Foto bij Perron 9 3/4

Er werd uitgebreid afscheid genomen door de ouders aan hun kinderen. Voor de roodharige familie Weasley lag dit niet anders. Myra stond een eindje bij hen vandaan en zag vanuit haar ooghoeken hoe Molly Weasley haar dochter stevig tegen zich aandrukte. Een geluidloze zucht verliet haar lippen, wat hunkerde ze naar zo een knuffel. Haar blauwe ogen waren gefocust op de trein die haar zou terugbrengen naar haar ergste nachtmerrie. Naar de plaats waar ze alles verloren was. Waar haar hart in duizend stukken was gebroken. Een brok zette zich vast in haar keel en ze moest een aantal keren slikken voor hij verminderde.
      'Gaat het wat me je?' hoorde ze een stem vragen. De vraag die ontelbare keren gesteld was, zo vaak zelfs dat Myra hem stilaan wat zat werd. Ze liet haar ogen van de trein naar de persoon naast zich glijden. George Weasley gaf haar een zwakke glimlach maar keek haar oprecht bezorgd aan.
      Myra wist niet goed wat ze moest antwoorden. Het was de eerste keer sinds maanden dat hij, uitgerekend George, dit vroeg aan haar. Beide hadden ze iemand dierbaar verloren maar George leek er beter uit te komen dan zij. Het was ook niet gek, zijn hele familie en al zijn vrienden waren er om hem te steunen in deze moeilijke periode. Maar Myra... zij wilde liever niemand lastig vallen met haar verdriet. Dit moest ze in haar eentje oplossen!
      Myra betrapte zich erop dat ze al enkel minuten in gedachten verzonken was en George aanstaarde. Zijn bezorgde uitdrukking was enkel meer naar voren gekomen dan eerst. Myra deed haar best om haar mondhoeken naar boven te duwen waarna de bezorgde blik van George zachter werd.
      'Het gaat... oké met me,' antwoordde ze hem na enige aarzeling. Oké. Dat leek er min of meer op. Myra voelde zich oké, toch? Neen niet echt! Ze voelde zich gefrustreerd, ze voelde zich moe, ze was op en toch hield ze zich sterk. Ze moest wel, zij was emotioneel het sterkst van iedereen. Ze had afgelopen twee maanden gehuild en zichzelf verwaarloosd. Ze was Molly Weasley dankbaar voor haar zorgen maar het nam haar verdriet niet meer weg.
      'Ja, dat gevoel ken ik.' George liet zijn ogen even afdwalen en Myra wist dat er zich een krop in zijn keel bevond. Dit maakte zij zo vaak mee. Even flitste een knuffel door haar gedachten. Langzaam zette ze een paar passen naar hem toe maar schrikte plots op van het gefluit van de trein. George keek naar Myra en glimlachte zachtjes.
      'Je kan dit Myra. Ik weet het zeker en ik weet ook dat Remus wil dat je dit doet,' zei hij. Myra staarde naar haar schoenen en beet op haar onderlip. Haar zicht werd wazig van de tranen die zich in enkele seconden hadden ontwikkeld. Zijn naam alleen al kon dit teweeg brengen. Op momenten zoals deze, het afscheid nemen, miste ze hem het meeste. Al die jaren was hij een soort vader voor haar geweest en dat mistte ze nu. Zijn glimlach, zijn knuffels, zijn geruststellende woorden... Alles gewoon!
      George had gelijk. Remus zou willen dat ze afstudeerde, dat ze haar dromen na zou jagen en dat ze stopte met zelfmedelijden te hebben. Ze kon hem horen zeggen: "Wat gebeurt, gebeurt altijd met een reden Myra." Een waterige glimlach verscheen op haar gezicht. Ze snoof even diep in en knipperde een aantal keren met haar ogen. De tranen verdwenen langzaam en Myra hief haar hoofd weer op.
      'Ik red me wel.' De woorden kwamen er harder uit dan ze bedoelde. George knikte en liep terug naar zijn familie. Idioot! dacht ze bij zichzelf. Ze had hem moeten bedanken voor de zachte en bemoedigende woorden. Niet hem afwimpelen omdat haar trots in de weg zat.
Myra zuchtte.
      Ze zou het wel goed maken. Tijdens Kerst zou ze hem bedanken en haar excuses aanbieden voor haar afstandelijk gedrag. Maar nu moest ze de trein op, op weg naar Hogwarts, op weg naar een plaats vol verdriet. Myra nam haar bruine lederen schoudertas op en hing hem over haar schouder. Nog een keer haalde ze diep adem en net wanneer ze de eerste treden wilde opstappen, hoorde ze haar naam.
      Vragend keek ze om zich heen, de menigte in maar kon de stem niet vinden. Myra zette haar ene voet op de treden van de trein maar hield de menigte in het oog. Plots zag ze de persoon waar de stem aan toebehoorde.
'Ik dacht dat we te laat zouden zijn,' pufte de oude dame en hief het jonge kind wat hoger in haar armen. Myra kon een grote glimlach niet onderdrukken. Andromeda Tonks keek haar vol liefde maar tegelijk vol verdriet aan. Myra wist wat ze dacht maar ze wist ook dat ze het niet luidop zou zeggen. De woorden: "Remus zou zo trots op je zijn!" zouden haar nog meer pijn en verdriet doen dan de woorden van George.
      'We konden je niet laten gaan zonder afscheid, toch?' glimlachte ze en kriebelde de buik van Teddy, Remus en Nymphadora hun zoon. Teddy keek Myra met een glimlach aan en strekte tot slot zijn armen naar haar uit. Myra wilde hem best in haar armen sluiten en zeggen dat alles goed zou komen, maar haar tijd was bijna op. Het jonge kind deed haar iedere keer glimlachen, zelfs wanneer ze het niet wilde. Hij was één lichtpuntje in haar grote duisternis hoewel het soms pijn deed om naar hem te kijken. Hij was tenslotte Remus zoon en een deel van hem leefde voort in Teddy.
      'Wees een brave jongen Teddy. Ik zal je elke week een brief schrijven en wat leuks toesturen naar je,' zei Myra en aaide over zijn felle blauwe haren. Teddy kreeg een pruillip maar Myra had geen tijd meer om uitgebreid afscheid te nemen van de jongen. Opnieuw een gefluit maar nu van de conducteur. Snel drukte ze hem een zoen toe en haastte zich de trein op. Snel draaide ze zich om en zwaaide nog een laatste keer.
      Myra baande zich daarna een weg naar de wagon waar Harry, Ron, Ginny en Hermione zaten en voegde zich bij het gezelschap. Tot haar grote verassing zat ook Neville Longbottom bij hen. Myra nam plaats naast de jongen, nam een boek en potlood uit haar tas en begon de hele rit lang erin te werken.

Reacties (1)


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen