Foto bij Tell me I'm innocent

Jacob Lee - Chariot (echt, omf)

Ik staarde naar het tweetal wat tegenover me zat. De lange man, met een warrige knot bovenop zijn hoofd terwijl er een klein jochie uitgestrekt op zijn schoot lag. Zijn achterhoofd rustte op de borst van zijn vader met elk been aan één kant bungelend. Telkens ging zijn duim naar zijn mond, maar dan legde zijn vader er zijn hand op en duwde deze weer zacht omlaag terwijl hij bleef lezen uit het kinderboekje wat we hadden meegebracht.
Het jochie had het niet per se door. De warmte van zijn vaders lichaam en de geruststellende klank van zijn stem zorgde ervoor dat de knul half in slaap sukkelde. Het was niet erg. Fijn, juist, omdat we nog wel een aantal uur te gaan hadden en hoe meer slaap beiden hadden, hoe beter.
Tristan zat naast me, zijn ogen onafgebroken op het witte papier voor hem gericht. Naast de rij stiften, door Tristan zelf in een rechte lijn en op juiste volgorde gelegd, had hij er één in zijn hand en ging hij er verbeten mee over het papier. Hij was zo geconcentreerd dat ik maar niets zei. In zijn wereldje zat hij nu, waar er, mits het niet verstoord werd, vrede en rust was.
Ik keek met een schuine oog naar de tekening. Zag hem een paar keer naar Harry kijken, naar zijn broertje, en ik betrapte mezelf er op dat ik te lang aan het kijken was toen zijn blik de mijne ontmoette en hij met een frons zijn tekening afschermde.
Met een zwakke glimlach keerde ik naar het raampje en staarde naar de wolken onder ons.

Een klein duwtje tegen mijn voet. Ik keek op en ontmoette Harry’s bestuderende blik.
‘Alles goed?’
Ik glimlachte naar hem. ‘Ja, hoor.’
‘Wat betekent dat?’ Zijn wenkbrauwen schoten omhoog. ‘Was dit toch wel een goed idee?’
‘Hm,’ ik deed alsof ik door Tristan werd afgeleid, ook al had de jongen geen woord tegen me gezegd. Tegen een glimlach vechtend keek ik weer naar de tekening, waar nu vijf poppetjes op stonden, en voelde Harry’s blik op me branden. Hij gaf weer met zijn voet een zetje tegen de mijne.
‘Jij bent af en toe nogal eigenwijs.’
‘Moet jij zeggen.’
Grijnzend boog hij voorover om flesjes water uit het kastje tussen ons in te pakken en reikte mij er een aan. Vervolgens kreeg ik twee bekertjes in mijn handen gedrukt, en met een zwakke glimlach vulde ik beiden met water. Één gaf ik aan Tristan, die met een frons naar me opkeek maar wel de beker pakte en eruit dronk.

Binnen de kortste keren waren beide kinderen in slaap gevallen. Een tweepersoonsbankje werd uitgeklapt en beiden lagen er uitgestrekt op. Ik keek ernaar. Was ietwat verstoord toen een arm over mijn schouder en om mijn nek werd geslagen. Ik keek opzij en zag de zijkant van Harry’s gezicht, zijn kin op mijn schouder en zijn mond vlakbij mijn wang. Zijn ogen schoten even mijn kant op, hij glimlachte, drukte een zachte kus op mijn wang en keek toen weer naar de kinderen.
Met trillende mondhoeken pakte ik zijn hand beet en staarde naar de twee voor ons.

Eenmaal geland en richting de taxi bleek al gauw dat, terwijl we nog in de lucht waren, bekend was geworden dat we waren vertrokken uit Engeland en richting Los Angeles waren gegaan. De informatie had nog niet teveel mensen bereikt, maar wel genoeg om drie mensen van het vliegveld te hebben die ons naar buiten begeleidden.
Ik had een tas over mijn schouder en Charlie in mijn armen. Harry, die ook een grote weekendtas aan zijn schouder had bungelen en Tristan in zijn andere hand had, keek even naar me om terwijl we verder liepen. Hij had een zonnebril op maar schoof het verder op zijn hoofd om me goed aan te kunnen kijken. De bezorgde frons zei genoeg.
Gelukkig waren de drie begeleiders zo lief om de drie resterende koffers mee te nemen. Twee waren de kleine van de kinderen, maar omdat er zo meteen misschien een moment kwam waar diezelfde kinderen de koffers niet mee konden nemen, vanwege drukte of vanwege stress, werd er al vanaf het begin van dat idee afgezien.
Ik kon nog net over Harry’s schouder al de tiental fans en fotografen achter de glazen deuren zien. Harry’s schouders schoten van de spanning omhoog, en ik zag een vinger naar zijn gezicht gaan om de zonnebril terug op zijn neus te zetten. Ik deed hetzelfde.
Ook al waren we voorbereid, toch leek dat niet zo toen de schuifdeuren opengingen en we de mensen en lawaai tegemoet kwamen. Beveiligers cirkelden om ons heen terwijl Harry met een snelle pas door de mensen liep. Charlie had zijn gezicht in mijn nek verborgen, terwijl ik me dicht achter Harry hield. Daar waar het veilig leek.
Toen klonk er opeens een hoog jammerlijk geluid, wat niet eens zoveel luider dan de rest van het kabaal was, maar toch stak het af en onderscheidde het zich van de rest.
Harry was de eerste die het herkende. Hij verstijfde en bleef stil staan. Ik zag hem nog naast zich kijken terwijl ik onbeholpen tegen hem aanbotste, omdat ik geen andere weg op kon. Er werd geduwd en getrokken, en de beveiligers deden hun best. Één van hen was al bij Tristan op de grond voordat Harry hem überhaupt had gezien, en hij tilde het jongetje vliegensvlug op. Harry nam hem meteen over en hield het huilende jongetje stevig tegen zich aangedrukt. Ik keek recht tegen het vertrokken, betraande gezichtje aan, en merkte dat die van mij ook grimaste.
Mijn ademhaling was hol en gejaagd. Charlie’s nagels drukten pijnlijk in mijn rug en hij hing zwaar in mijn armen. Andere armen en handen staken overal tussendoor aan raakten mij, maar vooral Harry van alle kanten aan. Ik kon zien hoe hoog zijn schouders waren gaan staan omdat hij zich het liefst door de menigte heen beukte om er maar uit te zijn, maar tegelijkertijd niemand pijn wilde doen.
In alle vlugge seconden keek Harry één keer achterom en kreeg ik ook maar één kans om de paniek in zijn ogen te herkennen. Tristans strakke greep om zijn nek maakte het ook niet beter.
Hij probeerde me vast te pakken, maar hij had zijn handen vol. Ik legde een hand op zijn arm, kneep, en zorgde ervoor dat hij doorliep. Al dan wel met een gefrustreerde, verbeten uitdrukking op zijn gezicht.
We doken het busje in. De koffers vlogen erachteraan. De deur ging met een klap dicht en de chauffeur scheurde weg.
Het zou doodstil zijn geweest als beide kinderen niet in tranen waren geweest. Charlie was het luidste van de twee, aangezien hij een keel op had gezet en Tristan juist andere, eigen geluiden maakte. Harry en ik zeiden geen woord tegen elkaar. Hij was alleen op de stoel naast de mijne gaan zitten en deed, net zoals ik met Charlie had gedaan, Tristan op zijn schoot. De jongen wilde echter niets met iets of iedereen te maken hebben en probeerde zichzelf van zijn vaders schoot af te laten glijden. Harry bleef hem vasthouden. Tristan stribbelde tegen, maakte geluiden.
‘We zijn aan het rijden, jongen. Ik moet je wel vasthouden.’ Hij klonk schor. Dat deerde Tristan niet. Die stribbelde alleen maar heftiger tegen.
‘Harry,’ ik legde een hand op zijn arm toen ik het spiertje in zijn kaak zag verstrakken, ‘misschien moet hij maar gewoon even apart zitten. Even alleen zijn en afkoelen.’
Voor het eerst keek Harry me weer aan. Zijn ogen waren droog maar zijn onderlip trilde toen hij vervolgens deed wat ik had voorgesteld en Tristan op de stoel naast zich zette en hem de riem omdeed. Vervolgens staarde hij weer voor zich uit en slikte de brok in zijn keel door. Ik pakte zijn hand. Even haalde hij zijn blik van de weg om ernaar te kijken. Charlie, die was gestopt met huilen maar nog wel af en toe een snik liet horen, bleef in mijn armen liggen terwijl ik naar Harry toe leunde en mijn mond voor even op zijn wang drukte.
Tegen de tijd dat we bij het gehuurde appartement aankwamen waren beide kinderen gelukkig gekalmeerd. Tenminste, dat hield in dat ze zich beiden stil hielden. Verdacht stil.
De chauffeur was zo aardig geweest om te helpen met alle koffers naar het appartement te dragen. Toen Harry even later met hem naar buiten liep gaf hij dan ook een dikke fooi.
Harry stapte de kamer weer in terwijl ik beide kinderen op de bank met de televisie aan had gezet, en hij zei geen woord terwijl hij door liep naar de keuken. Ik ging hem achterna.
Ik trof hem onrustig rommelend in alle kastjes aan, en toen hij mij in het oog keek glimlachte hij even zwakjes.
‘Lukt het? Wat zoek je?’
‘Niets,’ hij deed een deurtje dicht en een ander weer open, ‘ik kijk gewoon even wat we in huis hebben.’ Hij klonk gek. Té ontspannen en té afstandelijk. Ik keek naar hem.
‘Het is niet jouw schuld.’
Harry had zijn gezicht net achter een deurtje zitten en het duurde langer dan normaal voordat hij weer tevoorschijn kwam. Voordat dat gebeurde hoorde ik nog een zachte, trillerige zucht. Toen kwamen zijn ogen in zicht en keek hij me triest aan.
‘Al die mensen waren er vanwege mij.’
‘En die waren allemaal zelf gekomen. Niet omdat jij dat aan ze had gevraagd.’
Harry zei niets maar deed in plaats daarvan de koelkastdeur open. Ik liep naar hem toe en sloeg mijn armen vanachter om hem heen. Hij verstijfde even, maar ontspande toen weer. Vingers streken vluchtig over mijn handen toen de deur weer dichtging.
‘Ik weet dat je denkt dat het door jou komt, en ook dat je denkt dat het voorkomen had kunnen worden. Dat kon niet, Harry. We vlogen al privé, zonder het aan vreemden te vertellen, het op internet te zetten, enzovoorts. Dit is wat er nou eenmaal gebeurt.’
‘Dat begrijp ik,’ klonk er stilletjes, ‘en dat is ook wat me zo frustreert.’
‘Hm,’ ik legde mijn wang tegen zijn rug en wreef zacht over zijn buik. Ik kon voelen hoe zijn ademhaling versnelde en verstrakte mijn greep.
‘Maar... als er dan zoiets als dit gebeurt... dat mijn ene kind zich wil verstoppen in de armen van zijn moeder en de ander zich verwondt door te vallen... dat is anders. Dat is zichtbaar zien hoe je dierbaren lijden. En ook al kan ik er niks aan doen... h-het komt nog steeds door mij.’ Hij had een verstikte stem die halverwege bijna oversloeg. Ik draaide hem om en kreeg twee betraande ogen en een wiebelende kin te zien. Mijn handen vonden zijn gezicht terwijl de zijne mijn polsen vastpakten en ze op dezelfde plek hielden.
‘Ongelukken gebeuren, Harry,’ zei ik zacht terwijl ik met mijn duimen onder zijn ogen streelde, ‘net zoals dat Tristan ook weleens valt in de tuin, of zelfs in huis. Daar zijn ze kinderen voor. En het feit dat ze zo schrikken van de menigte is ook een voorbeeld van het feit dat ze nog aan het groeien zijn. Ze moeten nog ouder worden en de wereld minder intimiderend zien dan ze nu doen. Want nu zijn ze nog klein en de wereld daardoor automatisch groter en gevaarlijker. Daarom zijn papa en mama zo belangrijk voor ze, vooral nu ze nog zo jong zijn,’ ik streek het lange haar uit zijn gezicht en stopte het achter zijn oren. ‘En ik vind het fijn dat je me dit vertelt. Dan heb ik ook de kans je te vertellen dat je je nergens druk om hoeft te maken.’ Ik glimlachte toen ik zijn mondhoeken een stukje op zag trekken. Hij leunde licht in mijn handpalmen en sloot zijn rode ogen. Ik veegde het laatste beetje vochtigheid op zijn wangen weg. Ging op mijn tenen staan en drukte mijn mond op de zijne. Hij kuste me zonder verder iets te zeggen terug.

Reacties (4)

  • VampireMouse

    Heerlijke schrijfstijl heb je! Werd onwijs blij dat ik je naam zag staan in mijn pb lijst. Hoop dat je snel weer tijd hebt om een stukje te schrijven. Je verhaal in top!

    2 jaar geleden
  • LarryNiam

    Heel mooi geschreven weer:)

    2 jaar geleden
  • RiverWild

    Echt geweldig. Love it.

    2 jaar geleden
  • fleurence

    Je schrijft altijd zo prachtig mooi, dat ik niet eens meer doorheb dat ik lees, dat ik alles om mij heen vergeet en het in beelden voor mij zie alsof ik naar een film kijk.

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen