In een afgelegen geheime gang ging Sherlock zitten, niet in staat de uitbarsting te bedwingen. Het voelde alsof zijn schedel implodeerde terwijl gevoelens zijn hele MindPalace in de war schopten, als indringers die hij niet kon tegenhouden. Daar raasde zijn woede op pestkoppen en meelopers (donkerrood), daar zijn lichamelijke pijn (fel lichtroze), daar zijn machteloosheid (purper) en daar, statig als een witte vlam, liep zijn haat. Hij observeerde ze, niet bij machte ze te weerhouden, terwijl ze zijn hele maskerade sloopten. Drugs hielpen vaak, of liever, het gevoel van controle over drugs hielp vaak, maar die had hij nu niet. Ten slotte kon hij zich beheersen, stond op en liep de gang uit.
'Hallo, Sherlock,' klonk plotseling de stem van Perkamentus. 'We vroegen ons af of jij iets weet van de brand in Anderlings lokaal.'
Sherlock trok een wenkbrauw op.
'We?'
'Ja, ik was ook nieuwsgierig,' antwoordde Lupos, die achter hem bleek te staan. Vaag dacht hij dat hij zo'n spreuk wilde leren, maar duwde dat weg voor nu.
'Hoe lang was die brand geleden?'
'De dag voor je -' Ineens greep Lupos hem stevig vast en werd er een druppel van een doorzichtig drankje in zijn mond gegoten.
'Heb jij Anderlings lokaal in brand gestoken?'
Alles werd een beetje wazig en het woord forceerde zich uit zijn mond.
'Ja.'
Hij probeerde zich te focussen en te zwijgen, maar dat mislukte jammerlijk. Hij kon nog net het gesprek volgen, maar meer ook niet.
'Waarom?'
'Uit wraak.'
'Wraak voor wat?'
'Zij nam mijn viool.'
'En dus stak jij haar lokaal in de fik.'
'Correct.'
'Er had wel iemand gewond kunnen raken!'
'Ik had het gepland. Er was niemand. Ik probeerde mijn woede op een veilige manier te uiten.'
Er klonk vaag gelach en toen: 'Waarom haat je mij en Anderling zo?'
Sherlock deed verwoede pogingen zijn mond te houden, maar faalde weer.
'Anderling stal mijn viool en u zag me op mijn zwakst en deed me denken aan oude pesters.'
Ineens werd het allemaal weer helder.
'Wie is Tom?' wilde Lupos nog weten. In zijn ogen zag Sherlock iets wat hij ook vaak in de spiegel had gezien toen hij jonger was en nooit verder had geïdentificeerd dan dat het onprettig voelde.
'Waarom wilt u dat weten?'
'Uit... nieuwsgierigheid,' antwoordde Lupos aarzelend.
'Waarom zaten jullie me op te wachten?'
'We wisten dat je er eens uit moest komen. Toen je kwam, waarschuwde ik Lupos, die aan de andere kant je opwachtte.'
Sherlock kon zijn intense haat, walging en verachting niet langer verbergen.
'Even from you, I never expected something so low.'
Toen liep hij weg, naar de bibliotheek, zich niets aantrekkend van hun diverse pogingen hem terug te roepen.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here