Foto bij Agent Holemen

Lolll I regret nothing.

RAE ANTWOORD DE VRAAG VERDOMME

Washington D.C., 8:01 AM, September 18th

Wat beloofde een compleet normale dag te zijn, voor zo ver dat kon bij S.H.I.E.L.D., draaide uit tot iets heel ongewoons.
      Ik ben agent Rebecka Holemen, vierentwintig jaar oud, en ik werk als agent bij S.H.I.E.L.D. (ik denk nog steeds dat men eerst de afkorting en dan pas de woorden waarvoor die letters staan hebben bedacht. Ik heb het aan Coulson gevraagd, maar hij zei van niet). Die vage organisatie zorgt er vooral voor dat de aarde veilig blijft en er geen aliens, gestoorde goden of robots de macht grijpen. Tot nu toe is het nog net gelukt, maar dat kwam door een stel superhelden, niet zo zeer door ons.
      En ik werk daar en ben waarschijnlijk de enige agent die Nederlands praat, wat inderdaad belangrijke informatie is voor de rest van dit verhaal dat ik je ga vertellen.
      Maar laten we teruggaan naar waar ik was begonnen. Ik kwam aan op mijn werk en werd bijna gelijk doorgeleid naar de baas van mijn afdeling. Normaal gesproken werk ik met een team, dus het verbaasde me dat alleen ik werd geroepen.
      Ik klopte op de deur van het kantoor van mijn afdelingsleider en wachtte in spanning af. Wat zou er nu aan de hand zijn? New York werd hoogst waarschijnlijk niet alweer aangevallen, want anders had ik het wel geweten.
      Een mannenstem zei dat ik binnen mocht komen en ik opende de deur, om in plaats van mijn chef een kale, donkere man met een zwart ooglapje te zien.
      'Director Fury,' zei ik verrast. Als hij hier voor me was, moest het echt belangrijk zijn. Hij was degene die potentie in me zag en ervoor zorgde dat ik aan een agentopleiding kon beginnen, waar ik hem nog steeds dankbaar.
      'Agent Holemen,' zei Fury. 'Dat is ook weer lang geleden.'
      'Twee jaar, sir. Na dat incident in New York,' beaamde ik. 'Heeft u een missie voor me?'
      'Nog altijd recht door zee. Ik heb inderdaad iets voor je.' Hij draaide zich om naar het interactieve bord achter hem, waar een dossier was verschenen. Leo Fitz had me ooit uitgelegd hoe het werkte, maar ik snapte het nog steeds niet.
      Het dossier toonde informatie over een meisje dat in Nederland woonde. Bijna vijftien jaar, op High School. Daaronder, in een hoekje, stond maar al te duidelijk: Halfgod – Poseidon.
      'Het is jouw taak om dit meisje, Rivka, op te sporen en naar ons te brengen,' legde Fury uit. 'Denk je dat je dat gaat lukken, Becky?'
      'Tuurlijk,' zei ik, 'maar ik dacht dat Chiron van Camp Half-Blood ons verteld had dat we halfbloeden bij hem moesten afleveren? Is zij een speciaal geval?'
      Fury trok een gezicht. 'Dat kan je wel zeggen. Een paar weken geleden zorgde ze bijna voor een ramp. Laten we zeggen dat er andere... partijen zijn die haar willen hebben. Het zal gevaarlijk worden. Ze is daar niet veilig, bij ons wel. En we hebben haar nodig.'
      Nodig voor wat dan? 'Ik neem aan dat er daar al een team van ons gestationeerd is? En waarom bellen we, weet ik veel, de Avengers niet op als het gevaarlijk is?'
      Fury keek me aan alsof ik een klap van een molen had gehad. Rare uitdrukking. Ik schuifelde met mijn voeten. 'Ik bedoel, zoveel moeite is het niet. Ik heb Hawkeye's nummer.'
      'Neem je de missie aan of niet?' vroeg Fury, nu iets strenger.
      'Ik neem hem aan,' antwoordde ik haastig.
      'Mooi. Je spullen staan al klaar. De Quinjet zal je een lift brengen naar Amsterdam, vanaf daar zal een teamlid je brengen naar waar Rivka woont. Veel succes, agent.'
      Ik knikte en liep naar de deur, maar voordat ik het kantoor uit was, riep Fury: 'Hoe kom je eigenlijk aan Bartons nummer?'
      'Gewoon gevraagd, sir!' zei ik terug. Op naar Amsterdam.



Unknown, 9:29 AM, September 18th

Iets van anderhalf uur na mijn gesprek met Fury zat ik ergens boven de oceaan, in een megagroot vliegtuig dat naar mijn gevoel veel te snel ging voor een stuk metaal. Over een halfuur zouden we er zijn. Terwijl ik op mijn laptop Rivka's dossier doorlas, oefende ik in mijn hoofd nog even wat Nederlands. Het was lang geleden dat ik het had gesproken, dus ik hoopte dat alles nog goed zou gaan.
      Het zou nogal ongemakkelijk zijn als ik in plaats van 'Goedendag!' iets als 'U ruikt echt verschrikkelijk' zou zeggen.

Gibbs stuurde me een bericht met daarin: 'Becky, we hebben je hier nodig. Aliens gevonden.'

Ik stuurde terug: 'Je moet iemand anders hebben. Ben er niet.'

Gibbs: 'Maakt niet uit. Waar ben je?'

Ik: 'Gaat je niets aan. Ik werk voor SHIELD, niet voor NCIS.'

Nu hoopte ik van harte dat hij niet pissig zou zijn als ik eenmaal terug was. Je kan ook nooit iedereen blij maken.



Amsterdam, 10:14 AM US time, September 18th

Ik kreeg bijna een hartverzakking toen ik zag wie die teamlid was waar Fury het over had. Clint Barton! Fucking Hawkeye! Mijn over-sarcastische ex-trainer!
      Hij moest lachen toen hij mijn verbaasde gezicht zag. 'Die zag je niet aankomen, hè?'
      'Barton!' riep ik uit. 'Nou, Fury had dat wel even kunnen zeggen.'
      Clint haalde zijn schouders op. 'Je weet hoe die man is. Altijd geheimen.'
      'Je meent het,' zei ik. 'Nou hoe staan de zaken eruit? En waarom is het hier zo donker?'
      'Tijdverschil, slimpie. Het is hier nu vier uur 's nachts.' Tijdens onze rit naar het hoofdkwartier legde hij uit hoe de situatie eruit zag. Het meisje was blijkbaar een dochter van Poseidon, een van de machtigste Griekse goden, en werd al een tijd door ons in de gaten gehouden. Ze hadden uitgevist hoe we het dichts bij haar konden komen en waren uiteindelijk bij de oplossing gekomen: mij.
      'Een van onze agenten moet naar haar toe komen en haar in het Nederlands aanspreken, om haar niet af te schrikken. En aangezien niemand van ons dat kan, moesten we jou hiernaartoe halen,' zei Clint.
      'Je gaat me niet vertellen dat ik de enige agent ben die Nederlands spreekt,' zei ik.
      Clint haalde weer zijn schouders op. 'Je bent een goede agent, je spreekt de juiste taal en ik vertrouw je, dus je was in ieder geval de meest geschikte. De missie zal lukken.'
      Ik staarde naar het voorbijtrekkende, platte landschap. 'Laten we het hopen.'



Unknown, 05:45 AM Dutch time, September 18th

'Nou, Becky, mag ik je voorstellen aan je teamleden.' Clint knikte naar een bruinharige vrouw met een donkerpaarse hoodie op, die van een kop koffie zat te drinken. De vrouw, niet de hoodie. 'Zij is Kate Bishop.'
      Hij wees naar een gespierde man die naast haar op een bed lag te snurken. Volkomen logisch met dit tijdstip, waarschijnlijk zou ik later nog last van jetlag krijgen. 'Dat daar is Brandon Williams. En op dat andere bed,' hij wees nu naar het bed schuintegenover, 'ligt Pete Smith.'
      Als laatste noemde hij de jongeman op die aan een tafel in een dik boek zat te lezen. 'En hij is onze Griekse mythologie-expert, Edward Johnson. We noemen hem Eddie.'
      'Nog steeds Edward voor jullie,' zei Eddie zonder van zijn boek op te kijken.
      Ik knikte, als teken dat ik alles begrepen had. 'Rebecka Holemen,' stelde ik me voor, al wisten ze dat natuurlijk allang. Ik zag dat er nog een vrij bed stond en pleurde daar mijn tas neer. 'Dus, wat is het plan nu?'
      'Wachten op de wekker,' zei Kate, die op haar horloge keek. 'Die zal over iets van tien minuten afgaan. Pete heeft een enorm ochtendhumeur, dus pas daar maar voor op.'
      Clint knikte instemmend. 'Dat wil je eigenlijk niet meemaken, maar het maakt nu niet meer uit.' Hij gebaarde naar een bureau met een stuk of tien monitoren en ging op de bijbehorende stoel zitten. Ik ging naast hem staan. 'Ik denk dat je al weet wat dit is, maar ik ga het alsnog uitleggen, zodat de lezer het ook weet.' Hij staarde geconcentreerd in de verte.
      'Huh?' zei ik erg intelligent.
      'Dit hier somt in een blik op waar S.H.I.E.L.D. het beste in is: alles in de gaten houden en controleren. Eet onze opdracht een ijsje? We weten het. Is ze op school? We weten het. Valt een Chihuahua-'
      'Chimaera,' corrigeerde Edward.
      'Valt een Chimaera haar aan? We weten het. We weten vrijwel alles en we zijn ervan overtuigd dat hetzelfde geldt voor onze tegenpartijen, dus we moeten vlakbij en snel handelen.'
      Ik bekeek de schermen, die een donkere school, huis en winkelcentrum en nog wat andere dingen liet zien. Op een beeldscherm was ook een kaart zichtbaar, die een patroon aan straten met één rode stip zichtbaar gaf. 'Wie denken jullie dat die 'tegenpartijen' zijn? Leden van HYDRA?'
      'Onder andere,' zei Kate. 'Je weet wat er gebeurd is in New York, nog voor dat hele Avengersgedoe?'
      'De strijd tussen de goden en de Titanen? Jazeker.'
      'Heel S.H.I.E.L.D. stond ondersteboven,' ging ze verder. 'Goden en halfgoden zijn machtig en wie ze onder controle kan houden, heeft die macht. Terwijl onze bazen hun best deden om halfgoden te temmen en ze naar dat kamp van die ene Chiron stuurden, waren er een hoop andere slechte mensen die de halfbloeden betaalden om voor hen te komen werken. We zijn ervan overtuigd dat een deel van hen nog steeds op zoek is naar nieuwe halfgoden, dus degenen die wij vinden, moeten we veiligstellen.'
      'Rivka hier is een dochter van Poseidon - net als Percy Jackson, van de voorspelling - wat betekent dat zij ook veel macht heeft,' vulde Edward aan. 'Chiron heeft geen actie ondernomen om haar naar Camp Half-Blood te brengen, dus doen wij het. We kunnen niet te lang wachten. Net zo veilig als een ritje met een sater, zeg ik zelf.'
      Dat laatste deel begreep ik niet helemaal, maar er was iets anders dat ik opmerkelijk vond. 'Naar Camp Half-Blood?' zei ik vragend. 'Mij is iets anders verteld. We moeten haar naar D.C. brengen, naar het hoofdkwartier van S.H.I.E.L.D..'
      Clint fronste naar me. 'Dat moet onjuist zijn. Wie heeft je dat verteld?'
      'Director Fury,' zei ik, waarna het stil bleef.
      Het was bijna te horen hoe iedereen aan het nadenken was. Ik wist dat ook zij hun missie van Fury hadden gekregen, dus waarom hij mij opeens andere informatie gaf, begreep ik niet. Uiteindelijk was het de wekker die om klokslag zes uur de stilte verstoorde. Brandon en Pete zaten bijna meteen overeind in hun bedden (sommige dingen die agenten kunnen blijven echt eng), de eerste enorm gapend en de tweede met dichtgeknepen ogen en een rommelend, geïrriteerd geluid.
      Brandon, klaar met gapen, keek me knipperend aan. 'Wie ben jij?'



Unknown, 06:09 AM Dutch time, September 18th

De onbijttafel was werkelijk de perfecte plek om kidnapplannen te bespreken. Oké, het was niet echt kidnappen, maar alsnog. (Ik ben waarschijnlijk de minst serieuze agent ever.)
      Kate legde het plan uit terwijl ze een broodje besmeerde en af en toe met haar mes naar het magneetbord achter haar wees, waar de hele planning visueel te zien was. Ze zei dat het natuurlijk ging lukken, tenzij een of ander Grieks monster aan zou vallen. Het klonk niet als een grapje.
      Ik had mijn reisoutfit ingewisseld voor een casual, toch erg comfortabel pak bestaand uit een donkere skinny jeans, blauwe blouse en shirt. Geheel à la undercoveragent. Ik moest doorgaan als een Engelsdocent op Rivka's school, terwijl we de originele Engelsdocente tijdelijk op 'vakantie' lieten gaan.
      'Dus eigenlijk laten we het geheel over aan of Holemen wel of niet dat klompentaaltje goed spreekt en of ze de mol kan vinden,' merkte Pete op. 'Ik weet niet zeker of ik het daar mee eens ben.'
      Dat was ook iets om op te letten: het team was erachter gekomen dat er onder de docenten een monster bevond. Hoe? Geen idee. Er was iets met een verminkt lichaam, maar de details wilde ik niet weten. In ieder geval was het een reden om zo snel mogelijk Rivka daar weg te halen.
      'Als je een beter idee hebt, laat je het maar horen,' zei Brandon. 'Ik vind het een mooi plan, want ik heb het bedacht. Duh.' (Dat was de eerste keer dat ik een agent 'duh' hoorde zeggen! Ik mag hem wel.) 'Rebecka, ben je het ermee eens?'
      Ik knikte. Er was toch geen tijd om iets anders te verzinnen. Onze opdracht zou over minder dan een uur wakker worden.
      Pete snoof, waardoor Kate zich naar hem omdraaide. 'Spreek jij dat klompentaaltje dan ook?'
      Hij antwoordde niet, dus ik besloot om hetzelfde te vragen. 'Spreek jij dat klompentaaltje?' vroeg ik in het Nederlands, vloeiend en zonder accent.
      Mijn teamleden staarden me aan. 'Nee, dacht het niet,' zei ik nog steeds accentloos.
      Pete floot. 'Cool. Kan je me dat ook leren? Ik heb altijd al willen weten hoe ik 'klootzak' in het Nederlands zeg...'
      'Pete!' zei Kate bestraffend, als een strenge moeder.
      'Wat?' antwoordde hij onschuldig, waardoor we allemaal moesten lachen.
      'We moeten bij de missie blijven,' zei Clint, met nog steeds een glimlach en hij stond op. 'Gear up, team.'



High School of Subject, 07:59 AM Dutch time, September 18th

Ik zat in een auto geparkeerd op de parkeerplaats van de school met Clint naast me. Hij speelde als vluchtautochauffeur, voor als er iets mis ging, en de anderen zaten her en der verspreid. Pete en Brandon hielden de school vanaf een afstandje in de gaten, Kate en Edward zaten in een busje iets verder geplaatst met met meer computers en beeldschermen dan dat er op het bureau was geplaatst.
      Toen ik Clint vroeg waarom hij niet liever de vogel uit ging hangen om alles in de gaten te houden en zo nodig met pijlen te beschieten, antwoordde hij met: 'Voor deze ene keer blijf ik toch liever op de grond.'
      Een vogel die liever niet vliegt? Dat zie je ook niet vaak. Wel bij pinguïns, maar ik zag Hawkeye toch echt niet als een zwart-wit gevogelte.
      Om acht uur precies besloot ik uit de auto te stappen en de school te betreden. Op het gezicht zag het gebouw er niet heel indrukwekkend uit, wel redelijk modern, en het deed me absoluut niet denken aan een typische Amerikaanse High School. Ik ging de lerareningang in en via de hal naar de docentenkamer. Ik deed vooral mijn best om zo docentachtig uit te zien, al twijfelde ik of dat wel lukte met mijn jonge uiterlijk.
      Voortdurend adviseerden Edward en Kate via mijn oortje me met hoe ik me moest gedragen, wat redelijk onnodig was. Zo'n groentje was ik nou ook niet meer. Ze zeiden onder andere: 'Glimlach altijd!' en 'Als je het niet meer weet, val je gewoon flauw. Dat deden vrouwen in de achttiende eeuw ook zo vaak.' Niet heel erg behulpzaam.
      In de docentenkamer maakte ik kennis met wat leraren en besloot ik uiteindelijk naar mijn lokaal te gaan, wat eerst best wel zoeken was. Uiteindelijk vond ik het en zag ik dat mijn klas zich al voor het lokaal verzamelt had.
      En inderdaad: het was de klas van Rivka. Het meisje stond te kletsen met een vriendin met een enorme bos krulhaar van blijkbaar een andere klas, want na een knuffel en een hoop 'Doei!'-geroep was ze weg.
      Ik stond op het punt om mijn sleutel te pakken, toen ik opeens aan een arm werd vastgegrepen. Ik weerstond nog net de neiging om diegene een judoflip te bezorgen - een automatisch ingebouwde impuls als je agent bent - en draaide me om.
      Ah, het was de Fransdocente. Mevrouw huppeldepup. Iets met Ria. Hedria?
      Ik zette een glimlach op ('Glimlach altijd!') en de vrouw kwebbelde er op los en wenste me heel veel succes. Nu ik iets beter keek, zag ik iets vreemds: het leek net alsof haar gestalte doorzichtig was en er daaronder iets anders, iets donkerders, zat. Het verdween net zo snel als het gekomen was, dus met zekerheid kon ik het niet zeggen. De vrouw lachtte weer naar me, alsof er niets aan de hand was, en liep naar haar lokaal.
      Ik draaide me om en zag Rivka's bange blik. Is er iets? mimde ik, al had ik een idee dat wat ik zag, zij veel duidelijker zag.
      Ze staarde alleen angstig terug.



High School of Subject, 09:35 AM Dutch time, September 18th

De les ging beter dan ik had verwacht. Ik legde de klas wat uit over grammatica en beoefende mijn allerbeste Britse Engels. Op een gegeven moment, toen een woord niet over mijn lippen kon komen, barste ik in plat Amerikaans uit in: 'Oh my God, verschrikkelijk dat Brits. Dat jullie dat moeten leren!'
      De klas moest lachen en sommigen zeiden dat ze het niet erg vonden dat ik voor deze ene keer in het Amerikaans sprak. Op het eind keken we een deel van een film. Waarom? Omdat ik zo cool ben.
      Tijdens de film glipte ik het lokaal even uit en de gang op. Het zou nogal raar zijn als ik in mezelf sprak. Ik vroeg via mijn oortje aan Edward of de Fransdocente een potentiële monster kon zijn. Hij antwoordde met: 'Zou kunnen. Alles is mogelijk. Wat zag je precies?'
      Ik probeerde het beeld te beschrijven, maar hij zei dat hij nog nooit daarvan gehoord had. 'Weet je echt zeker dat je dat zag?'
      'Echt heel zeker. Ik heb Noorse goden gezien. Griekse monsters kunnen er ook bij.'
      Uiteindelijk zei zowel hij als de rest van het team dat ik oplettend moest blijven, wat ik noodgedwongen ook deed. Het was niet makkelijk om Engelsdocente te zijn!
      Aan het einde van de les vroeg ik aan Rivka of ze even kon blijven. Terwijl haar klasgenoten het lokaal uitstroomden, verzekerde ik ervan dat mijn pistool nog in mijn tas zat. Je wist maar nooit, al vroeg ik me af of monsters wel tegen kogels konden.
      We wilden allebei tegelijkertijd iets zeggen, dat resulteerde in geharrewar. Zij zei: 'Mijn Fransdocente is een monster.' En ik zei: 'Jouw Fransdocente is waarschijnlijk een monster.'
      Het bleef even stil tussen ons. 'Huh,' zei Rivka uiteindelijk. 'Dus u gelooft me?'
      Ik knikte en zij haalde opgelucht adem. 'Eindelijk gelooft iemand me! De meesten zeggen: "Ja, ze is een heks en de biologiedocent is zeker een vampier dan."'
      Ik fronste en herstelde me toen weer. 'Mijn echte naam is agent Rebecka Holemen, van S.H.I.E.L.D.' Ik liet haar mijn badge zien. 'Het is hier gevaarlijk voor je. Zowel monsters als mensen zitten achter je aan en het is mijn taak om je zo veilig hier weg te krijgen. Je moet me vertrouwen, Rivka.'
      'Weg?' vroeg Rivka. 'Maar waar naartoe dan?'
      Op het moment dat ik wilde antwoorden, klonk er opeens een zacht, snauwend geluid. De deur van het lokaal ging open en de docente Frans liep het lokaal binnen. Mijn hand gleed automatisch mijn tas in. 'En, hoe was je eerste les?' vroeg ze enthousiast. 'Moest vast moeilijk zijn!' Ze kwam steeds dichterbij.
      Beledigde ze me nou? Rivka schuifelde achteruit toen de vrouw vooruit liep, totdat ze zo dichtbij stond, dat ik maar al te duidelijk het vreemde, wazige beeld onder haar huid kon zien. Beslist een monster.
      Net op tijd zag ik hoe haar hand in een klauw veranderde, echt een monsterlijke klauw. Vliegensvlug richtte ik mijn pistool op haar en schoot net voordat ze mijn nek open zou rijten. Haar lichaam viel levenloos op de grond.
      Ik had zojuist de Fransdocente vermoord. Wauw.
      'Dat gaat niet helpen,' zei Rivka terwijl ze over het lijk stapte. 'Monsters kunnen niet doodgaan door pistolen.'
      'Ze ziet er toch aardig dood uit,' zei ik. 'Maar laten we gaan.'



High School of Subject, 09:44 AM Dutch time, September 18th

We waren halverwege het schoolplein toen het monster terugkwam.
      We renden zo snel mogelijk en inmiddels had ik Clint en de rest ook gewaarschuwd, dus ik schatte onze overlevingskansen groot in. Totdat ik achteromkeek en het enorme, bloeddorstige gevaar aan zag komen. Toen werd alles een beetje heel erg negatief.
      Ik haalde mijn pistool weer tevoorschijn en schoot, maar het leek niet veel uit te halen, behalve dan dat het beest nog bozer werd. Notitie: kogels werken inderdaad niet tegen monsters.
      Fuck.
      Rivka en ik vielen tegelijkertijd Clints auto binnen, zij op de achterbank en ik op de bijrijdersstoel. 'Rijden!' riep ik, wat waarschijnlijk overbodig was.
      'Mijn God, wat ís dat?!' riep hij uit terwijl hij op twee keer de snelheidslimiet door de straten reed.
      'Monster! Duh!' Ik deed het raampje open en schoot tevergeefs op het ding.
      'Brandon en Pete zijn bij ons,' meldde Edward. Door het geluid van een woedend monster was zijn stem die direct mijn oor in schalde nog net te verstaan. 'Hoe ziet het monster eruit?'
      'Behoorlijk eng!' riep Clint uit, wat volgens mij een understatement was.
      'Het spuwt vuur,' zei ik. 'En het heeft zeven... nee, negen hoofden.'
      Ik hoorde hoe Edward in de verte 'Dit ga je niet menen!' riep. Ik stopte met schieten en riep: 'Wat?'
      'Dat ding is een Hydra!' zei Edward. 'Een echte, levende Hydra!'
      Clint en ik wisselden een haastige blik. Hydra, als in HYDRA? 'Je maakt een grapje,' schreeuwde Clint. Hij ontweek een fietser die gelijk rechtsomkeer maakte.
      'Geen grapje! Waar denk je anders dat ze hun naam en motto van hebben?' Snij één hoofd eraf en twee meer zullen zijn plaats innemen. Het klonk logisch nu.
      'Hoe doden we het?' vroeg ik. 'Pistolen werken niet!'
      'Hercules gebruikte vuur,' zei Edward nogal verhit. 'Kate, ontwijk die boom! Jezus Christ.'
      'Verkeerde mythologie!' Clint keek haastig achterom. 'Vuur, zei je? Becky, neem het stuur over! Het is tijd voor wat pijltjes!'
      'Oh shit.' Met veel gedoe wisten we van plaats te verwisselen, waardoor Clint via de bijrijdersstoel naar de achterbank klom en zijn boog en pijlen pakte.
      'Hi,' zei hij tegen Rivka, die er nog steeds ietwat geschrokken uit zag. 'Ik ben Clint Barton. Zou ik er alsjeblieft even bij kunnen?'
      'Knal dat ding gewoon neer!' riep ik. Ik gilde nog net niet. Een agent blijft altijd kalm, zelfs als ze achterna worden gezeten door een negenkoppig monster.
      Clint legde een pijl aan en schoot na een enkele seconde op het monster. Toen het de Hydra raakte, ontplofte de pijlpunt, maar veel leek het niet uit te maken. Nu hadden we een monster die in brand stond én vuur spuwde. Geweldig.
      'Nog meer goede ideeën?' vroeg Clint.
      'Ik weet iets!' riep Rivka uit. 'We hebben water nodig!' Ze keek naar buiten. Inmiddels waren we op de geasfalteerde weg rondom het plaatsje beland en het feit dat er een monster achter ons aan zat, bevorderde niet echt het verkeer. 'Hier naar links!'
      Ik snapte niet hoe het tegenovergestelde van vuur zou kunnen helpen, maar met gebrek aan beter deed ik wat ze zei. Na heel wat straten en verschrikte fietsers kwamen we aan bij een soort klein meertje, eerder een plas. We stoven er recht op af, op een soort brede steiger die boven het water hing. Op een gegeven moment konden we met een strakke bocht naar links of rechts afslaan. Rechtdoor betekende het water in. Ik staarde Rivka vertwijfelend aan, die afwachtte.
      'Links!' riep ze en dat was het teken waarop ik wachtte. Met scheurende banden en piepende remmen liet ik de auto links afslaan. De Hydra had blijkbaar nooit van remmen gehoord, want ietwat verbaasd stoof het door de reling, recht het meer in.
      Ik liet de auto stilstaan en Rivka deed de deur open. Ondanks Clints en mijn protesten om dat vooral niét te doen, rende ze naar de reling toe. Gedoemd om haar te beschermen liepen we haar achterna.
      De Hydra leefde nog steeds en probeerde uit het water te komen, maar zodra Rivka er één blik op wierp, veranderde dat volledig. Het water begon te kolken, werd één schuimige massa en het monster verdween onder de golven. En het bleef dit keer ook echt weg.
      Clint, ik en inmiddels ook de rest van het team dat achter ons stond, keken haar stomverbaasd aan. Het had maar één blik gekost. Zolang ze bij water was, was ze veel machtiger dan elk ander monster, dat zag ik al meteen. Dit kon nog interessant met haar worden.
      Toen Rivka onze blikken zag, haalde ze haar schouders op. 'Poseidon-ding,' zei ze, alsof dat alles verklaarde.



Home of Subject, 10:11 AM Dutch time, September 18th

Aangezien het ons niet een slim idee leek om Rivka in deze toestand naar school te brengen, besloten we haar naar haar huis te brengen. Onze auto en bus zagen er hier en daar verkoold uit, maar reden nog wel. Dat was al iets.
      In Rivka's straat stond vreemd genoeg een blauwe police box die je volgens mij alleen in Engeland zag, dus het was erg vreemd en ik bleef er fronsend naar kijken. Het zou me niet verbazen als er een monster tevoorschijn kwam.
      Om het nog vreemder te maken, opende de deur zich en sprong er een energieke, jonge man uit. 'Eindelijk!' riep hij uit. Hij liep naar me toe en zag er niet echt gevaarlijk uit, dus in plaats van mijn pistool te pakken, legde ik alleen mijn hand erop.
      'Wat nu weer?' vroeg ik me hardop af. De anderen schenen het ook raar te vinden, want ze bleven kalm, maar nog steeds alert, staan.
      'Rebecka Holemen?' vroeg de man aan me met een Brits accent. Was dat nou een strikje om zijn nek?
      'Ja?' zei ik op mijn hoede.
      'Mooi!' reageerde de man vrolijk. 'Ik moet je namelijk waarschuwen. Over een jaar gaat er iets groots gebeuren!'
      'Vertel,' zei ik verveeld. 'Gaat een robot de aarde overnemen? Dat hebben we namelijk al gehad.'
      De man schudde zijn hoofd. 'Veel groters! Ik kan je helaas niet vertellen wat, want dan raakt het continuüm in de war! Ik kom uit de toekomst, namelijk.'
      'Wat?' vroeg ik. 'Dus je waarschuwt me alleen?'
      De man knikte. 'Ik moet er nu vandoor. Sorry! Allons-y!' Hij liep terug naar de blauwe box.
      'Wacht!' riep ik. 'Wie ben je dan?'
      'The Doctor!' riep hij nog net voordat hij verdween.
      Ik fronste. 'Doctor wie?'



Home of Subject, 10:38 AM Dutch time, September 18th

Ik begon medelijden met Rivka te krijgen. Clint en Kate waren met haar en haar ouders aan het praten over dat Rivka met ons mee moest naar Amerika, waar ze het veiliger kon krijgen dan hier. Ze had geen keuze, maar ik dacht dat ze zelf wel doorhad dat dat ook het beste voor haar was. Hopelijk zou ze later nog wel terug kunnen keren.
      Op dat moment voelde ik mijn mobiel trillen. Ik kreeg een bericht.

Gibbs: 'Waren toch geen aliens. Jullie krijgen altijd het leuke werk.'
Gibbs: 'BECKY WAAR BEN JE? ZIE NU HET NIEUWS. ER WAS EEN MONSTER IN NEDERLAND?'
Gibbs: 'Je bent in Nederland. Lieg nou maar niet. Argh.'

Ik: 'NCIS is saai, natuurlijk krijgen wij het leuke werk.'
Ik: 'Gibbs, houd je mond.'

Ergens diep in me begon ik me ook zorgen te maken over wat die Doctor zei. Over een jaar gaat er iets groots gebeuren, maar wat? Werken bij een organisatie die dealde met aliens, superhelden en goden leverde op dat ik alles zo'n beetje gewend was, maar wat hij zei, klonk veel erger.
      Misschien had hij wel ongelijk. Ik bedoelde, hij kwam van de toekomst? Een grapje zeker, maar nog steeds verklaarde het niet hoe hij mijn naam wist en ook hoe hij wist dat ik precies hier zou zijn.
      Ik zag wel. Het zou vast wel op zijn pootjes terechtkomen.



Washington D.C., 9:19 AM US time, September 19th

'Wees vooral niet zenuwachtig,' zei ik, meer tegen mezelf dan tegen Rivka.
      'Sure.' Ze keek nieuwsgierig om zich heen. 'Het ziet er hier best wel cool uit.'
      Ik humde instemmend en keek toen op mijn horloge. Fury mocht nu toch wel opschieten. Per toeval zag ik ook de datum, de negentiende van september. 'Hé, ben je niet jarig nu?'
      Rivka knikte. 'Ja, ik ben vijftien geworden.'
      'Gefeliciteerd,' zei ik. 'Ik heb helaas geen kado voor je. Ik kan je wel mee naar een museum nemen, of zo? Hier zijn daar zat van.'
      'Thanks, maar dat hoeft echt niet. Dat ik hier mag zijn en Washington mag zien, vind ik al heel gaaf,' antwoordde ze.
      Ik zag Clint onze kant op lopen en ik riep naar hem: 'Hé, Hawkeye! Feliciteer Rivka even, ze is jarig.'
      'Gefeliciteerd,' zei hij braaf tegen haar. 'Heb je al een kado gekregen? Misschien wil je mee naar een museum...'
      Ik grijnsde. 'Te laat, heb ik al gevraagd.'
      Op dat moment hoorden we iemand 'Binnen' zeggen. Ik opende de deur en Clint en Rivka volgden me het kantoor in, waar Fury ons op stond te wachten. Hij knikte, als een teken van goedendag, en zei: 'Ik zie dat het gelukt is.'
      Hij knikte nu speciaal gericht naar Rivka en zei: 'Ik ben Nick Fury, director van S.H.I.E.L.D. Welkom in ons hoofdkwartier.'
      'Ehm, bedankt,' reageerde Rivka.
      Fury richtte zich toen op ons. 'Waarschijnlijk vragen jullie twee je af waarom ik jullie aparte informatie heb gegeven. Barton kreeg te horen dat jij, Rivka, naar een speciaal kamp voor mensen zoals jou gestuurd zou worden, terwijl Holemen hoorde dat ze je per direct hier naartoe moest brengen. De waarheid is dit: je mag kiezen.'
      Rivka fronste. 'Kiezen?'
      'Ja,' zei Fury. 'Of je gaat naar een speciaal kamp, Camp Half-Blood, om daar getraind te worden tot een echte Griekse held. Zwaardvechten, monsters afslachten, dealen met lastige goden en wat ze verder ook maar doen. Of je kan hier blijven, waar deze twee,' hij knikte naar ons, 'je zullen trainen tot een echte S.H.I.E.L.D.-agent. Je zult de eerste halfgod in ons team zijn en nog belangrijker: je zult heel wat mensen kunnen helpen. Dus, wat is je keuze?'
      Clint en ik wachtten inspannend af op haar antwoord. Natuurlijk leek het me supergaaf om haar te trainen, maar het is haar eigen keuze. Wat ze ook zou kiezen, ik zou er achter staan. Het zou allemaal vast goed komen.
      Rivka's twijfel begon duidelijk te stijgen en hetzelfde gold voor mijn zenuwachtigheid. Want wat zou ze kiezen?

Reacties (2)

  • GossipGirl21

    Mooi geschreven. Vrolijk kerst.

    2 jaar geleden
  • Snakey_Crowley

    OMGGG!!!! THIS WAS TO GODS-DAMN GOOD!!!!I LOVE IT!!!!
    BUT DUDE!!!! WHY!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!????????????????? IT'S A FUCKING HARD CHOICE...
    BUT I WILL CHOOSE S.H.I.E.L.D. BECAUSE I CAN ALWAYS GO TO CHB.

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen