Chapter 47

Door: maybo
Onderdeel van: Living the dream - George Weasley 16+
Laatst bijgewerkt: 2 jaar geleden
Geactiveerd op: 2 jaar geleden

Foto bij Chapter 47

breed | medium | small

George POV
‘Rustig maar, Noot. Ik ben hier.’ Ik dep Nola’s hoofd met een koud doekje, in een poging haar korts te verlagen. Siinds de zon onder is gegaan gaat het slechter en het is al na middernacht. ‘Je bent al over de helft van de nacht.’ Haar ademhaling versnelt wanneer haar botten weer breken. Haar lichaam probeert te transformeren door de volle maan, maar het gif houdt het tegen. Ik hoop dat ze niet daadwerkelijk alle pijn voelt, want ze is nog niet wakker geworden. ‘George.’ Ze opent haar ogen. ‘Hey nootje.’ Ik aai met mijn duim over haar neusrug. Ze begint te huilen. ‘Laat het stoppen.’ Ze pakt mijn hand. Luide snikken verlaten haar mond. ‘Laat het stoppen. Het doet pijn. Het doet zo veel pijn.’ Haar stem klinkt wanhopig. Ik probeer te glimlachen, maar ik kom niet verder dan trillende mondhoeken. ‘Geen zorgen, we…’ Mijn woorden sterven weg wanneer ze haar bewustzijn verliest. Ze ligt slap op het bed en ze zou net zo goed dood kunnen zijn. Ik leg mijn vingers in haar nek en zucht opgelucht wanneer ik haar hartslag voel. ‘Hey Weasley.’ Ik kijk om en zie mijn oude teamcaptain naar het bed toe lopen. ‘Hi Olivier.’ Hij gaat aan de andere kant van het bed zitten en kijkt naar Nola. Zijn zoekt snel die van Nola op. ‘Ze is mooi, vind je ook niet?’ Ik knik. ‘Beeldschoon… en dat zal ze altijd blijven.’ Hij knikt en drukt een kus op Nola’s hand. ‘Beloof dat je nooit op zal geven.’ Hij kijkt niet op en ik zie een blik in zijn ogen die ik ken van Nola. De eeuwige hoop. ‘Beloof dat je mijn zusje nooit zal opgeven.’ Hij scheurt zijn blik met moeite los om mij doordringend aan te kijken. ‘Ik zweer dat ik voor haar zal blijven vechten.’ Hij lacht zacht. ‘Je klinkt als een ridder.’ ‘Alles voor mijn koningin.’ ‘Niet te ver gaan, hè.’ Hij probeert geamuseerd te klinken, maar ik hoor dankbaarheid in zijn stem.

Ik open mijn ogen vermoeid wanneer ik getik hoor. Voor het raam zit een uil. Een helemaal witte sneeuwuil. Ik duw Olivier zacht tegen zijn schouder. ‘Hey verwacht jij post?’ Hij volgt mijn blik die steeds ongeduldiger tegen het raam begint te tikken. ‘Nee. Misschien is het voor Madame Pleister.’ Ik laat de uil binnen die meteen boos in mijn vinger pikt. ‘Auw, rustig!’ Ik pak de brief en de uil vertrekt krassend. Ik kijk of er een afzender op staat. Niets. Dan maak ik de envelop open. ‘Wat doe je? We weten helemaal niet voor wie hij is.’ Ik haal mijn schouders op. ‘En als hij dicht blijft, zullen we het ook nooit weten. Olivier lijkt er over na te denken, maar ik wacht niet op zijn antwoord en vouw de brief open. Ik lees snel de regels door. ‘Hij is voor Nola, van een van haar weerwolfvrienden’ ‘Wat zegt de brief?’ ‘Jager, de pack trekt door naar de Taiga. We zitten nu in Noord-Rusland. Het zal langer duren voor de brieven aankomen.’ Olivier fronst. ‘Is dat alles.’ Ik knik en gooi de brief op het nachtkastje. ‘Goedemorgen.’ Hermelien komt haastig de ziekenzaal in gevolgd door Angelique. ‘Hebben jullie geen les?’ Ze knikken. ‘Maar we komen ontbijt brengen.’ Ze gooien een sandwich en een flesje pompoensap in onze schoot. ‘Hey Angelique, hoe gaat het teamcaptainschap je af?’ Olivier kijkt haar geïnteresseerd aan. ‘Chaotisch. We zijn onze beste Keeper kwijt en een van onze beste jagers, omdat ze vergiftigd is en de rest van het team maakt zich zorgen om haar, dus dat wordt niets.’ Ze pakt een krukje en schuift aan. ‘Hoe is de afgelopen nacht gegaan?’ Ik teken met mijn duim figuurtjes op Nola’s hand. ‘Vreselijk. Ze had zo veel pijn dat ze er wakker van werd.’ ‘Ze werd wakker?!’ Iedereen kijkt mij verwachtingsvol aan. Ik knik treurig. ‘Maar ze was binnen een halve minuut weer buiten bewust zijn en het enige wat ze deed was mij smeken om de pijn te laten stoppen.’ Hermelien kijkt naar de brief op het nachtkastje van Nola. ‘Wat is dit?’ ‘Een brief van Tarik, waarschijnlijk. Je weet wel, een van haar weerwolfvrienden.’ Er valt een stilte waarin we kijken hoe Hermelien de brief leest. Haar gezicht wordt steeds enthousiaster. ‘Dat is geweldig.’ ‘Dat zijn pack verder weg is?’ Ze schudt haar hoofd. ‘Eigenlijk is dat juist het slechte deel, maar het is een grote pack, toch?’ Ik knik. ‘En een oude pack?’ ‘Ja Hermelien, maak je punt.’ Ze zucht en rolt met haar ogen. ‘Hoe groot is de kans dat in een oude, grote weerwolfpack iemand ooit vergiftigd is met Lethuria Vulpina?’ Mijn ogen worden groot wanneer ik door heb wat ze duidelijk probeert te maken. ‘Groot- Hermelien, je bent geniaal!’ Ik pak haar hoofd tussen mijn beide handen en druk een kus op haar wang. ‘Niet te vroeg juichen. Laten we Tarik een brief sturen.’

‘Zou hij de brief wel ontvangen hebben?’ Er is bijna een maand voorbij gegaan en we hebben nog niets gehoord. ‘Ja, vast wel. Het is gewoon de afstand. Het duurt gewoon wat langer.’ Mompelt Alicia. Misschien is de Verweer Tegen de Zwarte Kunsten les niet de juiste plaats om dit te bespreken gezien Omber, maar we beginnen nu toch wel ongerust te worden. ‘Over drie dagen is het weer volle maan en ik weet niet of ze er nog een overleeft.’ ‘Ik ga vanmiddag weer naar Nola toe.’ Alicia schudt haar hoofd. ‘Dat kan niet. We gaan naar zweinsveld. Hermelien wil iets tegen Omber doen ofzo.’ Omber kijkt onze kant op en ik werk snel verder.

‘Kom op, straks zijn we te laat!’ Angelique en Alicia trekken Fred, Leo en mij mee, weg van Zonko’s fopmagazijn. ‘Rustig, we zijn op tijd. We glijden door de gladde, besneeuwde straten van Zweinsveld en al snel zie ik de bestemming. De zweinskop. ‘Jeetje, wat is het koud.’ We openen snel de deur en zien dat er al een hoop mensen zijn. ‘Ik ga drinken bestellen.’ Fred wurmt zich tussen de mensen door en bereikt de barman die erg verbaasd lijkt over de hoeveelheid klanten die hij ineens heeft. ‘Mag ik…’ Fred telt snel de hoofden. ‘Vijfentwintig boterbier, alstublieft?’ De barman kijkt hem een moment aan, gooit dan geïrriteerd de vuile doek neer en haalt boterbierflesjes tevoorschijn. Ik help Fred alles uit te delen. ‘Cheers.’ Ik zet de rest op de tafel. ‘Zakken legen iedereen, ik heb niet genoeg om voor jullie allemaal te betalen.’ Iedereen begint de zakken leeg te halen op zoek naar wat Galioenen. Wanneer iedereen zit, wordt het stil.

Kudo Door naar het volgende hoofdstuk

Reacties

  1. molentje1313
    molentje1313 2 jaar geleden

    Ze mag niet doodgaan

Details

0

12+

1100

209 (1)

Share