Foto bij Over licht en donker [OP]

Ik had dit oorspronkelijk geschreven voor een schrijfwedstrijd, maar waarom zou ik het niet ook online gooien?

Zij liep door het licht, maar verlangde niets meer van het leven. Alles wat ze wilde, had ze gehad, lang geleden. Nu was ze alleen en ze verlangde naar de tijd toen de zon nog werkelijk scheen. Toen de warmte op haar blote armen ook haar hart bereikte.

Hij werd wakker in het donker en met een onweerstaanbaar verlangen. Hij vocht voor zijn verlangen, hij wist dat hij moest terugkeren naar het licht. Instinctief wist hij dat hij daar zou vinden wat hij zocht, hoewel hij bijna was vergeten wat dat was. Een ongekende kracht in hem vocht zich los uit zijn gevangenis, maar hij stuitte alleen maar op meer duister. Hij was omringd door donker, maar zijn verlangen maakte zijn hoofd helder en zijn vechtlust krachtig.

Zij was omringd door het licht, en probeerde te ontsnappen aan het duister in haar hoofd. Maar haar gebrek aan verlangen maakte dat haar vechtlust bijna was uitgedoofd. Hij vocht tegen de verstikkende duisternis, zij verlangde ernaar om erin te vallen en nooit meer terug te komen. Het klonk als comfort voor haar, al was ze nog niet klaar. Nog niet vandaag.

Hij hoorde voetstappen, en het bekende geluid gaf hem meer kracht. Zij luisterde naar haar eigen voetstappen, die weerklonken in de stilte. De wereld om haar heen leek de zon te vieren, maar het gelach van de mensen was hier uitgedoofd. Ze kon zich niet herinneren wanneer ze voor het laatst gelachen had. Hij lachte toen hij het eerste straaltje licht door het donker heen kon zien en zijn vrijheid eindelijk bewaarheid werd. Hij herkende het vreemde geluid van zijn eigen lach niet, maar dat stoorde hem niet. Zij hoorde een vreemd geluid dat haar kippenvel gaf. Krachtiger hield ze vast aan de bloemen in haar hand. Hij begon kleur te zien door de duisternis. Zij sloot haar ogen even, en zuchtte zachtjes. Elke dag moest ze weer de kracht zien te vinden om door te gaan op dit punt.

Zij richtte haar ogen op het graf, en liep met kleine passen naar het monument toe. Zijn naam op het graf maakte het altijd zo echt, zo griezelig. Haar ogen richtten zich weer op het pad. Ze hoorde de vreemde geluiden niet, of deed alsof ze het niet hoorde. En toen ze voor zijn graf stond, en een grom hoorde vanuit het zand, legde ze de bloemen zwijgend voor de armoedige grafsteen.

Hij was vrij! Zijn hand reikte naar het licht, en vond de stengels van een plant. Hij sloot zijn vingers om het voorwerp, en kneep het fijn zonder nadenken. Hij hoorde een hoge gil, en zodra zijn ogen gewend waren aan het licht, keek hij in haar ogen. Zij glimlachte, met tranen in haar ogen. Tranen van geluk. De angst van eerder was verdwenen, haar hoofd was licht. Hij was ontsnapt uit het donker, en beiden zagen ze licht waar het niet eerder was. Zij verlangde weer, hij verlangde heviger. Zij pakte zijn hand, zijn huid voelde niet meer zo zacht als het ooit was geweest. Hij vocht zich los van de laatste duisternis en keek haar aan. Haar handen gingen langs zijn verrotte huid. Hij wist wat hij wilde. Zij wist wat ze wilde. Hij kuste haar en ze kuste terug. Ze voelde zijn tanden in haar lippen en ze wist dat het einde nabij was. Hij had haar besmet. Haar adem stokte in haar keel. Hij glimlachte gelukkig. Zij glimlachte terug.

Reacties (1)

  • Peperoni

    Wauw. Ik vind het prachtig!

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen