Foto bij 056 - Wolves

Amras
Het landschap was inderdaad ruiger geworden. We moesten vaker over gevaarlijke bergpassen klimmen of langs afgronden lopen. Vandaag zouden we laat aankomen bij Nafals huis, als hij de reistijd goed had ingeschat. De wolven liepen hijgend over de bergpas. De grond onder hun poten was modderig door de smeltende sneeuw, bovendien waren de stenen op het pad losser komen te zitten. Je kon zo elk moment naar beneden tuimelen. De enige hoop was dat er aan de zijkant van het pad een dikbegroeid bos was. Al vielen we liever niet en bleven de wolven daarom dicht tegen de rotswand aan. Ik had hoofdpijn, te kort aan water en slaap en de hoogte hadden mijn hoofd negatief beïnvloed. Ik was vreselijk vermoeid. Denken ging niet meer zo goed als je moest opletten om niet te vallen, ik moest nog steeds een plan bedenken om mijn haar niet te laten verven. De plannen en gedachtes tuimelden door mijn hoofd, maar het liefst wilde ik gewoon even liggen en een dag door slapen. Ik at een stukje brood, maar water zou er toch niet zijn. De sneeuw was te erg vervuild en ik hield stand, ik zou gewoon moeten wachten tot we bij Nafals huis waren.
De wolven waren wat onrustig, in de verte klonk wolvengehuil, maar het maakte me niet bang zoals andere lichte kant mensen het wel zou doen. We waren onder bescherming van de wolven en zij waren vele malen groter dan normale wolven. Eindelijk waren we van het bergpad af. We reden eindelijk weer door het bos. Hoewel ik enorme bewondering had voor de kracht van de bergen vond ik het ook wel weer fijn om door de stille bossen te lopen.

Nero legde plots zijn oren in zijn nek en gromde, ik wisselde blikken uit met Yarea en zag dat Zenras hetzelfde deed, ook het paard van Nafal was onrustig. De wolven gingen langzamer lopen, terwijl het paard juist er vandoor wilde gaan, Nafal had enorme moeite nodig om het beest in bedwang te houden en ik spoorde mijn wolf met alle macht aan. Achter ons hoorde ik gekraak en geritsel, ik keek met een ruk achterom.
Het waren twee wolven, hun haren stonden overeind en hun tanden waren ontbloot. Zenras draaide zich om en Yarea zocht haar evenwicht. Het paard van Nafal schoot er vandoor, er sprongen twee andere wolven achter het dier aan. De schrik bij het zien van de wolven was groter dan ik had gedacht. Ik verstijfde op de rug van Nero die zichzelf twee keer zo groot had gemaakt door zijn haren op te zetten. Yarea had haar boog al getrokken en de eerste pijl er opgelegd. We waren omsingeld door een stuk of 6 wolven. Met staarten rechtovereind sloten ze ons langzaam in. Als Yarea een pijl zou afschieten zouden ze zich op ons storten. Ik haalde langzaam mijn zwaard uit zijn schede. Gegrom klonk overal en toen Yarea een pijl recht tussen de ogen schoot van wolf wist ik dat het gevecht was begonnen.
De adrenaline suisde door mijn lijf, als een zwarte veeg schoot Nero naar voren. Hij hapte toe in de zij, de grijze wolf beet in Nero's schouder en keek me venijnig aan. Het zwaard kwam hard aan tegen het beest zijn hoofd, de kling beukte in op het schedel en op het zelfde moment hoorde ik een helse knak. Nero liet het beest los en dat viel dood op de grond. Nafal was verdwenen, Yarea zat behendig op haar wolf hoog en droog schoot ze pijlen in de beesten.
Twee wolven rende op ons af. Nero draaide zich plots om en bestormde er een, de andere wolf besprong me en ik viel met een dreun op de bevroren grond.
De wolf sprong op me, het gehijg en grom deed mijn nekharen overeind staan. Ik zette mijn zwaard tussen mezelf en het beest in en probeerde het dier van me af te houden. Ik keek recht in de agressieve gele ogen en toen naar zijn bek vol vlijmscherpe tanden. Ik probeerde hem van me af te schoppen. Het hielp niet. De wolf greep in mijn arm, het leer was te taai om doorheen te komen en ik stootte de gevest tegen zijn kop. Het beest werd alleen maar gevaarlijker.
Ik zag niets anders dan de wolf en zijn dreiging, maar het geschreeuw van Yarea voorspelde niets goeds.
Plots vloog er een pijl in de schouder van de wolf. Het beest piepte even, maar keek me toen smerig aan en beet nu nog feller. Hij greep in mijn pols en ik gaf een schreeuw. Met angst gierend door mijn lichaam en de pijn, beukte ik het zwaard in de zij van de wolf. Bloed spoot over mijn arm en het beest liet mijn pols los. Met alle kracht die ik had gooide ik het zwaard in het beest, het wankelde. Ik sprong op en hakte in op het dier. Bloed spoot alle kanten op en het dier zakte door zijn poten. Nog een pijl vloog langs mij, dit keer achter me. Ik draaide me om, zo snel als ik kon, maar nog voordat ik aan kon vallen schoot Nero langs me en doodde met een beet naar de keel de wolf.
"Gaat het?!" riep Yarea me toe, ik antwoordde niet. Ik stond er versuft bij, rond me heen lagen lijken van de beesten. Yarea wachtte niet op een antwoord en ze spoorde Zenras aan en verdween het bos in. Mijn hele lijf trilde en ik ademde zwaar. Ik zakte door mijn knieën en viel op de grond. De plassen bloed hadden zich vermengd met de zwarte modder en de vervuilde sneeuw. De ooit witte sneeuw op deze plek was nu een vervaagde herinnering, de bosgrond was verandert in een dodenveld.

Nero likte het bloed van mijn handen af en ik stond op. De wolf likte het bloed van zijn lippen en hield zijn hoofd schuin. Alsof hij wilde vragen wat we nu gingen doen. Ik aaide over zijn kop, ik wilde weten hoe het was met Yarea en Nafal. Ik raapte mijn losgeraakte spullen op en trok met afgunst de pijlen van Yarea uit de lijken. Ik wist dat ze het niet leuk vond als er iemand aan haar pijlen kwam, maar ik wilde hier niet meer terug komen en we konden alle pijlen gebruiken. Na al de spullen verzameld te hebben keek ik nog een keer naar het misselijkmakende tafereel en sprong toen op Nero, om op zoek te gaan naar mijn vrienden.
De sporen waren duidelijk te zien en dan ook goed te volgen, ik maakte me zorgen over het welzijn van onze gids. Hij had twee wolven moeten verslaan en zat niet op een wolf die hem kon beschermen. Als hij dood zou zijn gegaan, hadden we niet alleen een gids verloren, maar ook een vriend. Nero zette de pas er stevig in en de pijn in mijn pols en schouder werden erger. Zenras kwam vrolijk uit de bosjes en ik aaide zijn kop toen het dier dichtbij was. Ik stuurde Nero de bosjes in en zag Yarea en Nafal. Yarea keek op toen we aankwamen, Nafal lag op de grond en er schoot een pijnscheut door mijn buik, ik had hier geen een goed voorgevoel over.

Reacties (1)

  • Butterflygirl

    Oh noo. That's sad. Maar wel heel vreemd dat die wolven hen aanvielen

    2 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen