Foto bij 8  Hogwarts Express




Gelach en geklets klonk om haar heen. Kinderen van allerlei leeftijden liepen door de gangen van de prachtig, ouderwetse trein. Hier en daar lag een kat in een hoekje te slapen, of klonk er gepiep van een rat uit iemands jas. Vele leerlingen leken elkaar al te kennen, waarschijnlijk toverfamilies, dacht Eleanor. Zij kende niemand, behalve de tweeling die haar net het perron op had geholpen. Het feit dat anderen met elkaar stonden te lachen en te praten over tovenarij en de zomervakantie, gaf haar het gevoel dat ze opnieuw een buitenstaander was. Al had Percy haar verteld dat er velen anderen waren die uit een Muggle familie kwamen en ook geen idee hadden van het bestaan van tovenarij voor hun elfde verjaardag, leek er hier geen ander rond te lopen. Eleanor stuitte op een lege cabine en opende de schuifdeur. Toen ze deze achter zich sloot, genoot ze bijna van de stilte die er heerste. De banken waren met een blauwe stof afgekleed en door het raampje kon ze de rest van het station zien, waar buiten families hun kinderen uitzwaaiden. Ze ging bij het raam zitten en zette haar schoudertas naast haar neer. Ze kon niet wachten tot de trein zou vertrekken, dat er overigens prachtig uitzag. Het was een prachtige, zwarte stoomlocomotief, waar in grote letters Hogwarts Express op stond. Eleanor had haar spullen afgegeven achterin de trein en was gelijk ingestapt. Overal had het al vol gezeten en ze durfde niet zomaar bij een groepje aan te sluiten en de jongen met het rode haar of de tweeling kon ze niet meer vinden.
      Plotseling werd er op de schuifdeur geklopt en schoof de deze open. Een mollige jongen met donker haar stak zijn hoofd door de deur en keek de cabine rond. 'Sorry, dat ik je stoor,' zei hij verlegen, maar Eleanor draaide zich naar hem om en schudde haar hoofd. 'Nee, geen probleem. Kan ik je ergens mee helpen?'
      De jongen knikte. 'Ik ben mijn pad kwijt. Als je hem ziet, zou je het me dan kunnen melden?' Eleanor knikte instemmend en glimlachte. 'Natuurlijk, zal ik je anders helpen zoeken?'
      'Oh, nee hoor, dat hoeft niet, dank je.' Met een glimlach sloot de jongen de deur weer en liep de gang af. Eleanor slaakte een zucht en draaide zich weer om naar het raam. Ze kon haast niet wachten om het kasteel straks door dit raam te zien verschijnen. Ze schonk het idee zelf al een beeld en zag een uitgestrekt weiland voor zich met een kasteel met hoge torens en een heldere rivier dat ernaast kabbelde of misschien lag er wel een meer naast een prachtig bos bewoond door wezentjes waar zij alleen van kon dromen. Eleanor schrok op van het geluid van de cabine deur die opnieuw open ging. Had de jongen dan toch zijn pad gevonden? Maar het was niet diezelfde jongen met de vriendelijke ogen. Dit was een slanke jongen met strak wit, blond haar en koele, grijze ogen. Achter hem stonden twee jongens, beide zeker een kop groter dan de blonde jongen en ook een heel stuk lelijker.
      'Zit jij hier alleen?' vroeg de blonde jongen haar, meer snauwend dan misschien de bedoeling was.
      Eleanor knikte en hield haar handen uitnodigend op naar bank tegenover haar. 'Jullie mogen best gaan zitten, ik schuif wel een beetje op,' zei ze vriendelijk en glimlachte naar de drie. Bij hen leek er echter geen lachje vanaf te komen, geen positief lachje in ieder geval. De blonde jongen keek de cabine rond en en gniffelde. 'Ja, wij willen eigenlijk de cabine voor onszelf. Waarom ga jij niet in een andere cabine zitten,' zei hij dwingend.
      Eleanor keek hem met grote ogen aan. Ze was het niet gewend om zo tegen gesproken te worden, helemaal niet door een vreemde. De blik in de jongen zijn ogen was zo koud, dat het haar deed twijfelen over het opgeven van haar plek. 'Ik denk niet dat dat helemaal eerlijk is. Ik zat hier immers eerder. Ik bied het aan om de plaatsen met jullie te delen, maar ik ben niet van plan om weg te gaan,' sprak ze streng, terwijl ze haar rechterbeen standvastig over haar linker legde. Ze leunde tegen de rugleuning van de bank aan en keek de jongen strak aan. Zij leken echter ook niet de kans te verkijken om een cabine voor henzelf te verliezen. 'We kunnen je vast wel overhalen,' gniffelde de blonde jongen en de twee achter hem begonnen hun knokkels tussen hun handen te knakken.
      Eleanors ogen schoten van de een naar de ander. Ze had geen zin in ruzie. Ze stond op van haar plek, hing de band van haar tas om haar schouder en liep met geheven hoofd langs de drie jongens. Ze wierp de blonde jongen een vuile blik toe, maar dit leek hem weinig te deren. De deur sloeg met een klap achter haar dicht en ze hoorde de jongens uitbundig lachen. Eleanor haalde een keer diep adem en schudde haar haren over haar schouders. Ze had geen zin om op haar eerste dag ruzie te zoeken, het was dan wel niet eerlijk wat de drie deden, maar dit soort types zouden er altijd wel blijven, dat had ze op school allang gemerkt. Ze werd altijd gepest door haar kleding, omdat dit geen merk had en het altijd tweedehands was. Ze wist in ieder geval wel bij wie ze uit de buurt zou blijven dit jaar.
      Eleanor stopte bij een volgende cabine. Een blonde jongen zat alleen in de cabine uit het raam te staren, hij leek haar niet opgemerkt te hebben. De jongen was zeker wel een paar jaar ouder dan zij. Twijfelend draaide ze haar hoofd weg en liep door, niet zeker of hij wel bezoek wenste, maar ze stopte abrupt toen ze de deur open hoorde glijden. Ze liep terug en keek naar binnen. De jongen keek haar glimlachend aan en hield zijn hand op naar de bank, in zijn andere hand hield hij de staf waarmee hij net de deur open had gedaan. 'Wil je zitten?' vroeg hij, toen hij zag dat ze twijfelde of ze de cabine zou betreden.
      'Mag het?' vroeg ze en stapte toen de cabine in. Ze sloot de deur achter zich en keek hem aan. De jongen knikte uitbundig. 'Natuurlijk! Waarom zo onzeker?'
      'Omdat ik net min of meer ben weggejaagd uit de cabine hiernaast,' antwoordde ze en zette zichzelf neer op de bank tegenover hem. De jongen trok verbaasd een wenkbrauw op. 'Weggejaagd?'
      Eleanor knikte. 'Ja, en aangezien ik niet van ruzie houd, ben ik maar opgestapt.' De jongen glimlachte. 'Nou, je bent hier van harte welkom.'
      'Dankjewel, dat is fijn om te horen,' zei ze glimlachend. Het was een grote opluchting dat iemand haar uitnodigde bij hem te zitten.
      'Ik ben Cedric Diggory.' De blonde jongen stak zijn hand naar haar uit en glimlachte. En wat voor een glimlach, dacht ze. Rijen parelwitte tanden kwamen tevoorschijn tussen twee perzik gekleurde lippen. Zijn grijs, blauwe ogen twinkelde onder een paar donkere wenkbrauwen en maakte Eleanor aan het blozen. Ze schudde zijn hand en probeerde haar blos weg te werken. 'Ailionora Whelan, maar je mag ook Eleanor zeggen.'

Reacties (11)

  • GoCrazy

    Heb net de eerste hoofdstukjes gelezen! Super storry:Dje schrijft echt goed!!

    3 jaar geleden
  • Histoire

    Pff. Wat een macho's zijn dat. En ze is zo lief!

    4 jaar geleden
  • BOOKWURM


    (hoera)(hoera)(hoera)

    5 jaar geleden
  • chanyeoI

    Haha, Cedric Diggory, die zag ik niet aankomen.
    +kudo

    5 jaar geleden
  • ProngsPotter

    CedriiiiicccccccxD
    Ik wilde eigenlijk iets over draakje zeggen, maar aangezien cedie aardiger is...xD

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen