Voor Glaudini!

Tentoonstellingen, een plek waar Esmée veel te vaak naar mee werd gesleept door Lieke. Esmée had er een hekel aan gehad. Altijd al. Ze kon er niet tegen dat mensen die wat verf op een doek gooide meteen als kunstenaar werden beschouwd.
Dit keer moest ze persé mee naar een museum, waar een speciale tentoonstelling te zien was. Het zag er, als ze eerlijk was, niet echt uit. Er hingen uiteindelijk twee schilderijen die ze wel oké vond. Ze stond naar een slappe aftrek van van Gogh te kijken, toen ze merkte dat Lieke ineens weg was. Ze keek de zaal rond, die volgeladen was met mensen. Maar Lieke kon ze nergens vinden.
Er ging een golf woede door Esmée haar lichaam heen, maar ze besloot niet weg te gaan. Ze moest Lieke vinden. Dus liep ze naar een andere zaal toe. Er hingen een stuk of zes schilderijen naast elkaar. Ze waren niet lelijk, maar mooi kon je het ook niet noemen.
Maar bij geen van die schilderijen was Lieke te vinden. Esmée besloot het op te geven en staarde naar een schilderij. Het was blauw, heel erg blauw. Bijna deprimerend blauw.
"Ik vind deze persoonlijk zelf heel mooi." zei een man ineens. Esmée sprong naar achter en keek de man aan. Haar adem stokte in haar keel en haar wangen werden rood. De man die naast haar stond was knap. En dat was eigenlijk nog zacht uitgedrukt.
"Ik weet niet wat ik er van moet vinden." stotterde Esmée. "Het is blauw."
De man lachte en stak zijn hand uit.
"Ik ben Klaus." zei hij toen. Esmée pakte zijn hand aan en hoopte niet dat haar hand al te klam was.
"Esmée." zei ze zacht.
Klaus deed zijn armen over elkaar en keek naar het schilderij.
"Dus, niet zo mooi?" lachte hij.
"Mooi, nee. Ik vind het een beetje.. beetje simpel. Ik snap nooit hoe mensen schilders serieus kunnen nemen. Kijk dan."
Esmée stak haar hand uit naar het schilderij en zuchtte gefrustreerd.
"Alsof je een gebrek heb aan andere kleuren. Blauw, blauw en nog eens blauw. Vast zijn favoriete kleur." ging ze verder.
Klaus begon te lachen en schudde zijn hoofd. "Je bent hier niet alleen zeker."
"Nee, mijn vriendin is gevlucht ofzo. Ze wil altijd naar deze dingen. Ik vind er niks aan." gromde Esmée, plots weer boos om het feit dat Lieke weg was gegaan.
"Je zal haar vast wel vinden. Misschien vind zij de schilderijen wel mooi." zei hij.
"Zal me niks verbazen." gromde ze terug.
Op dat moment verscheen er een lach op Klaus' zijn gezicht.
"Broer!" riep hij vrolijk. Hij liep weg en Esmée draaide automatisch om. De man die ze zojuist had ontmoet liep naar een man die een stuk kleiner was als hem. Hij zag er goed en verzorgd uit in een zwart pak. Aan zijn arm had hij een vrouw. Esmée haar mond viel open.
"Lieke!" zei Esmée boos. "Jij bent zo.. zo.."
Esmée schudde haar hoofd en sloeg haar armen over elkaar, terwijl de rest om haar heen kwam staan. De onbekende man stelde zich voor als Elijah, de broer van Klaus. Terwijl Lieke uitlegde dat ze Elijah kende van een feestje en hem toevallig had gezien, keek Klaus Esmée aandachtig aan.
Om die reden kon Esmée zich niet goed focussen op Lieke. De man had iets speciaals.
"En, broer, heb je weer een nieuwe aanbidder voor je schilderijen?" zei Elijah toen. Esmée haar mond viel open en haar ogen werden groot.
Klaus begon te lachen.
"Wat is er zo grappig?" vroeg Lieke. "En wat is er met jou?"
Esmée beet op haar lip.
"Esmée heeft één van mijn schilderijen af gekraakt. Ze wist niet dat ik de maker was, maar ik vond het eigenlijk wel grappig." legde Klaus toen uit.
Esmée vond het echter niet zo grappig. Ze kon wel door de grond zakken, waarom had ze niet even naar de naam gekeken. Er stond immers Niklaus Mikaelson onder het schilderij.
"Sorry." zuchtte ze. "Ik wist het niet."
Niet zo heel onopvallend leidde Elijah Lieke de zaal uit. Klaus kwam tegenover haar stem.
"Je hebt verteld dat je het niet leuk vind. En eerlijk gezegd moet je soms ook de betekenis erachter weten om een schilderij te snappen." zei hij toen. Hij legde zijn hand op haar rug en bracht haar naar een schilderij.
"Deze heb ik gemaakt toen mijn vader is overleden." zei hij toen. Het zag er rood, zwart, maar voornamelijk heel bloederig uit. Esmée wilde liever niet vragen wat er met zijn vader was gebeurd.
"Vind je het echt niet erg dat ik je zojuist heb afgekraakt?" vroeg ze.
"Nee joh." zei hij lachend. "Maar zou ik misschien een schilderij voor je mogen maken?"
"Oh, uhm.." Esmée was verbaasd door deze vraag.
"Dan mag je eens langs komen bij mij thuis. En dan maken we er een leuk avondje van?"
Esmée begon te lachen. Eigenlijk vond ze het best wel een leuk idee.
"Als ik maar niet naaktmodel hoef te spelen." grapte ze.
Klaus was even van zijn stuk gebracht, maar herpakte zichzelf snel.
"Dat was ik nooit van plan geweest." zei hij toen.
Zijn hand, die nog steeds op haar rug lag, verlegde hij langzaam. Hij klemde zijn hand in haar zij en trok haar dichterbij. Esmée voelde hoe ze warm werd van binnen en probeerde haarzelf een houding te geven.
"Voor een kunstenaar ben je trouwens nog best normaal." zei ze, om het onderwerp en haar gevoel te laten veranderen.
"Dan ken je mij nog niet zo goed." antwoordde hij, terwijl hij haar even aankeek.
"Daar heb je een punt." grinnikte ze. "Ik ken je pas net."

Het was een paar uur later en door Lieke, die te graag met Elijah mee wilde, zat Esmée nu bij Klaus thuis. Sterker nog, hij liet zijn hobby kamer zien, die vol stond met schilderijen. Esmée durfde niet te zeggen dat ze er nog steeds niks voor voelde. Maar ze vond het leuk om naar Klaus te kijken als hij erover praatte. En daarom was het eigenlijk ook niet zo erg.
Ze zakte neer op de enorme bank en keek naar Klaus die een van zijn schilderijen verplaatste. Er ging een vlaag van adoratie door Esmée heen.
Klaus kwam naast haar zitten en sloeg zijn arm om haar heen.
"Je schilderijen zijn niet echt vrolijk hè." merkte Esmée op. Klaus schudde zijn hoofd.
"Hoezo niet?" vroeg ze.
"Lang en moeilijk verhaal. Maar misschien kan jij daar verandering in brengen." antwoordde hij.
Esmée keek verward op. Haar ogen bleven hangen in de zijne en de spanning tussen de twee werd groter.
"Hoe dan?" fluisterde ze.
"Bijvoorbeeld zo.." zei hij, voordat hij zijn lippen op de hare drukte. Zijn koude handen lagen in haar nek en Esmée bibberde zachtjes. Haar mond bleef hangen, maar al snel werd het ritme opnieuw opgepakt.
"Hm, misschien. Hm." mompelde Esmée, maar ze kon niks meer zeggen. Ze leek haast betoverd door Klaus' aanraking.

De twee werden verstoord door een klop op de deur.
"Niklaus, Lieke wil graag meer weten over je schilderijen." hoorde Elijah.
Esmée grinnikte. "Niklaus." deed ze Elijah na. Klaus toch zijn wenkbrauw op.
"Zo noemt hij mij altijd." zei hij toen, met een kleine glimlach.
Hij liep naar de deur en deed hem open. "We komen eraan." zei hij toen. Esmée kon Elijah net zien, maar ze was bang dat ze er zo verstrooid uitzag. Ze besloot weg te kijken.
Daardoor had ze niet door dat Klaus weer terug kwam en zijn armen van achter om haar middel vouwde.
"Je vriendin wil meer weten over mij." mompelde hij.
"Ik weet het. Ik ook." antwoordde, terwijl ze haar rug tegen hem aandrukte.
"Als je bij me blijft vanavond, dan kan dat."
"Deal." mompelde Esmée grinnikend.
Klaus kuste haar nek en stond toen op.
"Maar nu moeten we toch echt naar Elijah en Lieke, anders worden ze boos."
Esmée trok een pruillip, maar stond toen maar op. "Jammer."
"Dat is nog zacht uitgedrukt."

Reacties (8)

  • AckIes

    DEZE ONE SHOT HEEFT ER ZOJUIST VOOR GEZORGD DAT AL MIJN KLAUS FEELS WEER TERUG ZIJN. HET IS ZO BAE GAB DAMNIT

    4 jaar geleden
  • AckIes

    Lieke is de real klojo HAHAHA

    4 jaar geleden
  • Long

    HAHAHAHAHA ja jongEN ik word fucking boos als je niet komt.:@
    NEE MAAR GAB DIT IS ZO BAE ALFKJSDLFKJSLDKFJ

    4 jaar geleden
  • Long

    Terwijl Lieke uitlegde dat ze Elijah kende van een feestje en hem toevallig had gezien

    GEIL.

    4 jaar geleden
  • Long

    "Lieke!" zei Esmée boos. "Jij bent zo.. zo.."

    ik weet ik ben kut HAHAHAHA

    4 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen