Met een rood hoofd van woede kom ik tevoorschijn. Meteen begin ik door de kamer te ijsberen. "Waar denkt ze wel niet dat ze mee bezig is?! Ziet ze dan echt niet in dat deze mensen haar ontvoerd en bedreigd hebben?! Waarom snapt ze nou niet dat deze mensen haar vijanden zijn?!"

"Je kunt haar nu niet tegenhouden zonder dat ze te weten komen dat jij hier bent. Kalmeer een beetje, Fay." Probeert Axel.

"Wacht maar, als ze terug komt zal ze wat beleven... Dit gaat echt te ver! We moeten ervoor zorgen dat ze bij die aliens uit de buurt blijft... Ik denk dat ik wat vaker haar plaats zal moeten innemen."

"Dan is het misschien wel handig als je weet wie ze aardig vindt en wie absoluut niet. Of hoe de spelers eigenlijk heten..."

Ik zucht en plof naast Axel op de rand van Cassi's bed. "En hoe ik fatsoenlijk met een van hun trainingen meekom... Hoe was jouw training eigenlijk?"

"Gaat wel. De aanvoerder van mijn team, Claude, is nogal vol van zichzelf, maar de rest van het team is minder irritant. Maar het zijn stuk voor stuk fantastische spelers..."

"Ik had eigenlijk niet anders verwacht..." Mompel ik. "Ik vraag me af hoe ik ooit met ze mee kan trainen... Ik weet dat Cassi en jij dat allebei moeiteloos kunnen, maar ik..."

"Ik help je wel." Hij staat op. "Ik weet wel een plek waar we kunnen trainen."

Ik knik en samen met Julia loop ik achter Axel aan, de hele school door, tot we uiteindelijk bij een afgelegen voetbalveld aankomen.

"Ik had misschien een bal moeten meenemen..." Mompelt Axel, als we op het veld staan.

"Geeft niet, ik haal er wel een!" Zeg ik, en voor hij me kan tegenhouden ren ik het veld af, terug naar het gangenstelsel van de academie. Ik weet zeker dat ik hier daarnet ergens een voetbal heb zien liggen... Ergens. Hier links... Of toch rechts? ARGH, IK HAAT ECHT ALLES AAN DIT VERVLOEKTE GEBOUW!!!

En alsof het nog niet erg genoeg is, loop ik tegen iemand op en val op de grond. "Sorry." Mompel ik.

"Kijk toch uit waar je loopt, nieuwe."

Ik kijk beledigd omhoog, en zie een jongen met rode ogen en lang, zwart haar staan. Ik mag hem nu al niet. "Ik heb ook een naam hoor." Zeg ik kil. Ik haal diep adem. "Ik ben Cassiane Bianchi."

"Dat weet ik. Dat weet iedereen op school. Ik ben Dave." Zegt hij, nog killer dan ik. "En ik ben de aanvoerder van Epsilon." Voegt hij er trots aan toe.

"Nog nooit van gehoord." Mompel ik, wat me een vernietigende blik oplevert. Boos draait Dave zich om en hij loopt weg. Daar sta ik dan, weer helemaal alleen, ergens in dit enorme gebouw. En ik heb nog steeds geen bal gevonden!

Voetstappen achter me. Met een ruk draai ik me om. Axel, op de voet gevolgd door Julia. "Je liet me schrikken." Zeg ik zacht.

"Ik kan jou ook geen halve minuut alleen laten, hè?" Zegt hij.

Ik grijns. "En het ergste is dat ik nog steeds geen bal gevonden heb. Oh, en ik ben verdwaald. Alweer. Waarom hebben ze hier niet ergens een plattegrond hangen ofzo?"

"Misschien vinden ze het gewoon grappig als er mensen verdwalen. En ik moet toegeven, daar kan ik ze moeilijk ongelijk geven."

"Hé! Wat bedoel je daar mee?!"

Hij glimlacht. "Niets. Nou, kom op. Ik weet de weg, én ik heb een bal gevonden." Hij passt me de bal, en ik weet hem met enige moeite aan te nemen. "Dit gaat wel even duren." Mompelt Axel, en ik voel dat ik knalrood word.

"Nou, waar wachten we dan op? We hebben niet de hele dag de tijd!" En ik ren een willekeurige gang in. Achter me hoor ik gekuch en ik loop met een zucht weer terug.

"Zal ik maar voorop gaan?" Vraagt Axel lachend.

"Ja, dat lijkt me een goed plan." Mompel ik, en ik loop achter hem aan richting het veld.

Ik ga tegenover Axel op het veld staan. Hij passt naar me. Nu ben ik beter voorbereid en komt de bal goed aan.

"Jaaa! Goed gedaan, Fay!" Roept Julia vanaf de zijlijn en ik zwaai naar haar. Ik probeer me te herinneren hoe Cassi dit altijd doet. Oude herinneringen komen bovendrijven, en ik probeer Cassi's bewegingen zo precies mogelijk na te doen. En het lukt. Ongeveer. Denk ik. Het mag dan lang geleden zijn, ik ben het nog niet helemaal vergeten. Ik geef de bal een keiharde trap richting het doel. Ik kijk verwachtingsvol naar Axel, maar van zijn gezicht valt niets af te lezen. Ik word er zenuwachtig van. Dan glimlacht hij.

"Niet slecht, Fay!" Zegt hij. "Helemaal niet slecht zelfs!"

Ik lach en word alweer rood. "Bedankt." Mompel ik, plotseling verlegen. Ik kijk recht in zijn ogen, en het voelt alsof mijn binnenste smelt als hij naar me glimlacht. Ik loop naar Julia toe. Ze juicht.

"Dat was super, Fay!" Zegt ze. "Je wordt een geweldige voetballer!" Dan giechelt ze. "Wanneer ga je Axel vertellen dat je hem lief vindt?"

"Huh wat?" Mompel ik. "Oh, ik zie wel." Mijn hoofd is nog roder dan daarnet.

"Hé Fay, kom je nog?" Hoor ik Axel roepen.

"Ja, ik kom eraan!" Roep ik terug. Ik glimlach nog een keer naar Julia en ren dan terug het veld op. De hele avond trainen we door, tot het te donker wordt. "Misschien moeten we zo maar eens teruggaan. Cassi komt zo ook vast terug en ik wil haar graag nog even spreken."

Axel knikt en kijkt naar de zijlijn, waar Julia ondertussen in slaap is gevallen. Hij loopt naar haar toe en tilt haar op. Het ziet er zo lief uit... Zo vredig... Alsof ze niet ontvoerd is. Alsof we hier niet omringt door Aliens zijn.

Na een tijdje heb ik Cassi's kamer gevonden -met hulp van Axel, natuurlijk. Zo. En dan is het nu tijd voor een goed gesprek met mijn lieve kleine zusje. Alweer.

Na een tijdje gaat de deur open. De lach verdwijnt meteen van Cassi's gezicht als ze mij ziet. "Oh, hoi Fay."

Ik begin te koken van woede. "Cassi! Weet je wel hoe stom jij bezig bent?! Die Jordan is een alien, net als alle anderen hier. Ze hebben je ontvoerd, Cass. Ze hebben Paolo bedreigt. Ben je dat soms vergeten?!" Schreeuw ik. Dan zie ik dat ze tegen de tranen vecht. Maar ze verliest het gevecht tegen één van hen.

"Paolo..." Zegt ze zacht. "Heb je... Heb je hem nog gesproken?"

Ik knik en probeer me te herinneren hoelang dat nu geleden is, maar ik zou het echt niet weten. Ik gok een week ofzo. "De dag dat jij verdween. Toen dit alles begon." Al mijn woede is verdwenen, en heeft plaats gemaakt voor een oneindig groot verdriet. De tranen stromen nu ook over mijn wangen. Dan vlieg ik Cassi om de hals. "Het spijt me zo, Cass. Als ik beter op je gelet had..."

"Nee, het is niet jouw schuld. Je had gelijk, ik was roekeloos bezig." Snikt ze. "Wat moeten we nu doen, Fay?"

Ik geef geen antwoord. Omdat ik het antwoord niet weet. Maar ik zal erachter komen en ons hieruit halen. Dat zweer ik.

Reacties (1)

  • MrsNeymessi

    Misschien zijn de anderen ook ontvoerd :o

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen