Foto bij 111 • Woedende storm

Dank jullie wel allemaal voor het stemmen! ^^ We gaan het zien hihi



Op de ochtend van de wedstrijd was er geen verbetering in het weer; de hemel was dichtgetrokken met donkergrijze regenwolken en het leek haast nacht was het niet voor de bliksemschichten die af en toe het schoolterrein verlichtten. Er stond een stevige wind, die duidelijk te horen was wanneer het tegen de ramen aansloeg en het kwam met bakken uit de hemel zetten. Eleanor sloot zich aan bij een aantal leerlingen die voor de ramen in de gang naar buiten staarden. Ze had haar uniform al aan en haar bezem in de hand. Eén blik op de buitenwereld zei haar dat het een loodzware wedstrijd zou worden. Ze geloofde niet dat er veel opkomst zou komen, het weer was te rottig om er uren lang in te zitten. Het gemompel van de verschillende leerlingen naast haar bevestigde haar gedachten.
'Ik wacht wel tot het weer wat gaat liggen.'
'Dan kan je beter niet gaan.'
Eleanor zuchtte. 'Jullie mogen ten minste nog kiezen.' Ze glimlachte als een boer met kiespijn en de twee leerlingen grinnikte. 'Succes. We duimen voor je.'
Ze keek de twee na en wierp toen nog een blik naar buiten. Ze herinnerde zich de winterwedstrijd van vorig jaar, waarin ze in een sneeuwstorm moesten spelen. Niet alleen woei de wind toen net zo hard als nu, maar toen was het ook nog een heel stuk kouder. Het zal niet veel zwaarder worden dan die dag. Ze keerde zich om en liep richting de eetzaal, waar een overvloed aan geel en blauw het oog trok. Er was geen overmaat aan een kleur, want zowel Hufflepuff als Ravelclaw was geliefd onder de studenten. Eleanor schoof aan bij haar team, die voor het laatst dit jaar hun glas hieven en wensten op een goeie wedstrijd.
'Voor het zilver!' Smith ging op de bank staan en zette zijn laars op de tafel. Hij hief zijn glas en grijnsde een keer uitdagend naar het Ravenclaw team die wat verderop aan tafel zaten. 'We maken ze in!'
Eleanor lachte. 'Kom naar beneden, voordat Snape je van de tafel trekt.' Ze trok hem aan zijn trui en ging verder met het eten van haar ontbijt. Hoewel ze voorheen voor elke wedstrijd wel de nodige zenuwen voelde, leken deze nu ver te zoeken. Ze had er geen problemen mee, want het zorgde er ten minste voor dat ze wat kon eten voor de wedstrijd, maar toch voelde het niet correct. Ze had het idee dat er iets stond te gebeuren, nog belangrijker dan de wedstrijd, al kon ze niet bedenken wat. Ze ving een glimp op van Draco, die plaats nam aan de Slytherins tafel en hij schonk haar een weinig overtuigende glimlach. Blijkbaar was hij ook niet overtuigd door het slechte weer. Ze wilde wegkijken, zodat het niet zou opvallen, maar vlak voordat ze dat deed, plaatste Draco zijn elleboog op tafel en schoof zijn mouw wat nar beneden, waaronder een band verscheen van geel en zwart. Zijn mondhoek krulde omhoog toen hij gauw zijn mouw weer corrigeerde.
Eleanor glimlachte breed. Ze had nooit gedacht hem nog iets anders te zien dragen dan zwart of groen. Met plotseling nieuwe hoop richtte ze haar aandacht weer op de teamleden die aanwezig waren, al werd er niet veel gesproken, aangezien iedereen aan het eten was. Davon en Jayden schoven ook aan en propten snel de nodige koolhydraten naar binnen. 'Het weer is echt moordend. We zijn vast al doorweekt voordat we het veld überhaupt bereiken.' Jayden dronk zijn glas leeg en veegde zijn mond af met de rug van zijn hand.
Alex knikte instemmend. 'De betoverde brillen maken geen schijn van kans.'
'Stop nou maar met piepen,' zei Eleanor streng, 'een keuze hebben we toch niet. Dit is de laatste kans die we krijgen dit jaar om die beker te veroveren, dus we laten ons echt niet ontmoedigen door een beetje regen.' Ze schoof ferm haar bord over de tafel en keek de groep rond. 'We zijn niet van suiker, of wel dan, mannen?' Ze glimlachte uitdagend naar haar teamgenoten en dit leek hen aan te sporen, want plotseling leken ze hoopvoller en enthousiast.
'Zo is het! We laten die raven eens zie hoe wij dassen vliegen!'
'Ik zeg we gaan er voor!'
Een langzaam opkomende storm van gejuich ontstond aan de Hufflepuff tafel en de aanhang aan verschillende tafels joegen hun vrolijk toe. Het gaf het team nieuwe energie en voor een paar tellen leken ze de storm buiten compleet te zijn vergeten. Niet totdat ze werkelijk buiten in de regen liepen, werd hun levenskracht en energie gebroken. De regen kwam genadeloos op hen neer en de wind lachtte hen uit terwijl ze zich vechtend over het gras baande. Tot op hun sokken doorweekt bereikten ze het veld; rillend en klappertandend van de kou. De hevige wind joeg door hun doorweekte kleren en verkleumde de spelers tot op het bot. Eleanor had de grootste moeite met de dikke regendruppels die van haar hoofd haar ogen in gleden en deed haar uiterste best deze onophoudelijk weg te vegen met haar mouw. Zo nu en dan moest ze haar tocht staken, omdat ze niks anders kon zien dan de wazige schimmen van haar teamleden. De hoeveelheid water brandde in haar ogen en ze had een paar keer de neiging haar bril al op te zetten. Toen ze eindelijk onderdak had gevonden bij de tribunes kon ze haar gezicht vrijmaken van het overtollige vocht.
'Zeker weten dat we niet van suiker zijn?' riep Jayden boven het geloei van de wind uit en Eleanor lachte. 'Jij wel, doetje!'
Ze trok het elastiekje in haar haar nog even strak, zette haar bril op en greep naar haar staf, die nog half uit haar laars stak.
Davon keek even verbaasd naar haar om. 'Die neem je niet mee, toch?'
Ze schudde haar hoofd en haalde met een simpele draai van haar hand al het water uit haar kleding. 'Lang zal ik niet droog blijven, maar we hebben nog even voor de wedstrijd begint en ik begin liever niet bevroren.'
Davon knikte en ging met gespreide armen voor haar staan. Eleanor begreep de hint wel en nam even de tijd haar teamgenoten te drogen, voordat ze haar staf achter een paal verborg. Vanaf een afstand zag ze leerlingen haastig de trappen op rennen, allemaal met paraplu's in hun handen en soppende schoenen. Een ongemakkelijk gevoel overviel haar en zonder echt te weten waar het vandaan kwam, keek ze op en richtte haar ogen op de tribunes. Een heldere bliksemschicht verlichtte het veld als de cameraflits van de jonge Colin. Ze zag een zekere blonde kop haar tussen de palen door bewegen en grinnikte.
'Wat doet hij daar?'
Eleanor schrok van de donkere ondertoon in Jaydens stem en keek om. 'Schuilen voor de regen?' zei ze, terwijl ze zo min mogelijk aandacht aan hem probeerde te schenken. Ze keek over haar schouder en zag Jayden nog wat argwanend in dezelfde richting staren. Zuchtend rolde ze met haar ogen en ging maar naast Alex staan.
'Oké, mannen,' Smith's ogen vielen op Eleanor, 'en mevrouw.' Hij pauzeerde even toen ze haar ogen rolde en grinnikte. 'De wedstrijd gaat zo beginnen. Voor wat het waard is, het was een goed jaar. Ik weet dat ik niet de makkelijkste Captain ben om mee te werken.'
'De makkelijkste zeker niet!' riep Alex lachend, waarna een fikse donderslag het gelach overstemde.
'Die verdiende ik,' ging Smith onbeschaamd verder. 'Maar met deze harde training ben ik overtuigd dat we verder zijn gekomen dan de jaren voorheen. Ik ben trots op dit team. Laten we ze inmaken!'
Eleanor joelde luid en werd al gauw gevolgd door de jongens. Niet veel later galmden het eerste fluitsignaal door de arena, het teken dat de wedstrijd zou gaan beginnen. Eleanor had zich in dagen niet zo goed gevoeld. Misschien was het omdat ze voor vandaag haar oude leventje weer terug had; ze communiceerde normaal tot op een zekere hoogte en voelde zich lekker in haar vel zitten. De ketting en het gevaar hield ze in haar achterhoofd, want ze wist heel goed dat deze haar zomaar om de tuin kon leiden. Een enkele fout kon haar zomaar terug trekken naar de realiteit, maar tot zover had ze die nog niet begaan. Ze hoopte er maar op dat dit zo zou blijven, in ieder geval tot na de wedstrijd.
'Lopen! Het andere team is er al bijna!'
Eleanor begon direct het veld op te lopen en het moment dat ze onder het afdakje vandaan kwam, stroomde de regen op haar neer. Ze gilde een keer ergerlijk, maar ondanks dat de regen erg tegen zat, leek het haar en het team op te peppen. Gillend en schreeuwend renden ze over het veld richting de middenstip. Gierend van het lachend maakte Eleanor een vreugdesprong en draaide ene paar keer rond, niet gevend om Mevrouw Hooch die al stond te wachten. Smith was de eerste die bij de middenstip was en ging recht tegenover de Captain van het Ravenclaw team staan om hem de hand te schudden.
'Goedemorgen allemaal!' schreeuwde Madam Hooch over het lawaai van de regen uit. 'Het is jullie vast ook al opgevallen dat het weer wel wat beter had kunnen zijn, maar helaas, jullie zullen moeten roeien met de riemen die je hebt. Let op je snelheid en houd elkaar goed in het oog. Ik zou graag botsingen willen voorkomen.' Het snerpende geluid van haar fluitje weerklonk en Eleanor zette af tegen de grond, waarna ze gauw naar de doelpalen vloog en omkeek naar het veld. De sterke wind was zo hoog nog heftiger en blies haar een keer bijna van haar bezem. Ze moest haar benen om het hout klemmen en zich hard naar rechts leunen wilde ze haar evenwicht houden. Uiteindelijk, toen ze weer zat, probeerde ze over het veld te kijken. Door de regen kon ze echter niks anders opmaken dan een paar schimmen die heen en weer bewogen over een grijs veld. En hoewel ze haar betoverde bril droeg, was er moeilijk onderscheid te maken tussen haar teamspelers. Eleanor rilde van de kou, droog blijven was er niet bij deze wedstrijd. Een plotselinge blauwe vlek schoot voor haar langs, gevolgd door een aantal gele wapperende capes. Eleanor vloekte in zichzelf dat ze niet had opgelet en het onvermijdelijke doelpunt van de tegenpartij niet had tegengehouden. Een daverend applaus, amper hoorbaar door het gebulder van de wind, steeg op vanaf de blauwe tribune. Een duw van rechts trok Eleanors aandacht, het was Smith. ‘Houd je hoofd bij het spel!’ schreeuwde hij over het lawaai van de tribune heen.
Ze knikte beschaamd en richtte zich weer op het veld. Het duurde even voordat ze weer actie kon ondernemen, maar uiteindelijk zag ze de quaffle heen en weer schieten tussen de blauwe uniforms en dook ze net op tijd naar de onderste hoepel om deze op te vangen. Ze gooide gauw de Quaffle naar een van haar eigen teamgenoten –die ze door de wazigheid van de druppels niet herkende- en ging weer tussen de hoepels hangen. Eleanor merkte dat, ondanks dat ze amper wat hoefde te doen als Keeper, haar spieren overuren moesten maken om haar evenwicht te bewaren. De wind was aan alle kanten zo sterk dat haar armen pijn begonnen te doen van de inspanning. Ze kon zich niet bedenken hoe heftig het voor de Chasers beneden was en hoopte maar dat Alex de Snitch gauw in handen zou krijgen, ook al was die kans vrij klein met dit weer. Het commentaar van het podium was op haar afstand amper hoorbaar en de helft van de woorden leek verloren te gaan in het lawaai van de donder: ‘Hufflepuff heeft de qua.. Wat een draai mensen! Ravenclaw aan ko..’
Eleanor spitste haar oren, hopend iets op te vangen van het commentaar. Uiteindelijk gaf ze het op en probeerde het spel zelf te volgen. Ze zoefde heen en weer tussen de hoepels op de schichtige bewegingen van de Quaffle en probeerde zichzelf in beweging te houden om de kou te vergeten. Het tijdsbesef was ondertussen compleet aan haar voorbij gegaan. Uiteindelijk klonk daar toch het gejuich waar ze op gewacht had; een doelpunt voor Hufflepuff. Een orkaan van lawaai ontstond op de tribune en overstemde de donder in zijn werk. Eleanor gilde een keer enthousiast en gooide haar vuist in de lucht. Een scherpe wind blies haar uit evenwicht en even hing ze onder haar bezem. De wind sloeg tegen haar lichaam als regen een handdoek aan de waslijn en ze schreeuwde een keer vermoeid. Ze perste haar lippen bij elkaar en staarde omhoog naar haar handen, die met alle energie vasthielden aan de bezemsteel.
‘Hufflepuff keep.. Whelan!’ klonk het commentaar en voor ze het wist werd ze door twee sterke armen weer op haar bezem getild.
‘Handen aan het stuur!’ commandeerde Alex en schoot de lucht weer in op zoek naar de Snitch. Eleanor rolde met haar ogen, deze wedstrijd was een ramp. Ze moest zich schamen, al dat ze tot nu toe had gedaan was het team tegenwerken. Ze was echter niet de enige die in gevecht leek met de wind. Meerdere malen vielen er chasers van hun bezems en konden zich nog net vastgrijpen. Opnieuw zag ze de blauwe uniformen naderen, maar voordat ze de Quaffle op kon vangen, schoot een gele mantel voor haar langs en griste de Quaffle zo uit de lucht. Met een zucht keek Eleanor het veld weer over, wachtend tot er weer geel of blauw in beeld kwam. Een tijdje gebeurde er niks; de Chasers zaten zwaar in gevecht begreep ze uit het commentaar. Hufflepuff was een aantal keer dichtbij een doelpunt gekomen en stond momenteel voor, maar de wind onderschepte een boel pogingen. De wind was sterk in het voordeel van de Ravenclawers en dat betekende dat Eleanor extra oplettend moest zijn, maar een verrassende wending trok haar aandacht; ‘Chasers.. botsing!’
Eleanor schrok op toen er een fluitje klonk. Het was kort maar krachtig, wat betekende dat er een pauze in was gelast om de schade te bekijken. De taak van de spelers was om hun plaats niet te verlaten totdat het fluitje opnieuw de aanleiding gaf om verder te spelen. Koortsachtig keek Eleanor om zich heen, hopend dat ze kon zien waar de botsing had plaatsgevonden, maar de regen was zo dik dat ze geen hand voor ogen zag en ze was niet van plan maar te gaan zitten wachten om er vervolgens achter te komen dat het een van haar spelers was die gewond was geraakt. Het spel compleet vergetend, leunde ze voorover op haar bezem en schoot het veld over. Hoewel de regen haar hele lichaam had afgekoeld tot de mate dat ze amper nog wat voelde, kon ze duidelijk merken dat de ketting haar actie niet ondersteunde. ‘Nee,’ hijgde ze, ‘ik speel vals. Ik ben egoïstisch. Je hebt niet het recht!’ Een sterk gevoel van onrecht overviel haar lichaam. Het duurde tellen voordat de ketting zijn acties taakte en haar met rust liet; het valse spel had van haar bezorgdheid gewonnen. Bij een van de hoge torens zag ze Mevrouw Hooch op de grond zitten naast twee blauwe uniformen. Ze hadden zich hard gestoten, maar beide leken in staat verder te spelen. Eleanor slaakte opgelucht een zucht, dat had lelijk kunnen uitpakken.
‘Eleanor!’
Geroep weerklonk vanaf een van de tribunes en Eleanor zocht naar wie haar naam riep. Ze had geen idee naar wie ze moest zoeken op de overvolle tribunes. De kletterende regen belemmerde haar gehoor en zicht.
‘Valstrik!’ klonk het alleen en ze fronste haar voorhoofd. De stem negerend keerde ze haar bezem en vloog terug het veld op. Het schelle fluitje klonk weer over het veld en Eleanor maakte vaart. Plotseling klonk er verderop een knal van ijzer tegen hout, een die ze herkende, maar niets anders kon doen dan opzij kijken. Het volgende moment speelde in secondes aan haar voorbij. Een duidelijke zwarte vlek groeide in de wazige duisternis en op een te korte afstand herkende ze deze als een van de bludgers. Tijd om te remmen was er niet. Er was alleen nog een kans op inslag. Met wanhoop als enige uitzicht, sloot ze haar ogen en wachtte op de klap.

Reacties (10)

  • BOOKWURM

    oh god, hopelijk niks te ernstig

    4 jaar geleden
  • Altaria

    Wat gebeurde daar? Eleanor is te goed om tegen een paal aan te vliegen. Stomme ketting!

    4 jaar geleden
  • chanyeoI

    Oh nee...

    4 jaar geleden
  • EvilDaughter

    Neeeeeeeee
    Nu ontdekken ze misschien de ketting......

    4 jaar geleden
  • HopeMikaelson

    0.0

    Poor Ella! Het overkomt haar altijd weer! Ketting doet niks, dan maar de bludgers :/

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen