Ik bleef Louis aankijken terwijl hij de brief las. Ik had de brief in Dylan's kamer gevonden en ik had hem keer op keer gelezen. Als ik er al terug aan dacht moest ik alweer beginnen met huilen. Ik keek toe hoe zijn gezicht langzaam van centraal naar treurig ging en kleine tranen welde in zijn ogen. Nadat Louis klaar was met lezen keek hij me aan. Hij glimlachte naar me, maar die glimlach bleef niet lang staan. Het was moeilijk om nu zo blij te zijn. Volgens mij was het voor mij zelfs onmogelijk.
"Dat is..wauw.." waren Louis' eerste woorden nadat hij de brief had gelezen. Hij gaf de brief voorzichtig terug aan mij. Hij blies voor even zijn adem uit.
"En nu willen mijn ouders me meenemen naar Griekenland voor wie weet hoe lang." zuchtte ik om even de aandacht weg te halen van de brief van Dylan. Louis verplaatste zich en ging naast me zitten in kleermakers. "Maar ik ga niet."
"Gaan je ouders wel gewoon?" vroeg hij me verder, waarschijnlijk dankbaar dat hij me eindelijk echt aan de praat heeft gekregen.
"Ik denk het." Ik wist het eigenlijk wel zeker. Ze moesten hun eigen weg vinden om te zorgen dat het verdriet langzaam weg dreef. Voor hun was het Griekenland, maar dat was niet weg. Ik moest zorgen dat ik langzaam weer naar school zou kunnen gaan zodat ik mijn diploma kon halen en verder kon gaan. Dat wilde Dylan namelijk voor me.
"Je bent altijd welkom bij mij thuis." zei Louis. Gelijk keek ik hem dankbaar aan met een glimlach en legde voorzichtig mijn hoofd tegen zijn schouder aan. Even was het stil tussen ons, tot dat Louis verder begon te vertellen. "De wedstrijd is afgelast en in de plaats daarvan is er een herdenking voor Dylan op school." Gelijk vulde mijn ogen weer met tranen. Een herdenking.. voor mijn broertje. Het klopte gewoon niet.
"Ik weet niet of ik dat aankan." zei ik eerlijk. Ik denk niet dat ik een herdenking van mijn broertje kon zien in een gebouw met allemaal mensen waar Dylan nooit iets echt heeft mee gehad.
"Ik zal aan je zijde staan als je dat wilt." beloofde Louis me. "Ik weet dat ik je niet kan dwingen, maar ik denk oprecht dat het goed voor je zal zijn als je erbij bent."
Ik besloot om er niet op te reageren, in de plaats daarvan sloot ik langzaam mijn ogen. Waarschijnlijk had Louis gelijk. Het was alleen zo moeilijk.

Louis had na een tijdje besloten om me naar huis te brengen. Ik keek er tegen op, maar toen ik in Louis' auto zat en Louis aan de bestuurderskant zat voelde ik me opeens stukken beter. Ik voelde een vertrouwd gevoel, een gevoel waar ik in deze paar dagen erg naar snakte. Het was raar, maar opeens voelde ik me niet meer zo alleen als ik me eerst voelde. De rit was voor mijn gevoel daarom ook veel te snel gegaan. Hij stopte de auto voor mijn huis en haalde de sleutels uit zijn auto. Hij keek me aan en gelijk keek ik hem ook aan.
"Kun je alsjeblieft bij me blijven?" vroeg ik hem dan uiteindelijk. Het liefst was ik weer alleen in mijn kamer, maar aan de andere kant wilde ik dat juist weer niet. De eenzaamheid die ik dan voelde, liet me nog verschrikkelijker voelen als normaal.
"Natuurlijk." zei Louis gelijk zonder erover na te denken. Ik zuchtte opgelucht en sloot even mijn ogen. Wanneer ik mijn ogen weer opende keek ik naar mijn huis. Ik hoopte dat ik ooit weer zo vrolijk kon zijn zoals ik meestal was met Dylan. Ik hoopte alleen nog meer dat dit gewoon een grote nachtmerrie was, want zo voelde het wel.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen

Add Your Banner Here