Er is alweer een week voorbij gevlogen en gelukkig is Axels enkel weer genezen. Hij mag dus weer meespelen. Wat iedereen overigens zeer op prijs stelt, aangezien de finale tegen de Royal Academy al bijna voor de deur staat.

'We komen toch wel te laat, Manou,' zegt Mark hijgend. 'Ook als we nog harder gaan rennen komen we te laat.'
'Dat zal best. Maar we hebben zelf om half elf met ze afgesproken. Hoe kunnen wij het dan in hemelsnaam maken om te laat te komen?' Mark kijkt even teleurgesteld en rent dan grijnzend langs me. 'Kom, dan. Slome.'
'Wacht! Stop eens!' Roep ik hard en Mark stopt met rennen.
'Wat is er?'
Ik wiebel lachend met mijn wenkbrauwen. 'Heb je anders weer eens zin in een wedstrijdje? Nu we zoveel aan het trainen zijn, hebben we er echt geen meer gedaan.' Ik trek een pruillipje. 'En dat mis ik echt.'
Mark lacht. 'Ik ook. Maar... Wat is de deal?'
'Hmm,' ik kijk bedenkelijk naar de lucht. 'Wie het laatst bij het trainingsveld is, moet de ander trakteren op iets. En je moet er naar toe dribbelen. Is dat een deal?' Mark knikt hevig van wel en gooit blij zijn armen in de lucht. 'Dus het maakt niet uit wat het is?'
'Nee. Maar het mag niet boven de tien euro gaan.' Ik staar naar de grond. 'Omdat ik niet meer heb.' Mark grijnst breed en kijkt dan even zoekend om zich heen. 'We moeten even iemand hebben die aftelt. Want anders ga jij weer valsspelen,' mompelt hij grinnikend.
Beledigd sla ik mijn armen over elkaar heen. 'Wat? Jij bent hier degene die altijd vals speelt. Maar is goed. Ik zoek wel iemand die aftelt.' Ik kijk meteen in het rond, en zie een aantal mensen voorbij lopen.
Dan zie ik de man van de noodlezaak. Oftewel: Mister Noedel. Adèle vindt die naam overigens respectloos. Maar hoe moet ik hem anders noemen? Ik weet toch niet hoe hij echt heet?
'Kom, Mark. Hij wil vast aftellen,' zeg ik enthousiast en ik trek hem met me mee naar meneer Noedel. Ik spring voor de man en zwaai vrolijk. 'Hoi, meneer! Zou ik u misschien iets mogen vragen?' Meneer Noedel knikt kort. 'Mark en ik willen graag een wedstrijdje doen, over wie als eerste op het trainingsveld is. Maar we zijn bang dat de ander vals speelt. Dus zou u misschien tot drie willen tellen, zodat we niet vals kunnen spelen?'
Hij grijnst breed. 'Is goed. Ga maar staan, dan.' We gaan naast elkaar op de stoep staan en leggen de bal voor onze voeten neer. We knikken naar meneer Noedel en steken onze duim op. 'U mag beginnen, meneer.'
'Goed. Een. Twee,' hij kijkt ons even aan. 'Drie.' Mark en ik rennen tegelijk weg met de bal aan onze voeten. Af en toe ontwijken we wat omgevallen vuilnisbakken, en ren ik angstig een paar meter om wat straatkatten heen. Sommige komen me zelfs achterna! Het lijken wel allemaal Marks.
Hijgend komen we bij het trainingsveld aan, waar inderdaad iedereen als is. Mark en ik kwamen bijna tegelijk aan. Maar ik ben eerder, denk ik.
'W-Wie was eerst?' Hijgt Mark.
'Ik.'
Hij kijkt verbaasd op. 'Echt niet. Ik was eerst.'
'Waarom vraag je dan aan mij wie het eerst was? En daarbij heb je het fout. Want ik was overduidelijk eenhonderdste seconde eerder.'
'Niet waar! Ik was eerder, Manou-' Ik sla mijn handen voor zijn mond. 'Niets! Ik was eerder! Veel eerder zelfs.' Mark zwaait met zijn armen om zich heen en maakt een raar geluidje. 'Niet! Ik was eerst. Daar is geen twijfel over mogelijk, zusje.'
Ik hoor Adèle zuchten. 'Jullie zijn af en toe echt een stelletje kleuters. Weet je dat?'
'Wel.' Ik rammel Mark door elkaar. 'Ik verdien een ijsje! Want ik won! Toch, jongens?'
'Jullie zijn te laat. Zeker een uur,' zegt Max en de anderen knikken instemmend. 'Jullie zeiden dat we hier nu al moesten zijn, en nu zijn jullie er zelf niet eens. We moeten tegen de Royal Academy in de finale, jongens! Daar moeten we echt hard voor trainen.'
Mark en kijken elkaar schuldig aan. 'Het spijt ons, jongens.' Dan kijken we ze weer grijnzend aan. 'Maar we zullen het goedmaken door extra hard te trainen! Belooft!' De jongens zuchten diep. 'Dat zal wel goed komen. Dat doen jullie toch wel. Ook als jullie niets verkeerd hebben gedaan.'

Na een paar uurtjes getraind te hebben, komt coach Wintersea naast het veld staan. Dat is best vreemd. Hij komt hier nooit. Maar hij is wel onze coach. Dus het is eigenlijk wel logisch dat hij ons wil zien trainen. Nelly loopt naar hem toe en glimlacht naar hem. 'Coach Wintersea? Zou u me misschien even kunnen helpen?'
Hij klapt lachend in zijn handen. 'Hoe zou ik hulp kunnen weigeren aan het liefste meisje van de hele school?' Ik rol met mijn ogen en zucht. Nelly is niet echt het liefste meisje van de school. Ze is wel aardig, en zo. Maar zeker niet de liefste van de hele school. Dat ben ik al.
Nelly glimlacht lief en wappert met haar hand. 'Ik wil de spelersbus nog even controleren voordat ze naar de finale gaan. Dus zou u een proefritje willen maken?'
'Moet ik de bus besturen?!' Coach Wintersea springt geschrokken de lucht in, en we kijken hem verbaasd aan. Maar coach Wintersea herpakt zich l snel weer. 'I-Ik zou je graag willen helpen, Nelly. Echt heel graag. Maar ik heb geen rijbewijs voor een b-bus. En daarbij-'
'Oh, daar hoeft u niet over in te zitten,' glimlacht Nelly. 'Het schoolterrein is geen openbare weg, dus u heeft geen rijbewijs nodig. Bovendien hoeft u de bus maar een paar minuutjes rond te rijden.'
'I-Ik weet het niet, hoor.' Hij dept met een zakdoek langs zijn gezicht en kijkt weer een paar keer paniekerig om zich heen. Nelly kijkt hem verbaasd aan en houdt haar hoofd iets scheef. 'Of is er nog iets anders, meneer Wintersea?'
'N-Nee.'
'Nou, schiet op, dan. Dan gaan we naar de spelersbus.' Nelly's stem klinkt opeens wel heel dreigend en ze kijkt meneer Wintersea strak aan. Waar is ze mee bezig? Weet jij het, Adèle?
Adèle bestudeerd Nelly en coach Wintersea goed. 'Ik weet het niet precies. Maar er is sowieso iets.' Ik knik vastberaden en kijk ook weer naar Nelly. Ze zet haar handen in haar zij, als coach Wintersea niet in beweging komt. 'Meneer Wintersea? Komt u nog?'
'J-Ja, juffrouw.'
Nelly glimlacht tevreden en zwaait dan naar ons. 'Jongens! Gaan jullie even mee? We gaan de bus controleren.' Mee? Waarom zouden wíj mee moeten? Dat kan coach Wintersea toch ook wel? Of... Niet? Er is inderdaad wel iets aan de hand.
We lopen langzaam achter Nelly en coach Wintersea aan, naar een soort grote garage waar de bus staat. Coach Wintersea gaat in de bus achter het stuur zitten. 'En n-nu?'
'Wacht even, meneer.' Nelly glimlacht lief naar hem en kijkt ons dan aan. 'Gaan jullie maar even aan die kant van de bus staan.' We luisteren, ook al hebben we allemaal wel een raar voorgevoel hierover. Ik ga tussen Mark en Bobby in staan en tik Bobby aan. 'Mag ik op jou schouders? Dan kan ik het wat beter zien. Jij bent toch lang.' Bobby knikt en hurkt iets. Ik klim razendsnel op zijn schouders en tuur de bus in, waar coach Winterea al zit. Hij zet zijn handen trillend aan het stuur en slikt angstig.
'Gaat u maar wat rondrijden. En maak vooral wat bochten,' zegt Nelly kalm. Maar haar ogen zeggen genoeg. Er is iets goed mis met die man. Hij draait de sleutel moeizaam om, maar de bus maakt geen geluid. 'O-Oh, nee. Dat is raar. Misschien is de accu leeg en kan ik n-niet starten,' stottert hij en hij draait de sleutel weer terug. Nelly kijkt hem furieus aan. 'Start hem! Nú!' Meneer Wintersea recht geschrokken zijn rug en draait de sleutel nogmaals om. 'S-Sorry.' De motor start en Nelly knikt tevreden. Ze wappert met haar hand richting het schoolplein. 'Rij de bus nu naar buiten.' Coach Wintersea blijft bewegingloos zitten en dat lijkt Nelly te storen. Ze voert de druk nog iets op. 'Wat is er aan de hand? Bent u verlamd, of zo?' Ze kijkt coach Wintersea woedend aan, als hij nog langer stil blijft zitten. 'Schiet op, meneer! Ik heb niet de hele dag de tijd.' Hij schudt geschrokken zijn hoofd en laat zich op het stuur zakken. 'Ik... Ik kan het niet.'
'Oh. En waarom niet?'
'Ik kan het gewoon niet!'
Nelly houdt een briefje naar boven. 'Ik heb deze brief ontvangen. Hierin staat beschreven wat voor een vreselijke dingen u van plan bent.' Ze zucht diep en laat het briefje weer zakken. 'U kunt de bus niet besturen, omdat u ermee geknoeid hebt. U heeft hem onklaar gemaakt. Nietwaar? En waag het om te liegen. Want alles staat in deze brief.' Mijn ogen worden groot en ik trek zacht aan Bobby's haar. 'Hoe kunt u dat doen? U bent toch onze coach? Wilde u ons om laten komen, of zo?' Zijn gezichtsuitdrukking verandert en er verschijnt een gemene grijns op zijn gezicht. 'Zoiets was de bedoeling, ja.' Hij stapt de bus uit en gaat voor ons staan. 'Ik heb de remvloeistof afgetapt.'
'Bent u gek?' Mark stapt boos naar voren. 'Waarom heeft u dat gedaan?'
'Wat denk je zelf?' Hij kijkt ons één voor één aan en grijnst. 'Om te voorkomen dat jullie de finale zouden halen.' Iedereen kijkt hem verbijsterd aan. 'Maar waarom, dan?!' Coach Wintersea loopt langzaam weg. 'Omdat jullie verschijning in de finale problematisch zou zijn voor een zeker iemand. Iemand waar ik een regeling mee heb getroffen.' Axel stapt naar voren en zet zijn handen in zijn zij. 'Met het hoofd van de Royal Academy, hè?' Coach Wintersea draait zich om en zijn blik zegt eigenlijk wel genoeg. Hij is betrapt. Axel zet nog een stap naar voren en kijkt onze bijna ex-coach strak aan. 'Dus om je aan je éigen chique afspraakje te houden, offer jij je hele team op?'
'Ohw.' Hij glimlacht, alsof het de normaalste zaak van de wereld is, dat je je eigen team om wilt laten komen, zodat ze de finale van een voetbaltoernooi niet halen. Achterlijk mens. Maar hij lijkt helemaal geen spijt hebben. Sterker nog: Hij gaat alleen maar meer het slachtoffer uithangen. 'Je hebt geen idee h-hoe vreselijk angstaanjagend de commandant kan zijn.'
'Nee. En ik wil het niet weten ook,' zegt Axel resoluut. Ik kijk even naar Nelly en ook zij staat er woedend bij. 'Ik wil niet dat er leraren zoals u hier werken. Wat dit betreft mag ik namens de voorzitter van het schoolbestuur spreken.'
'Dus je ontslaat me?' Definitieve ex-coach Wintersea lacht hard. 'Mij best. Want ik ben deze beschimmelde, oude school toch al lang zat.' Dan betrekt zijn gezicht weer en hij grijnst lichtelijk bespottelijk. 'Maar weet je? Ik zou er als ik jou was maar niet zo zeker van zijn dat ik de enige spion van Royal ben, juffrouw. Wat vind jij ervan, Bobby?'
Ik verslik me bijna en kijk verschrikt naar beneden. Bobby?! Hij kijkt me wanhopig aan en ik schud ongelovig mijn hoofd. 'Bobby is geen spion! Hoe durf je? Ga toch weg!' Ex-coach Wintersea lacht en wappert met zijn hand. 'Goed. Goed, Manou. Ik ga al. Maak je toch niet zo druk. Maak je liever zorgen om die spion, bij wie jij nu vrolijk op de schouders zit. Want wat wilde hij doen? Hij wilde jullie waarschijnlijk ook wel verraden.'
'Dat zou hij nooit doen! Jij achterbaks manne-' Ik slik de rest van mijn woorden in, als meneer Wintersea wegloopt. Hij zou me toch niet meer horen. En anders zou hij me negeren. Vervelend, achterbaks mannetje. Eerst ons om willen laten komen. En nu zeggen dat Bobby een spion is. Dat kan toch niet? Bobby is geen spion. Toch? Ik kijk nog eens naar beneden en kijk recht in Bobby's ogen. In zijn ogen is iets van spijt te zien. Dus het is waar? 'Ben jij echt een spion, Bobby?' Mompel ik, voordat iemand anders iets heeft gezegd.
Hij zakt voorzichtig iets door zijn knieën en laat mij van zijn schouders afstappen. 'Het... Het spijt me, jongens.' Iedereen kijkt hem verbijsterd aan, waardoor hij alleen nog maar verstuurder om zich heen gaat kijken. 'Het spijt me echt.' En dan rent hij zonder verder nog om te kijken weg.
'Ohw... Bobby.'


Sorry, dat het zo lang heeft geduurd. Ik had het echt ontzettend druk.
En heb eigenlijk veel te veel carnaval gevierd.
xD

Reacties (3)

  • Samanthablaze

    Ik krijg hiervan altijd zoveel medelijden met Bobby... arme jongen...

    Gelukkig houdt Adèle zich in als Axel aan het woord is

    1 jaar geleden
  • Duendes

    Wintersea is zo'n zak, echt vreselijk. HIJ GAAT ER AAN! Ohww arme Bobby... ik vind dit verhaal echt leuk om te lezen, één van de weinige actieve IE verhalen waar ik dat van vindt, dus goedzo!

    1 jaar geleden
  • DeNaamIsGideon

    noooooooo
    bobbyyyyyyy

    1 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen