Na een tijdje niet geschreven te hebben, hier weer eens een one shot!
Met in de hoofdrol Glaudini en bijrol Alvez.

Er ging een rilling door Esmée heen. Ze was zojuist naar het bureau van de BAU gebracht, waar ze te horen kreeg dat haar beste vriendin Noek bij was gekomen uit haar, gelukkig, korte coma. Ze was neergeschoten door een serie moordenaar en had het net aan gered. De man zelf was niet lang daarna opgepakt.
Esmée, die Noeks vermissing had opgegeven, was nauw met de zaak betrokken geweest en had zoveel mogelijk gedaan om te helpen.
Nu zat ze er als verloren bij. Ze was ontzettend blij dat haar beste vriendin oké was, maar het betekende ook iets anders. Binnen de korte dagen dat ze met het team was geweest had ze gevoelens opgebouwd voor Dokter Reid. Spencer, zoals Esmée hem mocht noemen, was anders dan de andere jongens die Esmée ooit leuk had gevonden. Hij was stil, verlegen, een tikkeltje bijdehand en voornamelijk awkward. Dat nam echter niet weg hoe slim hij was. En hoe lief hij was geweest voor Esmée de afgelopen dagen.
Ze was zo hard gevallen voor de jongen en nu zag ze hem waarschijnlijk nooit meer.

“Esmée.” de o, zo bekende stem van Spencer klonk achter haar en vrijwel meteen draaide Esmée haar stoel om. Er ontstond een brok in haar keel en ze glimlachte kleintjes naar hem. Hij pakte een stoel en ging tegenover haar zitten. De bezorgdheid droop van zijn gezicht af en Esmée wilde hem zo graag knuffelen.
“Ik neem aan dat je vandaag naar huis gaat?” vroeg ze, terwijl ze over haar arm wreef.
“Dat is wel het plan.” zei hij, waarna hij kort knikte. De formele toon die hij altijd aansloeg, was bij Esmée nauwelijks te horen. Zijn stem was duidelijk onzekerder en zijn gedachtes waren niet zo helder als normaal. Hij haalde een hand door zijn haar en speelde met de pen in zijn borst zak.
Esmée keek hem onderzoekend aan, maar werd verstoord door Morgan die zijn handen op de schouders van Spencer legde.
“We vertrekken over een uur of twee. Zorg dat je klaar staat.” zei hij lachend. Spencer keek op en knikte langzaam. Hij was niet gewend dat Morgen geen opmerking maakte.
“Ik moet mijn spullen bij elkaar gaan rapen. Als je het niet erg vind dan ga ik maar.”
Spencer stond op en alle hoop die Esmée nog had, vloog in één keer weg.

Na een tijdje stond ze op en liep naar de uitgang van het plaatselijke bureau van New Orleans.
“Esmée, wacht even. Kan ik je even spreken?”
Esmée draaide om en zag Lieke, een van de agents, achter haar staan. Emily, haar vriendin en ook lid van het BAU team, kwam hijgend naast haar staan en pakte Liekes hand.
“Ik moet je even wat zeggen.” zei ze toen.
“Ga je gang.” mompelde Esmée. Eigenlijk had ze hier helemaal geen zin in. Ze wilde gewoon naar huis. Ze wilde alles wat er de laatste dagen was gebeurd achter haar laten. Inclusief Dokter Spencer Reid.
“Het gaat over Reid.” zei Emily toen. Er gleed een zucht over Esmée haar lippen.
“We hebben gezien hoe je naar hem kijkt.” zei Lieke met een glimlach. “Ons genie.. nouja, hij is niet zo goed met de meiden.”
“Wat bedoel je daarmee?” vroeg Esmée.
“Wat Lieke probeert te zeggen is dat hij jou ook leuk vind. De laatste dagen heeft hij constant naar je gekeken. Zijn gedachtes waren niet voor de volle honderd procent bij de zaak. Alleen als het op Noek aankwam. Hij voelt iets voor je. Het zou zonde zijn als jullie elkaar laten lopen.”
“En wat nou als jullie fout zitten?” mompelde Esmée. Ze wilde de twee niet kwetsen, maar ze wilde zelf ook niet voor gek staan. Hij werkte immers wel voor de FBI.
“Ga alsjeblieft naar hem toe. Als hij jou ook leuk vind gaan we op een dubbeldate. Deal?”
Lieke keek Esmée hoopvol aan, die op haar lip beet. Ze wilde zo graag naar hem toe gaan, maar aan de andere kant was ze zo bang voor zijn afwijzing.
“En de afstand? Jullie gaan weer terug Quantico.” zei ze toen.
“Je bent de nadelen aan het opnoemen. Esmée, Lieke werkte voordat ik haar leerde kennen ook heel ver weg. Het heeft een jaar geduurd voordat ze naar de BAU kwam. En kijk waar we nu zijn.”
Emily keek Lieke verliefd aan en gaf haar een kus.
Vijf minuten later stond Esmée voor de deur van het kantoor van het BAU team. Ze had nog lang getwijfeld voordat ze echt terug was gelopen naar Spencer. Haar handen trilde toen ze eindelijk op de deur klopte.
De hendel ging omlaag en de deur ging open. Voor haar stond Spencer, die een paar dossiers in zijn hand had zitten. Een verbaasde blik vulde zijn gezicht.
“Kan ik even met je praten, Spence.” zei Esmée zacht. Ze hoopte dat de rest van het team al weg was en ze het kantoor voor zichzelf hadden.
“Tuurlijk, kom.” zei Spencer, terwijl hij het kantoor in liep. Esmée sloot de deur achter zich een nam een diepe ademtuig. Hoe ging ze dit aan hem vertellen?
“Ik zag je praten met Emily en Lieke, is alles goed?” vroeg hij, terwijl hij zijn tas dicht ritste en op een bureau stoel neerzakte.
“Jawel.” zei ze zacht.
“Maar?” zei hij.
Esmée schudde haar hoofd, ze wilde het liefst zo hard mogelijk weg rennen.
“Je kan me alles vertellen. Dat weet je nu toch wel.” Spencer klonk onzeker.
“In deze korte tijd ben ik daar inderdaad wel achter gekomen.” zei ze, gevolgd door een klein lachje. Spencer lachte zacht en knikte.
“Het is dan immers ook mijn baan. Je moet mij kunnen vertrouwen.”
Esmée keek in zijn lichtbruine ogen. Ze glansde mooi door de zon die op hem scheen. Zijn lange, wilde haar hing langs zijn gezicht. En zijn hoofd had hij een tikkeltje gekanteld. God, wat was ze weg van deze man.
“Ik wil niet dat je gaat.” floepte ze er toen uit. Meteen vormden haar lippen zich tot een spleet en deed ze beschermend haar armen rond haar middel.
“Wat is er?” vroeg Reid zacht.
“Ik wil niet dat je weg gaat. Ik ken je nog maar net en..” Esmée schudde haar hoofd. “..en je bent zo anders dan alle andere jongens die ik ken. Je bent zo lief voor mij. Niemand is zo lief voor mij.”
Een rolde een traan over Esmée haar wang. Spencer stond op en trok haar tegen zich aan. Esmée liet, hoe dom het ook voelde, haar tranen lopen.
“Denk je echt zo over mij?” mompelde hij zachtjes tegen haar haren aan. Zijn lippen voelde zacht tegen haar voorhoofd.
“Ik weet niet hoe het komt. Ik ken je nog maar net.”
Spencer pakte haar handen.
“Hey, kijk me aan.” zei hij zacht. Esmée keek op en voelde Spencer haar tranen weg veegde.
“De afgelopen dagen ben ik achter een aantal dingen gekomen. Bijvoorbeeld hoeveel een vriendschap waard kan zijn. Of hoe je collega’s reageren als je iemand leuk vind. Om maar niet te spreken over het feit hoe vaak ik te horen heb gekregen hoe Lieke en Emily elkaar hebben ontmoet.”
Esmée begon te lachen. Ze hadden precies hetzelfde bij Spencer uitgehaald. Hij begon ook te lachen en staarde haar aan.
“Ik kan uren in je ogen kijken.” mompelde hij toen. Zijn warme handen vonden een weg naar haar wangen. Met zijn duim gleed hij over opgedroogde rode huid en drukte vervolgens zijn lippen op de hare. Esmée kon het niet laten haar handen door zijn haren te halen en rustte haar armen toen in zijn nek.
“Kan ik je niet ontvoeren zodat je nog wat langer hier kan blijven?” fluisterde Esmée, terwijl ze haar voorhoofd tegen zijn borst drukte.
“Mijn collega’s zullen mij binnen een paar uur vinden.” lachte Spencer. Daar had hij een goed punt.
“Maar ik wil niet dat je gaat.” zuchtte Esmée.
“We vinden wel een manier. En we hebben nog een uur samen.”
Spencer trok haar mee naar de bureau stoel en ging zitten. Hij trok Esmée op haar schoot, die wat onhandig tegen hem op krulde.
“Emily en Lieke kunnen het ook.” zei Spencer bloed serieus. Esmée begon zachtjes te lachen.
“Maar hun zijn ook wel het toppunt. Tenminste wat ik de afgelopen dagen gezien heb. Zelfs op werk zijn ze met elkaar bezig.” antwoordde ze.
“Klopt, Hotch is er niet zo blij mee.”
“Dan zal hij ook wel niet blij met mij zijn.” mompelde Esmée.
Spencer aaide door haar haar en snoof. Esmée keek op naar de dokter en beet op haar lip.
“Wij zullen werk en privé wel met elkaar gescheiden kunnen houden. Ik wil je helemaal niet rond deze gruwelbeelden hebben. Wat er met Noek is gebeurd, hoeft niet nog een keer te gebeuren. En al helemaal niet met jou.”
Een warm gevoel kroop door Esmée haar lichaam. Ze kroop wat dichter tegen Spencer aan en voelde hoe Spencer haar strak vast had.
“Ik ben blij dat Lieke en Emily mij hebben overtuigd.” mompelde Esmée.
“Ik ook.” fluisterde Spencer in haar oor. Hij drukte een kus op de zijkant van haar hoofd.
“Zodra Noek beter is, vind je het goed als ik dan af reis naar Quantico?” vroeg ze. “Ik sprak haar vanochtend en sinds dat ze wakker is heeft ze het alleen maar over Morgan. Alsof die hele ontvoering niet is gebeurd.”
Hoewel dat typisch iets voor Noek was, was Esmée alsnog verbaasd geweest.
Spencer begon te lachen.
“Ik vind het niet erg als je langskomt. En ik denk dat Derek dat ook niet erg zal vinden.” grapte hij.
Esmée ging rechtop zitten en keek hem blij aan. Voor ze iets kon zeggen had Spencer haar al tegen zich aan getrokken en zaten zijn lippen op de hare gedrukt.
“Hm, ik niet wachten om dit de rest van mijn leven te doen.”

Reacties (3)

  • AckIes

    ZO CUTE JAJAJAJAJA & I ALSO SHIP LIEKE EN EMILY TBH
    AHSHBJDNHHBFHDB

    4 jaar geleden
  • AckIes

    DIE GIF ALLEEN AL TBH

    4 jaar geleden
  • Long

    YASH het beste koppel ever zijn mij en Emily tbh.

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen