Foto bij Hoofdstuk 19

20 mei 1940
Hij zag beelden.
Het waren niet zomaar beelden. Het waren beelden van het korte stukje oorlog dat hij had meegemaakt. Hij zag voor zich hoe een aantal Duitsers neervielen nadat hij schoten had gelost. Hij voelde zich niet schuldig; in deze wereld gold het principe van de wet van de sterkste, en op dat moment was hij de sterkste geweest…
Tenminste, totdat Frank het nodig vond om door zijn knieën te gaan.
Ignace had er nog aan gedacht om hem te laten liggen. Het was toch de wet van de sterkste. Frank was blijkbaar niet één van die sterksten, en dus had Ignace hem maar moeten laten liggen. Hij had die verschrikkelijke Duitsers gewoon moeten doodschieten en zich niets hoeven bekommeren om die idiote Frank, die hij maar niet uit zijn gedachten kon bannen.
Hij had koel moeten blijven. Hij had moeten blijven schieten. Alles zou goed zijn geweest. Hij was sterk, hij had gehaald kunnen hebben, hij had kunnen winnen, hij had, hij had…
Een ander beeld kwam tevoorschijn. Dit beeld was geen herinnering; Ignace wist dat het geen herinnering kon zijn. Want hij had nog nooit eraan durven denken om met Frank samen in een groot bed te liggen.
Hij wilde dit beeld bannen uit zijn hoofd, maar hij had geen macht hier – waar ‘hier'’ ook was. Hij moest toekijken hoe deze illusie hem de dingen toonde die hij dacht niet te willen. Hierin zag hij hoe hij vlak naast Frank lag in zijn fijne Waalse huis. Hij walgde al om te zien hoe ze samen het bed deelden. Het was ochtend; de zon kwam op, dat zag hij door het raam dat naar het oosten gericht was. Eerst werd Ignace wakker, en daarna Frank.
Hij hoopte dat ze zouden gillen en het niet fijn zouden vinden dat ze daar in zo’n oncomfortabele positie lagen, gezellig langs elkaar. Ignace zag gelukkig niet wat er gebeurde de avond ervoor. Ergens in zijn achterhoofd zei een stemmetje dat hij dit wel zou willen, maar zijn gezond verstand duwde deze gedachte snel weg. Dit was onmogelijk, dit was onnatuurlijk. Ja, dat was het juiste woord. Onnatuurlijk. Hij zou dit niet mogen willen.
Frank keek naar Ignace op dezelfde manier zoals hij naar de verpleegsters keek, alleen was deze blik veel intenser en ook veel liefdevoller. Er verscheen een glimlach op de lippen van Desmedt, en uiteindelijk begon ook Morales te glimlachen.
Ignace glimlachte al maanden niet meer.
Frank stond op – Goddank, gelukkig droeg hij nog een onderbroek – en wandelde om het bed heen, ging naast Ignace zitten; ze hadden blijkbaar allebei alleen maar een onderbroek aan. Dat stelde Ignace een beetje gerust, maar toch maakte hij zich zorgen over wat er zou komen.
Zonder enige waarschuwing drukte Frank zijn lippen op die van Ignace.
Zelfs met gesloten ogen kon hij deze beelden die hij liever niet wilde aanschouwen zien. Dat stemmetje in zijn achterhoofd zei dat het goed was, maar zijn gezond verstand somde allerlei woorden op om te zeggen dat dit gewoon niet mogelijk was. Het was waar; dit was onnatuurlijk. Man en man, kun jij je dat voorstellen? Nee, meneer, ik niet! Dat ging gewoon niet samen. Man en vrouw, oké, daar kon een hogere vorm van liefde en vriendschap getolereerd worden. Maar man en man? Echt niet!
Het bleef maar duren, en het werd steeds heviger. Ignace wenste dat het zou stoppen. Alsjeblieft, stop! Hou d’r mee op! Stoppen, nu! Alsjeblieft, …
“…stop.” Het beeld vervaagde langzaam, overgaand op zwart. Hij herhaalde het een aantal keer (was zijn keel echt zó droog?) tot het beeld helemaal weg was en zijn ogen openschoten.
De beelden waren weg. Hij was wakker. Rond hem hoorde hij niet veel; alleen het regelmatige gehoest van iemand anders. Hij tilde zijn hoofd op en zag dat hij in de ziekenboeg moest zijn. Hij kon zich geen andere plaats inbeelden waar de ‘bedden’ zo kort opeen stonden in een ruime tent. Hij keek rond hem – op de hoestende na was hij alleen. Frank was al weg.
Al weg. Wie weet, misschien heeft die arme idioot het wel niet gered. Misschien is hij al wel ontslagen uit de ziekenboeg, of heeft men vastgesteld dat hij niet meer kan strijden door zijn wonde. Hij probeerde zich te focussen op de goede redenen waarom Frank er niet meer was, maar hij kon de gedachte van een dood lichaam niet meer uit zijn hoofd halen. Waarom focuste hij zich zo op de negatieve gevolgen?
Een verpleegster wandelde in en hij probeerde haar aandacht te trekken. Achteraf gezien was dit niet eens nodig: de verpleegster kwam om hem te controleren, en volgens Ignace had ze zelfs ingeoefend wat ze tegen hem zou zeggen als hij wakker was.
“Fijn dat u wakker bent, meneer Morales. Het is vandaag 20 mei, dus bent u hier nu al een week. U bent geraakt in uw been, dus er is een kans dat u mank bent voor de rest van uw leven. Als u uitgerust bent, meldt u zich weer bij uw overste zodat u weer kan vechten. Luik is gevallen.” Ze leek het precies af te lezen van een pak kaarten, zo monotoon en saai klonk het. Ze wilde alweer vertrekken, maar hij greep haar bij haar pols. Gelukkig werkten zijn armen nog mee.
“Waar is Frank Desmedt? Ik heb hem hierheen gezeuld.” De verpleegster keek hem aan met onverschillige ogen. Het kon haar dus echt niets schelen hoe het met hen ging.
“Die is weg. Vertrokken met een verpleegster.” zei ze en ze was weg.
Ignace voelde zich alsof ze hem verdoofd hadden in zijn hart. Het nieuws kwam hard aan, maar het verbaasde hem ook niet. Frank die wegliep met een verpleegster, het was wat hij had voorspeld toen ze hier voor het eerst aankwamen. Maar nu het ook echt gebeurd was, was hij teleurgesteld en kwaad. Waarom was Frank weggelopen? Waarom zou hij?
Iedereen wilde wel weg. De meesten durfden niet, omdat de anderen dan de plicht hadden de deserteurs te doden bij de eerste kans die ze kregen. Alleen de zwaar wanhopige probeerden het, maar voorlopig zijn de weinigen die het probeerden dood.
Kalm aan, Morales, calme-toi. Dat Frank weg is, betekent niet dat-ie dood is. Toch?
Ignace ging weer liggen en sloot zijn ogen. Hij kon niet slapen. Het tweede beeld spookte nog altijd door zijn hoofd, net als de fantasie dat Frank misschien dood kon zijn. Het maakte hem gek, terwijl het hem onverschillig moest laten.
Wat is er toch met mij aan de hand? Merde!

Reacties (2)

  • Evytju

    Omgoood, supergoed geschreven! Ik ben nu nog meer fan van je!;)echt super!

    5 jaar geleden
  • BOOKWURM

    Oehhh dit is AWESOME i love spanning like this. Is het vreemd om te hopen dat Frank en ignace een koppel worden dankzij die droom? Ik vind die droom best wel schattig

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen