Foto bij Hoofdstuk 24

Water, overal om hem heen was water. Iedere andere persoon zou in paniek raken en het ergste vrezen, namelijk verstikking. Misschien zou hij ook op die manier moeten reageren, maar hij deed het niet. Hij was de kalmte zelve. Het water leek niet langer zijn vijand te zijn. Hij was niet bang dat hij zou verdrinken, hij begon niet hevig om zich heen te slaan in de hoop dat hij zich uit de greep van het water kon verlossen. Nee, in tegendeel: hij voelde niet eens de drang om het water te verlaten.
Het was officieel: Tobio was veranderd in een vreemd geval. En wat voor één.
Hij schudde zijn hoofd en drukte lichtjes tegen het vlies dat hem gevangen hield. Hoelang bevond hij zich al onder water? Zou hij niet allang verdronken moeten zijn, of toch op zijn minst het bewustzijn moeten hebben verloren? Hij wist het niet. En om eerlijk te zijn wilde hij er ook niet langer over nadenken.
Het vlies brak onder de lichte druk van zijn handen. Plots werd het water iets koeler en een heel klein beetje minder aangenaam. Hij wurmde zich uit het overblijfsel van het vlies en zette zich recht. Zodra hij zich recht had gezet, voelde hij hoe de lucht over zijn haren blies. Blijkbaar was het water hier ondiep, want toen hij zich een beetje naar boven duwde, kon hij al weer gewoon ademen.
De lucht was vijandig, de koude wind zorgde ervoor dat zijn nekharen recht overeind gingen staan. Hij wilde het liefst van al weer wegzinken in het water, maar op dat moment brak de zon door de wolken en werd de immense kou verdreven.
‘Hallo,’ hoorde hij een vaag bekende stem zeggen.
Sloom draaide hij zijn hoofd om. Hij probeerde in zijn herinneringen te graven naar de persoon van wie de stem afkomstig was, en nog belangrijker: hoe hij hier in godsnaam was beland. Zodra hij de jongen met de blinkende blinde ogen en het krijtwitte haar zag, kwamen al zijn herinneringen met een klap op hem af. Hoe de blinde mannen met een geweer op hem schoten en hem – hoe onwaarschijnlijk het ook mocht klinken – raakten, waarna hij het bos in was gevlucht, om daar de verdrinkingsdood in de ogen te kijken.
‘Hallo?’ zei hij. Hij had Zafron gewoon willen groeten, maar door zijn argwaan en zijn hese stem klonk zijn begroeting eerder als een vraag, alsof hij er niet zeker van was dat hij Zafron ook echt wilde begroeten en niet meteen het hazenpad wilde nemen.
‘Hoe voel je je?’ Zafron stak zijn hand naar Tobio uit. Pas op dat moment merkte Tobio dat hij vlak bij de oever van een riviertje zat en zich makkelijk aan land kon slepen. Hij naam Zafrons helpende hand aan en wachtte tot die hem uit het water zou trekken.
Zodra zijn voeten het gras raakten, wenste hij dat hij gewoon in het water was blijven zitten. Het land voelde vreemd aan. Het leek haast alsof hij nog nooit eerder een voet aan land had gezet. Misschien had Zafron hem wel veranderd in een vis. Dat hele idee klonk zo gek nog niet, want de lucht voelde veel zwaarder aan dan normaal; hij had moeite met ademen.
‘Goed,’ piepte Tobio, die meteen na zijn antwoord wel door de grond kon zakken van schaamte. Zijn stem was zo hoog en zo ijl… Had hij soms vijf jaar stilzwijgend in dat water gelegen en had hij daarom nu moeite met praten?
‘Dat is fijn om te horen.’ Zafron glimlachte vriendelijk. ‘Weet je nog wie ik ben?’
‘Zafron,’ antwoordde Tobio. Hij begon zijn stem stilaan terug te vinden.
‘Hoeveel weet je over dit bos?’ vuurde Zafron zijn volgende vraag af.
‘Alleen de geruchten,’ biechtte Tobio op.
‘Dit bos is magisch.’ Terwijl hij vertelde, begon Zafron verder te wandelen, weg van het beekje. Toen hij hem wenkte, voelde Tobio zich gedwongen om hem te volgen, maar een uiterst ongemakkelijk gevoel nestelde zich in zijn maag. Hij wilde de rivier niet achter zich laten. Zonder stromend water in de buurt, voelde hij zich naakt en weerloos.
‘Magisch,’ herhaalde Tobio, die zijn armen over elkaar sloeg. De kleren die hij droeg – vraag hem niet waar ze vandaan kwamen! – waren gemaakt van een dikke stof die de koude goed buitensloot, maar het nadeel was dat zijn armen volledig bloot waren, net zoals de helft van zijn benen. Zijn broek, die blijkbaar ook waterbestendig was, reikte slechts tot zijn knieën.
‘Ja. Alles wat je hier ziet, is magisch.’ Zafron keek Tobio heel even aan, ook al kon hij niks zien. ‘Ik heb dit bos gecreëerd,’ zei hij voorzichtig. ‘In het begin regelde ik alles zelf. En dat ging goed, maar het bos werd steeds groter en er was steeds meer wanorde. Toen heb ik besloten om de hulp in te roepen van drie andere bosleiders: de waterleider, de plantenleider en de dierenleider. Een aantal jaar geleden is de waterleider gestorven. Ik ben al een hele tijd op zoek naar een nieuwe waterleider.’
‘Oh.’ Tobio wist niet wat hij anders moest zeggen.
‘Ik breng je nu naar Neminis, de plantenleider.’
‘Waarom?’ Tobio probeerde over een boomstam te stappen, maar bleef met zijn voet haken en viel bijna omver. Gelukkig kon hij nog net zijn evenwicht bewaren door een andere boom beet te nemen.
‘Je hebt training nodig,’ verklaarde Zafron. ‘Ik zou Boris kunnen vragen om je te trainen, maar hij heeft er het geduld niet voor. Bovendien is Neminis ook sterker dan Boris, maar zeg dat alsjeblieft nooit tegen Boris; die zou helemaal flippen.’
‘Waarom?’ viel Tobio in herhaling.
‘Omdat hij niet graag hoort dat hij niet zo sterk is als N…’
‘Nee,’ onderbrak Tobio Zafron. Later zou hij zichzelf vervloeken omdat hij zo onbeschoft was geweest tegen de leider van dit bos, maar nu kende hij de ernst van de hele zaak niet. ‘Waarom heb ik training nodig?’
Zafron keek hem aan alsof hij de domste vraag ooit stelde. ‘Omdat jij de nieuwe waterleider bent, en ik vermoed dat jij op dit moment geen idee hebt wat jou te wachten staat.’
‘Waterleider…’ herhaalde Tobio dromerig. Eigenlijk lag het woord wel comfortabel op zijn lippen…

Reacties (4)

  • LilsEvans

    Brrrrr ik kreeg helemaal dat kille gevoel van als je uit het zwembad stapt bij het stuk waarin je beschreef Hoe Tobio het vreemd en naar aan vond voelen om uit het water te stappen en ervan weg te gaan. Geweldig geschreven ^^

    3 jaar geleden
  • BOOKWURM

    Nice

    3 jaar geleden
  • Altaria

    Oeww i wanna know moree

    3 jaar geleden
  • Croweater

    Stiekem vind ik 'flippen' niet echt een woord die ik van Zafron had verwacht haha. Maar verder een leuk hoofdstuk! Ik ben benieuwd hoe Tobio hiermee omgaat!

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen