Foto bij 3.4 V5 pov

Ik vermoedde dat ik terug in mijn kamer was, maar ik was niet zeker. Ik opende mijn ogen en zag een paar agenten binnenkomen. Meteen sloot ik mijn ogen dicht en deed ik alsof ik nog buiten bewustzijn was. Agenten brachten enkel slechte herinneringen naar boven, zoals toen ze me op de grond wierpen en mijn schouder uit de kom deden… Of toen die ene in de cel kwam en mij probeerde te stikken… Hm, niet al te fijne herinneringen dus.

“Victor, de politie is er voor je verhaal…”, hoorde ik Ilse zeggen, maar hield mijn ogen koppig dicht. “Victor…”, zeurde ze nu, dus opende ik mijn ogen en tranen vulde ze alweer. “Jullie zijn te laat”, zei ik verdrietig en tranen verlieten onbedoeld mijn ogen. Ilse zuchtte even, maar vroeg dan: “Victor, kan je aan de politie vertellen wat er is?” “Vraag het ziekenhuis of Niall er nog is”, zei ik zacht en trok mijn benen op. Ilse knikt en de agenten kijken elkaar vreemd aan. Ilse pakte haar gsm en belde. “Hallo? Ik vroeg me af: is meneer Horan er nog? O, oké…”, zei ze en ze hing op. “Hij is er niet meer, hij mocht naar huis.” Ik schudde droevig mijn hoofd. “Kan niet, daarvoor is hij nu te zwak, dat ben ik zeker. En zijn ouders zijn ook niet thuis, die zaten ook in dat ongeval. Maar ja, het is al te laat”, zuchtte ik droevig. Toen nam een agent het woord: “Victor, denk je te weten waar of bij wie hij is?” Ik zei even niets, om daarna enkel te zeggen: “Kijk terug naar het nieuws.”

De agent zuchtte en zette de herhaling van het nieuws aan. Ik wachtte tot het bepaalde moment en riep dan luid: “STOP!” De agenten schrokken, maar pauzeerden het. Ik wees naar de gedaante in het rechter hoekje van het scherm en zei: “Hij is het. Ik ken hem, hij heeft het gedaan.” De agent knikte, alsof hij me nu wel serieus nam en vroeg dan: “Heb je een naam? Damon, vraag jij de camerabeelden van de parkeergarages bij en in het ziekenhuis op”, en de andere agent pakte zijn walkietalkie. Nerveus knikte ik en mompelde zacht: “Ja… hij… hij heet Godfried, Godfried van Bouillon, net als die beroemde persoon… Hij… hij is de vader van mijn broers.”

“Heb je hem wel al eens gezien?” Weer knikte ik. “Ja, een paar jaar geleden, toen hij me brandmerkte.” Damon gaat de kamer uit en ik blijf zo achter met de agent en Ilse. “Heb je nog enig idee hoe hij eruit zag?” vroeg hij en ik groef in mijn geheugen. “Blauwe ogen, blond-bruin haar, groot”, zei ik. Hij glimlachte en noteerde het. “Het is moeilijk, ik weet het, maar bedankt voor de info. Mocht je iets te binnen schieten of je hebt een behoefte aan een gesprek, mag je me altijd bellen”, zei hij en gaf me een kaartje. Ik pakte het aan en ging terug goed liggen. Hij sprak nog even met Ilse, waarna hij zijn kameraad achterna ging en dus vertrok.

Reacties (1)

  • Paardenvriend

    SORRYYY ik reageer laat. Maar ik was op vakantie dus drm. Want dit is een van mijn favorite stories dus ik ben altijd blij met jouwe stukkies!! Net als nu weer!!! HET IS SPANNEND!

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen