Foto bij 002

I thought, as the sun lifted once more from the sea, of how truly heartbreaking it is that we all feel zo heavy, and yet, somehow, so damn empty. -Christopher Poindexter

Lily-Rose Harper


Verrast keek ik op, beschaamd langs mijn wangen wrijvend, recht in een paar vriendelijke bruine ogen.
"Liam?" bracht ik met verstikte stem uit, de jongen verrast aankijkend. Hij had een goed jaar geleden een job gehad waar ik woonde, in Sands Point in Long Island, vlakbij de zee. Hij was wekenlang de vaste strandwacht geweest, en ik had hem ontmoet op een warme namiddag, niet ver van mijn huis.
Ik had het onmiddellijk goed met hem kunnen vinden, me perfect herinnerend hoe we soms zelfs na zijn uren hadden afgesproken en langzaamaan vrienden waren geworden.
Dat was echter tot mijn vader het te weten gekomen was, en me had verboden hem nog opnieuw te zien, weigerend zijn dochter contact te laten hebben met iemand van de lagere klasse. Dat was toch wat hij had gezegd.
Kort daarna hadden ze Liam ontslagen. Ik had maar een tel nodig gehad te beseffen wat de oorzaak van die beslissing was geweest, me woedend voelend door de onrechtvaardigheid van de situatie. Die dag was één van de weinige geweest dat ik ooit ingegaan was tegen mijn vader, en ik had er tot op vandaag nog spijt van.
Intimiderend als hij was, kon hij razend worden wanneer mensen het hem moeilijk maakten, en na een klap in mijn gezicht had hij me naar mijn kamer gestuurd, gesnauwd dat omgaan met losers als 'die strandwacht' dergelijk gedrag opleverde. Hij had zelfs nooit de moeite genomen de naam van de jongen die hij had laten ontslaan te weten te komen. Hij had er niet eens om gegeven.
Ik kreeg rode wangen, en keek achter hem naar de blonde jonge man met blauwe ogen, borend in de mijne.
"Gaat het wel met je?" vroeg Liam bezorgd, en snel forceerde ik een glimlach, recht gaan staand en mijn tas van de grond rapend. Kort wierp ik een blik op de enorme campus voor me, en het grote gestructureerde grasveld in het midden.
"Ja... Ja, sorry, ik ben oké." zei ik, mijn hand naar hem uitstekend.
"Het is leuk je nog eens te zien." Hij schoot in de lach, en zijn blonde vriend keek spottend toe, verward door mijn formele gebaar. Beschaamd trok ik mijn arm terug, en verstrengelde mijn vingers voor mijn buik. Liam knikte vriendelijk en kruiste zijn armen.
"Dus, wat brengt je hier?" vroeg hij. Met een zucht keek ik rond me.
"Ik ben toegelaten op Columbia. Dus studeren, als alles meezit." Hij grinnikte en humde.
"Jij ook?" vroeg ik nieuwsgierig, mijn hoofd schuin houdend en hem afwachtend aankijkend.
"Ik? Oh, nee! Ik kom enkel mijn vriendin ophalen." glimlachte hij, en begrijpend knikte ik, teleurgesteld dat ik bij hem dus ook niet zou terechtkunnen voor een slaapplaats.
"Je vriendin slaapt niet op de campus?" vroeg ik, verrast dat te horen. De meerderheid verbleef op de universiteit, voor zover ik wist. Hij schudde zijn hoofd.
"Nee, ik woon samen met enkele vrienden in een grote loft. Ze woont er samen met mij. Het is begonnen met een kennis van één van hen, en dankzij connecties zijn er intussen al wat anderen gekomen en gegaan. Het is praktisch. Iedereen helpt mee en betaalt zijn of haar deel van de huur." Hij wuifde in de lucht, vaag aangevend dat het hier ergens in New York moest zijn.
"Je weet hoe dat gaat." vervolgde hij glimlachend, maar met grote ogen keek ik hem aan. Nee, in feite wist ik helemaal niet hoe dat ging.
Was het gebruikelijk met al je vrienden te gaan samenwonen? Ik kon me de reactie van mijn vader op zo'n ideeën al voorstellen.
"Eh... Ja." zei ik vaag, kort naar de blonde jongen kijkend.
Liam ging verder: "We hebben niet veel en het is vaak wat zoeken, maar we hebben het er gezellig. Het is praktisch voor velen. Sommigen blijven niet lang, en vertrekken wanneer ze een andere oplossing hebben gevonden. Maar iedereen is behoorlijk close met elkaar." Hij haalde zijn schouders op.
"Niall woont er ook." Hij wees op de jongen achter zich, en met een grijns zette hij een stap naar me toe, zijn hand met een speelse blik uitstekend, spottend met mijn formele begroeting. Ik glimlachte schaapachtig, maar nam hem desondanks aan.
"Niall, aangenaam." grinnikte hij, en vriendelijk antwoordde ik: "Rose." Hij knikte en liet zijn ogen kort over me heen glijden, maar werd toen opgeschrokken door een stem achter me.
"Hé, jongens." Ik draaide me verrast om. Het meisje was waarschijnlijk iets ouder dan ik, en had donkerbruin haar, haast dezelfde kleur als haar vriendelijke Bambi-ogen. Zij moest Liams vriendin zijn, bedacht ik me, haar nieuwsgierig bekijkend.
Ze merkte me op en keek me kort aan, naar Liam blikkend en toen naar me glimlachend.
"Hallo.", begroette ze me, zich duidelijk afvragend wie ik was. Ik stak haast mijn hand uit, maar herinnerde me toen de reactie van de jongens, en kruiste mijn armen ongemakkelijk voor mijn borst, vriendelijk knikkend naar haar.
"Sophia, dit is Lily-Rose. Ik ken haar van op het strand waar ik vorig jaar werkte." glimlachte hij, en ik beet kort op mijn lip.
"Rose." verbeterde ik hem ongemakkelijk, mijn volledige naam stiekem hatend. Mijn moeder gebruikte hem doorgaans altijd, al wist ze dat ik het liever niet had. Sophia lachte lief naar me.
"Aangenaam, ik ben Sophia." Ik beantwoordde haar vriendelijke gebaar.
"Is dit ook je eerste jaar?" vroeg ik nieuwsgierig, maar ze schudde haar hoofd, tot mijn teleurstelling. Tot zover vrienden maken uit mijn jaar...
"Nee, mijn derde. Ik ga al eventjes mee." glimlachte ze, haar hoofd schuinhoudend.
"Je eerste dag?" vroeg ze, en ik knikte, haar laten vervolgend: "Heb je je kamer al gezien? Of slaap je ergens anders?" Ik wist dat ze enkel een conversatie wilde starten, maar pijnlijk bewust van de situatie waarin ik verkeerde, beet ik ongemakkelijk op mijn lip.
"Eigenlijk..." begon ik, kort naar mijn voeten kijkend. Ik zweeg even.
"Er is een probleem met mijn aanmelding, en ik heb voorlopig geen plek om te slapen. Maar ik verzin wel iets, ik ken een jongen en ik bel hem straks onmiddellijk op." zei ik vaagjes, beseffend hoe vreemd en belachelijk ik klonk. Sophia's ogen werden groot.
"Nee, echt?" reageerde ze ontzet, naar Liam kijkend en aarzelend vervolgend: "Waarom kom je niet met ons mee? Ik ben zeker dat er nog plaats is op de loft." Mijn ogen verwijdden en ik begon mijn hoofd al te schudden, maar Liam knikte, positief reagerend op haar eerder vragende toon.
"Ja, natuurlijk! Het is hier vlakbij, en iedereen houdt ervan wanneer er nieuwe mensen komen." glimlachte hij, al grinnikte Niall en vervolgde hij: "Bijna iedereen."
Zijn schampere opmerking werd genegeerd, en verward keek ik hem aan, maar hij staarde enkel terug in mijn ogen en grijnsde toen.
"Weet je wat? Ik denk dat het een uitstekend idee is, Liam." Ik opende mijn mond, van de één naar de ander kijkend.
"Oh... Dat is heel aardig, maar ik wil jullie niet tot last zijn. Ik ken iemand, zoals ik zei, en ik ben zeker dat als ik hem opbel ik een oplossing vind." protesteerde ik aarzelend.
Ik had absoluut geen zin mee te gaan met mensen die ik amper kende, om vervolgens te logeren in een loft vol vreemde jongeren die ik nog nooit had ontmoet. Liam was één ding, maar al die anderen? Ik zou nooit zomaar bij een hoop onbekenden blijven overnachten. Misschien was het gebruikelijk zo'n impulsieve beslissingen te nemen, te merken aan de nonchalance waarmee ze een quasi onbekend meisje zonet hadden uitgenodigd. Dat beangstigde me enkel meer, want hoewel duidelijk de meerderheid van mijn leeftijdsgenoten sociaal en spontaan bleek te zijn, hadden de gebreken van mijn opvoeding me eerder beperkt gemaakt op dat vlak.
Ik belde best Marcus op, en zocht morgen zo snel mogelijk naar een oplossing, van harte hopend dat de receptie wat minder druk zou zijn.
Liam schudde echter zijn hoofd.
"Het is een kleine moeite, Rose. Je kent mij, en je kan morgen samen met Sophia naar de campus komen. Plus, zo leer je onmiddellijk nieuwe mensen kennen. Vrienden kan je altijd gebruiken wanneer je in een vreemde stad bent." glimlachte hij, en nieuwsgierig keek Sophia me aan.
"Oh, waar kom je vandaan?" vroeg ze geïnteresseerd. Vaag antwoordde ik, nu al beschaamd over de status van de plek: "Long Island. Niet al te ver, maar ik ben nog haast nooit in Manhattan geweest." Haar ogen werden wat groter.
"Long Island? Waar?" Ik slikte.
"Eh... Sands Point." Niall floot tussen zijn tanden.
"Fuck, hoe rijk ben je?" Liam keek hem afkeurend aan, en ongemakkelijk kruiste ik mijn armen voor mijn borstkas. Sophia glimlachte lief naar me.
"Je bent zeker welkom bij ons." glimlachte ze. Me opnieuw verbazend over hun gastvrijheid keek ik hen aan, maar schudde toen mijn hoofd.
"Het is echt heel vriendelijk, maar ik..."
"Maar je belt je kennis wel op?" vulde Niall spottend aan, duidelijk niet begrijpend waarom ik hun aanbod afsloeg. Ik opende mijn mond, maar geen geluid kwam eruit, en knikte schaapachtig.
Liam haalde zijn schouders op.
"Oké, goed dan. Weet dat de uitnodiging geldig blijft." glimlachte hij, en dankbaar knikte ik, Niall ongemakkelijk aankijkend. Hij intimideerde me, en ook al haatte ik het, ik kon het onmogelijk verbergen.
Sophia nam afscheid van me, me succes wensend met het begin van mijn studies, en vertrok toen samen met de twee jongens.
Op mijn lip bijtend keek ik hen na, hun woorden in mijn hoofd herhalend. Hoe was het mogelijk dat ze me in die mate vertrouwden en zomaar uitnodigden op hun loft? Aan de andere kant leefden er duidelijk behoorlijk wat mensen, en Liam had immers gezegd dat velen er een korte tijd bleven.
Waarschijnlijk waren ze inmiddels al gewend aan kortstondige huisgenoten.
Aarzelend beet ik op mijn lip, mijn gsm ronddraaiend in mijn handen. Iets hield me tegen naar Marcus te bellen, al wist ik niet echt wat. Misschien wel het feit dat ik al onmiddellijk iets van hem nodig had, ook al had ik hem jaren niet gesproken. Wat als hij me niet kon helpen?
Ik zuchtte trillerig en wipte zenuwachtig op en neer met mijn been op de grond, de drie nogmaals nakijkend.
Het was zo toevallig geweest, haast als een geschenk uit de hemel...
En had ik mezelf niet beloofd dit alles alleen aan te pakken? Het was nu aan mij om te bewijzen dat ik onafhankelijk en zelfstandig kon zijn, al had ik geen idee hoe ik er in godsnaam aan moest beginnen. Ik had nog nooit voor mezelf moeten zorgen.
Maar nu was ik hier, alleen in de grote stad, klaar om aan de universiteit te beginnen. Wat als het een teken was dat ik de kansen die ik kreeg, moest grijpen?
Hier had ik geen werknemers die klaarstonden om al mijn wensen in te lossen. Mijn vader was er niet om bevelen te snauwen en mijn leven voor me te plannen. Ik kende niemand.
En plots, in die specifieke seconden, nam ik een beslissing. Waar ik vannacht ook sliep, het was niet waar ik mijn avond had gepland, en ik zou me maar moeten neerleggen bij de consequenties van mijn eigen daden.
Snel greep ik mijn tas van de grond en gooide het over mijn schouder, mijn trolley grijpend en snel de achtervolging inzettend.
Sophia moest me gehoord hebben, want eens ik hollend dichterbij kwam en de kleine wieltjes van mijn valies luid te horen waren op de weg, draaide ze zich verrast om, glimlachend toen ze me zag.
"Hey." lachte ik ademloos, haar blozend aankijkend.
"Dus... Kan ik toch mee?"

Ik probeerde nauwelijks te reageren eens we in de richting van het dichtstbijzijnde metrostation wandelden, niet durven toegevend dat ik nog nooit met het openbaar vervoer had gereisd.
Ik was opgegroeid met het idee dat het voor de lagere klasse was, vuil en smerig.
Niall had me echter snel door, eens ik schaapachtig moest toegeven dat ik geen pasje of kaartje had, en evenzeer geen idee had hoe ik eraan moest geraken.
"Heb je nog nooit met de metro gereisd?" vroeg Sophia verbaasd, en met rode beschaamde wangen schudde ik mijn hoofd.
"Rijke mensen, typisch." snoof Niall binnensmonds, en snel slikte ik, hem niet willen tonend hoe hard zijn opmerking me raakte. Gelukkig schoot Liam me te hulp, me vlug uitleggend hoe ik een kaartje moest kopen aan de automaat, en zijn lach inhoudend toen ik met mijn mouw over het touchscreen van de computer veegde.
Ik keek angstig rond me in de metro, de zwarte leegte buiten enger dan verwacht vindend, en klampte me vast aan de paal, met mijn bagage opgestapeld naast me, en ongemakkelijk tussen hopen andere mensen.
Nieuwsgierig keek ik rond me eens we, tot mijn grote opluchting, terug op vaste grond stonden, middenin een typische New Yorkse wijk, al waren de gebouwen niet al te hoog en was de drukte relatief aanvaardbaar.
Ik draaide een rondje, alles in me opnemend, en kreeg een glimlach op mijn gezicht. Het was zo anders dan Long Island, maar ik voelde me er nu al goed, beseffend dat dit mijn leven zonder ketens en regels was. Een nieuwe start, en ik maakte er maar beter het beste van.
De loft waarin ze verbleven lag in een behoorlijk aftands complex, met afgebladderde verf aan de deur en versleten stenen. Maar het had iets, en binnen was de kleine inkomhal normaal ingericht, licht en sober.
De lift was klein, en met wat gesukkel wurmde iedereen zich naar binnen, mijn bagage inbegrepen. Zenuwachtig pulkte ik aan mijn nagels, hopend dat de rest van de bewoners even gastvrij zou zijn, en me niet onmiddellijk terug op straat zou zetten.
Dan zou ik alsnog naar Marcus moeten bellen.
"We zijn er." gromde Niall, duidelijk opgelucht, en ongemakkelijk keek ik hem aan, me afvragend of hij werkelijk een afkeer had van mij, of van nature afstandelijk was tegen vreemden.
Aarzelend volgde ik hen naar de enige deur op de zesde verdieping, in een donkere, aftandse kleine hal. Er ging niets aan de muren, enkel een bestofte lamp die niet werkte, en een vijftal elektriciteitsdraden aan het plafond. De muur was niet geschilderd of behangen, en het beton vertoonde op sommige plaatsen vochtplekken, alles een kille indruk gevend. Ik rilde, en Sophia leek het te merken.
"Binnen is het stukken beter." stelde ze me glimlachend gerust, net toen Liam de sleutel in het slot stak en de simpele grijze deur opende. Onmiddellijk kreeg ik een stortvloed aan lawaai en drukte over me heen, en met een bemoedigend kneepje in mijn schouder duwde Sophia me voorzichtig naar binnen, achter de twee jongens aan.
Verrast keek ik rond me, de absurde plaats in me opnemend. Het was één grote ruimte, met enkel een paar deuren in de bakstenen muur rondom. Op sommige plekken was er geschilderd, soms volledige vlakken of op plaatsen slechts een streep in een felle kleur, alsof iedereen ooit was begonnen de loft te schilderen, maar nooit verder gegaan was. Rechts van de voordeur was de keuken, met een enorme houten eettafel onder het grote raam in de wand, en een grote aftandse spoelbak. De koelkast was felroze, geplaatst tegen een stuk muur dat lichtgroene verfstrepen had. Er stond een blond meisje in een korte jurk bij het aanrecht, roerend in een pan. In het midden van de volledige ruimte stond een glazen tafel op een wit zacht tapijt, in hevig contrast met de rest van het decor, en haast het enige minimalistische meubel in de volledige loft. Links van de deur stond een overvolle kapstok, met erachter een strandstoel en een oude piano, de combinatie absurd en onlogisch. Erboven hingen enkele foto's, en ik herkende Liam en Niall in sommige, al waren al de anderen complete vreemden.
Verder rechts, op het einde, stonden drie enorme sofa's, allemaal verschillend van elkaar en tot op de draad versleten, met een vijftal totaal contrasterende tapijten eronder, gaande van lichtblauw tot donkerrood. Aan de muur hing een televisie en ernaast een op sommige plekken kapotte kast, met slechts een enkele boek. Hopen dvd's en cd's lagen verspreid op de grond, in stapeltjes en schijnbaar zonder logische volgorde.
Ernaast, in de linkerhoek, zag ik een rommelige kamer met twee ongemaakte bedden, normaal afgescheiden met zware bruine gordijnen aan balken in het plafond, die inmiddels geopend waren en zicht boden op de ruimte. In één van de bedden lag een zichtbaar haast naakt meisje, ontspannen slapend en niet bewust van de commotie rond zich.
Verder waren er slechts drie deuren; één houten ter hoogte van de glazen tafel in de linkermuur, een andere, oranje geschilderde, naast de hoek met de rommelige kamer en de gordijnen, en de laatste ernaast, enkele meters verder, achter de sofa's en de televisie met de kapotte kast.
De volledige loft was een samenraapsel van willekeurige meubels en kleuren, niet passend en compleet absurd. Maar het had, vreemd genoeg, iets gezelligs en huiselijks. Je zag dat er geleefd werd, en het was voor het eerst in mijn leven dat ik een dergelijke woonplaats binnenstapte.
In de sofa's zaten een drietal mensen, schreeuwend en me sterk verbazend over het geluid dat ze wisten te produceren.
"Hey!" schreeuwde Niall, en onmiddellijk keek iedereen verstoord om, stilvallend, al kreunde het meisje bij het aanrecht dramatisch.
"Hou je mond, idioot." Ze draaide zich naar ons om, haar ogen hevig opgemaakt en haar lippen rood gestift.
"Alsof ik rekening moet houden met je eeuwige kater, Hannah.", snauwde hij, naar de groep lopend en neerploffend.
"Wie heb je meegebracht, Niall?" vroeg een grappig uitziende jongen met blauwe ogen en bruin haar hem, naar me kijkend en een jongensachtige grijns tonend.
Ik bloosde nu de aandacht op mij gericht werd, en speelde zenuwachtig met de rits van mijn korte jasje, kijkend naar de toppen van mijn ballerina's.
"Jongens, dit is Rose. Ze gaat samen met Sophia naar Columbia." zei Liam, me een bemoedigend duwtje in de rug gevend. Hij wees de anderen één voor één aan.
"Niall ken je al. Dat daar is Louis." zei hij, wijzend op de bruinharige jongen met het baardje, verder gaand en knikkend naar een behoorlijk jonge man met een staartje in zijn blonde haar, en grote blauwe ogen.
"Aiden." zei hij, en nerveus glimlachte ik naar de jongen in kwestie, die mijn gebaar vriendelijk beantwoordde.
"En dan Mia." vervolgde Liam. Nieuwsgierig keek ik naar het zwartharige meisje naast hen, met een laptop op haar schoot en een brede grijns op haar gezicht.
"Hoi." mompelde ik, terwijl het blonde meisje -Hannah, dacht ik, langs ons liep.
"Oh, en dat is Hannah." zuchtte Liam, al keek ze niet eens op, ongeïnteresseerd neerploffend in de enige vrije sofa even verder en haar benen kruisend, een magazine van het oranje salontafeltje grissend.
"Waar is Stella?" vroeg Sophia, haar armen kruisend en rond zich kijkend, maar Aiden haalde zijn schouders op.
"School, denk ik." mompelde hij, zijn blik afwendend en recht gaan staand.
"Wie is..." begon ik ongemakkelijk, me verbazend over de hoeveelheid mensen die hier woonde. Sophia glimlachte.
"Ze verblijft hier nog niet zo lang. Je zal haar vanavond wel ontmoeten." glimlachte ze, terwijl Liam zijn jas uittrok en aan de kapstok hing.
"En Harry?" Nu leek hij wel ieders aandacht te vangen. Hannah keek onmiddellijk op, en Louis wees in de richting van de enige houten deur in de linkermuur.
"In zijn kamer." humde hij. Liam zuchtte diep, waarop ik verloren in Sophia's ogen blikte.
"Harry regelt de meeste zaken hier. Het is via hem dat de meesten hier terechtkomen. De loft was vroeger van zijn broer, vermoed ik." legde ze glimlachend uit, maar Louis snoof schamper.
"Het punt is dat hij gewoon de grootste kamer heeft en de enige is met een eigen badkamer." De rest gniffelde, terwijl Liam naar de deur liep en tegen zijn zin zijn hand ophief, kloppend
"Hier komt hij." grijnsde Niall, onmiddellijk een klap tegen zijn hoofd krijgend van Aiden. Ik begreep niets van hun wartaal en slikte.
Sophia zuchtte, hem vernietigend aankijkend en me opnieuw een korte glimlach schenkend, lief als ze was.
"Negeer Niall. Het komt allemaal goed, Rose. Harry valt best mee." Ze aarzelde en beet kort op haar onderlip, terwijl ik spottend gegrinnik vanuit de sofa's hoorde komen.
"Hij kan wat moeilijk zijn, vat het niet persoonlijk op." zei ze uiteindelijk nog voorzichtig en zacht, net toen ik een diepe hese stem achter me hoorde, tot mijn verbazing met een Brits accent: "Wie is dat?"
Onmiddellijk draaide ik me om met grote ogen, recht in een paar betoverende groene kijkend. De adem stokte in mijn keel, en lichtjes ontzet keek ik de jongen voor me aan.
Hij leunde met zijn schouder nonchalant tegen de deurpost van zijn kamer, eruitziend alsof hij controle en macht over alles en iedereen had, zo zelfzeker en autoritair. Hij had lange bruine krullen, rustend in zijn gespierde nek en op zijn brede schouders, en de prachtigste ogen die ik ooit had gezien. Zijn volle roze lippen grimasten ontevreden, en afwezig liet hij het puntje van zijn roze tong erlangs glijden, ze lichtjes bevochtigend en een verleidelijke glans gevend. Hij klemde zijn tanden op elkaar, zijn kaaklijn nog scherper dan voorheen, terwijl hij me met zijn brandende blik bekeek, elke centimeter van mijn lichaam en gezicht onderzoekend, op de meest overdonderende manier die ik ooit had meegemaakt.
Hij was zo intimiderend, en ik kon niet zeggen dat ik al ooit iemand als hem had gezien. Zijn houding, zijn gezichtsuitdrukking, de frons tussen zijn mooie ogen; het liet me trillen van angst. Het was alsof hij me onzeker kon laten voelen zonder iets te doen, door enkel te kijken en te observeren, als een persoon die zonder moeite alle aandacht van iedereen rond zich opeiste, waar hij ook was of wat hij ook deed. Hij leek het zwaartepunt van de ruimte te zijn, blikken aantrekkend als een magneet en moeiteloos respect afdwingend. Ik besloot dat hij één van die zeldzame personen was die de gave bezat mensen te manipuleren en te intimideren, gewoon door er te zijn en hen enkel met die donkere dreigende blik te waarschuwen dat je je beter niet met hem inliet.
Precies dezelfde blik die hij mij op dit moment schonk.
Slikkend keek ik weg, zijn blik niet aankunnend, en liet mijn ogen over zijn lichaam glijden. Hij droeg enkel een korte sportshort, en een wijd wit T-shirt, zijn lichaam op de meest verleidelijke manier tentoonstellend. Hij was groot, hem er enkel nog dreigender laten uitziend, en had brede sterke schouders en grote handen. Op zijn arm zag ik verschillende tatoeages, de zwarte inkt in een haast perfect contrast met zijn gebruinde huid, en ik vroeg me af hoe het kwam dat ze hem enkel mooier en verleidelijker maakten, ook al had ik tatoeages altijd gehaat.
Zelfs op zijn voeten had hij er. Zijn lange benen waren echter gespaard gebleven, voor zover ik kon waarnemen. Hij kruiste zijn armen voor zijn borstkas, zijn spieren onmogelijk te negeren, en ik slikte zichtbaar.
Hij was zo mooi, prachtiger dan elke andere jongen die ik ooit had gezien. En hij deed dingen met me, me nog verwarder en nerveuzer dan voorheen makend. Ik had geen idee hoe ik me moest gedragen in zijn buurt, niet willen overkomend als de verlegen, saaie, preutse zeventienjarige die ik was.
"Harry, dit is Lily-Rose.", stelde Liam me voorzichtig voor, en snel keek ik op, recht in Harry's groene ogen.
"Rose.", verbeterde ik Liam vlug, en Harry humde eens, me ongegeneerd bestuderend, niet in de kleinste mate ongemakkelijk, al stond ik te trillen op mijn benen.
"En wat doet Rose hier?" vroeg hij spottend en kleinerend. Mijn buik maakte een salto toen ik hem mijn naam met zijn sexy hese stem hoorde uitspreken in dat zalige accent, zijn onweerstaanbaar mooie lippen langzaam bewegend. Hij sprak traag en diep, de aandacht onverbiddelijk naar zich toe trekkend.
Iedereen zweeg, alsof het enkel normaal was je mond te houden wanneer Harry aan het woord was.
"Ze heeft geen slaapplaats voor vanavond, dus ik dacht..." begon Liam aarzelend, maar Harry stootte een schampere, pijnlijk mooie lach uit, me honend aankijkend.
"Wat? Dat ze hier kon slapen? Vergeet het." snauwde hij, Liam onderbrekend, en ontzet keek ik in zijn groene ogen, de mijne wat verwijdend. Hij kneep ze tot spleetjes, zijn kin opheffend en Liam vervolgens terug aankijkend.
"Stella en Mia moeten nu al op de sofa's slapen, en Aiden ligt al weken in Nialls en Louis' kamer. Er is geen plaats." zei hij, waarschuwend en duidelijk geen protest duldend.
"Ze kan nergens anders slapen, Harry. Je kan haar toch niet zomaar op straat zetten?" wierp Sophia tegen, en ongemakkelijk kruiste ik mijn armen voor mijn borstkas.
"Ik vind wel een oplossing." zei ik zacht, Harry niet in de ogen durven kijkend, maar Liam schudde zijn hoofd.
"Je slaapt hier, Rose." zei hij koppig0 Met een diepe frons keek Harry hem echter aan.
"Ik zei 'nee', Liam. Is dat zo fucking moeilijk te begrijpen? De huisbaas is nu al woest dat we met tien in een loft voor vier wonen." gromde hij, geërgerd in mijn richting blikkend.
"Was dat alles?" vroeg hij vervolgens verveeld, duidelijk gefrustreerd dat ze hem hiervoor hadden gestoord en zich al afzettend tegen de deurpost.
"Harry, komaan. Ze kent niemand! Hoe kan je het maken haar zomaar buiten te gooien?" protesteerde Liam, en zenuwachtig keek ik van de één naar de ander. Harry liet een zucht horen. Het was een hele tijd stil, waarin hij me onderzoekend aankeek, maar zijn handen toen verslagen ophief en Liam een woedende blik schonk.
"Oké, fuck. Maar als je toch zoveel om haar geeft, kan je zelf zorgen voor een plek voor haar. Het is niet mijn probleem, begrepen? Ik wil er niets mee te maken hebben.", snauwde hij, voor hij me nog een blik toewierp, maar zich toen omdraaide en zijn kamer terug binnenging, de deur dichtgooiend met een luide klap, ons allemaal stil en ongemakkelijk achterlatend, mij voorop.

--
Dus Harry is een bitch...
Dankjewel voor jullie reacties op mijn eerste hoofdstukje! Het verhaal wordt nu nog wat opgebouwd, maar er komt snel schot in! Hoop ik...;)
En omg, is iedereen ook zo verslaafd aan Infinity?:OHet geeft me zoveel feels...
Hoe gaat het verder met jullie?
xxx

Reacties (8)

  • GossipGirl21

    Goed geschreven hoor.

    9 maanden geleden
  • Parawhore

    Bitchy Harry = Me likey ^^
    Ohh, ik ben echt zo ontzettend benieuwd naar je verhaal !
    Ik kan echt al niet meer wachten tot een nieuw hoofdstukje!
    Al moet ik bekennen dat ik soms nog aan Aurarry denk =((((
    Maar dan nog, dit hoofdstukje is alweer klqdfkdmsqfnjqkdmsghjkqdfg.
    Elk hoofdstukje van jou is qlksdfjkldsjvkdfmqjgqdklfjgsdklfg.
    Je schrijft echt zo geweldig Iluna *zucht*.
    Ik ben echt jaloers op jouw schrijfstijl!
    Geef je toevallig geen lessen in het schrijven? =D
    Anders wil ik me graag opgeven =D

    xxx

    4 jaar geleden
  • AllDayDreams

    Niet te geloven dat dit pas hoofdstuk 2 is. Je weet me nu al helemaal in te pakken met dit verhaal!
    En inderdaad: Harry is echt een bitch.
    Niall is trouwens ook niet zo'n lievertje, hoor.

    Infinity. Wow, wow, wow!
    Ik hou zo ontzettend veel van dit lied.
    Het is pas het 2e liedje dat ik heb gehoord van het vijfde album, maar ik ben er nu al van overtuigd dat dit mijn favoriete gaat worden.

    Snel verder xx

    4 jaar geleden
  • kimmybiebzz

    Ik vind je verhaal nu al geweldig en kan niet wachten op het volgende hoofdstukje!! Ik hou van harry in dit verhal en ben benieuwd hoe het verder gaat. Het liefst zou ik dit verhaal in 1 keer uit willen lezen.

    Xox kim

    4 jaar geleden
  • xoMrsHoran

    Ik werd serieus warm vanbinnen, toen harry in het verhaal kwam....
    Ik heb er verder geen woorden voor, behalvr dat t heerlijk is dat we een nieuw verhaal van je hebben!
    Xx

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen