Foto bij Le Grand Duc. 2*

There are moments when I don't know if it's real or if anybody feels the way I feel.

De reis vanuit Loiret naar Versailles duurde de hele nacht en om acht uur in de morgen zag ik de mooie natuur van Versailles dichterbij naderen.
Plotseling maakte een onbehaaglijk gevoel zich van mij meester. Wat als ik nu echt geen echtgenoot zou vinden? Wat als ze me daar ook niet zouden respecteren? Per slot van rekening was ik helemaal niet van een hoge stand. Ik was de dochter van een ridder, een landheer die geen koninklijk bloed bezat, en van de dochter van een markies die een koninklijke bastaard was geweest. Daarbij was ik zelf niets meer dan een bastaard. Een ‘zogezegd’ erkend kind, waarvan iedereen wist dat het een schijnheilige leugen was.
Ik moest volhouden, zei ik tegen mezelf, ik mocht niet toegeven aan mijn angsten en twijfels. Zo zou ik zeker niets bereiken.
De koets kwam tot stilstand. De deur werd opengemaakt en er werd een mooie grote mannelijke hand naar me uitgestoken die ik aannam terwijl ik uit de koets stapte. Ik keek op en voor me stond een lange, goedgebouwde, mooie man die me vriendelijk aankeek en met mijn hand nog in de zijne boog hij voor me en kuste mijn vingers. ‘Groothertog van Aveyron tot uw dienst, mademoiselle.’ Dankbaar boog ik diep voor hem nadat hij me weer overeind haalde.
‘Gedurende uw verblijf hier zorg ik ervoor dat u alles krijgt wat u wilt en dat Uwe Hoogheid zich op uw gemak voelt. Ik ben ook uw contactpersoon als er enige problemen zijn en uw chaperonne. Daarbij zal ik u helpen om een geschikte echtgenoot voor u te vinden tijdens het debutantenseizoen, mademoiselle.’ informeerde de hertog me.
‘U kunt u niet voorstellen hoe dankbaar ik u hiervoor ben, Uwe Hoogheid. Ik apprecieer het ten zeerste.’ meende ik oprecht.
Zijn diepgroene ogen keken me vriendelijk aan en hij bood me zijn arm. ‘Ik veronderstel dat u doodmoe zult zijn na zo’n vermoeiende reis, mademoiselle. Sta me toe om u te begeleiden naar uw vertrekken.’
Oui, s’il vous plait.

Mijn vertrekken bevonden zich op de tweede verdieping in de zuidelijke vleugel en waren prachtig ingericht, comfortabel en ruim. De hertog legde me uit dat er over twee dagen een bal zal zijn die aan het begin van elke seizoen werd georganiseerd en die door de koning zelf gepresenteerd zal worden. ‘Louis Quinze is anders, heel anders dan al onze vorige koningen. Hij is simpel en standvastig. Baart u vooral geen zorgen over het gebrek aan kandidaten of aan hun kwaliteit, zeg maar.’ zei hij.
‘Bent u zelf ook opzoek naar een echtgenote, Uwe Hoogheid?’ vroeg ik hem.
De hertog lachte. ‘Nee, ik ben al getrouwd. Maar mijn vrouw is momenteel haar familie in Engeland gaan bezoeken. En noem me alstublieft Alexander, niet Uwe Hoogheid, mademoiselle.’
Even wilde ik vragen hoe oud hij nu eigenlijk was. Hij zag er te jong uit om getrouwd te zijn. Ik vond hem er zelfs jonger uitzien dan 25. Ik zal het later wel vragen, hield ik mezelf voor, ik mocht niet overkomen als een nieuwsgierige flapuit.
Alexander was werkelijk ongelooflijk knap, had harde aantrekkelijke gezichtstrekken en ravenzwart haar. Ongetwijfeld liet slechts een enkele aanblik van hem het hart van ieder meisje op hol slaan, hij was werkelijk een prachtige verschijning.
‘Oh, natuurlijk. Ik heet Scarlett.’ antwoordde ik een beetje verdwaasd en geeuwde toen plotseling. ‘Excusez-moi.’ lachte ik.
‘Geen excuses, mademoiselle. U moet rusten nu, dat begrijp ik. Vanavond moet de kleermaakster uw maten afnemen voor uw baljurk. Nee, nee, nee! Geen protesten. Het is verplicht, mademoiselle. Madame de Pompadour gaat u daarbij helpen. Dat wilde ze zo. Tot vanavond... Scarlett.’ De hertog glimlachte stralend naar me.
‘Tot vanavond, Alexander.’ zei ik.

Reacties (2)

  • Lilium

    ooh lekker ding alarm!

    1 decennium geleden
  • Scallywag

    :9~

    1 decennium geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen