Foto bij Vilvoorde, Seventeen Provinces

Een geeuw komt voordat ik hem kan onderdrukken op mijn pad. Met mijn mond wagenwijd open sta ik gebukt in de lage struiken mijn spionagewerk te doen, twijfelend of ik mijn benarde positie niet in moet ruilen voor een ietwat comfortabelere kleermakerszit. Kippenvel nestelt zich op de blote huid van mijn onderarmen als de blaadjes er voorzichtig overheen aaien. Terwijl ik kort huiver, wordt mijn aandacht getrokken door plotselinge ritselingen in de bosjes aan de overkant van het open veld. Even lijkt het alsof er een reusachtige kwikspiegel op het gras is geplaatst, waardoor ik mijn eigen positie gereflecteerd te zien krijg.
      In duik mijn bosjes in om mijn stiekeme ik zo onzichtbaar mogelijk te maken. Maar dan doorbreekt mensengeschrei het rustige ruizen van de rode bladeren. ‘We hebben een verspieder!’





Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen