Foto bij .Proloog.

Nerveus tik ik mijn lange nagels tegen het koude metaal van de handboeien die om mijn polsen zijn geklemd.
'Jessica, wil je me vertellen over het eerste lijk?'
Een afwachtende blik is te zien in haar blauwe ogen.
Zweetdruppels rollen langs de zijkanten van mijn hoofd, en mijn keel voelt droog aan door het gebrek aan water.
'Waarover?'
Mijn stem klinkt eentonig en schor.
'Wat voor gedachte ging er door je heen, toen je naar zijn levenloze lichaam keek?'
Ik voel mijzelf lichtjes worden als de gedachten weer binnendringen. Mijn kiezen klemmen zich op elkaar, en ik voel het bloed stromen door mijn aderen.
'Jessica?'
De onbekende vrouw probeert me erbij te houden.
'veel.'
Een koude hand plaatst zich op mijn knie, wat mij laat opschrikken.
'Jessica, Ik weet dat het allemaal heel vreemd is, maar je moet me vertrouwen..'
Mijn blik wendt zich af van die van haar, en ik kijk naar de witte muur. Tranen verblinden mijn zicht.
'Vertel maar.'
'Hij... had zijn koptelefoon op,' begin ik mijn verhaal en doe mijn best om de onbekende vrouw uit te leggen wat er gebeurd is. 'Zijn rug was naar me gekeerd dus kon hij me niet zien. Alles werd ineens zwart, en toen ik weer bij kwam lag hij op de grond.'
'Toen hield je een bebloed mes vast, waar vond je die?' De onbekende vrouw onderbreekt mijn verhaal, lezend van een brief.
'De keuken?.' Spreek ik, bijna vragend.
'Wat gebeurde daarna?' Vraagt ze terwijl ze de brieven weg legt.
'Hij snakte naar lucht. Ik kon niet mee verder gaan, maar ze vertelde dat hij moest boeten dus ik... ging verder. '
'Wie is 'ze'?'
Mijn ogen vinden de hare weer. Tranen stromen langs mijn wangen, en langzaam schud ik mijn hoofd.
'Dat... kan ik niet zeggen!' De woorden verlaten mijn mond wat harder dan ik wil. 'Ze blijft maar terug komen!' Ik wil naar mijn hoofd grijpen, maar het lukt me nauwelijks door mijn vastgeketenede handen.
'Is she the reason this all happened?' Snikkend knik ik.
Een bel van een timer gaat af.' Sorry maar de tijd op, Jessica.' Ze staat op en pakt haar tas van de grond. 'Fijnn om met je te praten.' Ze loopt richting de deur. Een diepe zucht verlaat haar lippen als ze wanhopig naar me kijkt.
Twee bewakers komen binnen en leidde haar het kamer uit.
'Ik geloof niet dat je een moordenaar bent, Jessica,' zegt ze en ze loopt de kamer uit.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen