Home > Stories > Q-magazine - Editie 4 > Schrijver van eigen bodem • Interview met Peter DeWillis

Schrijver van eigen bodem • Interview met Peter DeWillis

1 jaar geleden
1 jaar geleden
19 (0 | 0)
-
1066
513 (0)

Als theatermaker en theaterdocent werkt Peter DeWillis voor verschillende opleidingen in Nederland. Hij geeft o.a. les aan De Theaterschool in Amsterdam, de Opleiding Filmacteur bij faaam en bij jongerengezelschappen. Daarnaast begeleidt hij hen bij professionele theater- film en televisieproducties op het gebied van spel, tekst en stem.

Terra Fabula is eind februari uitgekomen. Kun je in je eigen woorden vertellen waar het boek over gaat?
Het verhaal begint in Londen, in 1897. William en Martha wachten in het Brits Museum op hun ouders die ontdekkingsreizigers zijn. Ze gaan op een expeditie, maar willen niet vertellen waar naartoe. Korte tijd later zijn hun ouders vermist en krijgt het leven van de kinderen een compleet andere wending. Ze worden opgehaald door twee dames die ze niet kennen en die beweren hun tantes te zijn.
Ver weg van Londen, in Cornwall, ontdekken William en Martha dat de vermissing van hun ouders geen toeval is en dat de geschiedenis van hun familie teruggaat naar een wonderlijk verleden. Van de een op de andere dag blijkt dat ze een magisch koninkrijk hebben geërfd en dat daar duistere krachten aan het werk zijn. En alleen de kinderen kunnen dit rijk van de ondergang redden.

In veel boeken wordt er gesproken over een magisch land/koninkrijk. Heb je bepaalde elementen uitgekozen die jouw wereld doen verschillen van andere fantasiewerelden?

Terra Fabula is een uiteengescheurd koninkrijk. Het is niet zo mooi en compleet als dat je in sprookjes ziet. Lang geleden is het verwoest door de tovenares die er nog steeds over heerst. De volkeren die eens de eilanden bewoonden zijn gevlucht of ondergedoken en niemand weet meer waar iedereen is. Men is elkaar kwijtgeraakt. Het land is ook letterlijk uiteengescheurd. Veel gebieden zijn onbekend en gaandeweg vindt men elkaar en stukken land weer terug. De kaart van Terra Fabula breidt zich gedurende de verhalen verder uit.

Je verhaalt start in Londen. Waarom heb je voor deze stad gekozen?
Ik heb Londen vaak bezocht en heb meerdere malen mijn fantasie de vrije loop gelaten tijdens mijn vele zwerftochten door het Brits Museum. Het is een groot gebouw waar in elke zaal verhalen verscholen zitten. Ook heb ik veel gelezen over Britse folklore en legenden. Dat is op een of andere manier altijd in mijn hoofd blijven hangen. Ergens, op een heel gewone dag, is er daar in het museum een verhaal ontstaan dat ik vele jaren later heb uitgewerkt tot het verhaal waarmee dit boek begint. En dat moment is zeker twintig jaar geleden. Engeland is een prachtig land met een rijke geschiedenis, zowel historisch als fantasie. Ik heb in mijn jeugd vooral Engelstalige boeken gelezen. Dus was het gewoon logisch dat het verhaal daar zou beginnen. Waar ze in latere verhalen terecht komen dat kan ik helaas nog niet zeggen. Maar ze gaan wel de wijde wereld in!

Stel dat je op een onbewoond eiland strandt. Welk personage zou je dan het liefst bij je hebben en waarom?
Met Martha. Ze is erg belezen en weet veel. Tegelijkertijd is ze ook ontzettend moedig en vindingrijk. Met haar overleef je volgens mij elk onbewoond eiland. Of een aanval van een stel Goblynns, maar dat is een ander verhaal.

Je schrijft een jeugdboek. Hoe zorg je ervoor dat je verhaal aansluit bij de belevingswereld van de jeugd?
Daar heb ik eerlijk gezegd in de eerste instantie niet over nagedacht. Het verhaal ontwikkelde zich gedurende enkele jaren. Ik dacht aan alles wat ik vroeger leuk vond in mijn jeugd. Boeken, films, muziek, de spelletjes die we op straat speelden en de avonturen die we in het echt of in onze hoofden meemaakten. Toen ontdekte ik dat de beelden die ik had vanuit het oogpunt van een jong iemand waren. De flarden van teksten die ik neerschreef even zo. Ik denk dat mijn fantasie als kind niet zo veel afwijkt van de kinderen van nu. De vormen zullen misschien anders zijn, maar de kern van de avonturen zijn denk ik hetzelfde. Het is organisch ontstaan en voordat ik het wist was ik in een verhaal beland waarin twee kinderen de hoofdrol spelen.

Hoe werk jij je verhaal uit? Doe je dit van tevoren of vormt het verhaal zich uitsluitend tijdens het schrijven?
Ik werk de plots behoorlijk precies uit voordat ik ga schrijven. Zelfs per hoofdstuk, ook al verandert er gedurende het schrijfproces nog behoorlijk wat. Omdat dit boek het eerste deel is van een hele serie is het belangrijk dat ik weet wat er enkele boeken later gaat gebeuren. Zodat de verwijzingen helder blijven. Elk verhaal komt voort uit het voorgaande en neemt daar ook elementen van mee. Verder doe ik heel veel research voor de verhalen en ben ik daarvoor ook naar het buitenland gegaan. Zeker in de latere verhalen maak ik verwijzingen naar echte historische gebeurtenissen of bijzondere voorwerpen die ook echt bestaan. Natuurlijk geef ik daar een andere draai aan zodat deze het verhaal gaan dienen. De research voor elk boek is behoorlijk uitgebreid met teksten, foto’s en contacten met musea over de hele wereld en ga zo maar door. Daardoor ken ik de verhalen, de wereld en de personages van binnenuit. En toch weten ze mij regelmatig te verrassen!

Tot slot zijn wij erg benieuwd of je nog tips hebt voor beginnende schrijvers. Wat zou jij de jonge schrijvers van Quizlet op het hart willen drukken?
Je helemaal te pletter schrijven, schrappen, binnenstebuiten draaien en weer opnieuw beginnen. Je leert daardoor de taal te ‘kneden’ en nieuwe woorden te vinden. Dit is iets wat ik ook veel heb gedaan tijdens het schrijven en bewerken van theaterteksten. Maar het schrijven van een boek is dan toch opeens heel anders. Ik heb zo veel nieuws ontdekt en ben nog meer van taal gaan houden. Ook is het belangrijk dat je ongecensureerd schrijft. Alles wat er in je opkomt. Het bewerken en verder kneden kun je later doen. Dat is de reden dat ik elke hoofdstuk in het begin met de hand schrijf. Als ik naar het scherm ga staren dan ga ik zinnen bewerken en daardoor stopt bij mij de workflow. Als er iets in mijn hoofd schiet, dan schrijf ik het gelijk op of stuur een bericht aan mezelf. Zo hoef ik niets in mijn hoofd te bewaren of te vergeten. Schrijven doe je eigenlijk altijd, ook al heb je misschien op dat moment geen pen, papier of toetsenbord bij de hand.

Kudo Door naar het volgende hoofdstuk

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit hoofdstuk.



Share