Foto bij H5: De ontmoeting ~ Nick

Genietend wandelde ik door het park. Het was een prachtige avond en ik keek naar de planten die naast het pad stonden. Opeens zoemde mijn gsm en ik haalde hem uit mijn broekzak. Een vriend van mij vroeg of ik morgen kon komen naar zijn presentatie, maar eerlijk gezegd had ik daar geen zin in. Niet dat hij niet kon presenteren of zo, maar ik lag liever een dagje in mijn hangmat te rusten dan dat ik naar het centrum van New York moest om daar op een ongemakkelijk stoeltje te gaan zitten… Ik begon een antwoord te typen met als verontschuldiging dat ik mijn kat naar de dierenarts moest brengen en liep ondertussen gewoon verder. Net toen ik het bericht had verzonden, voelde ik hoe iemand tegen mij aan liep en ik zag heel wat papieren door de lucht vliegen.

Dankzij een snelle reflex wist ik de jongedame vast te grijpen voordat ze op de grond belandde en ze keek me geschrokken aan. Ook ik was wel wat geschrokken en ik zei meteen: “Sorry, ik had je niet gezien omdat ik druk bezig was en…” De vrouw praatte tegelijkertijd ook door mijn uitleg heen en zei: “Sorry, sorry, sorry! Ik had je niet gezien en ik liep verder en… en… ja.” Het was stil en we keken even ongemakkelijk, waarna we lachten. De papieren dwarrelden rond ons heen op de grond en ik liet de vrouw los, waarna we allebei bukten en de papieren op begonnen te rapen.

Ik zag dat op sommige papieren haar cv stond en ik kon het niet laten om ze even te lezen. Ze heette Khana Davis en woonde hier in de buurt. Ze was 18 jaar en had iets met talen en wetenschappen gestudeerd, maar geen universitair diploma. Op de andere papieren zag ik allerlei titels van verhalen zoals ‘De dag dat draakje David kon vliegen’ en ‘Doorenroosje’, waardoor ik kort moest glimlachen. “Mag ik vragen waarom je zoveel verhaaltjes over sprookjes en draken bij hebt?” vroeg ik nieuwsgierig en ze bloosde. “Ik moest babysitten en de kinderen zijn dol op die verhalen”, vertelde ze alsof ze zich wilde verontschuldigen. Ik keek haar onderzoekend aan en besloot om het erop te wagen: er waren tenslotte niet veel mensen die Khana heten… “En jij?” vroeg ik en ze keek me wat verward aan. “Hoe bedoel je?” vroeg ze verward en ik antwoordde: “Hou jij van zulke fantasieverhalen?” Ze lachte even ongemakkelijk en zei toen: “Nee, maar de wezens erin vind ik wel interessant.” Bingo.

Opeens lachte ze even hoofdschuddend en zei wat gegeneerd: “Ik weet het, dat klink waarschijnlijk heel raar voor iemand die al volwassen is…” “Wel, ik vind het niet zo raar hoor, mythische wezens interesseren me ook”, zei ik toen en ze fronste ongelovig. “… ben je nu serieus of is dat een slechte versiertruc?” vroeg ze toen achterdochtig en ik lachte. “Ik ben serieus ja, mijn naam is Nick trouwens”, zei ik toen en stak mijn hand uit. Aarzelend nam ze deze aan en zei: “Khana, Khana Davis. Zeg, ben jij niet toevallig…” “… TheDragonHunter? Ja, dat ben ik”, maakte ik haar zin af en ze keek verbaasd. Toen lachte ze even en zei: “Echt typisch voor mij om mensen op zo’n manier te ontmoeten…” Ik lachte ook even en vroeg toen: “Dus, aangezien je al in New York bent… Wat wou je nog allemaal afspreken? Als je denkt dat het te lang gaat duren om het hier allemaal te bespreken, kunnen we ook naar mijn huis gaan…?” Meteen had ik spijt van dat laatste, want het klonk echt als een slechte versiertruc.

Ze glimlachte even en zei toen: “Wel, het is inderdaad nog al veel om hier te bespreken… Anders kunnen we overmorgen of zo afspreken? Ik ga liever niet ’s avonds met andere mensen mee, als je me begrijpt…” “Natuurlijk, geen probleem. Past overmorgen om 14u00 voor jou? Ik heb alle tijd”, antwoordde ik meteen en ze knikte. “Dat gaat ja, waar spreken we af?” vroeg ze toen en ik dacht even na. “Volgens mij is het handiger om bij mij thuis af te spreken, aangezien ik een ruime woning heb en ik al het papierwerk dan kan overlopen…”, zei ik toen peinzend en ze keek nog even achterdochtig, maar leek het toen te laten rusten en zei: “Dat is goed voor mij, waar woon je?” “Wacht, hier…”, zei ik en pakte een kladpapiertje, waar ik mijn adres en telefoonnummer op schreef. Ik gaf het toen aan Khana en ze keek me met licht samengeknepen ogen aan. “Je weet dat dit heel hard op een versiertruc lijkt hé…”, zei ze toen en ik lachte even. “Ja, maar dat is het niet”, antwoordde ik en ze nam het papiertje aan. “Wel, ik ga maar weer. Tot overmorgen dan, Nick”, zei ze en ik knikte. “Tot overmorgen, Khana”, antwoordde ik en ze draaide zich om, om dan weg te wandelen.

Ik keek haar nog even na, maar besloot toen om ook terug te keren naar huis. Wat een toeval dat ze hier ook in de buurt woonde… Ik moest toegeven dat het lot soms rare wendingen nam, maar ze waren wel in mijn voordeel, tot nu toe…

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen