Foto bij 011 - Fíli

Nadat hij zijn broertje had thuisgebracht, keerde Fíli terug naar het bos. Hij was echter al niet meer nodig toen hij daar aankwam. Dwalin had er al voor gezorgd dat er genoeg gevangen was.
"Volgende keer ga je alleen mee," verzekerde Thorin Fíli.
Zwijgend reden ze terug. Kili was al niet meer in de grot toen Fili thuiskwam.
''Hebben jullie nog wat gevangen?'' vroeg Dis toen ze hem in de gaten kreeg.
Fili schudde ontkennend met zijn hoofd. ''Dwalin wel. Ik was niet meer nodig.''
Zijn moeder glimlachte lichtjes. ''Volgende keer beter.''
Terwijl hij aan de tafel ging zitten dacht Fili even na. ''Inderdaad,'' zei hij uiteindelijk. ''Volgende keer mag ik alleen mee van oom Thorin,'' voegde hij er trots aan toe. Het zei wel iets dat Kili niet meer mee mocht en hij wel. ''Waar is Kili eigenlijk?''
Dis haalde haar schouders op. ''Daarnet was hij nog hier. Ik heb niet genoeg ogen om jou en je broertje in de gaten te houden.''
''Mij hoef je niet in de gaten te houden,'' zei Fili. Hij ging recht op zijn stoel zitten. ''Ik kan heel goed op mezelf passen.''
''Ja...'' Grinnikend begon Dis de tafel te dekken. ''Als je ook eens zo goed op je broertje zou passen. Ik meen me nog een incident met giftige bessen te herinneren.''
Fili staarde naar zijn bord. ''Dat was niet mijn schuld.''
''Maar het was beter geweest als je het had kunnen voorkomen.''
Fili deed zijn mond open terwijl hij nog een antwoord moest verzinnen. Hij werd echter onderbroeken door de zware voetstappen die achter hem de grot binnenkwamen.
''Dís!''
Zo snel als hij kon draaide Fili zich om. Thorin stond al halverwege de grot. Hij wierp een korte blik op Fili alsof dit eigenlijk niet voor zijn oren bestemd zijn.
Blijkbaar was het toch te belangrijk om ermee te wachten tot hij opgestaan was.
''Pak je spullen. We vertrekken vanavond.''
''Vanavond?'' Dis zette de overige borden achter haar op tafel en keek haar broer fronsend aan. ''Waarom? We reizen nooit 's nachts.''
''Nu wel,'' was het enige wat Thorin meldde. Hij knikte over zijn schouder en Dis liep met hem mee naar buiten.
''Fili, dek jij de tafel even?'' riep ze achterom.
Thorin schudde zijn hoofd. ''Pak de borden maar in.''
Fili pakte zijn eigen bord vast, maar deed geen van beiden. Zodra zijn moeder en oom de grot uit waren sprong hij op en liep achter hen aan.
Een paar meter bij de ingang vandaan zag hij hen staan. Hij dook achter een paar rotsen langs zodat hij hen kon naderen zonder dat ze het zagen.
''Ja,'' ving hij op. Thorin bevestigde iets wat ervoor gezegd was. ''Ze zijn al in de verte gezien, maar ze wachten tot het nacht is. We hebben hier geen goede schuilplaats.''
''Is door de nacht reizen dan niet gevaarlijk?'' vroeg Dis.
Thorin zuchtte. ''Iets minder dan hier blijven, als we vroeg kunnen vertrekken. En ik weiger in mijn slaap vermoord te worden.'' Zijn stem klonk geërgerd toen hij verder ging. ''Ik heb het nooit een goed idee gevonden om naar die elfen te gaan. Er is al jaren en jaren geen bondgenootschap geweest. Als Thranduil dat wil had hij naar ons moeten komen. Ik vraag me af waarom ik dit doe.''
Fili keek boven de steen uit en zag dat Dis een hand op Thorins arm legde. ''Je wilt het beste voor ons allemaal.''
Thorin schudde zijn hoofd. ''Ja dat wil ik wel. Maar elfen zijn dat zeker niet. Ik had niet moeten luisteren naar Balin en naar die tovenaar. We zijn geen elfenvrienden en ik zal dat ook nooit van mijn leven worden. Nooit. Hij wil dat we als bedelaars naar hem toe komen, alleen omdat zijn zalen groter zijn en zijn rijk imposanter.''
Dís keek om zich heen. Haar blik trof die van Fíli.
''Fíli!''
Schuldbewust kwam Fíli overeind en liep op hen af.
Thorin keek verbaasd om. ''Zijn de borden al ingepakt?'' vroeg hij sarcastisch.
Fili schudde zijn hoofd.
''Wat doe je hier dan?''
''Ik... Ik vroeg me af wat er aan de hand was.''
Thorin en Dis keken elkaar kort aan. Dis knikte.
''Dat kan je volgende keer vragen,'' zei Thorin kortaf. ''Als je afluistert zal je nooit iemand kunnen adviseren.''
''Fíli, ga je broer zoeken,'' gebood zijn moeder hem. ''Het heeft haast, we vertrekken zo snel mogelijk. Voor het donker is moet hij terug zijn.''
Fíli knikte en liep snel weg. Hij had geen idee waar Kili was, maar desnoods zou hij de omgeving honderd keer doorlopen om hem te vinden. De gedachte dat Kili misschien ergens in het bos was, deed een rilling over zijn rug lopen. Hij twijfelde er niet over of hij het goed begrepen had. Er waren vijanden in de buurt. En te veel om ertegen te vechten.

Reacties (2)

  • S_Mikaelson

    spabebebbnenendn

    4 jaar geleden
  • EvilDaughter

    oeoeoeoeoe waar hangt Kili uit
    spannend vlug verder

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen