Foto bij 3 - A New Beginning

Achtergrondverhaal van Rophrax.......en misschien zijn er al verbanden tussen personages en hun geschiedenis te leggen, wie weet:P

      "En, heb jij je keuze al gemaakt?" Ik keek vragend naar Aelwin, die zijn schouders ophaalde en naar de grond staarde, "Erdric en Ordgar hebben zich al ingeschreven voor Iverum. Ik... weet het niet. Ik wilde eerst voor Vriad gaan, maar nu is het me allemaal te onduidelijk. Plus het feit dat de kans dat ik word aangenomen toch gering is. Misschien ga ik wel voor Slatir..."
      "Slatir?! Aelwin, je hebt strategisch talent, dat moet je niet verspillen door bij hen te gaan!"
      "Ja, strategisch talent, wow zeg!" Hij fronste en greep met beide handen de stof van zijn broek beet, "Ik kan niet vechten, Cadeyrn, dat weet je zelf ook! Zie wat er vanochtend gebeurde. Jullie stonden allemaal gereed om te vechten, en ik... ik vluchtte. Ik vond het geweldig jullie te steunen tijdens missies, maar om nou zelf te moeten aanvallen..."
      "Wie zegt dat je opeens dat alles moet gaan doen, Aelwin? Het blijft gewoon hetzelfde, we vechten alleen onder een andere naam! Vooral in die grote groepen, daar hebben ze strategen nodig zoals jij die de planningen kunnen maken. Je hoeft niet per se vooraan het leger te staan!"
      "Nou, waar ga jij dan heen? Je doet alsof jij alles al op een rijtje hebt!"
      "In ieder geval niet bij Slatir..." Direct nadat ik dat zei, zuchtte Aelwin en stond hij op, "Ik ga even een frisse neus halen."
      "Goed..." Ik keek hem na toen hij naar de deur liep, waarna ik even diep ademhaalde, "Hé, je moet vooral zelf kiezen waar je naartoe gaat. Als groep zullen we toch uit elkaar gedreven worden, dus voel je niet geforceerd om mijn idealen te volgen."
      "Nee, snap ik... tot straks." Hij keek me niet meer aan en deed de deur achter zich dicht, waarna ik een diepe zucht liet klinken en op mijn bed ging zitten. Erdric en Ordgar naar Iverum... Aelwin naar Slatir... Vanaf morgen was Yiris geschiedenis en was ik hoe dan ook vrienden kwijt. Het leek mij allemaal zo surrealistisch, na alles wat er was gebeurd tussen ons, maar tegelijkertijd gaf het me ook weer hoop. Wellicht kon ik in een andere factie wel mijn doel nastreven... maar welke factie zou dat zijn.
      Ik stond op en liep naar mijn kledingkast, waarna ik de helderblauwe edelsteen eruit haalde en erin keek. Wat was mijn doel eigenlijk? Wraak nemen op de elven? Enkel dat? Aelwin wilde de wereld verkennen, Erdric trad in zijn vaders voetsporen en Ordgar zocht onderdak in een organisatie die hem alles te bieden had qua fysieke groei. Mijn doel leek zo oppervlakkig, er was heus wel meer in de wereld om naar te streven. Evlon... die plant waaruit Brithuns cape was geweven, hoe zag die eruit? Hadden ze in het elvenrijk echt planten die zulke magische eigenschappen hadden? Nu ik het me bedacht, was ik zelf nooit verder geweest dan wat eens het mensenrijk was. Ik zat enkel in dit krot vast, zonder iets van de echte wereld meegekregen te hebben.
      Toen ik op mijn klok keek, zag ik dat het al na vier uur was. Ik raapte mijn moed bij een en stopte de edelsteen in mijn zak, waarna ik de gang in liep. Bijna direct botste ik tegen iemand aan. Geschrokken keek ik omhoog en wilde ik mijn excuses aanbieden, maar toen zag ik Brithun net zo geschrokken terugkijken.
      "Sorry, Brithun, ik had je niet gezien."
      "Nee, het is goed, ik was toch naar je op zoek." Hij keek plotseling naar de zak waar mijn edelsteen in zat en slikte, maar verbrak toen zijn intense staar en keek me weer in de ogen aan, "Ik begreep dat je nog twijfels had over je keuze tussen Vriad en Iverum? Misschien ben ik wel erg opdringerig, maar ik wil nog één keer je proberen te overtuigen van onze factie. Vind je het erg om met mij mee te komen naar mijn kantoortje?"
      "Eerlijk gezegd, ging ik net naar je op zoek..." Verlegen keek ik weg, waarop Brithun zachtjes lachte en zijn schouders ophaalde, "Het lot werkt langs vreemde wegen."

      Na een tijdje kwamen we bij zijn kantoor, waarna Brithun de deur opendeed en me binnenliet. In zijn kantoor groeiden allerlei planten, sommige bekend voor mij en sommige alsof ze uit een sprookjesboek kwamen. De kroonluchter aan zijn plafond bevatte ook de meest eigenaardige kristallen en zodra ik zat, kreeg ik meteen een vreemd drankje voor mijn neus geschoven. Nieuwsgierig nam ik een slok, maar toen ik smerig keek door de bittere smaak, goot Brithun er nog wat melk bij, "Het is een drank van de elven, gemaakt door water door vermalen gebrande arojorrabonen te persen. Ze groeien aan planten niet ver van de grens. Het werkt oppeppend, dus wij drinken het meestal na de missies."
      "Probeer je me nou via etenswaren je factie in te lokken?"
      "Wilde je zeggen dat dat een slecht plan is, dan?" Met een glimlach schoof hij me nog een taartje voor, maar toen ging hij tegenover me zitten en keek hij me bestuderend aan, "Dus, meneer Elwíck, wat wilde je weten over Vriad?"
      "Um... ik vroeg me af wat jullie precies doen. Waar houden jullie je mee bezig?"
      "Ons doel? Wij willen vrede op Estorix brengen." Toen ik niet al te enthousiast keek, glimlachte Brithun en ging hij verder, "Voor de rest leren we alles over de elven. Hun vechttactiek, hun methoden, hun genezende kruiden en elixers, wie welk deel van het leger aanstuurt, wat hun sterke punten zijn en vooral wat hun slechte punten zijn. Wij helpen elven die onderdrukt worden door de koning en bieden ze onderdak, waarna ze zich bij ons aansluiten en we een nog uitgebreider en divers leger hebben. Met iedere verkenning, zelfs tot ver over de grens, doen we nieuwe informatie op die we kunnen gebruiken om ons nog verder te ontpoppen. Vriad doet niet alleen aan het hersendood vechten zoals alle andere organisaties. Wij vechten niet alleen met wapens en vuisten, maar ook met ons brein." Hij grijnsde en tikte op de zijkant van zijn hoofd, waarna hij me een tikkeltje sluw aankeek, "En dat is wat jij zoekt, niet?"
      "Ik?" Ik keek een beetje verward op, waarna Brithun glimlachte, "Ja, jij. Jij wilt niet enkel elven afslachten voor de kick die je ervan krijgt, of om je wraakgevoelens te stillen. Jij bent nieuwsgierig naar de wereld achter deze oorlogsgrenzen, en dat weet je zelf ook, anders was je nu al deel van Iverum."
      "Dat..."
      "En daarbij heb je ook iets speciaals bij je." Hij stond op en oogde naar mijn broekzak, waarna ik de edelsteen er instinctief uithaalde en Brithun er bijna liefdevol naar keek. Direct wilde ik het aan hem geven, alsof hij wist wat ermee moest gebeuren, maar hij wees het direct af, "Nee, die steen behoort tot een ander... Graag zou ik hem afnemen, maar aangezien jij hem draagt, zul jij hem aan de juiste persoon moeten geven. Daarbij weet ik niet of ik het kan weerstaan."
      "...wat is het?"
      "Een krachtige edelsteen, de elf die die steen in zijn handen krijgt, wordt de machtigste elf van Estorix. Jouw ouders beschermden hem tegen de grijpgrage handjes van Ehtmordon, de elvenkoning. Nu is het jouw taak om hem aan de juiste elf te overhandigen."
      "Wacht... elf...? Brithun, jij bent toch geen..." Net toen ik het zei, deed hij zijn blonde haar opzij, waarna ik zag dat er kleine puntjes op zijn oren zaten. Hij glimlachte en liet zijn haren er weer overheen vallen, waarna hij terug ging zitten, "Geen volbloed, nee. Mijn moeder was een elf, mijn vader een mens. Ik ben geen van beiden, maar misschien laat dat mij ook weer sneller openstaan voor andere dingen."
      "Waarom ben je naar het mensenrijk gekomen? Waarom strijd je niet samen met de elven?" Ik keek hem vragend aan, waarop hij alleen maar glimlachend met zijn hoofd schudde en zich richting het raam wendde, "Dat is een lang en pijnlijk verhaal, dat bewaar ik wel voor later. Je weet zelf dat mijn vader degene was die Rophrax oprichtte. Een kleine groep krijgers die samen vrede terug wilden brengen. In het begin waren het onder andere mijn vader, Jamils vader en Calebs vader die samen streden, maar nadat de elven mijn vader te pakken kregen en executeerden... toen viel alles een beetje uit elkaar. Jamils vader had een enorme breakdown en werd een tikkeltje gestoord door al de schuldgevoelens die hij kreeg, omdat hij had vertrouwd op mijn vaders krachten en hem had achtergelaten om aan een ander front te vechten. Hij stopte voor eeuwig met Rophrax en trok zich terug tot een huis in de bergen, waarbij hij Jamil volledig buiten zijn leven sloot. Calebs vader vluchtte de nacht erop uit angst dat hij ook verwond zou raken en is nooit meer teruggevonden, wat Caleb, Jamil en mij met Rophrax achterliet. Ik richtte Vriad op, om mijn vaders idealen na te streven en voor vrede te zorgen. Jamil, blind door haat, richtte Iverum op en zou wraak nemen op iedere elf die vanaf die dag nog een voetstap op ons gebied durfde te zetten. Caleb wilde hetzelfde doen met Slatir, maar hij was nog jong... Terwijl Jamil en ik al zo goed als volwassen waren, zat hij nog halverwege zijn puberteit. Grote praatjes had hij, maar hij was een leider van niks. Slatir had een geweldige factie kunnen zijn, als hij er wat pit in had gestoken, ik heb geen idee of we hen nu nog kunnen opleiden tot sterke krijgers... Caleb is ook al tijden niet meer buiten zijn eigen kamer gekomen..."
      "Waren jij en Jamil vrienden?" Ik keek verbaasd op, waardoor Brithun lachte en knikte, "Beste vrienden, en het beste team wat je je maar ooit kon bedenken. Pas nadat mijn vader overleed en de zijne zijn verstand verloor, verscheen er een groot gat tussen waar wij tweeën stonden in de wereld. Hij vond mij een monster, omdat ik na dat alles nog steeds geloofde dat er goedheid in de elven zat. Goed, het was mijn vader die mij verliet... maar het was zeker niet de eerste elvenexecutie die ik had gezien." Hij haalde eventjes diep adem en keek me toen weer aan, waarbij hij een serieus gezicht trok, "Maar goed, dat is allemaal verleden tijd. Cadeyrn, ik hoop dat je vanavond Vriad kiest. Je lijkt me een slimme knul met grote potentiëlen voor mijn factie. Ik zal je persoonlijke training bieden, zodat je als mijn gelijke aan het front kan staan en we deze wereld met z'n tweeën van al zijn kommer en kwel kunnen verlossen. Ik zal je elk detail vertellen over iedere plant, iedere techniek, ieder wapen van het elvenrijk, alles wat je maar zou willen weten. Ik zal je hun vechtstijlen laten bemeesteren en ervoor zorgen dat de grond waarop je staat niet enkel een strategische kaart is, maar ook je allerbeste bondgenoot in een gevecht. De dieren, de planten... alles wat een elf tot zich weet te winnen, dat zou jij ook allemaal kunnen beheersen, Cadeyrn Elwíck." Hij legde een hand op mijn schouder en keek me vastberaden aan, "Net zoals jouw vader, Rinhaym, deed."

Reacties (7)

  • Vega

    Dat drankje is koffie!

    6 jaar geleden
  • Yixing

    Als ik moest kiezen zou ik zou ik zo bij Vriad gaan heujj. Of bij Yiris, hebben ze meteen een lid meer.
    Overigens vind ik het wel heel jammer dat Caleb zich verstopt voor zijn verantwoordelijkheden, stel dan iemand anders aan om de zaken in Slatir goed te regelen als je het zelf niet kan damnit.

    6 jaar geleden
  • Helvar

    Zoooo, ik heb het gelezen hoor:P

    6 jaar geleden
  • QueenOfEmerald

    Vriad is geweldig! Het zijn niet zomaar 'elfenvriendjes', ze proberen hen te begrijpen en de 'zwakkeren' omder hen te helpen. Caderyrn moet Vriad kiezen.

    "Het lot werkt langs vreemde wegen."
    meer dan waar, soms is het zelf hoe vreemder de weg, hoe groter de kans dat het lot dat volgt.

    6 jaar geleden
  • EvilDaughter

    Leuk!

    6 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen