Mijn blik valt op Christian en Daniel, die in een andere Ring met elkaar aan het oefenen zijn. Hun gekozen zwaarden zijn echter een tikje extravagant.

      ‘Christian, schat, hoe denk je in de Arena met een bézemsteel iets van schade aan te kunnen richten?’ Met opgetrokken wenkbrauwen kijk ik de jongen aan, terwijl ik lichtjes op het gevest van mijn zwaard leun. Christian schrikt op uit zijn concentratie en draait zijn hoofd in mijn richting. In zijn ogen meen ik een flonkerende haat te bespeuren.
      ‘Dit is maar tijdelijk. In de Arena hak ik je in stukjes. Voor nu… wilde ik het rustig aan doen.’ Quasi beledigt richt ik mijn aandacht op Daniel, die naast Christian staat.
      ‘In stukjes? Nouja zeg. Daniel, zeg er eens wat van.’ Ietwat geschrokken kijkt de jongen me aan, terwijl hij ontwapenend zijn handen in de lucht steekt. In tegenstelling tot Christian gebruikte hij eerder wel een echt zwaard, maar zijn techniek is om van te huilen.
      ‘Ho, wacht, ik wil niets met jullie onzinnige discussie te maken hebben. Wacht daar maar mee tot in de Arena, oké?’
      ‘We zijn nog maar bij de begroeting, er is nog niets onzinnigs aan hoor. Dat onzinnige komt er echter vast nog wel van, aangezien Christian nog niet klaar is voor een écht zwaard.’
      ‘Wacht, is dit de begroeting? Oh, in dat geval, hallo Adey. Kwam je even kijken naar je toekomstige ondergang?’ Ik neem de moeite niet mijn wenkbrauwen op te trekken en hem te waarschuwen. Met een hard geluid komt mijn hand in contact met zijn wang, waarna ik snel weer een stap achteruit doe, om te voorkomen dat de vredebewakers mij ook afvoeren omdat ik iemand aanviel.
      ‘Aderyn, begrepen?’ Met een donkere blik staar ik de jongen aan.
      ‘Hoe je heet kan me niet schelen.’ Hij wrijft even over zijn getroffen wang, en mompelt nog iets wat ik niet helemaal hoor. Eerlijk gezegd kan het me weinig schelen.
      ‘Hé, Adey, leuk dat je er bent, maar laat Chris nog eventjes heel.’ Daniel lacht en ik kan het niet laten om met hem mee te lachen. Christians onbegrijpelijke blik omdat ik Daniel niet sla, maakt de situatie nog leuker.
      ‘Ah, toe?’ quasi smekend kijk ik hem aan, voordat ik weer moet lachen. ‘Een ander idee, Chris, lieverd,’ nonchalant kort ik zíjn naam wel af, ‘wil je het eens met de grote zwaarden proberen?’
Hij lacht haast spottend. ‘Als jij dat aandurft. Ik wil je niet nu al doodsbang maken.’
      ‘Met een miezerig jaa-’ ruw kap ik mezelf af, en glimlach even sinister. ‘Uitdaging aangenomen.’ Dit wordt nog makkelijker dan Samuel. Grijnzend kijk ik toe terwijl hij het lichtste zwaard uitkiest dat hij kan vinden. Iets in me zegt dat hij niet heeft kunnen oefenen met iets van ijzer.
      ‘Kom maar op.’ Christian lijkt een tandenstoker gevonden te hebben waar hij tevreden mee is, en kijkt me uitdagend aan.
      ‘Wat een interessante keuze.’ Als ik overeind kom neem ik hetzelfde zwaard weer op dat ik ook gebruikt heb bij Samuel. Hij gaat snel en kort aanvallen. Kracht heeft hij niet, dus hij moet het van zijn behendigheid hebben. In de verte hoor ik Daniel nog even vermoeid zuchten.
      ‘Wat? Je bent toch niet bang?’ Chris leek het begrip ‘’Beroeps’’ niet helemaal te begrijpen.
      ‘Eerst een bezemsteel, dan een tandenstoker. Kan je niet met échte slagzwaarden omgaan ofzo?’ Niet dat ik nu een slagzwaard gebruik, maar dat terzijde. Vooral tegenover zijn lichte wapen, is het sowieso meer een nadeel dan een voordeel, aangezien ik zijn kracht nu niet kan gebruiken. Het zware wapen diep in zijn rug steken om hem buiten gevecht te stellen zal nu niet veel uithalen.
      ‘Natuurlijk wel. Ik wil je gewoon sparen.’ Die leugen is misschien nog wel zwakker dan die van Samuel. ‘Voor nu dan,’ voegt de tribuut er nog aan toe. Ik trek mijn wenkbrauwen op.
      ‘Slappelingen eerst.’ Nonchalant doe ik bij hem precies hetzelfde als bij Samuel. Chris lijkt echter wel getraind met het zwaard als wapen en in het korte moment dat ik hem bezig zag, bleek dat hij de technieken een stuk beter beheerste dan zijn tegenstander, of zelfs beter dan Samuel.
      ‘Oh, dan mag jij dus voor,’ probeert hij terug te kaatsen. ‘Maar goed, als je er op staat.’ Het is bijna schattig. Bijna.
      Hij trekt zijn gezicht in een geconcentreerde frons en haalt uit, naar me prikkend met de punt. Soepel glij ik opzij, zodat het ijzer me op decimeters afstand mist. Er flitst even iets van frustratie over zijn gezicht, als hij een kwartslag draait en het opnieuw probeert, deze keer uithalend naar mijn hoofd. Met een draaiende beweging duik ik weg, terwijl ik doe alsof ik de mogelijkheid om naar zijn rug uit te halen, niet zie.
      Chris herstelt zich snel, maar de techniek achter zijn slagen verslapt. Het beginnen meer wilde uithalen te worden, in plaats van beheerste en doelgerichte slagen. Zijn frustratie is duidelijk voelbaar, hoewel het niet van zijn gezicht af te lezen valt. Maar ik weet dat het hem irriteert, hij is niet anders dan de tientallen jongeren in mijn eigen district, die het niet zo goed konden verbergen. Moeiteloos dans ik om hem heen en blijf ik net buiten zijn bereik, zodat hij me hijgend en knarsetandend van woede moet proberen te volgen.
      ‘Ben je een beetje lichtvoetig, ballerina?’
      ‘Beter lichtvoetig dan lomp.’ Behendig en zonder inspanning ontwijk ik zijn volgende hopeloze aanval. ‘Waar moest dat op lijken?’ Ik klink bijna verontwaardigt. ‘Een dronken eend?’ Pesterig tik ik hem even op zijn hoofd, gewoon om hem te irriteren omdat hij zijn dekking daar heeft laten vallen. Na een volgende slag, die ik ontweken heb, tik ik hem op zijn rug. Elke nonchalante tik wrijft nog eens extra in dat hij er niets van kan. Ik zie aan hem dat mijn onverstoorde gezicht hem het bloed onder de nagels vandaan haalt, en het kost moeite om niet te grijnzen. Tussen twee slagen door zegt hij iets over een spiegel, en dat hij die prima voor me kan ophalen- ik geloof dat ik het eerste stukje van zijn zin gemist heb, of het moest een gemene opmerking voorstellen en kon hij er gewoon niets van.
      ‘Volgens mij heb je het veel te druk met je dekking laten vallen.’ Hopelijk sluit dat een beetje aan op wat hij zei. Na nog een moeiteloze tik naar zijn hoofd, haal ik ineens hard en fel uit naar zijn zij, om mijn woorden kracht bij te zetten. Volgens mij is Luna hem vergeten te leren om zich te verdedigen, terwijl je aanvalt. Dat dat kind de Spelen heeft gewonnen…
      Christian ziet mijn uithaal op het laatste moment aankomen en doet een halve poging om opzij te duiken om op die manier het zwaard te ontwijken. Het scherpe ijzer raakt hem desalniettemin. Fysiek kan het niet echt pijn doen, vanwege het krachtveld dat hem beschermt, maar zijn trots kan des te harder geraakt worden.
      ‘Sinds wanneer ben jij zo fanatiek? Tegen Samuel deed je niet eens een heel klein beetje moeite.’
      ‘Samuel is waardeloos. Jij hebt wel wat techniek, wat het een stuk leuker maakt om je te verslaan.’ Schouderophalend kijk ik hem aan, waarna ik een bijzonder gemene –en slecht uitgevoerde- slag naar mijn buik ontwijk.
      ‘Voetenwerk!’ blaf ik dan vermanend, nadat ik heb gezien dat hij werkelijk níets doet met zijn voeten, en één zware slag hem al omver zou kunnen krijgen. ‘Eerlijk, noem je dat zwaardvechten?’ Cynisch kijk ik hem aan.
      ‘Wacht maar tot we de cijfers van onze privésessies krijgen,’ hijgt de jongen verbeten. ‘Dan zien we wel of ik kan zwaardvechten of niet.’
      ‘Of niet, blijkbaar.’ Zonder een waarschuwing stop ik met het ontwijken van zijn slagen en pareer ik zijn laatste uithaal met een pols van staal. Heel even kijk ik hem recht aan, voordat de twee wapens weer uit elkaar springen. Het spelen is voorbij. Met een oogverblindend snelle serie stoten maak ik het gevecht af. Christian wordt geraakt en struikelt, waardoor hij op de grond valt. Een gefrustreerde grom verlaat zijn lippen als hij vijandig naar me opkijkt.
      Mijn zwaard bevindt zich een centimeter of tien van zijn keel af.
      ‘Je bent dood, 11.’ Heel even nog staar ik hem minachtend aan, voordat ik onverschillig mijn zwaard wegtrek en me omdraai. Dit gevecht, als je het al een gevecht kon noemen, was voorbij. Achter me hoor ik het gekletter van Christians wapen, als het in contact komt met de grond, nadat de voormalige gebruiker het heeft weggesmeten. Duidelijker toegeven dat ik heb gewonnen kan haast niet.


Een beetje een lang stukje, maar dat mag ook wel na zo'n lange tijd radiostilte, haha. Volgens Quizlet is het vorige hoofdstuk na de storm alweer twee weken geleden, dus ik ben niet heel erg goed met het regelmatig updaten, haha
Waar kijken jullie het meeste naar uit in dit verhaal?(wbw)

Reacties (1)

  • Samanthablaze

    *zet het ingesproken audiobericht van dit hoofdstuj aan wat nog steeds oprima haar telefoon staat*

    WAAAAAAAAAAAAHHHH dit is nog steeds pijnlijk oeps

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen