stevig tegen zijn borstkas geklemd, terwijl zijn ogen koortsachtig zochten naar een rustige plaats om even te gaan zitten.
Imladris had genoeg rustige plaatsen, dat zeker, maar geen één leek hem geschikt om even uit te blazen. De bomenrij leek hem dicht en dreigend te begluren, ondanks de vrolijke vogels en de kleine dieren die zich tussen de stammen vertoefden. Hij had de gebouwen van Imladris inmiddels al ver achter zich gelaten, dus het leek wel alsof hij mijlen van de bewoonde wereld vandaan was. Zijn korte benen bewogen sneller toen hij het geruis van een riviertje hoorde. Nieuwsgierig dook hij onder de struikjes door en ging moeizaam weer recht staan. De wind bracht hem een fluistering: blijkbaar was deze streek toch niet zo verlaten als hij had gedacht. Een lieflijk gezang vulde zijn oren en lonkte hem. Een vreemde warmte leek zijn lichaam te overspoelen wanneer hij zijn tocht verder zette en het geluid van gezang volgde.
'... Tinúviel the elven-fair,
Immortal maiden elven-wise,
About him cast her shadowy hair
And arms like silver glimmering.
Long was the way that fate them bore,
O'er stony mountains cold and grey,
Through halls of ireon and darkling door,
And woods of nightshade morrowless.
The Sundering Seas between them lay,
And yet at last they met once more,
And long ago they passed away
In the forest singing sorrowless
.'
Arwen Undómiel kamde haar lange haren terwijl ze met haar benen onder zich gevouwen zachtjes verder neuriede op de zoete melodie van het lied over Beren en Lúthien. De man achter haar lag in het gras met een sprietje in zijn mond, zijn ogen genietend gesloten terwijl zijn ongewassen haren blonken in het zonlicht. En dan, bij hen zat... De vreemdeling hapte naar adem toen hij haar opmerkte.
'Andúnë Gurthang. Ik dacht dat je dood was.'
Het zilveren haar van de halfelf bewoog lichtjes wanneer ze haar hoofd naar hem draaide en het nieuwsgierig kantelde. Haar nachtzwarte ogen keken de nieuwkomer onderzoekend aan. Ze herkende hem, maar ze kon niet plaatsen waar ze hem precies van herkende. Natuurlijk wist hij het wel nog. Haar uiterlijk was nog geen dag verouderd, hoewel er in haar ogen een oud, verdrietig vuur brandde.
Hij zette een paar stappen naar voren en zijn vingers gleden als vanzelf naar het voorwerp in zijn jaszak. Hij voelde een steek van gemis toen hij merkte dat zijn jaszak leeg was. Ondertussen was Arwen stil en keken zij en de man hen kalm aan.
Aya herkende het kleine gebaar echter onmiddellijk en het riep zowel positieve als negatieve herinneringen bij haar op. 'Bilbo Ballings.' Ze staarde hem ondoorgrondelijk aan en de oude Bilbo slikte moeizaam. 'Je ziet er vreselijk uit,' besloot ze kort.
Bilbo knipperde even verbaasd met zijn ogen, maar begon toen langzaam te lachen. 'Zo zou je het misschien wel kunnen stellen, ja.' Hij zakte neer op de grond en wierp een blik op de rivier. De weerspiegeling van zijn elftigeneen-jarige zelf staarde weemoedig terug. De tijden dat hij met Andúnë Midden-Aarde rondtrok, dat waren nog eens tijden! Hij was jong, had een heel leven voor zich, was op avontuur en...
Dat was allemaal voorbij nu. Dat had hij achter zich gelaten samen met... het.
Hij merkte dat hij aan de rode kaft van zijn boek zat te pulken. Andúnë stond soepel op en liep op hem af. Hij kon niet anders dan opmerken dat haar manier van wandelen veranderd was. Vroeger walste ze over de aarde als een losgeslagen stier. Nu trippelde ze geruisloos over het gras, met de ingehouden lenigheid van een roofdier dat zijn prooi uitkoos.
'Wat heb je daar?'
Ze vouwde haar benen onder zich en kantelde haar hoofd schuin als een vogel. Het duurde even voordat Bilbo door had dat ze over zijn boek sprak. 'Oh... eh... dat.'
Ze maakte een instemmend geluidje en nam het uit zijn handen. 'De reis', stelde ze vast, en ze sloeg het boek met een klap dicht wanneer ze de laatste regels die hij die ochtend nog heeft neergeschreven gelezen had.
Hij keek haar aan en aarzelde. 'Ik dacht dat het een goed idee zou zijn alles op te schrijven. Wat een avontuur was het toch, niet?'
Ze maakte een instemmend geluid, hoewel haar blik lang bleef hangen bij zijn broekzak. 'Ik wil niet dat ik er in vermeld wordt.'

Reacties (6)

  • Schack

    Om de een of andere reden moet ik echt aan mezelf denken als ik lees hoe Kali doet in dit hoofdstukje.
    Mijn hemel, je schrijft zo asdfghjkl. Dat wist je natuurlijk al, maar je hebt er vast geen problemen mee als ik het blijf herhalen.

    4 jaar geleden
  • Avalos

    Leuk dat ze Bilbo weer eens ziet:)
    Wel jammer dat ze een mythe wil blijven...

    5 jaar geleden
  • DeroGoi

    geweldig dat ze bilbo nog eens ziet, alleen minder geweldig dat ze zo raar doet tegen hem:OTja hij is wel elftig jaar oud he Aya, niet vergeten dat ie een oude man is nu:DSnel verder!!! x

    5 jaar geleden
  • Glorfindel

    bilbo!!!
    daarmee dat ze niet in het boek staat:P:P

    5 jaar geleden
  • Vega

    Waarom wil je er niet in vermeldt worden en sins wanneer loopt zij stil!?

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen