Foto bij Hoofdstuk 17

Het was ongelofelijk hoe scherp water kon zijn wanneer je als een harpoen door een meer schoot. De zeemeerman was zo ontzettend snel dat ik het gevoel had dat mijn huid van mijn lichaam getrokken zou worden door de weerstand en het ongelofelijke tempo waarop hij zich voortbewoog. Ik had geen idee wat zijn bestemming was, maar ik zou het waarschijnlijk niet redden… Of wel.
Plots hield de zeemeerman halt en voordat ik het wist zette hij zijn weg naar boven in. Even snel als ik kopje onder was gegaan, voelde ik opnieuw hoe de koude lucht me omringde en ik mijn pijnlijke longen kon vullen met zuurstof. Hoewel ik me zelf geen millimeter had bewogen, bevond ik me toch niet langer in het water. Ik lag langs de kant van een kleine plas, een uitstulping van het meer. Ik bevond me in een soort grot, die je enkel en alleen kon bereiken door een hele afstand onderwater af te leggen.
Waarom was ik niet dood?
Op handen en knieën kroop ik naar de kant van het water. Ik had verwacht dat ik geen steek zou zien, maar kleine, blauwe steentjes die verwerkt waren in de wanden van de grot begonnen langzaam licht te geven en binnen een paar seconden kon ik alles helder zien, ook de zeemeerman, die zich slechts met de helft van zijn gezicht boven het wateroppervlak bevond en me met grote ogen begluurde.
Misschien wilde hij me net zoals Pim verkrachten. Man, dit was zo niet de aandacht waar ik naar op zoek was. Maar goed, ik mocht niet te snel conclusies trekken. Misschien inspecteerde hij gewoon even zijn toekomstige lunch. In dat geval kon ik maar beter op hem inpraten. Maar wat zei je tegen een zeemeerman die je wilde opeten? Verstond de vis überhaupt wel Nederlands?
‘Heb je een naam?’ zei ik maar.
Ik zag hoe zijn hoofd op en neer ging, al kon ik maar de helft van zijn gezicht waarnemen. Het irriteerde me dat zijn vlijmscherpe tanden, die ik nog het meeste vreesde, onder water waren verdwenen, buiten mijn zicht. Ik wilde ze in de gaten houden, voordat hij een onverwachte aanval in zou zetten. Misschien was hij onder water wel gewoon zijn tanden aan het flossen – als vissen al zoiets deden als tanden flossen.
‘Mag ik je naam ook weten?’ probeerde ik dan maar.
‘Alluka.’ Zijn lippen hadden niet bewogen, anders had ik het wel gezien, zelfs wanneer ze zich onder het wateroppervlak bevonden. Dus, hoe slaagde de zeemeerman erin om met me te communiceren? Vreemde geluidsgolven die hij produceerde met zijn schelpenoren?
‘Laten we zeggen dat ik mijn woorden inplant in je hersenen, om het niet te moeilijk te maken.’
‘Wacht, kan hij gedachten lezen?’ Ik merkte pas dat ik die woorden luidop gezegd had toen Alluka de vraag beantwoorde.
‘Nee, zo ver strekken mijn krachten zich ook weer niet. Het leek me gewoon logisch dat je het je afvroeg. Dat doet iedereen, namelijk. Of ja, niet echt. De meesten rennen gillend weg. Of ja, ook niet echt, de meesten verdrinken en worden vervolgens opgegeten door de aaseters.
Smakelijk.
‘En ga jij mij verdrinken?’ vroeg ik voorzichtig.
‘Nee, als ik dat had gewild, had ik het al lang gedaan.’ Ik durfde te wedden dat hij onder water aan het grijnzen was. Hij was machtig op dit moment. Zonder hem zat ik hier vast en als ik een ontsnappingspoging deed, verdronk ik misschien of werd ik opgegeten door weet ik veel welke andere monsters zich hier nog schuil hielden. Hij was de enige reden dat ik me hier bevond, maar ook de enige manier om deze plek te verlaten.
‘Waarom heb je me hierheen gebracht?’ besloot ik dan maar te vragen.
‘Ik wilde je gewoon bedanken.’
‘Daarvoor had je me niet helemaal hierheen moeten sleuren!’ Ik vouwde mijn armen over elkaar en merkte dat ik echt wel heel erg nat was. Als ik nog langer in de kou bleef zitten, zou ik vast en zeker ziek worden.
‘Dat is niet het enige.’ Zijn stem klonk zachter, terughoudender. Wat hij nu zou zeggen, was niet wat hij aan iedere voorbijganger zou vertellen. Maar wilde ik het eigenlijk wel weten? Als er iets was wat ik doorheen de jaren te weten was gekomen, was het wel dat je sommige dingen beter helemaal niet wist.
‘Dat meisje,’ begon hij langzaam, ‘degene met de magie, hoelang ken je haar al?’
‘Slechts een paar dagen,’ antwoordde ik en ik vroeg me af of hij de waarheid had gesproken toen hij had gezegd dat hij geen gedachten kon lezen. Was mijn argwaan jegens Noël dan zo duidelijk, of wilde hij iets zeggen dat helemaal niks te maken had met mijn gevoelens tegenover Noël?
‘Ze heeft een heel vreemd aura,’ zei Alluka, die kleine rondjes begon te zwemmen, zijn hoofd steeds slechts half boven water. ‘Een beetje… Moordzuchtig.’
‘Misschien kwam dat omdat ze jou probeerde vermoorden,’ herinnerde ik hem. ‘Je hebt bijna één van onze vrienden doen verdrinken.’
‘Ja, maar… Het zag er eerder uit als een permanente moordzucht.’ Ik kon zien hoe hij zijn hoofd schudde. Hij leek niet overtuigd te zijn door zijn eigen argument. ‘Je hoeft me niet te geloven, maar ze belooft niet veel goeds. Ik ruik nattigheid.’
‘Dat is omdat je in een meer leeft.’ Wat? Hij gaf de aanzet…
‘Haha, alsof ik die nog nooit eerder heb gehoord. Je bent niet de eerste persoon waarmee ik aan de praat raak. Geloof me, ik ken de grappen ondertussen wel.’ Hij zwom iets dichterbij, zo dicht dat ik zijn typische vissengeur kon ruiken. Hoewel ik een hekel had aan vissen, stonk zijn geur vreemd genoeg niet echt. Misschien gebruikte hij vissenparfum, als dat bestond tenminste.
‘Tja, ik kon het niet laten.’ Ik glimlachte naar hem en raakte even zijn hoofd aan. Ik had hem een vriendschappelijke schouderklop willen geven, maar sinds zijn schouders onderwater verdwenen waren…
‘Mensen zijn zo’n vreemde wezens,’ zuchtte hij, terwijl hij zijn hand naar me uitstak. Tussen zijn vingers zaten vliezen en het lichaamsdeel was even beschubt als de rest, maar overduidelijk ook menselijk.
Terwijl ik zijn gebaar aannam, boog Alluka dichterbij en fluisterde hij – al fluisterde hij niet echt: ‘Doe me gewoon een lol en leg je vertrouwen niet zo snel in andermans handen.’

Reacties (8)

  • SonOfGondor

    Jesse, ik vind je wel grappig, hoor

    3 jaar geleden
  • Slughorn

    Hmm. Om een of andere reden ga ik voor Alluka.
    Ik denk dat hij gelijk heeft. Noel is ergens niet te vertrouwen..

    3 jaar geleden
  • LilsEvans

    Dank u Alluka. Noël is gevaarlijk. Bescherm Jesse. I like Alluka.

    3 jaar geleden
  • BOOKWURM

    I like Alluka ook al is hij nog mysterieus. Yaaay ik ben weer bij gelezen voor deze story

    3 jaar geleden
  • Grace

    Ik zag de hele lap tekst en dacht even van 'oef wat veel, eigenlijk moet ik studeren maar laat ik er toch maar aan beginnen' en voor ik het wist had ik alles al uitgelezen ): met andere woorden: je schrijft zo vlot! Echt super!

    Misschien gebruikte hij vissenparfum, als dat bestond tenminste. haha het is toch zo'n schatje, zijn gedachten soms :p

    Heeft Alluka nu echt "Doe me gewoon een lol" gezegd om hahahaha die zag ik wel niet aankomen! (de rest van dit hoofdstukje ook niet echt hoor)

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen