Foto bij ~ Fourteen ~

Louise Marx POV


~ and we are full of stories to be told ~

”Wat heb ik hier mee te maken?”
Harry negeert mijn vraag en gaat verder.
“Ik heb enkele dingen geleerd over de dood. De wereld is verdeeld in drie rijken. Er is leven; waar jij nu bent; er is het hiernamaals, en er is de plek waar ik nu ben.”
Alles wat ik weet over de dood vervliegt in de dunne avondlucht.
“De dood heeft twee rijken. Iedereen wil naar het hiernamaals, waar vrede is, de meeste mensen gaan daar ook naartoe. Maar er is ook een tussenwereld en dat is waar ik nu ben. Ik ben dood, maar ik wandel nog rond op aarde. Er is een fijne lijn die het hiernamaals van de tussenwereld scheidt en daar sta ik op.” Hij haalt diep adem en gaat weer verder. “Degene die vast zitten in de tussenwereld zitten daar vast omdat ze nog onafgemaakte zaken hebben.” Ik begin eindelijk te snappen wat hij allemaal zegt.
“En de jouwe is?”
“Mijn moordenaar vinden.” Met mijn hand ga ik even door mijn haar en neem daarna het hangertje vast. Ik heb zo het idee dat ik weet wat hij wil vragen. Het is zo raar, ieder klein detail van dit hele gebeuren.
“Eenmaal dat ik weet wie het gedaan heeft en waarom hij of zij het gedaan heeft kan ik oversteken naar het hiernamaals en in vrede verder ‘leven’.” zegt Harry.

“Wat ik heb ik hier mee te maken?” vraag ik nogmaals. Een geheimzinnig lachje komt op zijn lippen, de kuiltjes in zijn wangen komen tevoorschijn.
“Jij gaat mij helpen.”
“Jou helpen? Wat kan ik doen om jou te helpen?” vraag ik met opgetrokken wenkbrauwen. Harry gaat terug zitten op se schommel.
“Meer dan je denkt.” Ik kruis mijn armen over mij borst.
“Is de politie niet bezig met je moordzaak? Ik bedoel, het is nog maar een half jaar geleden, is het onderzoek niet nog bezig?”
Zijn kaakspieren spannen zich aan.
“Ze hebben die zaak een maand na de moord al gesloten.”
“Wat? Waarom?”
“Er is iets mis met het gerechtelijk systeem in deze stad. Ik had het meteen al door,” zegt hij. “De meesten zijn corrupt. Maar natuurlijk niet allemaal” Nadat hij dat gezegd heeft heerst even een stilte.
“Kunnen buiten mij andere mensen jou ook zien?” vraag ik voorzichtig. Hij knikt.
“Ja, iedereen kan mij zien en mij voelen, maar ik kan niet voelen. Fysisch toch niet. Mijn lichaam werkt niet meer, alleen mijn hoofd werkt nog.” Ik knik begrijpend. Daardoor kan hij uit het raam springen zonder probleem, hij voelt de fysische pijn niet.
“Het zou trouwens niet goed zijn als iemand me zou zien. Mijn familie was bekend genoeg dat veel mensen me zouden herkennen.” zegt hij met een serieuze blik. Ik slik en probeer alles in me op te nemen.
Een klein briesje trekt door de open plek en ik ril een beetje. Ik sla mijn armen om mezelf heen. Harry merkt het op.
“Je zou beter naar huis gaan voordat je ouders merken dat je weg bent.”
“Maar wacht, ik heb nog zoveel vragen.” Een kleine glimlach komt tevoorschijn en hij staat op van de schommel.
“We praten later wel weer.”
Ik sta ook op.
“Waar uh, verblijf je?” Het zou vreemd zijn als ik hem vraag waar hij woont.
“Waar ik verblijf?” Hij krabt even in zijn nek. “Ik verblijf niet echt ergens. Ik slaap en eet niet, ik observeer alleen maar, denk ik.”
“Observeer?”
“De wereld observeren. Het is anders om naar de wereld te kijken als je dood bent dan als je nog in leven bent.”
“Dat kan ik mij voorstellen.” Ik voel zijn ijzingwekkende koude van waar ik sta. Het voelt bijna alsof de dood in hem, zijn ijzige vingers naar me uitsteekt, grijpend en klauwend naar mijn huid. Ik besef dat ik slechts een kleine tijd geleden heel graag dood wou.

Weet je het niet meer, Louise? Je was er zo dicht bij. Die stem weer...

Ik zet een stap terug.
“Misschien moet ik maar naar huis gaan.” Harry knikt.
“Als ik je morgen zie, wil je dan nog wat meer over jezelf vertellen?” vraag ik een beetje verlegen. Met zijn hoofd wat schuin antwoord hij: “Meer over mij?” Ik knik.
“Als ik je ga helpen met die koudbloedige moordenaar van je te vinden, moet ik toch meer te weten komen over wie je was.”

“Je hebt gelijk.” Ik knik en haal even diep adem.
“Wel, dan ga ik maar.” Een glimlach vormt zich op zijn gezicht.
“Voorzichtig als je het klimrek terug opklimt.”
Hij knipoogt als ik me nog eens omdraai. Zijn handen achter zijn rug, lichtroze lippen die nog steeds gebogen zijn tot een glimlach. Ik kijk weer voor me en loop het padje terug naar huis.

Hello,

Laat me gerust weten wat je van het stukje vindt, feedback en ideetjes zijn altijd welkom!

X

Reacties (2)

  • pcy

    oh god, ben lang niet online geweest
    ik logde in na een hele lange tijd en zag dat je al wat heel wat heb gepost dus ik ging gelijk lezen natuurlijk

    hehehe
    snel verdeeeeer(A)

    5 jaar geleden
  • NicoleStyles

    Omg dit verhaal is zooo leuk!!
    Heb net alles tot dit hoofdstuk in één ruk gelezen(Y)
    Ik ben zeker benieuwd naar de trailer(flower)

    Snel verder en succes met je Examens!
    Xxx
    p.s Abo erbij(doeg)

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen