Foto bij Azra • 007

Azra had zich nog nooit zo snel naar haar eigen woning begeven als toen. Ze rukte de deur van haar slaapkamer open en griste een tas tevoorschijn, waar ze alles in propte wat ze nodig achtte.
Daarna haastte ze zich naar buiten, op zoek naar Vigdís, die gelukkig na een aantal keer roepen, krassend aan kwam vliegen.
‘Schiet op,’ riep ze naar hem, terwijl ze naar het plein rende, waar ze wachtte op haar moeder.
Vigdís nam plaats op haar schouder en Ehriänae kwam al gauw aanlopen met Mithrandir, die haar op haar hielen volgde.
‘Jij blijft bij mij in de buurt,’ droeg Ehriänae haar op, waarna ze de brug opstapten.
Azra blikte even achterom. Ze zou Imladris achter zich laten en ze had geen idee voor hoelang. Onbewust vroeg ze zich af of ze haar vertrouwde woonstede zou gaan missen.
‘Deze kant op,’ sprak Mithrandir, waarna ze een bergpaadje volgden, waar de ondergrond zo ongelijk was, dat ze bij elke stap het gevoel had door haar enkel te gaan.

Het duurde niet lang voordat het drietal stopte, omdat de zon langzaam onderging. Mithrandir en Ehriänae kozen samen een plek uit waar het hen het beste leek om een kamp op te zetten. Azra had toestemming om wat stukken hout te verzamelen, zo lang ze maar in het zicht van haar moeder bleef. Al rollend met haar ogen ging ze op zoek naar wat brandhout.
Vigdís vloog enthousiast met haar mee en was sneller voorzien van voedsel dan Azra was voorzien van wat hout. Na een tijdje had ze dan eindelijk een paar stukken bij elkaar geraapt en liep ze terug naar hun kamp.
'Is dit genoeg?' vroeg ze, waarna ze het opstapelde op de grond.
Ehriänae knikte enkel, waarna Mithrandír zich naast haar verschanste en met een simpele beweging van zijn staf een vuur ontstak. Azra kon het niet helpen dat ze hem even verwonderd aanstaarde. De tovenaar glimlachte even mysterieus, voordat hij weer opstond en het zich verderop gemakkelijk maakte op de grond.
Azra liep naar de eerste de beste boom toe, die voorzien was van enorme bladeren. Ze trok er een aantal vanaf, zodat ze deze als ondergrond kon gebruiken om de nacht op door te brengen.

Zo gingen er twee dagen voorbij, waarin ze eigenlijk niet veel beleefden. Mithrandír wilde zich zo snel mogelijk bij de dwergen voegen. Onbewust vroeg Azra zich af waarom hij er zo'n haast mee had. Alsof er een dreigend gevaar op de loer lag. Even kreeg Azra de kriebels van de manier waarop Mithrandir haar had aangekeken, omdat ze hem meteen had overladen met vragen. Daardoor had ze het maar gelaten om hem verder nog iets te vragen.
'Let hier goed op waar je je voeten neerzet,' haalde Mithrandír haar uit haar gedachten. 'Ik ga voorop.'
Ze hadden nog maar enkele meters over het paadje gelopen, voordat er plotseling luid gedonder klonk en bliksemflitsen door de lucht schoten. Azra dacht dat het niet erger kon, totdat stukken steen hen om de oren vlogen. Met grote ogen staarde ze naar de enorme, bewegende rotsblokken, terwijl ze haar moeder vastgreep. Ehriänae keek haar even bezorgd aan, waarop ze haar meteen weer losliet.
'Steenreuzen!' riep de tovenaar. 'We moeten verder.'
Azra voelde haar hart bonken in haar keel. Ondanks het feit dat ze wel had gehoopt op wat spanning, was dit niet de spanning die ze bedoelde. Doorweekt begaven ze zich verder over het paadje.
Er klonk geschreeuw en ze voelde de grond ineens onder haar voeten wegzakken. Azra kon zich net op tijd vastgrijpen aan de rotswand, maar toen ze weer vooruit keek, waren haar moeder en Mithrandir nergens meer te zien.

Reacties (2)

  • EvilDaughter

    OMG vlug verder please
    This story is amazing!

    6 jaar geleden
  • Rhovaneth

    Leuk stukje! Snel verder?(flower)

    6 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen