Chapter 42

Door: maybo
Onderdeel van: Living the dream - George Weasley 16+
Laatst bijgewerkt: 2 jaar geleden
Geactiveerd op: 2 jaar geleden

Foto bij Chapter 42

breed | medium | small

‘Mam, ik red me wel.’ Ik stop de laatste spullen in mijn hutkoffer en maak hem dan dicht. Ik sta op het punt om met Remus Lupos naar een soort geheime basis te gaan voor een verzet tegen ‘jeweetwel’. De laatste paar weken is er niet echt wat van hem vernomen, maar meteen na zijn terugkeer heeft Perkamentus allemaal maatregels getroffen. ‘Je kan ook hier blijven.’ Ik schud mijn hoofd. ‘Als ik hier blijf is het een kwestie van tijd tot de weerwolven mij komen halen.’ Remus klopt mijn moeder op de schouder. ‘Ik zorg wel voor haar.’ ‘Beter van wel.’ Ze glimlacht met tranen in haar ogen. ‘Nu gaan mijn kinderen ineens zo snel.’ Olivier heeft een contract getekend bij een Zwerkbalclub. Papa is met hem mee om te verhuizen. ‘Mama.’ Ik geef haar een stevige knuffel. ‘Ik zal brieven schrijven.’ Ze knikt. Remus spreekt een bezwering uit over mijn koffer, zodat hij zweeft en we gaan naar beneden. Remus steekt zijn arm uit. ‘Klaar?’ Ik pak zijn arm vast en met mijn andere hand mijn hutkoffer en bezemsteel. ‘Zorg goed voor Wicky.’ Mijn moeder knikt. ‘Dag mam, ik houd van je.’ ‘Ik ook van-’ Een luide knal en we zijn weg.
Ik voel de druk tegen mijn borstkas, maar voor ik het goed besef is het al weer weg. Ik kijk op. We staan in een straat met rijtjeshuizen. Achter ons is een park. ‘Zijn we er?’ Remus knikt en pakt een brief tevoorschijn. ‘Vertel dit adres aan absoluut niemand.’ Ik knik en neem het papiertje aan. Grimboutplein 12 Wanneer ik naar de huizen kijk, komt er ineens nog een huis tevoorschijn. ‘Wauw.’ Mompel ik. We lopen naar de voordeur en Remus belt aan. Er klinkt een bonk en dan ineens een krijsende vrouw. De deur vliegt open. ‘Hoevaak moet ik nog zeggen dat je niet aan moet bellen!’ Schreeuwt Molly over het gekrijs heen. ‘Kom naar binnen, vlug.’ We gaan naar binnen en de deur gaat weer dicht. ‘Nola, wat fijn dat je er bent, heb je een goede reis gehad?’ ‘Jullie inbrekers van mijn familiehuis!’ Er rennen een paar mensen de gang in richting een groot schilderij waar een oude gillende vrouw in zit. ‘Uhm, ja hoor, ging wel.’ ‘Moddebloedjes, bloedverraders!’ De mensen beginnen aan de gordijnen te trekken om het schilderij. ‘Als het goed is zijn Fred en George-’ ‘Mogen jullie rotten in-’ ‘Ach houd je klep dicht!’ Schreeuwt een donkere man. Ze geven nog een ruk aan het gordijn en het vliegt dicht, waardoor het schilderij verdwijnt samen met het geluid. ‘Hèhè.’ Zucht Molly opgelucht. ‘Nou liefje, als het goed is zijn Fred en George-‘ Knal! De tweeling verschijnt ineens achter Molly. ‘Niet verschijnselen in huis!’ Molly schreeuwt gefrustreerd en ze loopt weg gevolgd door Remus die de jongens nog even vriendelijk begroet. ‘Nola’ Fred geeft mijn een stevige knuffel en een kus op mijn wang. ‘Hoe was je zomer voor zover?’ Ik knik. ‘Rustig.’ George legt een hand op mijn rug en geeft mij een lange kus. ‘Kom mee naar onze slaapkamer.’ Ik hoor weer een knal en dan sta ik ineens in een stoffige slaapkamer. Er staat een groot tweepersoonsbed en er ligt wat rommel verspreid over de grond. ‘Geen zorgen, ik slaap de komende nachten bij Ronnieponnie op de kamer.’ Fred knipoogt. ‘Waar zijn we eigenlijk precies?’ Ik zet mijn koffer neer. ‘Het huis van Sirius Zwarts.’ ‘Ja, het zit vol met vloeken en irritante wezens, maar daar werken we aan. Nou, ik ga maar eens op zoek naar Ginny ofzo.’ Fred buigt en verdwijnseld weer. Ik ga op het bed zitten. George neemt naast mij plaats. ‘Gaat het echt goed?’ Ik knik. ‘Ik heb niets om over te klagen.’ Hij lacht even. ‘Ik wed dat jij nog niets te klagen hebt als je twee benen mist en je neus ondersteboven zit.’ Ik grijns. ‘Precies.’ George buigt zich naar mij toe en drukt zijn lippen kort op die van mij. ‘Ik merk dat jullie genieten van het verschijnselen?’ George trekt mij mee naar achter het bed op, zodat we kunnen liggen. Ik leg mijn hoofd op zijn schouder. ‘Fred en ik wel, de rest iets minder.’ Ik trek mezelf iets omhoog en druk mijn lippen in zijn nek. ‘We hebben niet zo lang tot het eten.’ Hij buigt zich over mij heen. ‘Het eten is klaar!’ Ik grijns. ‘Tot zo ver ons romantische moment.’ Ik duw hem van mij af en open de slaapkamer deur. ‘Kom op, je gaat toch niet lopen.’ Ik hoor George overeind komen. ‘Nee, nee, nee!’ George slaat een arm om mijn middel en tilt mij van de grond. De zoveelste knal vandaag en we staan in een eetkamer. ‘Damn you, George!’ Ik draai me om en bots tegen Ginny. ‘Hé Ginny!’ Ik geef haar een knuffel. ‘Nola!’ Hermelien komt de keuken in gevolgd door Ron. ‘Hi girl!’ ‘Oke, aan tafel.’ Ik ga tussen de tweeling in zitten.
‘Remus?’ Hij kijkt op. ‘Ik wilde het hebben over de volle maan en waar ik…’ Er klinkt getik op het raam en we kijken om. Er zit een bruine uil bij het raam. Fred staat op en opent de raam om de brief te pakken. De uil krast nog een keer en vliegt dan weg. ‘Er staat Aan het jagertje.’ Ik kijk Fred geschrokken aan en sta op. Ik weet van wie die komt. ‘Die is voor mij!’ George staat nu ook op. ‘Jagertje, is dat een koosnaam? Van wie is die brief?’ ‘Dat wil je niet weten.’ Ik wil de brief pakken, maar Fred buigt iets naar achter. ‘Fred!’ De hele tafel kijkt nu naar ons. ‘Geheime aanbidder?’ ‘Geheime affaire?’ Vult George aan en hij pakt de brief uit Freds handen. Ik kijk ze verontwaardigt aan. ‘Natuurlijk niet!’ ‘Fred, George, geef Nola haar brief!’ Bemoeit Molly zich er nu ook mee. ‘Niet tot je zegt van wie de brief is.’ Ik kijk van Fred naar Remus naar Bill naar George. ‘Tarik… Vaal…haar?’ Mijn stem klinkt onzeker. ‘Vaalhaar? Zei je net Vaalhaar? Als in Fenrir Vaalhaar?’ Ik geef geen antwoord. ‘Je hebt contact met een Vaalhaar?’ ‘Hij is anders, echt!’ ‘Dat zei je ook over Irat- is dit zijn broer?!’ Roept George verontwaardigd. ‘Nee!’ ‘Fred, George misschien moeten jullie Nola zelf deze keuze laten maken.’ ‘Niet als het haar dood kan worden.’ Het feit dat George dit zo beheerst zei, verward mij. Ik voel woede, verdriet en medelijden tegelijkertijd. ‘Het is… je… Damn it, George!’ Ik been boos de kamer uit. ‘Nola!’ George loopt achter mij aan. Ik draai me boos om. ‘Wat? Wat wil jou nou? Wat is je punt?!’ Er klinkt een zwiepend geluid en de gordijnen van het schilderij van mevrouw Zwarts vliegen open. ‘Jullie modderbloedjes,’ ‘Oh my god.’ Ik begin aan de gordijnen te trekken en al snel staat George naast mij te trekken aan de andere kant. ‘Was het nodig om haar weer wakker te maken?’ Roept hij over het gekrijs heen. ‘Nu is het mijn schuld?! Jij was degene die de moeilijk deed over een brief waarvan je niet eens weet wat er in staat.’ Ik geef nog een ruk en het gordijn klapt dicht. Ik val tegen George aan die mij moeiteloos opvangt. We hijgen uit van het trekken en schreeuwen. ‘Alsjeblieft ik wil geen ruzie.’ Smeekt George. Hij drukt de brief in mijn handen. Ik maak de brief open en laat George meelezen.


“Jagertje,
De pack is nog rustig. Een week geleden is er weer een alpha overleden. Ze was pas vijftien en twee weken in de pack, maar ze was een menselijke weerwolf. Irates probeert de pack aan te sporen om jou te gaan zoeken, maar alfa Aron, mijn achter oom wil nog wachten. Ik vermoed dat dit is, omdat hij beta wordt in plaats van alfa als ze de goede weerwolf vinden.
Ik zal iedere maand kijken of je ouders oké zijn.
Ik kan je niet leren over brieven, kom naar dezelfde plaats als vorige zomer, een week voor de volle maan.
Geen zorgen, de pack is nu in het.
Rieck”

Kudo Door naar het volgende hoofdstuk

Reacties

  1. AquaEructo
    AquaEructo 2 jaar geleden

    Ahhh je schrijft zo goed! Ga alsjeblieft snel verder!<3

Details

0

12+

1342

235 (0)

Share