Foto bij Hoofdstuk 12

Kíli zwaaide naar hen vanaf een tafel die een aantal meter verderop was.
Rhodíq wierp een verbaasde blik op Fíli, die een stuk brood teruggooide naar zijn broer.
Helaas voor Fíli dook Kíli behendig weg. Het brood vloog door en raakte een dwerg die inmiddels aan Rhodíq voorgesteld was als Dwalin.
Fíli deed zijn uiterste best om onschuldig de andere kant op te kijken. Desondanks vloog alles wat binnen Dwalins bereik lag binnen een paar seconden door de lucht.
Rhodíq besloot dat dit het perfecte moment was om met een besteling naar de andere kant van de gelagkamer te lopen. Ze graaide een bord voor de meest afgelegen tafel uit Sedi’s handen.
‘’Dus jij bent ook gevlucht, meisje?’’ glimlachte een kleine dwerg met wit haar en een pluizige baard.
‘’Eh ja…’’ Rhodíq wierp een blik in de richting van het voedselgevecht.
‘’Verstandig,’’ vond de dwerg. Hij keek over zijn schouder. ‘’Ik geloof dat mijn broer momenteel ook deelneemt aan de feestvreugde.’’
Rhodíq trok één wenkbrauw op.
‘’De grootste en brutaalste,’’ verduidelijkte de man. ‘’Dwalin, heet hij. Ik ben Balin.’’
Rhodíq glimlachte. ‘’Die naam heeft Bofur ook al laten vallen. Ik ben Rhodíq.’’
Balin knikte met een bijna trieste uitdrukking op zijn gezicht. ‘’Rhodíqa Ironheart, neem ik aan? Ik heb al over je aankomst hier gehoord.’’
‘’Iedereen schijnt er meer over te weten dan ikzelf,’’ zei Rhodíq met een mislukte poging tot een glimlach. ‘’Blijkbaar heb ik iets fout gedaan.’’
Balin legde een hand op haar arm. ‘’Het ligt niet aan jou. Degenen die dat zeggen zijn denk ik gewoon geschrokken door je naam. Ze zullen wel bijdraaien. Zolang je uit hun buurt blijft, zullen ze je in ieder geval met rust laten.’’
Rhodíq keek naar de andere kant van de gelagkamer. Ze had een tijdje geleden al gezien dat Daín daar zat.
‘’Daar ben ik nog niet zo zeker van,’’ deelde ze mee.
Balin knikte bemoedigend. ‘’Ik ken ze. Het komt wel goed. Heb je het druk?’’
Rhodíq verzekerde zich ervan dat Bofur en Sedi niets te doen hadden. ‘’Nee,’’ antwoordde ze toen.
‘’Kom zitten.’’ Balin gebaarde uitnodigend naar een stoel.
Rhodíq keek verbaasd om zich heen terwijl ze ging zitten.
‘’Ik kan je vertellen dat Thorin niet is wat hij lijkt. Hij kan streng overkomen, maar hij heeft een goed hart.’’
‘’Voor personen die hij níet haat waarschijnlijk wel,’’ zei Rhodíq schouderophalend.
Balin schudde zijn hoofd. ‘’Oordeel niet te snel over hem. Hij heeft ons in het verleden allemaal verbaasd.’’
Rhodíq staarde de man aan zonder iets te zeggen. Wie oordeelde er hier nu snel?
‘’Ik oordeel helemaal niet over hem,’’ bracht ze uit. ‘’Het is eerder andersom. Net als met Heer Daín. Heb je hem ook al gesproken?’’
Balin knikte langzaam.
‘’Ik heb ze gezegd om geen overhaaste dingen te doen.’’
Die woorden klonken nogal alarmerend in Rhodíqs oren.
‘’Waren ze dat van plan dan?’’
‘’Nee hoor,’’ zei Balin snel. ‘’Je hoeft je nergens zorgen om te maken.’’
Rhodíq keek wantrouwend naar de dwerg. Dat hij het uitdrukkelijk zei, maakte alleen maar dat ze zich eerder zorgen zou maken.
‘’Ik moet denk ik verder met mijn werk,’’ zei ze terwijl ze opstond.
Balin glimlachte en keek naar de plek waar het voedselgevecht plaatsgevonden had.
‘’Ik geloof dat de kust veilig is.’’
Rhodíq verschool zich achter de bar, terwijl ze terugliep. Het duurde even voor ze had geconcludeerd dat het voedselgevecht inderdaad afgelopen was.
De lange man stond nog steeds op dezelfde plek als eerst. Hij praatte op gedempte toon met Bofur.
Rhodíq begon aan de afwas en probeerde het gesprek op te vangen. Iedere keer als ze een paar woorden kon onderscheiden, leek de man echter zachter te gaan praten.
Zijn lichtblauwe ogen ontmoetten de hare even en er ging een rilling door haar heen.
‘’Het is geregeld,’’ zei Bofur plotseling zo luid dat ze het bord dat ze vast had bijna liet vallen. ‘’Woensdag. Ik zal zorgen dat er ruimte is.’’
Met een kort knikje verdween de man.
‘’Wie was dat?’’ vroeg Bombur zacht voor Rhodíq haar vraag had kunnen formuleren.
‘’Iemand uit Meerstad,’’ vertelde Bofur met een brede glimlach. ‘’De man die de Steenbok woensdag graag wilde gebruiken.’’
‘’Gebruiken waarvoor?’’ vroeg Rhodíq achteloos zonder zich om te draaien.
‘’Hij wil contacten leggen voor zijn handel. Contacten met dwergen van Erebor.’’ Bofur zweeg even. ‘’Eigenlijk wil hij gewoon iets verkopen dus,’’ verklaarde hij.
‘’Wat gaat hij verkopen?’’ vroeg Bombur ongerust.
‘’Maak je geen zorgen.’’ Bofur gaf zijn broer een klap op zijn schouder. ‘’Het zal niets zijn wat schadelijk is voor ons. Trouwens Rhodíq, Fíli zocht je.’’
‘’Als hij me weer om een glas wijn komt vragen, kan hij dat ook bij jullie doen.’’ Onwillekeurig glimlachte ze.

Reacties (4)

  • Vibes

    Brood tegen Dwalin aangooien is net zo goed een doodsvonnis.

    6 jaar geleden
  • chanyeoI

    Leuk stukje!
    +kudo

    6 jaar geleden
  • EvilDaughter

    Leuk!

    6 jaar geleden
  • Kauwgomjunky

    Super snel verder xX

    6 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen