Foto bij Hoofdstuk 7

Heey
Het meisje hierboven lijkt wel op lucy.
Maar Lucy heeft dan groene ogen ipv grijs
Enjoyy

Twee uur later ben ik gekleed in het mooiste kostuum dat district 11 in jaren heeft gehad. Ik draag een lange jurk van een zachte, fijne stof dat een beetje lijkt op tule. Hij lijkt te bestaan uit allemaal verschillende laagjes donkergroen, die zo een prachtig donker plantenpatroon vormen. Maar de jurk blijft dun en sierlijk en niet zo opgeblazen zoals bij jurken die helemaal van tule zijn gemaakt. Op sommige plaatsen schijnt de jurk door zodat je halverwege mijn rug en op mijn benen stukjes huid ziet doorschemeren. De jurk heeft blote armen, wat ik erg fijn vind. Het geeft me een vrij gevoel. Mijn gezicht is opgemaakt met gouden accenten die ook tussen de levensechte blaadje op mijn jurk terug te vinden zijn.
‘De blaadjes waren erg moeilijk, maar ik heb mijn best gedaan op ze zo echt mogelijk te laten lijken.’ Minka loopt keurend om me heen. Hier en daar trekt ze mijn jurk nog even recht. Mijn ogen schieten weer naar de spiegel die tegenover me staat.
Op mijn slapen zitten donkergroene smaragdjes, die zich naar de buitenste hoeken van mijn ogen toeslingeren. De kleur laat mijn ogen niet verbleken, zoals ik eerst dacht, maar laat ze extra mooi uitkomen. Mijn gladde rode haar zit bijna helemaal los. Twee lokjes hangen langs mijn gezicht, terwijl de rest van mijn lange pony in twee delen naar de achterkant van mijn hoofd is gebracht, en daar samen is gesmolten in een lange, dunne, ingewikkelde vlecht. De rest hangt steil naar beneden tot ongeveer halverwege mijn rug. Daar zijn de puntjes net iets omgekruld wat het helemaal afmaakt. Het geheel is prachtig. De jurk laat me sterk, sluw en sinister overkomen. Hij maakt me gevaarlijk. Het zachte, lieve meisje in mij is verdwenen. Een sterk en meedogenloos iemand heeft haar plaats ingenomen. Deze jurk vertelt je dat je voor me moet oppassen. Alsof ik alle anderen een stapje voor ben.
Sprakeloos kijk ik naar het prachtige wezen in de spiegel. Dit kan ik niet zijn. Zo mooi. En toch, ondanks alles zie ik er nog steeds uit als mezelf.
‘Kom.’ Minka wenkt me. Ik loop achter haar aan door de grote deur. Net als we in de gang erachter zijn, gaat de deur links van me open. Marten komt samen met zijn stylist de deur uit. Ook zijn stylist heeft het planten idee gebruikt, maar in tegenstelling tot bij mij is het bij Marten alleen een accent. Verder is het een doodgewoon saai zwart pak. Een Avox komt naar ons toe en gebaart dat het tijd is. Snel worden we vanuit het Correctiecentrum naar een ruimte op de begane grond gebracht, wat in wezen een soort enorme stal is. De tributen worden per district in een strijdwagen gezet die getrokken wordt door vier paarden. De openingsceremonie gaat bijna beginnen. De meeste tributen zijn er al. Het tweetal uit 5 heeft een vreemd goud pak aan. Aangezien zij niet naar goud graven, vind ik de keuze een beetje vreemd. Als de stylist onderaan de jurk van het meisje frunnikt, gebeurt er iets wat het hele kostuum laat flikkeren en bewegen. Natuurlijk. District 5, elektriciteit. Het ziet er leuk uit, maar te nep. Dan roept Minka me en moet ik doorlopen.
Onze wagen is zwart, wat mooi kleurt bij het donkere groen op mijn jurk en Martens pak. Ook onze paarden zijn zwart. Voorzichtig loop ik naar ze toe. ik steek mijn hand uit en aai de voorste zachtjes over zijn fluwelen neus. Hij briest even genietend.
Dan gaat er een lamp aan en moeten we in de wagen gaan staan. De grote massieve deuren gaan open en een orkaan van geluid komt naar binnen. De openingsmuziek schalt door het hele Capitool, en de tribunes naast de straten zien zwart van de mensen. De tributen van District 1 rijden weg en vervolgens district 2. In een lange sliert rijden we door de straten van het Capitool. Minka heeft niet gezegd wat ik moet doen, dus ik doe wat op gevoel. Ik handel naar hoe de jurk me eruit laat zien. Een sluw lachje kruipt op mijn gezicht. Ik sta rechtop en laat mijn hand op de rand van de wagen rusten. Een harde, meedogenloze blik nestelt zich in mijn ogen. Vanbinnen walg ik van wat ik doe, maar vanbuiten is daar niets van te merken. Buiten hangen grote televisie schermen, waar de verschillende tributen groot verschijnen. Elke tribuut wordt in ieder geval één keer gefilmd, maar daarna blijven de camera’s vaak hangen op de beroeps. Nu is er een jonen met zwart haar en blauwe ogen in beeld. Hij lacht een aarzelend lachje dat al snel veranderd in een vrolijke lach. Ietwat aarzelend heft hij zijn linkerhand op en begint te zwaaien. Een mantel van koeienleer hangt om zijn schouders. Zonder dat ik hem gesproken heb lijkt hij me ontzettend aardig. Hij werpt een blik over zijn schouderen kijkt me aan. Hij lacht even naar me en geeft me een knipoog. Dan draait hij zich weer op. Ik lach even voordat de camera overschakelt naar mij. Ik zie er prachtig uit. In een opwelling verbreed ik mijn glimlach en blaas zelfs een kushandje naar de camera. Het publiek gaat uit hun dak. Ze gillen en schreeuwen mijn naam. De camera blijft langer dan gebruikelijk op me hangen, en na de mannelijke tribuut uit 12 gaat hij eerst nog naar mij voordat het meisje uit 1 weer volop in beeld komt. Nadat de beroeps uitgebreid aan de beurt zijn geweest, verschijn ik weer in beeld. Ik lach zelfingenomen en knipoog voordat ik weer recht vooruit kijk en geen aandacht meer schenk aan de camera’s. De mensen van het Capitool raken dor het dolle heen. Ze overladen me met bloemen, waarvan ik er toevallig eentje weet te vangen. Het is een witte bloem met vijf blaadjes. Het hart is bloedrood en de stampers zitten op verschillende hoogten. De bloem heeft een griezelige perfectheid, en als ik er elegant aan ruik geurt hij zoet naar vanille. Ik zend een lieve lach naar de tribune van de vorige eigenaar. De mensen van het Capitool zuchten ontroerd.
We rijden een rechte straat in, die eindigt bij de villa van de jonge president Snow. Rond de kring van de Stadscirkel stellen de wagens zich op. De muziek eindigt bombastisch. De president, een kleine magere man met zwart haar en misschien hier een daar een grijze haar, houdt de officiële welkomsttoespraak op het balkon boven ons.

Reacties (3)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen