“Hhhhh, hhhh…”, klonk het gehijg van Bart. Hij hoorde takken kraken onder zijn voeten en voelde takken in zijn gezicht zwiepen. Nog steeds hoorde hij het hoefgetrappel. Hij wist niet wie het waren, maar had ook geen zin om daarachter te komen. Waarschijnlijk huurlingen of soldaten die op zoek waren naar hem. Hij bleef doordraven in een gelijkmatig tempo en struikelde meerdere keren door een uitstekende wortel of een oneffenheid in de bodem. Toen hij zijn enkel weer eens bijna verzwikte, vloekte hij hardgrondig. Hij hoorde enkele meters naar links een iets bewegen door de struiken en gooide zich bliksemsnel op de grond. “Stom bos met je stomme putten en vieze beesten.”, hoorde hij een stem mopperen. Wees toch stil, dacht hij in zichzelf. Maar ze bleef luidruchtig doorlopen en mopperen. Hij hoorde het hoefgetrappel dichter en dichter komen. Het meisje had nog steeds niks door. Zou hij haar laten lopen zodat de ruiters haar achterna gingen? Even overwoog hij het plan maar toen ze een meter van waar hij op de grond lag langsliep mompelde hij:”Ah, verdomme.”, en hij sprong zo snel als hij kon recht. Voor ze de tijd had om te schreeuwen had hij haar arm al in een houdgreep en hield zijn andere reusachtige hand voor haar mond.

Melissa liep mopperend door het bos toen ze plots een jongen uit de struiken zag springen. Ze wilde schreeuwen maar hij had haar al vast. Bach, hij legde zijn vieze hand op haar mond. Ze wilde in zijn vingers bijten toen hij plots fluisterde:”Hou je stil, er zijn Honden in het bos (zo werden de bezetters genoemd). Als je me belooft stil te blijven zitten, haal ik mijn hand weg.” Ze knikte heftig en hij liet haar los. Bart wilde nog wat zeggen toen hij plots een vuist en zijn maag kreeg. Hij hapte naar adem. Melissa was nog niet klaar maar toen hoorde ze plots de paardenhoeven en door het struikgeewas waren enkele soldaten te paard te zien. Plots kreeg ze een angstige blik in haar ogen toen ze weer moest denken aan hoe de huurlingen haar familie hadden aangepakt. Ze kroop dicht tegen de verontwaardigde Bart aan. Deze had niet verbaasder kunnen zijn als er plots een vliegend everzwijn was langsgevlogen. Hij krabde even in zijn haar en haalde zijn schouders op. Een dag vol verrassingen. Toen dacht hij weer aan zijn vriend en hij rilde. In stilte wachtten ze tot de ruiters verdwenen waren. “Wat had jij opeens?” Melissa schudde even haar hoofd en keek hem boos aan. “Volgens mij is het heel normaal dat ik een vreemdeling die me van achteren bespringt in zijn maag sla.” “Ja oké, daar kan ik nog inkomen, maar daarna.” “Dat gaat jou niks aan.” Ze stond op en keek hem hooghartig aan. Daarna draaide ze zich om en wandelde zomaar weg. Bart bleef verbijsterd zitten. Gekke vrouwen, dacht hij. Hij liep achter haar aan en greep haar bij haar arm. “Hè…” Verder kwam hij niet, want plots voelde hij koud staal in zijn nek. “Achteruit grote jongen.”, klonk een koele stem achter hem. Langzaam liet hij Melissa los en zette een stap van haar weg. “Ik had hem zelf wel aangekund hoor!” “Ja, dat kennen we. Hoe haalde je het trouwens in je hoofd weer alleen op pad te gaan na de vorige keer? Laat ook maar, neem je even over?” Boos stampte Melissa op hem af en nam het mes over dat Max tegen Bart’s nek hield. Max ging voor Bart staan. “Zo, en wie hebben we hier als ik vragen mag?” Bart was verbaasd dat het jongetje zo klein was. Maar hij zag meteen dat het iemand met ervaring was als het om vechten en overleven ging. Alleen al de manier waarop hij de gespannen boog vasthield vertelde Bart dat deze jongen in een fractie van een seconde een pijl zou kunnen nemen, aanleggen, mikken en schieten. En de pijl zou precies daar terechtkomen waar hij het wilde. “Zou je misschien eerst dat mes kunnen wegdoen? Dat praat makkelijker.” “Zo, dus je bent een grappenmaker. Spijtig voor jou maar ik zie de humor van de situatie niet in.” Ze keken elkaar even aan. “De naam is Bart.” Wel Bart, namen zullen me worst wezen, ik wil weten wie je bent, niet hoe je heet.” Als deze jongen hem niet net een mes op zijn nek had gezet zou Bart hem nog beginnen mogen. “Ik zit in het verzet.” “Wel meneer de verzetsstrijder, waarom ga je dan gezellig nootjes rapen in het bos in plaats van je te verzetten?” “Ik dacht dat ik wel eens een verzetje verdiende…” Melissa moest lachen maar Max keek haar boos aan. “Dan neem ik je maar gezellig mee, eens kijken of je nog praatjes hebt als je vastgebonden tegen een boom aan zit. Probeer je maar niet te verzetten…” Bart en melissa moesten grinniken. “Ik bedoel, ah laat ook maar.” Boos stampte Max door het bos. Bart keek Melissa aan met een blik die wilde zeggen: Wat heeft hij opeens. Melissa haalde haar schouders op en duwde Bart voor zich uit, met het mes nog steeds tegen zijn nek geduwd.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen