Catherine Sneep,
      Ik zou blij zijn als je me zou willen vergezellen voor een lunch in kamer C.
      Met vriendelijke Groeten,
      Professor H.E.F Slakhoorn.



“Wie is Professor Slakhoorn?” vroeg Marcel, die naar zijn eigen uitnodiging keek. “Een nieuwe leraar,” zei Harry. “Nou, ik denk dat we dan maar moeten gaan, niet waar?”
      “Maar wat moet hij met mij?” Marcel fronste zijn wenkbrauwen.
      “Geen idee,” zei Harry. Catherine had ook geen idee waarom zij werd uitgenodigd, ze was niet eens zo belangrijk – waarom had ze dan die uitnodiging, net als Marcel?
      “Luister, laten we onder de onzichtbaarheid mantel gaan, dan kunnen we misschien zien wat Malfidus van plan is.”
      “Geen denken aan dat ik onder dat ding ga,” snoof Catherine. “Gaan jullie maar – ik ga alvast vooruit, dat valt het minder op.” Ze stond op en ontweek de mensen die op de snoep kar stonden te wachten. Ze voelde de aanwezigheid van Harry en Marcel nog achter haar, ze kwamen Cho Chang nog tegen, de ex van Harry. Catherine beet op haar lip toen ze haar voorbij liepen. Toen ze bij appartement C waren, zagen ze dat ze niet de enigste waren die waren uitgenodigd.
      “Harry, mijn jongen.” zei Professor Slakhoorn, hij sprong op van zijn plek. “Goed om je te zien, goed om je te zien,” herhaalde hij. De Professor draaide zich om naar Marcel en Catherine. “Jullie moeten dan Meneer Lubbermans en Mevrouw Sneep zijn?” Beiden knikten bevestigend. Afgezien van hun drie, waren er nog een aantal meer. Professor Slakhoorn stelden hen voor als Cormac Stoker en Marcus Belby. Ook zagen ze Ginny zitten en Catherine nam snel naast haar plaats.
      Toen de jongens ook plaats hadden genomen ging Professor Slakhoorn weer vrolijk verder met vertellen. “Nou, ik was net aan het vertellen over onze jonge Marcus hier. Ik had het genoegen om zijn oom Damocles les te geven.” Vertelde Slakhoorn hen die nu broodjes aan het uitdelen was – Catherine nam er gretig eentje, ze had al een tijdje niet gegeten. “Een geweldige tovenaar, uitstekend, en hij heeft zijn Orde van Merlin echt verdient! Zie je je oom vaak, Marcus?”
      Alleen had Belby zich net verslikt in een grote hap van zijn fazant; waarschijnlijk wou hij te snel op de vraag van Slakhoorn antwoorden dat hij zich had verslikt, zijn gezicht werd snel paars. “Anapneo,” zei Slakhoorn kalm en hij wees met zijn toverstok op Belby en de paarse kleur verdween.
      “Nee... ik... zie hem niet vaak.” Hijgde hij.
      “Nou, ja, natuurlijk. Hij is druk natuurlijk.” zei Slakhoorn. Hij keek de jongen vragend aan. “Ik betwijfel niet dat hij de uitvinder is van de Wolfsbane drank, door hard werken natuurlijk.”
      “Ik neem aan dat...” zei Belby, hij was namelijk bang om nog een hap van zijn fazant te nemen tot Slakhoorn klaar met hem was. “Eh, hij en mijn vader kunnen niet goed overweg. Dus ik weet niet veel over...” zijn stem vervaagde. Slakhoorn draaide naar Stoker en Catherine draaide zich om naar Ginny. Zo'n leraar was het dus; hij wou wat van de mensen waarvan hij wat kon hebben. Belby met zijn oom, Stoker ook vanwege zijn oom en Zabini moest vast uit zijn genodigd vanwege zijn moeder. “En nu,” zei Slakhoorn met een dramatisch effect (wat je dramatisch kon noemen). “Harry Potter, waar moet ik beginnen? De uitverkoren, dat is hoe ze je nu noemen.” Niemand zei iets, Marcus, Stoker en Zabini staarden naar hem terwijl Marcel, Ginny en zij alleen maar zaten te glimlachen. “Natuurlijk,” zei Slakhoorn. “Zijn er al jaren geruchten. Ik herinner me goed, na die verschrikkelijke nacht, Lily en James, en jij overleefde het, ze zeggen dat je buitengewone krachten moet hebben-”
      Zabini gaf een kleine hoest die scepsis klonk. Catherine draaide met haar ogen richting Harry en gaf een kotsbeweging. Harry grinnikte zachtjes. “Ik zou maar oppassen met deze dames Zabini, ach, hoe dan ook, zulke geruchten deze zomer. Natuurlijk hoeft met die niet te geloven, de Profeet heeft het vaak mis, maar dit is er geen twijfel. Gezien het aantal getuigen dat er waren op het Ministerie. Zo bescheiden, zo bescheiden, geen wonder dat Perkamentus zo dol op je is, Maar de rest van de verhalen - zo sensationeel, natuurlijk, men weet niet helemaal wat te geloven - die legendarische profetie, bijvoorbeeld-”
      “We hebben de profetie gehoord,” zei Marcel, die rood werd.
      “Dat klopt,” viel Catherine in. “Marcel, Ginny en ik waren er bij. Al dat gedoe van de Uitverkoren is gewoon onzin. De Profeet lult weer dingen zoals gewoonlijk.” Catherine stond op, wat de aandacht van de rest trok. “Als u ons alleen uitgenodigd heeft om informatie te krijgen van wat er gebeurd is op het Ministerie, ben ik weg.”
      Misschien had Catherine niet weg moeten lopen, maar de man gaf haar zo veel irritatie, dat ze gewoon geen zin meer had om naar hem te luisteren. Hij had haar, Marcel en Ginny alleen maar uitgenodigd omdat ze toevallig ook aanwezig waren op het Ministerie.
      “Waar zijn de anderen?” vroeg Ron toen Catherine binnen kwam lopen met een zuur gezicht. “Die zijn er nog, ik ben weg gegaan.”
      “Waarom?” vroeg Hermelien die haar wenkbrauwen fronste.
      “Hij wou weten wat er op het Ministerie gebeurt was,” legde ze uit. “Daarom waren Marcel en Ginny ook uitgenodigd.”
      “Was Ginny er ook?” vroeg Ron verbaast. Catherine ging zitten. “Alleen omdat Professor Slakhoorn toevallig langs liep toen ze een spreuk deed.”

De verdere rit naar Zweinstein was zoals voorheen, de drie hadden bij gesproken over hun vakantie en Catherine was jaloers dat haar vader haar niet naar de Wemels had laten gaan, sinds haar vakantie echt saai was geweest. Catherine schudde haar hoofd – ze was nog nooit jaloers op iemand geweest omdat ze alles had waar ze blij van was. Langzamer hand kwamen ze aan bij Zweinstein en nog steeds was Harry niet terug gekeerd – er was wat gebeurt wist ze. Ze wist dat hij naar Malfidus was gegaan. “Harry komt wel,” zei Hermelien toen ze het meisje voor de zoveelste keer bezorgt achter om zag kijken. Inmiddels hadden ze de laatste koets genomen en waren ze al in de Grote Hal. Catherine wist wel dat ze zich geen zorgen hoefde te maken, hij had wel ergere dingen meegemaakt, toch kon ze zichzelf er niet van weerhouden om niet bezorgt te zijn.
      “Ja,” murmelde Ron. Die een stuk kip pakte.
      “Stop. Eens. Met . Eten. Je beste vriend word vermist.” Met elk woord waar ze stopte sloeg ze hem. “Nee hoor,” zei Ron droog. “Daar komt hij al aan.”
      Hermelien en Catherine draaiden zich beiden om en zagen de jongen inderdaad langs de tafel van Huffelpuf lopen. Voor dat mensen doorhadden dat hij pas net aan kwam, plofte hij tussen Catherine en Hermelien in. “Waar heb je – wat heb je met je gezicht gedaan?” vroeg Ron die naar hem staarde – net als ieder ander in de buurt.
      “Waarom? Wat is er mis mee?” zei Harry en hij pakte een lepel om zijn eigen gezicht te zien.
      “Het zit helemaal onder het bloed,” zei Catherine die haar stok pakte. “Tergeo!” Het bloed droop langzaam af.
      “Dankje,” zei Harry en hij keek haar aan. “Hoe ziet mijn gezicht er uit?”
      “Buitengewoon normaal,” glimlachte ze. “Wat is er gebeurd?”
      “Catherine dacht dat je was omgekomen.” grinnikte Ron. “Niet,” verweerde het meisje terwijl ze een trap tegen de scheen been van Ron gaf. “Ik was gewoon bezorgt.” Catherine greep de hand van Harry vast en negeerde het gesprek van de drie terwijl ze snel verder ging met haar toetje, voordat die verdween (Ron had het zelfde idee.)
      Tegen de tijd dat Perkamentus ging staan, had iedereen zijn buik vol en ze wachtten geduldig tot ze naar hun slaapzalen mochten. Hij rees zijn handen op en Catherine fronste bij het zien daarvan, het leek dood. “Niks aan de hand, niks aan de hand,” zei hij. “Nu, voor onze nieuwe studenten; welkom. En voor onze oude, welkom terug. Een nieuw jaar wacht op jullie.... En de heer Vilder, onze conciërge, heeft mij gevraagd om te zeggen dat er een algeheel verbod op elke grap items gekocht in de winkel genaamd Wizard Wheezes Wemels. De gene die dit jaar willen spelen in hun Zwerkbal team moeten dit aan de gouch van jullie huis vragen, we zijn ook opzoek naar nieuwe Zwerkbal commentatoren, die het zelfde moeten doen. We zijn blij om een nieuw medewerker aan tekondigen voor dit jaar, Professor Slakhoorn,” Slakhoorn stond op. “is een oud-collega van mij die heeft ingestemd om zijn oude vak Potions te hervatten.”
      Catherine keek verbaast op. Potions? Haar vader had haar nooit verteld dat hij wat anders zou gaan doen. “Wist je dit?” fluisterde Harry in haar oor. Er ging een zachte rilling over haar rug. “Nee, hij heeft me niks verteld.” antwoordde ze terug terwijl ze sommige blikken negeerde.
      “Professor Sneep, zal in de tussen tijd.” Perkamentus verhief zijn stem om boven het gefluister uit te komen. “Zal de positie Verweer tegen de Zwarte kunsten over nemen.”
      Catherine glimlachte breed – ze wist dat dit altijd al haar vaders droom geweest was. “Nou, er is een goed ding er aan.” zei Harry. “Sneep zal weg zijn voor het einde van het jaar.” Catherine draaide zich om naar haar beste vriend. “Wat bedoel je?” (Ze luisterden niet naar het verdere gesprek van Perkamentus, het was elk jaar het zelfde.)
      “Die vak is behekst, niemand heeft het meer dan een jaar volgehouden. Krinkel is gestorven daardoor... ik hoop op een ander sterf geval,” zei hij, niet nadenkend dat zijn dochter naast hem zat. Oké, Catherine wist wel dat Harry een hekel had aan haar vader en omgekeerd ook. Maar hem de dood in wensen? Ze liet zijn hand kwaad los. “Harry,” riep Hermelien, geschokt. Catherine was blij dat ze weg konden gaan, ze had geen zin in een confrentasie met hem. “Als je mijn vader zo graag dood wil hebben. Fijn doe je ding. Ik dacht dat jij het wel begreep hoe het is om je beiden ouders te verliezen.” brieste ze. Ze stond op, precies op het moment waarop Perkamentus zei dat ze naar boven konden gaan. Ze vroeg nog snel even aan Hermelien het wachtwoord en vertrok richting de zevende verdieping.
      Kom-op. Harry heeft wel ergere dingen gezegd over je vader, sprak ze zichzelf toe. Laat je dag niet door hem bederven. Catherine ging gelijk door naar bed - ze was moe en had geen zin om na te kletsen over haar zomer. Toen de anderen langzamerhand binnen kwamen, was zij al diep vertrokken.


Dit hoofdstuk is langer geworden dan verwacht, ooopsss. Het was leuk om dit te schrijven ^^ Wat vonden jullie er van? En wat vinden jullie van Catherine?

Reacties (3)

  • Chantilly

    Nou ja zeg, Harry! Dat zeg je toch niet..

    5 jaar geleden
  • Slughorn

    Leuk (:

    5 jaar geleden
  • EvilDaughter

    Catherine is heel aardig!
    Harry als je niet oppast gaat Vatherine je in plaats van verleiden, vermoorden. En dan heb je je sterfgeval, alleen dan een andere persoon die je verwacht had:)

    5 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen