Foto bij 087 - Reece Martin.

      Een twijfel diep van binnen, eerder een tweestrijd. Mijn lichaam schreeuwt om slaap en wil direct weer in bed belanden en de rit terug duurt ook nog een vol uur. Mijn hart sleurt me direct over de richel door extra hard te gaan slaan bij de vraag. Een schuine glimlach verschijnt op mijn gezicht, waarschijnlijk zie ik er even moe uit als haar. Waarschijnlijk stink ik ook meer als haar, na de constante stress die mijn emoties in mijn lichaam veroorzaken.
“I’d love that.” Niet like, maar love. Goh Reece, moet je alles laten doorschemeren? Ik draai de sleutel om en zet de auto in zijn vrij. Gauw haal ik de papieren uit het handschoenen vakje en stap met de vrouw uit de auto. Vrouw, ja, dat is de beste manier om haar tegenwoordig te beschrijven. Verandert in de maanden dan ik haar niet heb gezien.
De koude lucht lijkt een beetje bijgetrokken wanneer de we richting de voordeur lopen. Het trappenhuis daarentegen, voelt aan kouder als buiten. Als ze de deur open gooit van Alex en Melissa’s appartement mompelt ze: “Welcome to the lovepad.” Bij de woorden al kijkt ze een beetje schichtig in het rond. “So what can I offer you? I have…” Jamie checkt de koelkast voor een korte tijd en doet hem vervolgens weer dicht. “I suppose I can’t offer you something alcoholic.” Daarbij schud ik mijn hoofd, ik moet nog naar huis rijden. “Knowing Melissa, she might have a non-alcoholic beer in the pantry, not cold though.”
Terwijl ze voor me op zoek gaat, neem ik plaats op een van de stoelen in de buurt van de bank. Mijn favoriete stoel, waar ik al meerdere keren eerder mijn bier per ongeluk overheen heb gegooid. Het verbaasd me dat Melissa hem nog niet de deur uit heeft gegooid.
“Here you go,” hoor ik dan van rechts. Jamie geeft me het biertje aan en loopt verder met haar glas sap richting de bank. Waar ze een van de vele sierkussens op haar schoot legt nadat ze comfortabel genoeg is gaan zitten.
“Thanks,” mompel ik eigenlijk iets te laat. Ik had wat meer tijd nodig om mijn gedachten terug bij af te krijgen. Ik wrijf de slaap met mijn handen uit mijn ogen. “That’s not how I expected the day to go, to be quite honest.”
Een klein glimlachje speelt rond haar lippen. Jamie’s ogen beginnen te twinkelen, ik heb al in geen tijden zoveel emoties op een dag op iemands gezicht kunnen zien. Jamie lijkt ze allemaal te bevatten. Het maakt mijn hart warm, of is het de vermoeidheid?
“No… not really, but it was great. Miles is just beautiful.”
“He looked wonderful.” Stem ik met haar in. Ondanks dat ik me er niet helemaal bij thuis voelde, wat het bijzonder dat ik bij de ontmoeting aanwezig had mogen zijn. Het brengt de wereld weer in een ander perspectief.
Er valt een stilte. Beide nemen we een slok, ik observeer de muren en Jamie friemelt aan de randen van haar kussen. “I was missing this.”
“What?”
“Hanging out with you.”
De blosjes lopen weer naar mijn wangen, ik kan blijkbaar geen enkele emotie niet zichtbaar laten maken vandaag. Beter ga ik er mee in. “I did too. It feels so… familiar. Like home.” Haar ogen worden even iets groter, waarna de oogleden weer terugzakken. Een stap te ver misschien, maar ik kan na een vermoeiende dag niet veel meer voor me houden.
Toch knikt ze. Gelukkig, een nare situatie vermeden.
Zou ik het haar moeten zeggen, dat ik nog steeds om haar geef? Straks denkt ze niet hetzelfde. Jamie wil vast alleen vrienden blijven. Na alle troep waar ze de laatste tijd doorheen is geweest, hoeft ze niet nog eens een aanhangsel als ik in haar leven hebben.
Vriendschappen zijn goed. Ik kan wachten.
Als ik mijn biertje op heb, hebben we het hele discussieonderwerp al gehad van de vreselijke koffieautomaten in het ziekenhuis - waar ze waarschijnlijk alleen maar meer patiënten mee proberen te werpen - gehad. Gauw stop ik mijn handen in mijn zakken.
“I should go, it’s already very late.” Bij mijn woorden staan we beiden direct op van onze zitplaatsen. “I’ll see you around okay, come by in Sydney anytime you want. I’d love to see you there, maybe take you out to the opera house sometime?” Het is vragend, maar ik weet dat het nooit zal gebeuren. Ik durf er al helemaal niet op te hopen dat ik haar in de komende dagen nog zie voordat ik weer terugreis.
Jamie glimlacht en knikt instemmend. Zonder woorden, want haar stem lijkt nergens meer te bekennen.
Ga ik voor een knuffel? Durf ik dat. Een zoen is te ver gezocht. Waarschijnlijk kan ze me zien twijfelen terwijl mijn ogen van haar lippen naar haar ogen schieten. Toch ga ik voor de knuffel, en druk ik haar dicht tegen me aan. Ze lijkt te verdwijnen in mijn aanraking en ik voel hoe zij ook haar armen om me heen sluit.
Het voelt zo gewoon dit. Haar geur om me heen, hoe ze perfect in mijn armen past en haar zachte ademhaling tegen mijn sleutelbeen.
We blijven een aantal tellen zo staan, al voelt het voor uren. Wanneer we elkaar loslaten, overweeg ik nog om een kus op haar voorhoofd te duwen. Maar in mijn gedachten gaat het te ver, maar mijn twijfeling is te merken. “I’ll see you around.” Zegt Jamie, haar ogen zijn een beetje waterig.
Ik laat mijn hand een keer over haar haar glijden. “See you soon James.”

      Wanneer ik de oprit oprijd zie ik dat de lampen nog branden. Met opzettelijke trage stappen loop ik richting de voordeur. “Dad?” vraag ik niet altijd al te hard tegen de stille hal.
“In here!” hoor ik vanuit de woonkamer komen. Zo rustig mogelijk trek ik mijn jas uit. Ik probeer niet te kijken alsof ik betrapt ben, maar ik weet zeker dat mijn vader de blik in mijn ogen wel herkend. Hij knikt naar me wanneer hij me ziet, als een wijze van begroeting. “Where have you been?”
Twijfel, alweer. Maar ik kan niet tegen mijn vader liegen, dat vertik ik. “I was out for coffee with Jamie, then I had to drive her to the hospital because her sister-in-law was in labour.” Zoals de woorden uit mijn mond komen, klinken het bijna als smoesjes. Zo snel ratel ik ze op. “And then Jamie wanted me to stay for moral support.”
“Jamie?” vraagt hij.
“Yeah. And it’s a boy, by the way.”
“Why were you with Jamie?”
“We were just catching up dad. Nothing wrong with that between old friends.”
Hij bromt wat bij de woorden van oude vrienden. “You still like her.” Geen vraag meer.
Ik bijt op mijn lippen. “I-, I suppose I do.”
“You sure that’s wise? With her just coming out of rehab.” Er klinkt geen argwaan uit zijn stem.
“Well, that was a while ago. And she’s been good, real good.” Hij knikt enkel bij mijn woorden, hij probeert meer uit me te trekken. En het werkt. “And I think so too, she’s way better and she makes me smile whenever I see her.”
Het glas dat hij blijkbaar in zijn handen had, brengt hij naar zijn mond. De man des huizes knikt weer. “That’s all I wanted to hear, I believe you. As long as she makes you happy.” Dezelfde woorden die ik onlangs nog aan hem vertelde.
Daarvan moet ik grijnzen. “I haven’t felt this good in a while. But I’m not sure she feels the same.”
Mijn vader lacht. “Son, that just means you haven’t paid enough attention.”

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen