Foto bij Rotjochies • Vroeger

Rotjochies

Dave was twaalf jaar oud toen hij merkte dat de kinderen in de straat ook een bijnaam droegen. De eerste keer dat hij dacht: ‘Hé, jij ook?’ was toen er een nogal dikke jongen voorbij de deur waggelde. Dave had hem willen vragen om vriendjes te worden, maar voor hij ook maar een woord kon zeggen, waren drie andere jongens hem voor. Ze waren groter, ouder en vooral stukken gemener.
      “Hé, Vetkwab!” gilden ze. Moeder trok hem de deur weer in en Dave kon enkel nog door het keukenraam toekijken hoe Vetkwab nog een beetje dikker werd geslagen. Een tijdje later kwam hij Vetkwab opnieuw tegen. Deze keer was de dikkerd niet alleen en Dave dacht dat hij vriendschap had gesloten met de drie pestkoppen, want hij deed net hetzelfde met een ander kind.
      “Wat ben jij een klein Scharminkel,” lachte Vetkwab vrolijk tegen de jongen onder hem. Dave dacht even dat hij dood was, opgeslokt door de enorme kont, maar het kleintje was kennelijk nog springlevend.
      “Dikke lul, ga van me af!” Dave vroeg zich af wat een lul was en of hij er ook één was, ook al was hij niet echt dik. De oude vrouw zei zelfs dat hij wat meer in de breedte mocht groeien, maar Dave had geen idee hoe hij dat moest doen. Hij was al eens dwars in zijn bed gaan liggen, maar daar kreeg hij alleen maar nekpijn van. Misschien kon hij het eens vragen aan Vetkwab.
      Nog een tijd later, toen Dave bijna geen twaalf meer zou zijn, waren Vetkwab en Scharminkel vrienden. Niet enkel met elkaar, maar ook met Rotjong. Er was ook een vierde knul bij. Hij was blond en naamloos, of toch wanneer hij alleen was. Samen hadden ze iets wat Dave niet had en wel naar verlangde, of toch vanaf dat moment.
      Het was het moment waarop de buurman vond dat er nu wel genoeg eieren op zijn gevel plakten en naar buiten kwam. Hij schreeuwde en tierde en riep iets naar de jongens dat noch Gek noch Dave was.
      “Rotjochies!” schreeuwde hij. “Rotjochies! Schorem! Stelletje snotneuzen, maak dat jullie weg zijn!” De jongens lachten maar wat. Rotjong smeet het laatste ei, dat uiteenspatte en bijna als een omelet begon te borrelen op de kwade, kale kop van de buurman. Daarna zette ze het op een lopen. Dave, die de buurman toch niet zo heel erg graag mocht, moest lachen en besefte dat het groepje samen ook een bijnaam had. Rotjochies. Wat hij niet goed begreep, was dat het niet de bijnaam was die ze deelden, maar de vriendschap. Wat hij wel goed voelde, was dat hij geen van beide had.


♣      ♣      ♣


Reacties (2)

  • Roundhouse

    Dave vroeg zich af wat een lul was en of hij er ook één was, ook al was hij niet echt dik. De oude vrouw zei zelfs dat hij wat meer in de breedte mocht groeien, maar Dave had geen idee hoe hij dat moest doen. Hij was al eens dwars in zijn bed gaan liggen, maar daar kreeg hij alleen maar nekpijn van. Misschien kon hij het eens vragen aan Vetkwab.


    Hahaha geweldig dit. Ik vind Dave echt zo'n prachtig personage. Je schrijfstijl laat hem zo goed uitkomen!

    4 jaar geleden
  • warriorcat4ever

    Ik ben zo verliefd op dit verhaal!

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen