Foto bij Kleine meid


Schrijfwedstrijd Rhyme
Opdracht 1: Personages



Elk verhaal staat opgebouwd rondom een hoofdpersonage, en verschillende bij-personages. Een persoon met zo zijn eigen trekjes, zijn eigen karakter. Een personage kan een verhaal maken of breken. Wat is namelijk jou verhaal zonder een held die niet zijn best doet iemand of de wereld te redden? Kan iemand die alleen maar lief en aardig doet ook een schurk zijn? Ik hoop dat het antwoord op die laatste vraag een 'nee' is, en anders wil ik wel eens zien hoe jij van een lief persoon een kwaadaardig iemand kan maken.

Personages maken je verhaal. Elk hoofdpersoon, wat je tegenkomt, heeft iets in zijn persoonlijkheid dat hem/haar drijft naar zijn/haar uiteindelijke doel. Of dat nou de wereld redden is, of zichzelf. Of wie weet stort diegene wel helemaal in en heeft jou boek helemaal geen goed einde. In ieder geval, jullie zullen nu vast begrijpen wat ik bedoel.

Je schrijft een stand alone van ongeveer 500-1000 woorden, waarin je jou personage naar voren laat komen. Laat vooral het karakter van dit persoon naar voren komen, beschrijf haar gewoontes, haar grillen, angsten of dromen. Kies iets uit, maar zorg ervoor dat ik de persoonlijkheid van je karakter erin terug kan lezen. Onder een spoiler zet je onderaan de stand alone welk karakter je voor ogen had. Deze spoiler telt niet mee in het woordenaantal van je stand alone! Maar zorg ervoor dat hij niet langer wordt dan 5 woorden. Het moeten alleen karaktereigenschappen zijn, niet een gehele beschrijving!

De voordeur knalt in het slot en vliegensvlug verstopt ze haar tekening. De stiften bergt ze op en ze zit rechtop op haar stoel aan de gedekte tafel als de deur nar de kamer opengaat.
Vader stampt de ruimte door met zijn reusachtige voeten. De planken kraken onder het gewicht. Zijn grote, zwarte jas gooit hij in de hoek naast de kast, waarop hij op zijn stoel neerploft. Mama schuifelt de kamer in met een dampende aardappelpan in haar handen. Gelukkig beschermen de pannenlappen haar zachte huid tegen de hitte.
Haar blik schiet van haar man naar haar dochter. Ze kijkt mama onderzoekend aan. Hoe ziet vader eruit? Wordt dit een leuke avond?
Mama tovert een glimlach op haar lippen tevoorschijn, wat het meisje goede hoop geeft. Nu kan ze ook opgelucht ademen en glimlacht ze, net als haar mama.
Eerst prikt vader zwijgend aardappels aan zijn vork en daarna mag de volgende er twee uitkiezen. Ze kiest de meest schattige twee. Daarna maakt ze er puree van. Er zijn nog drie aardappeltjes voor mama over.
Na de aardappels komt het groente. Vader als eerst; daarna verdelen moeder en dochter het overgebleven groen. Tot slot drie stukken vlees. Mama kiest de twee kleinste stukken uit en legt die op de borden. Het grootste stuk is voor vader, natuurlijk.
Maar als mama het bord voor vaders neus neerzet, slaat de vlam plots in de pan. Een grom ontsnapt uit zijn keel en hij werpt het bord van zich af. Dan staat hij woedend op, waarbij zijn stoel achteroverslaat en op de grond terechtkomt. Met een bons steunen zijn grote handen op tafel, waardoor zijn volle bord kantelt en alle aardappels over de grond rollen.
Hij leunt naar voren en buldert in mama’s gezicht: ‘Ik hoef jouw vlees niet!’
Mama’s gelaat wordt bleek. Van schrik floept er een piep tussen de lippen van haar jongste vandaan en ze duikt onder de tafel, op zoek naar de verdwaalde aardappels.
‘Ik hoef jouw aardappels en groente niet. Ik lust jouw vlees niet.’ Vader gromt. Zijn vingers klemmen zich om de rand van de tafel en in een wip vliegt het meubelstuk weg.
Bibberend van schrik proberen haar wiebelende benen de vaste grond onder haar voeten te vinden en ze vlucht de kamer uit. Nog net hoort ze mama boven al het lawaai en glasgerinkel gillen en vader schreeuwen: ‘Ik wil mijn twee braadworsten!’
‘Mama…’ prevelt ze als ze zich onder de dekens verstopt. In haar bed, in haar slaapkamer, hoort ze de oorlog op de benedenverdieping. Gegil. Geschreeuw. Gefluister: ‘Mama…’
Ik moet mama redden van de boze meneer, denkt ze. De boze meneer moet weg en hij moet ons met rust laten. Vader moet terugkomen. Vader is weer veranderd in de boze meneer.
Als de geluiden van de ruzie harder worden dan het uitstippelen van een plan, maakt de redding plaats voor vluchtgedrag. Ze ziet angstaanjagende beelden voor zich van wat de boze man mama allemaal aan zou kunnen doen. De beelden zijn groot en donker. Ze hangen als een grote donderwolk boven haar hoofd. Ze twijfelt geen moment en schopt de dekens aan de kant, sprint de trap af, de voordeur door, naar buiten.
Kijkend naar de vierkante stoeptegels loopt ze naar de hoek van de straat. Daar is Hond, zoals altijd, die haar trouw opwacht.
Met uitbundige snikken begraaft ze haar neusje in de dikke, zachte vacht van Hond. Aan hem durft ze haar verhaal te vertellen en haar hart te luchten.
‘Ik moet mama redden en beschermen voor de boze meneer. Ik wil niet dat mama pijn heeft.’ Haar fragiele schoudertjes schokken. ‘Ik wil niet meer dat de boze meneer op visite komt. Ik vind hem helemaal niet leuk. Ik vind hem eng.’ Ze slikt en haalt haar neus op. ‘Ik durf de boze meneer niet weg te sturen, maar ik wil dat vader terugkomt en lacht. Ik wil mijn papa, want papa is de beste papa van de hele wereld. Maar ik durf de boze meneer eigenlijk niet weg te sturen, want dan wordt hij weer boos op mij.’
Hond kijkt haar aan, kwispelt een enkele keer met zijn lange staart en likt de tranen van haar wangen. Ze giechelt, want het kietelt.
‘Ja, Hond. Dat denk ik ook. Ik moet mama redden, dus maak ik een mooie tekening voor de juf. Zij kan alles, dus zij kan helpen.’


Loyaal
Subassertief
Creatief
Beschermend

Reacties (1)

  • Meruul

    Ik heb een vervolgje voor je gemaakt! ^^

    “Wat is dit?”
    Langzaam kijkt het meisje op. De juf zit, maar toch voelt het alsof ze staat, zo hoog torent ze boven haar uit, terwijl ze naar de tekening wijst. Ze lacht niet. Het meisje had al verwacht dat ze niet zou lachen bij deze tekening, maar ze had niet verwacht dat ze dat zo erg zou vinden. Het is dus echt niet goed wat er thuis gebeurt...
    “Geef eens antwoord. Waarom heb je dit getekend? Wat is dat rode?”
    Nu pas kijkt het meisje naar de tekening. Het is een huis met drie poppetjes erin, zoals ze wel vaker heeft getekend. Deze keer zijn ze echter niet vrolijk, zoals altijd. De ene heeft de arm omhoog staan. De ander ligt op de grond. Er zit iets roods op de vloer.
    “Bloed,” mompelt ze.
    “En wie zijn dat? Waarom zit er eentje boven in het huis? Heb je dat op tv gezien?”
    De juf blijft maar serieus kijken. Ze wil juist dat de juf het doorheeft. De juf kan wat doen. De juf is groot en kan alles. Maar nu ze eenmaal zo kijkt en ernaar vraagt, voelt het alsof ze een fout heeft gemaakt. Het voelt alsof ze stout is en de juf boos gaat worden, net zoals...
    “Geef eens antwoord,” zegt de juf weer. Ze klinkt niet boos, maar wel hard en dwingend. Het klinkt heel belangrijk.
    Ze krijgt tranen in haar ogen. “Sorry...” Daarna wijst ze vlug naar het kleinere poppetje boven de twee anderen. Ze past nog maar net onder het puntige dak. “Dat is het kindje... Ze was bang en ging naar haar kamer. De boze meneer is teruggekomen. Mama heeft pijn...”
    Tranen lopen over haar zachte wangen.
    “Wie is die boze meneer?” vraagt de juf. Haar stem is zachter geworden. “Is dat jouw vader?”
    “Nee!” zegt het kindje vlug. “Vader is lief. Maar soms is hij weg en dan wordt hij de boze man... En dan worden mama en het kindje verdrietig en nu heeft mama daar bloed. Papa is lief, ik wil papa terug, maar als ik dat zeg, wordt de boze man ook boos op mij!”
    De juf kijkt van de tekening naar het meisje. Haar mond staat een klein beetje open en haar ogen staan niet meer strak. Ze zijn groot. “Is dit echt? Gebeurt dit bij jou thuis?”
    Het meisje aarzelt even maar knikt dan. Haar blik gaat naar beneden. Krijgt ze nu straf? Maar zij kan er toch niets aan doen?
    Een hand gaat door haar haren en trekt zich tegen een warm lichaam aan. Verrast kijkt ze in de ogen van de juf.
    “Het is goed dat ik dit nu weet. Ik ga wat mensen bellen en dan ga ik ervoor zorgen dat die boze man dat nooit meer kan doen.”
    Het kindje zucht opgelucht.

    3 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here