Foto bij Azra • 009

Azra kon het niet helpen dat er zenuwen door haar lichaam gonsden. Ze wist echter niet of dit door angst voor het onbekende kwam, of door haar moeder die haar niks wilde vertellen. Alsof ze bang was dat Azra ervandoor zou gaan. Ze stapte het gat in en viel met een harde bonk op de grond. Het was dieper dan gedacht. Zodra ze overeind kwam, kropen de haartjes in haar nek overeind. Er heerste een nare sfeer, die niet alleen zij leek te voelen. Ehriänae wisselde af en toe een blik met de tovenaar, die ervoor zorgde dat er rillingen over Azra’s rug kropen. Ze had haar moeder zelden zenuwachtig gezien.
Vigdís kraste zachtjes en nam plaats op haar schouder, waardoor Azra even bemoedigend over zijn koppie kriebelde.
‘Deze kant op,’ zei ze zacht, waarna ze Azra meetrok.
Ehriänae had de hand van haar dochter nog steeds niet losgelaten, alsof ze bang was dat Azra de weg kwijt zou raken. Ze zou het niet toegeven, maar op dit moment zou ze voor geen goud van haar moeders zijde wijken.
Hoe dieper ze de grond ingingen, hoe benauwder Azra het kreeg. Haar ademhaling klonk zwaar en ze moest moeite doen om haar moeder bij te benen. Ze wilde maar al te graag terug naar boven, om dit vreselijke hol te verlaten.
Ze schrok zich rot toen er plotseling stemmen klonken, gemengd met een vreselijk gekrijs waar Azra spontaan knikkende knieën van kreeg.
Ze had niet door dat haar moeder en Mithrandir stil waren gaan staan, waardoor ze met een bonk tegen Ehriänae aanliep. Deze keek verstoord op, maar Azra negeerde het. Het feit dat ze met elkaar aan het smoezen waren, ontging haar totaal.
De tovenaar hief plots zijn staf op, waar rook uit opwelde, gevolgd door een enorme lichtflits die Azra verblindde voor enkele seconden.
Mithrandir liep een paar passen naar voren en Ehriänae richtte zich tot haar dochter.
‘Pak je zwaard,’ droeg ze haar op.
Ze deed wat haar moeder haar vroeg en draaide haar hoofd naar de tovenaar. Het gekrijs dat na de lichtflits van de tovenaar was weggestorven, kwam weer op als een storm die plotseling kwam opzetten, gepaard gaand met stemmen die ze herkende.

‘Pak je wapens!’ hoorde ze Mithrandir roepen. ‘Vecht!’
Strijdkreten barstten los en voor ze het wist, sleurde haar moeder haar mee. Azra trok een vies gezicht toen ze de monsterachtige wezens zag, maar vooral het enorme exemplaar trok haar aandacht. Ze staarde even gefascineerd naar de kwab vet, of wat het ook was, die zijn kin moest voorstellen.
Vigdís begon woest te krassen en vloog op een wezen af, die hij in de ogen begon te pikken. Het wezen krijste en sloeg om zich heen, maar Vigdís ontweek hem behendig. Azra grijnsde even.
‘Ren!’
Azra’s benen leken spontaan in pudding te veranderen toen ze de enorme diepte zag waar ze boven balanceerden. Echter kon ze hier niet lang over nadenken, want ze ontwaarde Bofur tussen de dwergen. Hij leek te voelen dat ze naar hem keek, want hij ving haar blik en wierp haar een vlugge glimlach toe, waarna hij twee wezens onthoofde.
‘Azra!’ riep hij vervolgens, waarna hij zich bij hen voegde. ‘Wat doen jullie hier?’
Ze wilde antwoorden, maar gekras van haar kameraad leidde haar af.
'Vigdís?' riep ze bezorgd.
Haar ogen schoten wild door de ruimte, maar ze zag hem nergens meer. De dwergenkoning kreeg hen in de gaten en wierp hen een minachtende blik toe, maar besefte vast dat er geen tijd was voor gezeur, gezien het bruggetje begon te kraken en plotseling door zijn voegen zakte.
Azra slaakte een kreet en greep zich vast aan de eerste de beste die ze te pakken kreeg. Met een klap kwam het bruggetje, of wat ervan over was, tot stilstand. Het grote, walgelijke wezen kwam weer tevoorschijn en grijnsde vuil naar hen.
‘Dus jullie dachten te ontsnappen?’ riep hij. ‘Mooi niet.’
Hij wilde op hen afstappen, maar de tovenaar stapte voor hen uit en gaf hem een stoot tegen zijn oog, waardoor hij naar zijn gezicht greep. De lelijkerd gaf Mithrandir een duw, waardoor hij naar achter viel.
‘Is dat alles wat je kunt, tovenaar?’ vroeg hij smalend.
Mithrandir herstelde zich en stapte naar voren, waarna hij uithaalde met zijn zwaard. Het wezen slaakte een kreet, waarna Gandalf weer uithaalde en het ding dood op de grond viel.
Het hout onder haar voeten begon weer te kraken, waarna ze weer het luchtledige in vielen. Enkele seconden later klapten ze weer op de grond en Azra zuchtte opgelucht toen ze vaste grond zag.
Dit was maar voor korte duur, want er klonk een harde klap en pijn verspreidde zich als aanwakkerende vlammen door haar lichaam. Op de achtergrond klonk er vaag gekras, maar ze wist niet of dit uit haar herinneringen voortkwam of uit de realiteit.
‘Is dit een grapje?’ hoorde ze een van de dwergen brommen, nadat de dikke aardmannenkoning bovenop hen viel.

Reacties (2)

  • Rhovaneth

    Super leukxDsnel verder

    6 jaar geleden
  • Nhairel

    Die kwab vet die zijn kin moest voorstellen GENIAAL dat denkt ik dus altijd wanneer ik de Goblin King ziexD

    6 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen