Foto bij 011.

@Alvez: Luke is altijd schattig (:

‘Naomi?’ Ramon staat op en omhelst me. ‘Goed je te zien,’ fluistert hij in mijn oor.
‘Ook goed om jou te zien.’ Ik maak me van hem los.
‘Hey jonge…’ Jim blijft in de deuropening staan en kijkt me verbaasd aan. ‘Hoe is het?’
Wat ik ook zeg, het is toch niet goed. Als ik zeg dat het goed gaat, gelooft hij me niet en als ik vertel dat het niet goed met me gaat, komt de focus op mij te liggen. ‘Beter.’
‘Ik heb jou veel te lang niet gezien!’ Moniek geeft me een knuffel. ‘We moeten snel met z’n tweeën afspreken, oké?’
Ik knik instemmend, deels omdat ik het echt wil, deels om geen rare reacties te krijgen, want eigenlijk heb ik helemaal geen zin om met haar af te spreken. Het is het duidelijkste teken dat ik mezelf aan het afschermen ben, want gewoonlijk ren ik als eerste naar Moniek als me iets dwars zit.
‘Hé, ik vind het fijn dat je er bent, maar waarom nu?’ Ramon kijkt me nieuwsgierig aan.
Ik kijk opzij naar Luke.
‘We kwamen elkaar gisteren tegen in de stad en ik zei dat ze gewoon weer mee moest gaan. We zijn niet boos toch? Dan is het zonde om zo’n vriendschap kapot te maken. Gaan we binnenkort nog een keer uit?’ Luke grijnst breed.
Verbaasd hoor ik aan hoe het ruim een half uur alleen over uitgaan gaat en ik vraag me af wat het beste is om te doen. Hij vroeg me of ik hem een duwtje in zijn rug wilde geven, maar ik krijg nu het gevoel dat ik hem een afgrond in moet trappen. Dat is een behoorlijk zware opgave. Ik schraap mijn keel en tik Luke tegen zijn enkel.
‘Volgens mij moet jij nog iets vertellen,’ zeg ik zacht. Zodra ik die woorden heb uitgesproken, lijkt het alsof zijn ogen vuur beginnen te spuwen.
‘Serieus Naomi? Jij bent degene die overal voor wegloopt en nu gooi je zomaar hier iets in de groep over Luke? Sorry, maar dat vind ik echt niet kunnen. Wat is er toch met je aan de hand?’ valt Jim tegen me uit.
Liefde doet pijn, wordt er vaak gezegd, maar het is niet de liefde die pijn doet. Het is juist het gebrek aan liefde wat enorm pijnlijk is. Dat Jim mijn vriendschap niet voelt, zorgt ervoor dat ik het liefst wegloop. Het enige wat me tegenhoudt, is dat ik het oneerlijk vind dat Luke me nu afvalt.
‘Luke, ik wil je nú spreken.’ Ik sta op en loop de kamer uit. Tot mijn grote opluchting volgt hij me. ‘Wat kan ik voor je doen zodat je het wel kunt vertellen?’ Ik kijk naar hem op.
‘Je zou me een klap in mijn gezicht moeten geven, omdat ik je voor schut zet. Ik ben niet te begrijpen, Naomi.’
‘Het is erg lastig, maar ik doe mijn best,’ zeg ik lachend en ik duw kort tegen hem aan. ‘Kom op man, het zijn je beste vrienden. Je hebt het ook aan mij verteld. Ze veroordelen je niet. Iedereen weet dat je moeder er eerder last van heeft gehad, behalve Moniek. Ik ken haar goed genoeg om te weten dat ze je nog steeds zal accepteren. Een depressie is geen keuze Luke. En zeker niet als het iemand in jouw omgeving overkomt. Je bent hartstikke sterk, echt waar.’ Ik doe de deur open en loop weer naar binnen.
‘Mijn moeder is weer depressief.’ Luke gooit de deur achter zich dicht en dat geluid galmt na, terwijl het verder stil blijft. Ramon is, zoals ik had durven voorspellen, de eerste die de stilte doorbreekt en zijn medeleven uit. Ik hoor de woorden en zie dat ze goed op Luke reageren. Hij kan zich relatief goed uiten, maar toch was hij gisteravond meer open tegen me, wat me eerlijk gezegd een goed gevoel geeft. Het vreet aan me dat ik niet volledig mezelf kan zijn in de groep. Mijn hoop dat het na vanavond anders zou zijn, is al lang weer vervlogen. Gelukkig zijn ze dit keer te druk met Luke om mijn nare gevoel op te merken.

‘Waar was je zondagnacht?’ vraagt Lianne dinsdagavond, als ze mijn kamer binnenvalt.
Ik heb geen idee wat ik moet zeggen, want ze zal hoe dan ook de verkeerde conclusie trekken. Tegelijkertijd wil ik niet zeggen dat er iets met Luke is, omdat zij hem kent. Het laatste wat ik wil, is dat Luke denkt dat ik alles wat hij zegt, doorvertel.
‘Was je bij een jongen?’ Ze gaat op een stoel zitten en legt haar voeten op het lage tafeltje.
‘Ik was bij iemand die mijn hulp nodig had. Maar hij of zij zit daar erg mee, dus ik heb beloofd het tussen ons te houden. Meer zeg ik er liever niet over. Hoe is het met jou?’
‘Will vertelde me net na het roeien dat hij niet meer met me wil daten.’
Ik verbaas me over haar stralende lach bij deze negatieve boodschap en wacht geduldig af.
‘Hij wil liever met me op de bank hangen dan uit eten. Of samen studeren in plaats van indruk op elkaar proberen te maken. Hij is zó leuk, Naomi. En…Ik voel me zo fijn als ik bij hem ben. Het slaat echt nergens op, maar ik kan de hele dag alleen maar aan hem denken. We appen verschrikkelijk veel en tegelijkertijd doen we het rustig aan. Ik wist niet dat verliefd zijn zo leuk kon zijn.’ Lianne straalt. Haar ogen twinkelen, haar uitstraling is relaxed, maar enthousiast.
‘Ik ben blij voor jullie. Het lijkt me ook echt een leuke jongen.’
‘Jij bent altijd zo lief Naomi. Waarom heb jij nog geen vriend?’ verzucht ze.
‘Mag ik je iets vragen? Dan moet het wel tussen ons blijven. Echt tussen ons,’ hoor ik mezelf zeggen.
Lianne lijkt te schrikken, maar knikt dan. ‘Het is toch niet ernstig?’
Glimlachend schud ik mijn hoofd. ‘Ik heb een tijdje terug met een jongen gezoend en ik kan hem niet uit mijn hoofd krijgen. Ik vind hem leuker dan ik toe wil geven, maar hij heeft er niets meer over gezegd.’
‘Jij hebt mij overtuigd om toen op Will af te stappen en ik ben je nog iedere dag dankbaar. Ik wist niet of hij me zag zitten. Wat is het ergste wat er kan gebeuren als je het bespreekbaar maakt?’
‘Dat ik hem kwijtraak.’ Ik sla mijn ogen neer.
‘Dan is hij jou toch niet waard?’ Lianne glimlacht kort. ‘Wat is het voor een jongen?’
Ik zucht diep, opgelucht dat ze niet vraagt naar wie het is. ‘Hij is heel sociaal en behulpzaam. Hij heeft veel humor, maar kan ook serieus zijn. Hij is een goede vriend en zijn knuffels zorgen ervoor dat ik me fijn en veilig voel.’
‘Je straalt als je het over hem hebt, maar waarom heb je met hem gezoend? Waarom blijft het niet bij alleen vriendschap?’
Het is verbazingwekkend dat ik niet over die vraag heb nagedacht. Waarom voelt het alsof er meer tussen ons is? Ik heb geen moment gedacht dat ik hem beter niet had kunnen zoenen. Ik had beter minder kunnen drinken of het eerder bespreekbaar kunnen maken, maar ik zou hem zo opnieuw weer zoenen. Helaas maakt het de vriendschap gecompliceerder dan het nu al is.
‘Ik voel me tot hem aangetrokken. Als meer dan alleen vrienden,’ zeg ik zacht, want ik weet dat ik de woorden niet meer terug kan nemen. Ik geef hiermee aan mezelf toe dat ik meer voor Luke voel dan ik steeds probeerde te beweren.
‘Hoe eng het ook is, je moet ervoor gaan Naomi, want elke dag aan hem denken, is niet leuk als je geen zekerheid hebt. Als hij je afwijst, is het zijn verlies. Hoe heet hij?’
Ik voel het bloed naar mijn wangen stijgen en adem diep in. ‘Het is Luke.’ Ik wil haar reactie niet zien, dus ik buig mijn hoofd. Het blijft stil, dus kijk ik toch maar op en ik schiet in de lach als ik Liannes open mond zie.
‘Ik zei het toch! Jullie passen zó goed bij elkaar.’ Lianne gooit een kussen naar me toe. ‘Je kunt het slechter treffen. Will is geweldig, maar Luke is een waanzinnig knappe jongen. Wat houd je tegen?’
‘Dat ik ook Jim en Ramon kwijtraak.’ Ik spreek de woorden uit, voordat ik er daadwerkelijk over na heb gedacht.
‘Waarom zouden ze het niet leuk vinden als jullie een relatie krijgen?’
‘Dat krijgen we toch niet en dan wordt het alleen maar ongemakkelijk,’ mompel ik.
‘Dan zijn het behoorlijk slechte vrienden. Je moet het echt uitspreken, Naomi, want anders blijft het je blokkeren als je bij ze bent. Hoe gaat dat nu?’
‘Ze vragen elke keer wat er met me aan de hand is.’ Ik zucht diep, want ergens weet ik wel dat het vergeten onmogelijk is en ik er enorm door beïnvloed word.
‘Als je heel eerlijk naar jezelf en naar je beste vrienden bent, wat is dan het beste om te doen?’ Lianne glimlacht, omdat ze al weet wat ik zal antwoorden.
‘Oké, ik ga het eerst met Luke bespreken.’ Direct beginnen mijn vingers te trillen en ik bal mijn handen tot vuisten. ‘Dat is trouwens veel enger dan hoe ik het zeg,’ grinnik ik.
Lianne schiet in de lach. ‘Het is Luke, Naomi. Hij is hartstikke lief.’
‘Dat weet ik. Ik wil alleen niet horen dat hij me afwijst, maar ook niet dat hij iets voor me voelt. Ik ben een complete mislukking in relaties en ik ben er absoluut niet klaar voor.’
‘Kan ik iets voor je doen?’ Lianne kijkt me afwachtend aan.
‘Nee, ik ga morgen naar hem toe,’ besluit ik.

‘Hoi, is Luke er ook?’ vraag ik aan de huisgenoot van hem en ik denk onwillekeurig terug aan het moment dat een oude huisgenoot van hem zo denigrerend tegen me deed.
‘Volgens mij wel, loop maar door.’ Hij houdt de deur voor me open.
‘Dankjewel.’ Ik glimlach vriendelijk naar hem, vooral door opluchting. Ik klop aan bij Lukes kamer en stap binnen als ik een vragende ja hoor.
‘Naomi!’ Luke springt overeind en knuffelt me.
Ik houd hem stevig vast en sluit mijn ogen. ‘Hoe was het gisterochtend bij de huisarts?’
‘Hij heeft een spoedverzoek gedaan voor hulp voor mijn moeder. Hij bood mij ook hulp aan, maar ik denk dat ik het deze keer alleen kan. Met jou natuurlijk.’ Hij trekt zich nog dichter tegen me aan.
‘Ik doe het graag voor je. Fijn dat er nu iets meer druk achter komt te staan.’ Ik glimlach zwak. Hoe ga ik hem dit ooit vertellen? Ik laat Luke los en kijk hem aan. De trieste blik heeft plaats gemaakt voor een neutrale, iets afstandelijke blik en ik herken het. Hij wil geen pijn ervaren, dus neemt hij afstand. Sinds gisteravond heb ik erover gepiekerd hoe ik het onderwerp ter sprake kan brengen, maar al die tijdsinvestering heeft blijkbaar niets opgeleverd. Ik ben compleet blanco en ik merk dat ik mijn adem al te lang inhoud.
‘Er is iets met je. Vertel eens.’ Luke duwt mij op zijn bureaustoel neer en leunt zelf tegen het bureau.
Ik wrijf met mijn zweterige handen over mijn broek, in de hoop dat ik er rustiger door word. Ik heb zelf geen idee wat ik er mee wil, wat heeft het dan voor nut als ik hem het probeer te vertellen?
‘Je kunt me alles vertellen. Ik vind het niet snel gek.’ Hij grijnst kort. ‘Al weet je het met jou natuurlijk nooit.’
Door die grijns, iets scheef, span ik mijn spieren aan en zucht ik eens diep. Met een paar woorden kan ik alles kapot maken. ‘Ik…’ Ik sla mijn ogen neer en haal een paar keer diep adem. ‘Ik weet dat ik er teveel waarde aan hecht en dat is ook prima, m-maar…I-Ik…’ Doordat ik ietwat stotter, val ik stil. Val ik straks over de rand, een diep gat in en heb ik dan niemand meer om op terug te vallen?
‘Kijk me eens aan.’ Luke pakt mijn handen vast, waardoor ik naar hem opkijk. ‘Ik ben het maar.’
‘Dat is nu net het hele probleem!’ Ik trek mijn handen los.
Luke schiet in de lach, waarna hij zich herstelt en me serieus aankijkt, met een kleine rimpel in zijn voorhoofd. Door mijn uitgebreide analyses weet ik dat het een frons van concentratie is, in plaats van zorgen. ‘Noem je mij een probleem?’ Hij buigt zijn hoofd, alsof hij enorm verdrietig is.
‘Luke?’ Ik wacht totdat hij opkijkt en slik moeizaam. ‘Die keer dat we uitgingen hè? Weet je nog dat we…’
‘Gezoend hebben? Ja, dat weet ik nog.’
Ik ontspan me iets. ‘Ik weet niet of ik daar blij mee ben of niet. Maar…Ik merk dat ik er mee zit. Ik bedoel, ik weet dat het niets voor jou was. Dat het voor jou niets was. En dat is prima of, nou ja, niet erg misschien, maar ik wil het je horen zeggen. Dan kan ik het loslaten en kunnen we normaal met elkaar omgaan en niet zo achterlijk tegen elkaar doen en dan hoef ik geen boze preek van Jim aan te horen en het…’
Luke schudt zijn hoofd, waardoor ik stilval. Zelfs zonder iets te zeggen, heeft hij invloed op me.
‘Maak het niet groter dan het was. Ramon en Jim weten het niet eens en wij kunnen normaal met elkaar omgaan.’ Zijn rust verbaast me, omdat ik zelf zo hoog in mijn energie zit. Mijn hartslag is bijna nooit even hoog geweest als die nu is.
‘O. Oké. Moniek ook niet, dus dat scheelt. Eh…Wil je alsjeblieft zeggen dat het voor jou niets was?’
‘Het was niet niets. Het was een kus en we waren allebei niet nuchter. Geen excuses, geen redenen, alleen constateringen. Het kwam op het verkeerde moment Naomi. Wat mij betreft is er niets veranderd in onze vriendschap.’
Ik probeer zijn woorden in mijn hoofd op te slaan en knik. ‘Duidelijk. Daarom kwam ik even langs. Hé, ik ga ervandoor. Ik moet nog een deadline halen.’
Hij weet even goed als ik dat het een smoes is en toch laat hij me gaan. Ik heb geen idee of ik dat fijn vind of dat ik het hem kwalijk neem.

Reacties (1)

  • Long

    Ah damn, dit vind ik toch wel zielig voor haar. :-(

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen